|
 |
|
|
|
Stukjes
tikken is mijn vak, maar fietsen doe ik voor de lol. De
meeste kilometers draai ik in de Duin- en Bollenstreek,
maar enkele keren per jaar ben ik op trainingskamp bij
mijn rentenierende vriend in Jalón, Costa Blanca, of
elders in Europa aan het trappen. Op deze site
verslagen van trainingsritjes, officiële toertochten en
vakantietrips. Want stukjes tikken over fietsen doe ik
ook voor de lol. |
|
|
|
|
|
|
|
 |
|
|
|
Pretvaderen
is het centrale thema van een column die ik wekelijks
schrijf voor de dagbladen van HDCmedia (Noordhollands
Dagblad, Haarlems Dagblad, IJmuider Courant, Leidsch
Dagblad en Gooi en Eemlander). Maak op deze site,
behalve met wielrennen, ook kennis met een
prettige kijk op het vaderschap. |
|
|
|
Naam:
Dick van der Plas Leeftijd:
50
Woonplaats: Katwijk |
|
|
|
|
|
|
 |
|
|
 |
|
|
 |
|
|
|
 |
|
|
 |
|
|
 |
|
|
 |
|
|
 |
|
|
 |
|
|
 |
|
|
| |
| |
|
Programma 2010
Maart:
Joop
Zoetemelk Classic vanuit Leiden
April:
Trainingskamp in Spanje
(van 6 t/m 13)
Hart van de Bollenstreek
Mei:
Waalse Pijl (15 mei)
Route des Amblèves (Ardennen,
29 mei)
Juni:
Jean Nelissen Classic
(Vianden, 12 juni)
Trainingskamp
Dolomieten (27 juni)
Juli:
Dolomieten Marathon
(4 juli)
Augustus:
Vakantie (Ierland)
September:
Fietsweek
Vogezen (HTWV)
Oktober:
Herfstmountainbiken
in Leersum
November:
Rabo Beach Challenge
|
| |
|
|
| |
|
 |
|
  |
| |
| |
|
|
|
|
|
| |
|
|
| |
HTWV-jubileum 2010
Vrijdag
10
september
In de dertigjarige geschiedenis van
gelegenheidsformatie HTWV (Hijgend Trekken Wij Voort)
ben ik slechts een nietig pluisje. Derhalve voelt het
als een bijzondere eer dat ik het jubileum van dit
eerbiedwaardige gezelschap renners uit Oegstgeest en wijde
omstreken mag meebeleven. Normaal beslaan de jaarlijkse
uitjes van HTWV een lang weekeinde. Dit keer is voor een
hele week een huis (linksboven op de foto, vermoed ik)
afgehuurd in de Vogezen. Dat wil niet zeggen dat
iedereen ook een week aanwezig is. Geheel indachtig het
vrijblijvende karakter van de club vertrekt het overgrote deel op
zaterdag naar Frankrijk, maar gaan de eersten al op
dinsdag weer terug. Daarna een groep op woensdag. En
wellicht ook nog op donderdag of vrijdag. Daarentegen
vliegen er
op dinsdag en woensdag nog mensen aan in deze duiventil. Zelf verwacht ik
op woensdag naar huis te moeten omdat de situatie
bij mijn werkgever daar om vraagt. Maar zodra zich een
opening voordoet om langer te blijven, zal ik die
met beide handen aangrijpen. Want behalve door het
fietsen is het samenzijn met HTWV zo aangenaam omdat er
volop aandacht is voor die andere belangrijke zaken in het
leven, zoals daar zijn: uitgelezen wijnen en bijzondere
spijzen. Daarom hakt het uitvallen van onze vaste kok
Leo (net als ik door zijn rug gegaan, maar hij kan
kennelijk niet bogen op legerervaring) er deze week zo
hard in. Niettemin heb ik alle vertrouwen in zijn navolgers, al wordt de roep om mijn fameuze vislasagne
(dit keer voor 25 personen) luider. Tot mijn
laatste snik zal ik blijven roepen dat ik een
geheel verzorgde reis dacht te hebben geboekt.

|
|
| |
|
|
| |
Zaterdag
11 en zondag 12
september, Ventron (Vogezen)
Er zijn duistere krachten aan het werk om
de jubileumweek van gelegenheidsclub HTWV (Hijgend
Trekken Wij voort) tot een debacle te maken. Werden we
eerder als gevolg van een zwakke rug beroofd van onze
chefkok en vinoloog Leo - Kees voor intimi, maar dat is
een lang verhaal - op weg naar de Vogezen dreigen we ook
heel even onze complete (en imposante, mag ik wel
zeggen) voorraad drank en voedsel te verspelen doordat
de aanhangwagen van Rob2 bij honderd kilometer per uur
een klapband krijgt. Met kunst-, vliegwerk en veel
rookwolken wordt de combinatie min of meer heel aan de
kant gezet, maar dat betekent geenszins een eind aan
onze tegenspoed. Een dag later raakt een zojuist
volgepinde portemonnee - vooral bedoeld om
terrasconsumpties af te rekenen - op mysterieuze wijze
verloren na verwarring omtrent (wederom) een lekke band.
Een fietsband, dit keer. En dan is deze jubileumweek nog
maar twee dagen op streek.

Maar, en zo mogen we het ook bekijken,
daarmee heb ik alle onheil tot op heden in één alinea
kunnen samenvatten. Verder loopt alles hier op
rolletjes, in de sfeer van geoliede chaos die al dertig
jaar lang de HTWV-reizen kenmerkt. De functie van
chef-kok en koksmaat zijn moeiteloos overgenomen door
respectievelijk Rob1 en Rob2, en ook anderszins komen we
voor welk huishoudelijk karwei dan ook geen handjes
tekort. Zelf beschouw ik in dit onnavolgbare samenspel
van alle hens aan dek het 'Niet in de weg lopen' als
mijn grootste kwaliteit.

Het lijkt, na het bovenstaande, een
bijzaak, maar we komen hier vooral om te fietsen. Nadat
reisleider Jan Pep zijn bus met twee magnetische platen
en een enkele sponsbeweging weer officieel tot
bezemwagen heeft verklaard, maken we zaterdagmiddag al
onze eerste verkenningsronde van een kleine vijftig
kilometer met tenminste twee serieuze colletjes, de Col
de Bramont (956 meter) en de Col de Oderen (951 meter).
De laatste komen we nog wel vaker tegen, want net achter
de top ligt onze Gite voor 25 personen. En - ook
traditie - binnen het half uur moet Jan Pep in zijn rol
van wegkapitein al de eerste krachttermen, gevolgd door
een donderspeech, uit de kast halen omdat de groep zelfs
op het relatieve vlakke gedeelte van de rit door enkele
onverlaten aan gort wordt gereden.


Nadat aan de voet van de eerste col
eenmaal het sein 'vrij rijden' is gegeven, zitten we
binnen twee uur en na bijna duizend hoogtemeters in de
tuin aan het herstelbier, staat na vier uur de
avondpasta op tafel en ligt iedereen na zes uur onder de
klamme lappen aan moeder de vrouw te denken. Ja, dat is
fietsrock-'n'-roll, mensen.

Ook fietsrock-'n'-roll: de volgende
ochtend keurig om half negen aan het ontbijt. De tijd
van hoeren en snoeren ligt ver achter ons in de
dertigjarige geschiedenis van de HTWV. De eerzame
huisvaders van nu zitten om half tien op de fiets voor
de eerste grote ronde: 115 kilometer en bijna 2500
hoogtemeters over onder meer de Petit Ballon (1272
meter) en nog zo'n lelijk ding met kilometerslang een
stijgingspercentage van 10 tot 12 procent dat luistert
naar de naam Col de Plasserwasser of Wasserplasser, daar
wil ik vanaf zijn.
Onder de indruk van de woorden van Jan
Pep - die de avond daarvoor 30 jaar HTWV in een
hilarische toespraak heeft samengevat - wordt er het
eerste uur in opnieuw schitterend weer gecontroleerd
gereden, waarna het in de aanloop naar de Col de la
Schlucht (1138 meter) ieder voor zich is richting
Munster. Hier vallen we met onze neus in de cultuur met
de grote C: het jaarlijkse Waldhoornblazersfestival, of
in elk geval iets wat daar alle schijn van heeft. Het
verleidt in elk geval Rob1 ertoe om even zijn partijtje
mee te blazen, wat dan weer cultuur met een hele kleine
c oplevert.


Ook geheel in HTWV-tradities slaat
kort na Munster de verwarring over de te volgen koers
toe, maar dat is in de aanloop van de Petit Ballon
slechts een kort moment. Op meerdere manieren is dit
jaar gepoogd te voorkomen dat we de weg en elkaar kwijt
raken: de tochten zijn uitgestippeld via GPS, maar staan
ook op papier en - een cadeau voor alle leden ter ere
van het jubileum - op een ingenieuze
Knooppuntenroutekaarthouder die een enkeling zonder
schaamtegevoel inderdaad op zijn stuur heeft gemonteerd.
Niettemin slaagt Peter P. erin om op die Ballon -
volgens velen één rechte streep naar de top - in zijn
eentje ergens op een onverhard pad te geraken. Ook dit
voorval mogen we gerust plaatsen in de rijke
HTWV-historie. (Wordt vervolgd.)

|
|
| |
|
|
| |

Maandag
13
september, Ventron (Vogezen)
Wat mij destijds als eerstejaarslid van
de HTWV van het fietsweekeinde in 2009 is bijgebleven,
is de verwarring. Over de route, de positie van de
verschillende renners, vermeende pechgevallen, de plek
van de bus, de keuze van de koffietent, ja, over alles
eigenlijk. Om te zeggen dat ik daarin de eerste twee
dagen van deze jubileumweek 2010 teleurgesteld ben, is
wat teveel gezegd. Maar de echte grote verwarring bleef
uit. Tot vandaag dan.

Vanuit onze gîte is het zo'n 200 meter
naar de top van de Col d'Oderen en daarna is het een
stief kwartiertje afdalen naar Kruth, waar we op elkaar
zullen wachten. In die, zeg een half uur, slagen we erin
zo'n vijf van de achttien renners kwijt te raken. Twee
blijken er halverwege teruggegaan omdat ze hun
hartslagmeter zijn vergeten, een derde krijgt pech, een
vierde raakt aan de schijterij en besluit toch maar
thuis te blijven en de vijfde blijft ergens in die
afdaling op de nummers 2, 3 en 4 wachten. Van enige
communicatie met de bus - waarvan de bemanning de andere
kant op is gereden om te pinnen - is geen sprake. Maar
de verwarring is elk geval compleet bij het tiental dat
in Kruth staat te wachten indachtig het voor vandaag
opnieuw bekrachtigde motto: bij elkaar blijven.


Bij het op elkaar wachten - wat overigens
nooit langer dan tien minuten lukt - vervult de HTWV-bus
een sleutelrol. Het is het verzamelpunt voor een peloton
dat volledig losgeslagen door de Vogezen trapt. Uit deze
rijdende doos van Pandorra komt bovendien een nooit
aflatende stroom cola en water, schijven meloen en
bananen en het voertuig fungeert tevens als opslagplaats
voor in de loop van de dag overtollig geworden
kledingstukken en uiteraard als bezemwagen voor
opgeveegde coureurs. Maar ook vanuit deze bus slaat
vandaag de verwarring toe als we - gps en routekaartjes
ten spijt - op cruciale punten de verkeerde kant op
worden gestuurd.

Het is een wonder dat we uiteindelijk
toch - met een halve groep - in Gérardmer geraken, waar
opnieuw de verwarring toeslaat omdat hier kan worden
gekozen tussen een lange en een korte route naar huis.
De bus hebben we ergens in het stadje van ons afgeschud,
een deel van de renners is al eerder afgeslagen richting
de avondbarbecue en na ampele discussies kiezen alleen
Rob2, Tonnie en ondergetekende voor de lange variant
(108 kilometer) terug naar Ventron. Om onszelf te
belonen voor deze extra inspanning zoeken we in La
Bresse een mooi terras en een groot glas witbier op, om
bij thuiskomst te constateren dat de groep van de
verkorte route bij het versterken van de inwendige mens
ook niet heeft stilgezeten. Dat is namelijk één van de
weinige onderdelen van het HTWV-kamp waarover in dertig
jaar nog nooit enige verwarring heeft bestaan.


|
|
| |
|
|
| |

Dinsdag
14
september, Ventron (Vogezen)
Als je gewend bent om alles op vakantie
zelf uit te zoeken, is het een verademing om eens een
keer een dagje bustoerist te mogen spelen. Lekker achter
de leiding aansjokken, verstand op nul, afgezet worden
op mooie toeristische plekjes en op tijd worden voorzien
van je natje en je droogje. De mannen van de HTWV laten
de racefiets na drie dagen in het zadel even in het
schuurtje staan en maken een wijnreisje naar de Elzas.
De tocht loopt via Munster - waar nog een vertwijfelde
poging wordt gedaan om onze portemonnee met 500 euro
terrasgeld boven tafel te krijgen maar op het
politiebureau weten ze van niks - en vandaar rijden we
het verduitste deel van Frankrijk in. Maar uiteraard
niet nadat we elkaar - geheel in HTWV-traditie - op de
weg naar Ribeauville zijn kwijtgeraakt. Na de hereniging
onder koffie met frambozenpunt gaan we op zoek naar een
domaine waar ze achttien fietstoeristen een rondleiding
willen geven en vervolgens bereid zijn om enkele van hun
verfijnste wijnen aan dit gezelschap te schenken.


Bij Du Moulin de Dusenbach willen ze het
er, na de lunchpauze die tot twee uur duurt, wel op
wagen, maar de wijntjes van Bernard Schwach komen op ons
wat zwakjes over. Te laf, te zuur, te weinig
uitgesproken luidt het oordeel van het kennerspanel,
waarna het verder gaat naar een wederverkoper in
Sigolsheim waarmee reisleider Jan Pep in het verleden
goede ervaringen heeft opgedaan. Aan de toog van het
winkeltje laten we ons dit keer de wijnen van
Meyer-Krumb uitbundig smaken en na het zoveelste glaasje
laat ik het oog vallen op een Gewurztraminer uit 2008,
die met recht het predicaat Alsace Grand Cru Mambourg
mag dragen. Daar gaat een doosje van mee naar Katwijk.
Het dagje uit wordt besloten met een Elzasser maaltijd
op een terras in toeristenfuik Kaysersberg, waar de
Sauerkraut mit Eisbein wordt weggewerkt onder de klanken
van een straatsaxofonist die zijn middle of the
road-wijsjes voor de eerste keer begeleid weet door
achttien uitbundig met Riesling gesmeerde keeltjes. Ook
de argeloze voorbijganger in een blauwgeruite kiel en
een rode zakdoek om de hals zal het zich nog enige tijd
heugen dat hij vanaf het terras wordt getrakteerd op de
meezinger: Ik ben boer Teun en ik loop in de steun en
ik hou van porno... Ja, de mannen waren vandaag echt
een dagje uit.

|
|
| |
|
|
| |

Woensdag
15 en donderdag 16
september, Ventron (Vogezen)
Op de terugweg van Ventron naar Katwijk
wordt de weemoed over ons voortijdige vertrek - de
plicht roept ons weer naar de werkvloer - even naar
achteren gedrongen voor een moment van vrolijkheid.
Zelfs nu er op deze woensdag zes van de achttien
fietsers de thuisreis moeten aanvaarden, slaagt de
resterende groep HTWV'ers er niet in om bij elkaar te
blijven. Bij een tussenstop in een restaurant in
Luxemburg verschijnt er een sms'je op mijn Iphone:
Dick, sms Rob Onderwater zijn 06 svp. Hij heeft ergens
een verkeerde afslag genomen. Groet, Harold.

We hebben onze tassen gepakt als de groep
zich opmaakt voor een rit over onder meer de Grand
Ballon en de Ballon d'Alsace. Als het weer het toelaat,
tenminste, want de buienradar voorspelt niet veel goeds.
In de auto bereikt de regen ons al ter hoogte van Epinal
en zeker twee uur rijden we met de ruitenwissers aan
door de hoosbuien die langzaam naar het zuiden zakken.
Slecht weer voor de mannen op de fiets, maar voor ons
maakt dit het missen van de woensdagrit er toch een
beetje draaglijker op. Bijna jammer dat er voor de
donderdag weer mooi weer is voorspeld... Tegen die
onchristelijke gedachte vechten we de resterende 500
kilometer naar huis.



Een rondje door onze gîte van het ontbijt tot het diner,
de nazit bij de houtkachel en het avondvermaak:
snookeren, flipperen of tafeltennissen op zolder, en
zwikken, klaverjassen of voetbal kijken op de
benedenverdieping. |
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
|
|
| |

HTWV
Donderdag 30 september
2010
(Uit: de dagbladen van HDCmedia van 16
september 2010)
Vroeger, ja vroeger. Toen reden we overdag 160 kilometer
en gingen we 's avonds om half elf nog naar de kroeg.
Als we dan lekker gekruid
hadden gegeten en een beetje winderig waren - wat zeg
ik, een béétje winderig! - trokken de stamgasten zich
daar stilletjes in een hoek van het pijpenlaatje terug.
Een herdershond die al vijf jaar voor dood onder de toog
lag, hees zich moeizaam op zijn poten en wankelde naar
de deur om frisse lucht te happen. En de volgende dag?
Dan zaten we 's morgens gewoon om acht uur weer op de
fiets.
Wielertoeristen
vormen - heb ik een psycholoog, het kan ook een
psychiater zijn geweest, daar wil ik vanaf zijn - voor
het uitoefenen van hun hobby lichte gemeenschappen.
Clubjes van gelijkgezinden die
met elkaar vooral de liefde voor de racefiets gemeen
hebben. Voor
buitenstaanders is dat moeilijk te begrijpen. Het
duizelt mijn eega
soms als ik probeer uit te leggen met welke lichte
gemeenschap ik nu
weer op pad ben.
Deze week is dat HTWV. Een gelegenheidsclub van
fietstoeristen in een
semi-professioneel zwart tenue, waarvan de letters
gewoon staan voor
Hijgend Trekken Wij Voort. Normaal beslaan de jaarlijkse
uitjes van
dit gemêleerde gezelschap een lang weekeinde. Maar het
30-jarig
jubileum wordt gevierd met een hele week Vogezen.
Minstens zo belangrijk als het fietsen is het culinaire
aspect van
HTWV-reizen. In dat opzicht is deze jubileumuitvoering
onder een
slecht gesternte begonnen omdat onze kok, vinoloog en
bestuurder van
de bezemwagen in de week voor vertrek door zijn rug is
gegaan. De
basissauzen en het ingevroren vlees die hij nog voor ons
heeft
geregeld, dreigen we op de heenweg naar Ventron nog te
verspelen
doordat de aanhanger van het busje bezwijkt onder de
indrukwekkende
hoeveelheid bier en wijn die ook in dit wankele voertuig
een plekje
heeft gevonden. Met kunst-, vliegwerk en veel rookwolken
wordt de
combinatie na een klapband met honderd kilometer per uur
min of meer
heel aan de kant gezet.
Een fietsdag van HTWV begint met de plechtige belofte om
bij elkaar te
blijven, na een paar kilometer gevolgd door een
woedeaanval van
wegkapitein Jan Pep als blijkt dat het peloton volledig
uit elkaar
geslagen over 's Heeren wegen doolt. Vanuit onze gîte is
het zo'n 200
meter klimmen naar de top van de Col d'Oderen en daarna
is het een
stief kwartiertje dalen naar Kruth. In die, zeg een half
uur, slagen
we erin vijf van de achttien renners kwijt te raken.
Twee blijken er
halverwege teruggegaan omdat ze hun hartslagmeter zijn
vergeten, een
derde krijgt pech, een vierde krijgt diarree en de
vijfde blijft
ergens in die afdaling op de nummers 2, 3 en 4 wachten.
Van enige
communicatie met de bus - waarvan de bemanning de andere
kant op is
gereden om opnieuw te pinnen nadat een dag eerder een
portemonnee met
500 euro terrasgeld verloren ging - is geen sprake. Het
vervolg van de
ritten voltrekt zich in de regel eveneens in complete
verwarring. Over
de route, de positie van de renners, vermeende
pechgevallen, de keuze
van de koffietent, ja, over alles eigenlijk.
De 160 kilometer van vroeger, ja, vroeger, zijn er
inmiddels hooguit
110, alleen afgelegd door een minderheid die onderweg
niet de
gelegenheid heeft benut om een kilometer of 30 af te
snijden. En na
een dag van hijgend voorttrekken belanden de renners
niet meer in de
kroeg, maar voor de open haard, waar ik - na twee jaar
nog steeds
beschouwd als aspirant-lid - achter een tafel vol
hersteldrank met
wisselende alcoholpromillages alle hoogtepunten uit de
HTWV-geschiedenis moet aanhoren. Zoals in veel andere
mannengemeenschappen speelt het laten van winden daarin
een centrale
rol.
Nee, dát is in dertig jaar niet veranderd. |
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
Het verslag van de
Dolomietenmarathon staat
hier. |
|
| |
|
|
| |
Naar de rest van het
wielerseizoen 2010 |
|
| |
|
|
| |
Terug naar Dicks Log |
|
| |
|
|
| |
Weer naar boven op deze pagina |
|
| |
|
|
|