|
 |
|
|
|
Stukjes
tikken is mijn vak, maar fietsen doe ik voor de lol. De
meeste kilometers draai ik in de Duin- en Bollenstreek,
maar enkele keren per jaar ben ik op trainingskamp bij
mijn rentenierende vriend in Jalón, Costa Blanca, of
elders in Europa aan het trappen. Op deze site
verslagen van trainingsritjes, officiële toertochten en
vakantietrips. Want stukjes tikken over fietsen doe ik
ook voor de lol. |
|
|
|
|
|
|
|
 |
|
|
|
Pretvaderen
is het centrale thema van een column die ik wekelijks
schrijf voor de dagbladen van HDCmedia (Noordhollands
Dagblad, Haarlems Dagblad, IJmuider Courant, Leidsch
Dagblad en Gooi en Eemlander). Maak op deze site,
behalve met wielrennen, ook kennis met een
prettige kijk op het vaderschap. |
|
|
|
Naam:
Dick van der Plas Leeftijd:
50
Woonplaats: Katwijk |
|
|
|
|
|
|
 |
|
|
 |
|
|
 |
|
|
|
 |
|
|
 |
|
|
 |
|
|
 |
|
|
 |
|
|
 |
|
|
 |
|
|
| |
| |
|
Programma 2010
Maart:
Joop
Zoetemelk Classic vanuit Leiden
April:
Trainingskamp in Spanje
(van 6 t/m 13)
Hart van de Bollenstreek
Mei:
Waalse Pijl (15 mei)
Route des Amblèves (Ardennen,
29 mei)
Juni:
Jean Nelissen Classic
(Vianden, 12 juni)
Trainingskamp
Dolomieten (27 juni)
Juli:
Dolomieten Marathon
(4 juli)
Augustus:
Vakantie (Ierland)
September:
Fietsweek
Vogezen (HTWV)
Oktober:
Herfstmountainbiken
in Leersum
November:
Rabo Beach Challenge
|
| |
|
|
| |
|
 |
|
  |
| |
| |
|
|
|
|
|
| |
|
|
| |
Niet goed
Vrijdag 3 september
Niet alleen lichamelijk ga ik krakend en
kreunend door het leven, ook materieel heb ik betere
tijden gekend. Ik geloof niet dat er eerder een
wielerseizoen is geweest dat ik zo vaak met een lekke
band heb gestaan. Zelfs in een week dat ik noodgedwongen
niet op de racefiets zit, blijft het me niet bespaard.
De dikke Schwalbe Big Apple's die mijn dochter een
beetje zwaar vond rijden onder haar van mij overgenomen
Trek, verving ik woensdagavond door
twee snelle slicks die ik al een tijdje in de schuur heb
hangen. Een heel tijdje, zo bleek, want tijdens een
proefrit naar de andere kant van het dorp - waar ik een
bijeenkomst in het sponsorhome van Quick Boys bezocht -
voelde ik de achterband al behoorlijk over het wegdek
hobbelen. Maar pas bij het verlaten van het sportpark
Nieuw Zuid bleek de binnenband over zo'n veertig
centimeter uit elkaar geknald. Heel vaak
heb ik dit seizoen al beweerd dat het gezegde 'Als je
goed bent, rijd je niet lek' absoluut niet op mij van
toepassing is. Maar ik kan er niet langer omheen. Dingen
moeten worden gezegd. Voor anderen was het al duidelijk,
maar nu weet ik het zelf ook: Ik ben helemaal niet goed.
En iedereen die woensdagavond, op die vijf kilometer
naar huis, een onder rugklachten en een rugzak krom
gebogen mannetje naast een fiets met een over de velg
voortslepende achterband heeft zien strompelen, zal het
kunnen beamen. |
|
| |
|
|
|
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
Eerder dit seizoen |
|
| |
|
|
| |
|
|
| |

Woensdag
1 september
Oppassen dat dit geen oude mannen-log met
bijbehorende kwalen gaat worden, maar voor wie hier na
de dinsdagavondtraining een vrolijk verslag van een
fietstocht verwacht, heb ik toch één en ander uit te
leggen. Na mijn worsteling op zondagmorgen met een immer
lekkende kraan, ga ik nog steeds kromgebogen als een
Oost-Europees takkenvrouwtje door het leven. Ondanks de
Voltaren K en de BioFreeze waarvan een collega van de
Bedrijfshulpverlening mij heeft voorzien. De
vergelijking met het takkenvrouwtje is overigens niet
helemaal accuraat. Als ik eenmaal een tijdje loop, zoals
op bovenstaande afbeelding is te zien, lijkt alles zo
goed als normaal. Maar al na enkele ogenblikken achter
een beeldscherm zakt mijn ruggengraat en het omringende
spierstelsel geleidelijk in elkaar en moet ik elke keer
weer door een evolutieproces heen om normaal rechtop te
lopen. Daarbij mag ik graag geluiden maken, om lucht te
geven aan mijn algehele staat van onwel bevinden. Na één
dag met de auto naar werk te zijn geweest, verplaats ik
mij nu weer per rijwiel. Niet van harte, overigens,
zeker nu de beugel van mijn zadelrugzak is afgebroken en
ik het ding weer - tijdelijk, mag ik hopen - op mijn
(jawel) rug moet dragen. Het is de enige onderbreking in
een zittend bestaan. Na elke vijftien zinnen op mijn
toetsenbord - nu
dus even - sta ik krakend en kreunend op, maak een
geleidelijk aan steeds minder krom rondje om de tafel of
een ladenblok, en eindig weer voorovergebogen voor mijn
beeldscherm. Leve de vooruitgang! |
|
| |
|
|
| |

Maandag 30
augustus
Behalve
bewondering voor zijn vakmanschap en zakelijk inzicht
heb ik niet zoveel met André Rieu. Maar toch stond ik
afgelopen week wat langer stil bij zijn reden om twee
concerten in de Amsterdam ArenA wegens ziekte af te
gelasten. Zoiets doe je niet zomaar, als je voor elk
optreden een compleet kasteel laat optrekken. André en
ik zijn niet vaak ziek. In de 25 jaar dat ik bij het
Leidsch Dagblad werk, heb ik me welgeteld één keer
vanwege een lichamelijk ongemak moeten afmelden. Rieu
heeft in 32 jaar wegens ziekte nog geen concert laten lopen. De eerste en enige keer dat ik ziek werd,
was ik met mijn twee (toen nog heel jonge) kinderen
(mijn vrouw was aan het werk) naar mijn vaders
verjaardag. Na één Westmalle Triple werd ik duizelig,
wat opmerkelijk snel is, zelfs voor een zwaar Belgisch
biertje. Bij mijn gang naar het toilet moest ik me aan
de muur van de gang vasthouden omdat alles om me heen
begon te golven. Kruipend haalde ik het bed van de
logeerkamer, waar een opgeroepen arts een virusinfectie
op het evenwichtsorgaan constateerde. Twee weken heb ik
op bed gelegen, als een zeeziek bemanningslid van de
Guppie in zware storm. André heeft het nu ook. In
gedachten zie ik hem naar het toilet wankelen omdat hij
zichzelf niet overeind kan houden. Als hij zijn ogen
open heeft, draait de slaapkamer langzaam in het rond,
op de maat van één van zijn walsjes. Bij mij duurde het
twee weken en eigenlijk zijn de incidentele duizelingen
daarna nooit helemaal weggeweest. Elke keer als André
straks zijn hoofd scheef houdt om zijn viool onder zijn
kin te schuiven, moet je niet gek opkijken als hij even
staat te wankelen op zijn benen. En, als André en ik
lichamelijk ongemakken blijven delen, heb ik nóg
een onaangename verrassing voor hem. Bij het vervangen
van een kraanleertje ben ik gisteren op een
verschrikkelijke manier door mijn rug gegaan. Bel een
loodgieter, André. Voor het geld hoef je het niet te
laten. |
|
| |
|
|
| |

Vrijdag 27
augustus
Fotograferen vanaf de fiets gaat me
inmiddels wel aardig af. Mijn waterdichte en shockproof
Olympus zit voor het grijpen achterin mijn wielershirt
en alle instellingen kan ik blindelings vinden. Het
enige probleem wordt zo langzamerhand, na vele
tientallen trainingsritjes, het kiezen voor originele
invalshoeken. Deze foto vond ik, met straffe wind tegen
op kop rijdend van een groep langs de Leidsevaart tussen
Voorhout en Lisse, nog wel aardig. Tijdens het trappen
de camera achterstevoren op mijn helm zetten en
afdrukken. Nou ja, het lijkt makkelijk, maar je ziet pas
wat je doet in de paar seconden dat het scherm na de
opname heel even het beeld weergeeft. Van de acht foto's
die ik maakte vond ik deze het mooist. Vooral vanwege de
beweging en het grote lijden op de getekende koppen van
Rob1, Vincent, Arie en Maarten.
|
|
| |
|
|
| |

Vrijdag
27
augustus
Zelf roep ik het al jaren, maar nu is het
ook wetenschappelijk bewezen. Mijn hoogtevrees en
daalangst zijn het directe gevolg van het feit dat mijn
hersenen op hoog niveau werken. Zo luidt althans de
conclusie van Pieter Frijters, specialist in het
behandelen van mensen met fobieën na onderzoek van
25.000 patiënten. Bij dit soort angsten draait het
volgens Frijters (vandaag geciteerd door de krant van
wakker Nederland) allemaal om fantasie. ,,Het lichaam
reageert vijftig keer sneller op onbewuste beelden dan
op dingen die je bewust waarneemt. Slimmere mensen
verwerken sneller informatie en creëren daarmee beelden
in hun hoofd: een soort film met alles wat zou kunnen
gebeuren. Daardoor worden de angsten, die onbewust zijn,
uitvergroot en zijn ze dus vatbaarder voor fobieën.'' En
wat zegt deze specialist over mijn fietsmaten - laat ik
geen namen noemen - die zich met ware doodsverachting
omlaag storten? ,,Het klinkt wat raar, maar sommige
mensen zijn te dom om een fobie te ontwikkelen.''
Tot zover de wetenschap. |
|
| |
|
|
| |

Donderdag
26
augustus
Voor veel krantenlezers ben ik pas
vandaag terug van vakantie, na een zomerstop die duurde
vanaf half juli. Dat is niks vergeleken met de periode
dat een gemiddeld televisieprogramma er tussenuit
knijpt, maar relatief lang vergeleken met de jaren dat
ik zelfs uit den vreemde mijn column bleef doortikken.
Sinds ik een weblog heb, is de tijd dat ik in de
vakantie helemaal geen toetsenbord onder mijn vingers
voel, overigens voorgoed voorbij. Maar als ik kijk naar
het aantal pageviews op deze site kan ik de
komende weken nog met een gerust hart een aantal
Ierland-verhalen in de krant herkauwen. Zo'n 95 procent
van de abonnees van de dagbladen van HDCmedia komt nooit
op dit weblog. Vandaag trap ik in het gedrukte medium af
met het verhaal van onze autopech op de ferry 'Hollandica'
op het traject Hoek van Holland-Harwich. Waar gebeurd,
net zoals alle andere vakantiepechgevallen die ik in dit
krantenstukje opsom. Want, ook voor dit nieuwe
columnseizoen geldt: zo gauw ik het moet gaan verzinnen,
stop ik ermee.
Voor wie er nog niks van heeft meekregen:
het verslag van onze Ierland-reis begin
hier, inderdaad met het relaas
van de autopech. Daarna is het langzaam drie weken
lang omhoog scrollen. Sterkte ermee. |
|
| |
|
|
| |

Ardennenoffensief
Zaterdag
21
augustus
Precies 4,9 kilometer heeft onze
Ardennentocht geduurd, als in de groep het bekende 'Lek'
weerklinkt, gevolgd door 'LEK, LEK!!, LEK!!!!' voor de
dovemansoren (Raymon) die zich als een steen in de
afdaling storten. Mart staat met een lege band aan de
top van de helling, omringd door een paar clubgenoten,
wij staan een paar honderd meter verderop, om pas
poolshoogte te nemen als het wisselen van het rubber wel
erg lang gaat duren. Ook de tweede binnenband heeft er
dan al met luid gesis de brui aangegeven en er moeten
mannen terug naar de auto om een nieuwe buitenband te
halen. Het ziet ernaar uit dat Schwalbe voor zijn
Ultremo R1 wederom een klant minder heeft.

Het is een mooie oefening in geduld en
saamhorigheid: we hebben geen haast, het is schitterend
weer en de bomen bieden de wachtenden genoeg verkoeling.
Wat maakt het uit dat we het eerste uur afleggen met een
gemiddelde van vijf kilometer?

Zeker één keer per jaar worden de
eigenaren van een meubelzaak in Stavelot opgeschrikt
door een stelletje ongeregeld dat uitgerekend hun
parkeerterrein uitkiest als startpunt voor de Route des
Amblève, een tocht door het mooiste gedeelte van de
Ardennen. Meestal zijn het HTWV'ers onder leiding van
Jan Peppelenbos die hier komen fietsen, maar dit keer is
hij als gezaghebbend wegkapitein mee met de Afdeling
Wielersport van de IJsclub Voorwaarts Katwijk, die zijn
eerste buitenlandse trip maakt. Tweeëntwintig man hebben
aanvankelijk ingetekend bij activiteitenhoofdman Rob1,
maar uiteindelijk reizen er slechts vijftien af. Meest
gehoorde smoes van de thuisblijvers: ik mag niet van
mijn vrouw (met stip op één), gevolgd door: ik heb geen
paspoort.


De Ardennen vormen het ideale terrein
voor renners die de oversteek van de Ringvaart naar het
serieuzere klimwerk willen maken. Het is er rustig, de
heuvels - bergen mag je het niet noemen - zijn pittig
maar (nog) niet extreem, al denken clubleden die tot nog
toe alleen ervaring hadden met het Kopje van Bloemendaal
daar sinds gisteren anders over. Van de 100-kilo
knallers op de vlakke weg weet in elk geval Teun zich
met veel vertoon van macht in de kop van het peloton te
manifesteren. Voor anderen - Mart, Vincent en Arie, om
er maar
een
paar te noemen - ligt de weg naar
de top geplaveid met goede voornemens: een kilootje of
20 afvallen en meer trainen zijn de meest gehoorde. Aan
(over)moed ontbreekt het in elk geval Arie niet, die op
de eerste de beste serieuze klim (de Rosier) het wiel
kiest van bergkoning Raymon, maar zichzelf halverwege
opblaast ('Hoe ver is het nog, naar boven?) en ingehaald
weet door een oude man met parcourskennis die net 3,5
week Guinness-vakantie achter de rug heeft en in het
voorbijgaan ook nog pesterig een foto van hem maakt
.

Sociaal gereden, wordt er. Met bovenop
elke top een rustpunt voor het uitwisselen van sterke
verhalen en het wegwerken van proviand. Maar zelfs dan
kan het nog voorkomen dat je na drie van die stops de
koppen telt en tot de conclusie komt: 'Verrek, we missen
er één.' Rob Lagendijk is zoek en blijkt via zijn mobiel
aanvankelijk ook niet te traceren. Dirk en Raymon rijden
een stuk terug, maar vinden geen spoor van de
achterblijver, die later - als het contact telefonisch
wel is gelegd - monter meldt dat hij bij een splitsing
niet de borden 'Route des Ambleve' maar de ruggen van
een groep vreemde renners heeft gevolgd. Maar geen nood,
nu heeft hij alles weer onder controle. Hij zit op de
route. Weer een stief kwartiertje later meldt hij -
opnieuw per gsm - dat hij bij de watervallen van Coo
staat, op een kilometer of vijf van onze auto's. Heeft
hij - net als Klein Duimpje - keurig weer de bordjes
naar het beginpunt gevolgd. Afijn, uiteindelijk komen we
elkaar op een terras in Trois Ponts weer tegen.


Het mag duidelijk zijn dat dit soort
omtrekkende bewegingen de gang er een beetje uithaalt,
maar tussendoor wordt er toch serieus gefietst, waarbij
de eerste kennismaking met vooral de Wanne - een
venijnige puist met een grillige aanloop - de
Ardennenmaagden nog enige tijd zal heugen. Bovenop weet
Jan Pep een uitstekend terras met fenomenaal uitzicht,
waarna het nog maar tien kilometer is naar de uitsmijter
van deze rit, de Stockeu. Het gedeelte met een stijging
van 23 procent doet hier in elk geval Kimmo spontaan van
zijn fiets stappen.

Tussen door rijdt Floor - die zich
niet alleen als kitesurfer maar ook op de fiets een
hoogvlieger toont - nog een keer lek, wat hem uit de
groep op de opmerking 'Als je je voorband leeg rijdt,
kun je echt niet fietsen' komt te staan. Maar God straft
onmiddellijk, want ik beëindig na deze sneer mijn
afdaling van de Stockeu met een daverende klapband die
oorlogsveteranen tot tien kilometer in de omtrek dekking
doet zoeken. Binnenband op de naad over zeker tien
centimeter opengescheurd met zo'n kracht dat de
buitenband meteen los van de velg schiet. De honderd
meter naar het eindpunt kan ik wandelend overbruggen.

De getergde eigenaren van de
meubelzaak worden als dank voor het aangenaam verpozen
op hun parkeerterrein aan het eind van de dag
getrakteerd op een blote lijven en -kontenparade en
weten inmiddels wat fietsen met Fietsplus Nico's zo
bijzonder maakt:

Op de drie uur durende terugweg
vermaakt Arie de inzittenden van mijn auto met zijn
voortdurende krampaanvallen, waardoor hij niet weet hoe
hij op de achterbank zitten of liggen moet. Als ik na de
feestelijke en copieuze afsluiting bij Chinees
restaurant Peking in Katwijk even na tienen mijn huis
binnenwankel, word ik aangesproken door een opgewonden
zoon. 'Vanmorgen werd ik gebeld door een mevrouw
Lagendijk, die vertelde dat haar man kwijt was geraakt
in de Ardennen en geen telefoonnummers van zijn
fietsmaten had. Of ik soms jouw nummer wist, wilde ze
weten.' Hij haalt even adem. ''Wat is daar
allemaal gebeurd, dan?'
Ik laat me tevreden op de bank zakken
en mompel: 'Dat is een lang verhaal...' |
|
| |
|
|
| |

Donderdag
19
augustus
Of ik soms een writersblock had, wilde
één van mijn fietsmaten weten toen de dagelijkse
berichtenstroom op deze site een paar dagen stokte. Nee,
zo erg is het niet, als ik begin te typen komt er
meestal wel wat uit. Maar het is een feit dat ik na mijn
Ierland-vakantie maar moeilijk in het dagelijkse ritme
kom. Ik moet - ondanks subtiele aansporingen vanaf de
centrale redactie in Alkmaar ('we willen je niet onder
druk zetten hoor, maar....') - zelfs nog niet denken aan
mijn wekelijks column op de pagina Gesprek van de Dag.
('Nee hoor, alle begrip, neem nog maar een weekje rust.
De lezer weet toch niet dat je al terug bent.') Vanaf
volgende week, heb ik me voorgenomen, wordt alles weer
normaal. Tot die tijd heb ik - voor alle niet-abonnees
van de HDC-dagbladen - mijn laatste column van voor de
vakantie uit het digitale archief opgevist. Daar kon ik
nog net de kracht voor opbrengen.
Lees:
Verstopping |
|
| |
|
|
| |

Zondag 15
augustus
Lang voordat ik de respectabele leeftijd
van 50 bereikte, overkwam het me natuurlijk ook. Maar
nooit zo letterlijk als vanmorgen. Op het terras van De
Hanenpoel langs de Ringvaart werd ik ingehaald door De
Tijdgeest. En ik niet alleen. Ook mijn fietsmaten Teun,
Graham en Raymon (foto boven) kregen ermee te maken. Niks ten nadele
van deze drie gewaardeerde leden van de Afdeling
Wielersport van de IJVK, maar ik kreeg het toch wel
enigszins benauwd toen zij vanmorgen vroeg bij het hek
van clubgebouw De Goerie stonden. Dat is wel het laatste
dat je kunt gebruiken, als je je met een kater en de
naweeën van een geblakerde vleesboom in je maag na de
buurtbarbecue voor de zondagmorgenrit meldt. Op een
grotere groep, had ik gehoopt, met meerdere zwakke
broeders, zodat ik me vrij anoniem zou kunnen
verstoppen.

Begrijp me goed, verstoppen deed ik me
geregeld, maar in elk geval niet anoniem. Op veel stukken
van dit rondje Noordzeekanaal ging het ook niet. Dan
weer draaiden we met 36 kilometer in het uur een
molentje tegen windkracht 6 tot 7 in, dan weer verkoos Teun om achter de rug van een
onbekend gebleven gangmaker (die vóór ons keurig 36 reed
richting Aerdenhout) weg te demarreren om de rest van
die lange weg 40 kilometer in het uur te trappen. Verder
moest natuurlijk ook het Kopje van Bloemendaal worden
genomen (wat door ons nog lastig te vinden was), evenals
de bult bij Spaarnwoude. Het letterlijk pijnlijkste
moment kwam toen Teun na de koffie met taart bij De
Hanenpoel meteen maar weer doortrok naar 40 kilometer in
het uur. Niettemin, de vorm van voor mijn vakantie is er
(nog) niet, maar iedereen die beweert dat je na drie
weken niet naar je fiets te hebben omgekeken al je
trainingsopbouw verliest, weet zich ook ingehaald door
de tijdgeest.
De Club van Honderd reed keurig honderd! |
|
| |
|
|
| |

Donderdag
12
augustus
Niemand kan beweren dat ik het niet heb
geprobeerd. Voor zijn twaalfde verjaardag kreeg hij van
mij een racefiets en een Rabobankpakje, twee zomers lang spoorde ik hem (met
zachte drang) aan om in mijn kielzog mee te trappen,
maar nu moet ik me er toch (voorlopig) bij neerleggen:
mijn zoon is op zijn veertiende een renner in ruste. De
conditietraining voor basketbal vindt hij deze zomer
belangrijker dan de fiets. Bovendien staat het ding op
zolder behoorlijk in het zichtveld van de enorme
breedbeeldtv die hij voor het afspelen van zijn
Xbox-games wil kopen. Vandaar dat sinds gisteravond deze
advertentie de site van Marktplaats siert:

Gooi ik daarmee de handdoek definitief in
de ring? Zeker niet. Als hij nog maar een klein stukje
doorgroeit, is hij volgend jaar al groot genoeg voor
mijn reservefiets. Het is nooit te laat voor grandioze
comeback, weet ook Lance Armstrong na de laatste tour. |
|
| |
|
|
| |

Woensdag
11
augustus
Onder
normale omstandigheden zou ik - zoals mijn fietsmaat
Rob1 zijn eigen status van thuisblijver zo treffend kan
formuleren - ook liever een 'droge homo' zijn geweest.
Maar nu ik mijn racefiets al 3,5 week niet heb
aangekeken, leek het me wel een goed moment om de
training in de stromende regen te hervatten. Het tempo
zou dan in elk geval niet te hoog liggen. Het merendeel
van de leden van de Afdeling Wielersport koos
gisteravond voor de mountainbike met de brede banden,
als een vroege voorbereiding op de Bart Brentjes
Challenge die ergens in oktober op het programma staat.
Maar zes dapperen reden op de smalle rubbers naar
Bloemendaal aan Zee. Met het windje in de rug nog gewoon
met 35 kilometer in het uur, waarbij de visueel
gehandicapte rijders - Peter en ik - het al spoedig
zonder hun beslagen dubbele glazen moesten stellen.
Zolang het rechtuit ging op het duinpad viel dat zonder
bril (we hebben allebei min 6,75) nog wel mee, maar
eenmaal afgeslagen richting Vogelenzang vonden we onder
de bomen met hun donkere bladerdak alleen nog op de tast
aansluiting bij de groep. Op het wegdek deden zich
inmiddels Pakistaanse toestanden voor omdat de door
Buienradar en Weeronline voorspelde droogte zich rond
een uur of acht aankondigde met een hernieuwde moesson
waarbij alle Bloemendaalse dijken doorbraken en hele
fietspaden blank kwamen te staan. Af en toe kwam mijn in
bloedvorm verkerende neef even naar achteren om te
informeren of ik echt helemaal niks zag ('Nee, helemaal
niks'), even kort meelevend te knikken, om daarna weer
als een gek naar de kop te rijden en er in het tempo nog
een schepje bovenop te gooien. Waar heb ik zo'n natte
hetero als familielid aan verdiend? Afijn, laat ik dit
stukje maar besluiten met de aperte leugen die ik na een
compleet verregende training altijd in het Ledenboek van
de club aantref: De thuisblijvers hadden ongelijk! |
|
| |
|
|
| |

Dinsdag
10
augustus
Het is geen beeld dat mijn eega graag
naar buiten uitdraagt, maar er zijn avonden dat de tafel
van onze caravan er op vakantie zo uit ziet. Maar door
het ontbreken van gratis wifi op een aantal campings,
haar principiële weigering om woekerbedragen voor een
internetverbinding neer te tellen en het constante
verlangen naar een goed boek, kwam de zware taak om onze
vakantie in woord en beeld vast te leggen helemaal op de
frêle schouders van haar echtgenoot te liggen, die
dankzij de wonderen der techniek (en wat hulp van zijn
werkgever) met zijn overjarige laptop altijd en overal wél on line
kan. Maar nu ze weer thuis is, heeft ze alle
ruimte voor haar eigen kijk op
Ierland. En kan ik even wat rustiger aan doen. Tijd
voor een goed boek. Een stukje fietsen. Af en toe even
off line. |
|
| |
|
|
| |
Het verslag van
onze Ierland-vakantie staat
hier. |
|
| |
|
|
| |

Zondag 11
juli
Het is niet de week van
Lance en mij. Hij valt en ik rijd om de haverklap lek.
Zo'n beetje op hetzelfde tijdstip als een week eerder
tijdens de Dolomieten Marathon, sta ik nu met een lege
binnenband op het fietspad tussen Scheveningen en
Kijkduin. De grote wisseltruc met behulp van mijn
koolzuurcapsule om de nieuwe band op te pompen lijkt me
opnieuw snel op weg te helpen, maar het ventiel is in
één keer zo stijf bevroren dat ik het binnenwerk eruit
draai. Pssssst, weer leeg, die band. Dat overkomt me tot
twee keer toe. Als ik op deze manier ook snel door mijn
capsules heen ben, neemt Hugo het edele handwerk met de
pomp voor zijn rekening. Kort voor Hoek van Holland
loopt mijn band opnieuw leeg, waarschijnlijk doordat het
ventiel toch is gaan lekken. Ergens in Delft lopen we
onze derde lekke band op: niet ik, dit keer, maar Floor.

Verder doet de grote
Rijnsburgse tempobeul op dit rondje Hoek van Holland ook
zijn tweede bijnaam eer aan: Hugo 40. Zodra hij op kop
komt - en geloof me, hij rijdt vrijwel alleen maar aan
kop - komt de snelheid niet onder de 40. Vandaar dat ik
tijdens deze rit met de Club van Honderd in goed
Katwijks in meerdere opzichten 't lek had.
|
|
| |
|
|
| |

Zaterdag
10 juli
Gefocust. Rond het
WK-voetbal is het woord een beetje beladen geworden,
maar op sommige leden van de Afdeling Wielersport van de
IJsclub Voorwaarts Katwijk is het wel degelijk van
toepassing. Dirk Nijgh arriveerde gisteravond bij de
jaarlijkse clubBBQ in vol ornaat en op zijn racefiets,
om verbijsterd vast te stellen dat hij enigszins uit de
toon viel. 'Ik had me nog wel opgegeven, maar was even
kwijt dat het vanavond was', mompelde hij, om vervolgens
toch nog maar een rondje te trappen om wat calorieën te
verbranden die hij later op de avond weer met vette
happen kon aanvullen.
De leden die niet op
vakantie waren of niet zonder hun vrouw op stap mochten
- jazeker, er waren er minimaal twee die dit in bedekte
termen in hun afzegging lieten weten - laafden zich
onder tropische temperaturen - alleen Hiacynta, even
overgekomen uit Curaçao, voelde zich helemaal thuis -
aan geschroeid vlees, gestoomde vis en het saladebuffet,
waarbij secretaris Menno halverwege de avond de
gelegenheid te baat nam om twee sponsors (Rabobank en
Fietsplus Nico's) in het zonnetje te zetten. Ook tijdens
zijn gloedvolle toespraak waren er leden (Rob en Hugo)
die volop gefocust bleven. Maar dan op hun bordje.

 |
|
| |
|
|
| |

Vrijdag 9
juli
De overgang van het berglandschap van de
Dolomieten naar het platte Nederland viel me de
afgelopen week zwaar. Niet in de laatste plaats omdat
onze zoon in mijn afwezigheid een monster van een Trojan
Horse zijn computer liet binnensluipen, waarmee zo'n
beetje het halve westelijk halfrond van spam werd
voorzien. Als u de afgelopen dagen nog aanbiedingen voor
Viagra of penisverlengingen heeft gehad, bestaat er een
dikke kans dat die via ons netwerk zijn binnengekomen.
Provider Xs4all heeft onze internetverbinding achter een
filter gezet. We kunnen nog wel het web op, maar alleen
via een proxyserver. De eenvoudigste dingen - zoals het
uploaden van mijn website - werden daarmee voor mij
onmogelijk omdat ik de juiste instellingen niet weet.
Hoe dit stukje dan toch tot u komt? Ik kopieer het naar
een usb-stick, zet het over op mijn oude laptop en stuur
het via een umts-telefoonlijn de wereld in. Dit moet
niet veel langer dan een paar dagen duren. In een ander
opzicht viel de overgang naar het vlakke polderland me
wel weer mee. Het rondje uitfietsen met een stelletje
Dolomietengangers liep gisteravond weer ouderwets uit op
- wat mijn fietsmaat Rob1 omschreef als - een
autistenrace. Maar toch voelde het goed om vast te
stellen dat ik met mijn lompe lijf op de vlakke weg veel
beter uit de voeten kan dan in het hooggebergte.
 |
|
| |
|
|
| |
Het verslag van de
Dolomietenmarathon staat
hier. |
|
| |
|
|
| |
Naar de rest van het
wielerseizoen 2010 |
|
| |
|
|
| |
Naar het wielerseizoen 2009 |
|
| |
|
|
| |
Weer naar boven op deze pagina |
|
| |
|
|
|