Zijn strafblad is nog blanco, maar de
eerste boete is binnen. Wegens het niet komen opdagen
als 'tafelaar' bij een wedstrijd op 30 januari dient
onze zoon de indrukwekkende somma van 5,50 euro over te
maken op de rekening van zijn basketbalclub Grasshoppers.
Precies drie weken hebben we, om protest aan te tekenen,
en de messen worden geslepen. Zijn raadsman Bram M. -
die onze jongste nazaat voor de Commissie van Beroep
gaat verdedigen - spreekt van een 'zoveelste flagrante
schending van het recht en een dwaling die past in een
lange rij van justitiële missers'. Alleen al het
verzenden van de brief noemt mr. Bram al 'infaam en
abject'. Hij zal zich in zijn verdediging laten leiden
door het indrukwekkende pleidooi dat de vader van de verdachte eerder op
deze plek hield. De raadsman schroomt verder niet om, zo nodig,
in het kader van de Pluk Ze-wetgeving alvast beslag te
laten leggen op de verenigingstegoeden van Grasshoppers. Wordt vervolgd, derhalve!
Wat is het programma,
hoe wordt er getraind en hebben we het nog een beetje
gezellig onderweg? Alleen wielerliefhebbers hoeven door
te klikken naar
het wielerlog 2010.
Het opgroeiboek
Pretvaderen,
het opgroeiboek voor mannen, nu ook verkrijgbaar
in de betere boekhandel, zoals Van den Berg aan de
Achterweg in Katwijk aan den Rijn. Binnenkort ook
weer via internet te bestellen bij HDCmedia.
Van een ouderwetse
walkover was vanmorgen geen sprake, in de
basketbalwedstrijd tegen Springers uit Gouda. Maar onze
mannen stonden in de thuishal Cleijn Duin wel
voortdurend voor met een redelijk comfortabele tien
punten, een verschil dat al in de eerste periode werd
bereikt. Daarna ging het duel gelijk op: als zij
scoorden, deden wij het ook, tot in de laatste tien
minuten onze aanval vooral het bord en de ring van de
basket trof en Springers gluiperig naderbij sloop totdat
de voorsprong een paar minuten voor het eind nog maar
één punt bedroeg. Billenknijpen, niet alleen bij de
coaches ArendJan en Dirk, maar zeker ook bij de trouwe
supportersschare die voornamelijk uit John en mijzelf
bestond. Herrie maakten we in elk geval voor een heel
legioen. Zeker toen met twee snelle uitvallen -
waaronder eentje van Steven die er weer lekker op los
scoorde (foto) - de zaken net voor het laatste
fluitsignaal werden rechtgetrokken: 67-62. Altijd een
euforisch gevoel, als de bevrediging van de overwinning
samensmelt met de opluchting over het ontlopen van de
nederlaag.
Vrijdag 5
februari
Als kersverse volgeling heb ik binnen mijn gezin te
maken met een aantal dr. Frank-sceptici. De nieuwe
dieetgoeroe die mijn hart heeft gestolen met recepten
vol vlees, eieren en groenten, wordt als de nieuwste
hype weggezet in het rijtje Sonja Bakker, Montignac en
Robert Atkins. Daarmee wordt dr. Frank - een heuse
internist en vasculair (?) geneeskundige uit Hengelo,
geen prutser derhalve - groot onrecht aangedaan. Ik tik
dit stukje na een zeer bevredigend avondmaal dat bestond
uit een flinke hoeveelheid shoarmavlees en
roerbakgroenten, dat volgde op een lunch van carpaccio,
salade en een ei. Een paar weken zonder pasta,
aardappelen of brood, dat gaat me op deze manier wel
lukken. Zeker als ik er van mezelf behoorlijk bij mag
zondigen ('s morgens ontbijten met muesli en elke avond
mijn wijntjes) omdat ik nu eenmaal veel meer beweeg dan
de gemiddelde dr. Frank-volgeling. Zelfs inclusief de
verjaardag van mijn eega met gebak en snacks, ben ik
inmiddels al bijna drie kilo kwijt in nog geen zes
dagen. Dank, dank, dank,
dr. Frank!
Donderdag 4 februari
Als je ruim twaalf jaar
alleen maar opschrijft wat je om je heen ziet gebeuren,
ben je opeens een deskundige. Opvoeddeskundige, in mijn
geval. Niet in alle kringen, overigens, want een deel
van mijn lezerspubliek vindt mij een malloot. Maar dat
is een lot dat ik met vele andere deskundigen deel. Dat
maakt mij er dus niet minder deskundig om. Zet twee
deskundigen naast elkaar en ze hebben ieder een andere
mening, tenslotte. Ik kom erop omdat mij de afgelopen
dagen tot twee keer toe is gevraagd 'iets' als
opvoeddeskundige te doen op de open dagen van
respectievelijk het Leidsch- (6 maart) en het
Noordhollands Dagblad (29 mei). Bijna 24 uur per etmaal
heb ik me hier inmiddels het hoofd over gebroken, maar
ik kom er niet uit. Mijn basisfilosofie - ik doe maar
wat, en meestal doe ik helemaal niks - leent zich niet
voor een ochtendvullend programma. Op 6 maart kan ik me in Leiden - als
chef Duin- en Bollenstreek - op tal van andere manieren
nuttig maken. Voor zaterdag 29 mei denk ik dat ik maar dat ik
een smoes verzin. Er is vast wel ergens een toertocht te
rijden waarvoor ik me al heel lang geleden heb
opgegeven. Als deskundige moet je ook je
beperkingen kennen.
P.S. Mijn laatste
opvoedkundige column in de krant ging over
Puberen.
Woensdag 3 februari
Voor mijn eigen verjaardag
geef ik altijd - ruim van tevoren - luid en duidelijk
aan wat de wensen zijn. In veel gevallen heb ik het
cadeau zelfs al in huis, ooit onder valse voorwendselen
- tegen een veel te hoog bedrag - aangeschaft. 'Alvast
voor míjn verjaardag.' Maar in meer dan 25 jaar
huwelijk is het mij niet gelukt om te gaan met open
opdrachten van mijn echtgenote als: 'Verras me maar'.
Wel heb ik inmiddels een beperkte kring van
(dames)winkels opgebouwd waar ik mij vertrouwd voel en
waar ze mijn onzekerheden een beetje kennen. Bij de
parfumerie ('Is er nog iets nieuws wat mijn vrouw lekker
vindt?') of de sieradenwinkel, bijvoorbeeld ('Doe maar
iets moderns, met zwart of zilver'') waardoor ik in de
regel toch binnen een bevredigende minuut of tien weer
buiten sta. Voornamelijk vanwege het feit dat onze
nazaten zo mogelijk nog minder creatief zijn dan ik,
moest ik gistermiddag na werktijd voor hen op zoek naar
een badjas die zij hedenmorgen aan hun moeder (49
lentes, vandaag, ja dank u wel) kunnen geven. Nieuwe
winkels, daar houd ik niet van. Bij
Hunkemöller ben ik geweest, voor het eerst van mijn
leven, bij Livera en tenslotte bij
V&D, om uiteindelijk weer bij Hunkemöller uit te komen
(er zit er in Leiden ook eentje in de V&D, ontdekte ik),
om zo'n beetje overal hetzelfde verhaal te horen: dit is
het laatste restje van de wintercollectie, de
voorjaarsspullen druppelen wel binnen, maar daarvoor
bent u net een beetje te vroeg. Een uur van wanhoop en
vertwijfeling, gevoelens die niet wilden verdwijnen
nadat ik uiteindelijk een 'God zegene de greep'-keuze
had gemaakt. En dan ging het in mijn geval nog maar om
een badjas. Er zijn mannen die de gang naar
Hunkemöller moeten maken voor een lingeriesetje. 'Is er
nog iets nieuws voor mijn vrouw wat ik lekker vind?',
lijkt me dan een geijkte openingsvraag. Zo zie je maar,
het kan het altijd nog erger.
Dinsdag 2 februari
Al een paar weken volgt mijn
echtgenote voor de bibliotheek de cursus '23 dingen' -
ontdek, speel en leer over Web 2.0 - en sindsdien ken ik
haar voornamelijk als de vrouw die in de rode stoel in
onze woonkamer met de laptop op haar schoot zit. Voor de
tweede keer in die cursusweken was onze woning
gistermiddag doordrongen van de geur van aangebrande
aardappelen omdat ze aan haar - verplichte - weblog zat
te tikken. Aangezien haar log beter was dan haar
aardappels, dien ik die hier maar op:
Maandag 1 februari
Of ik een foto wilde van een
auto te water, vroeg een freelance fotograaf
dinsdagmiddag rond een uur of vijf. Onze Duin- en
Bollenstreekpagina's waren al zo goed als dichtgetimmerd
en om ze nou voor een modale auto in de sloot weer open te
breken? 'Nee bedankt', zei ik, 'als het nou een
vliegtuig was...' Een paar dagen later stonden ze wel in
een huis-aan-huisblad - niet zo mooi als hierboven, die
heb ik van
112Bollenstreek gepikt - maar helder genoeg om de
onfortuinlijke auto te herkennen. 'Was jij dat, Huibert, in het kanaal?', vroeg ik mijn buurman van twee
huizen verderop, toen ik hem met zoon en twee honden op
straat tegenkwam. Huibert ging er eens goed voor staan.
Aan het 'Nee hè!' van zijn nazaat leidde ik af dat hij
het verhaal al een keer of honderd had verteld. Maar hij
had er nog steeds plezier in. Hij reed, met nog geen
vijf kilometer per uur, naar zijn bedrijfje aan de
waterkant, om halverwege de afrit te ontdekken dat de
brandweer hier de avond ervoor een oefening had
afgewerkt waarbij er nogal wat water was gemorst. En dat
was inmiddels een ijsvlakte van een decimeter dik
geworden. Hij begon te glijden, ging met twee wielen
over de walkant en kwam op z'n dak, dus ondersteboven,
op de bodem van het kanaal terecht. 'Hoe kom ik hier nu
weer uit?', ging er door hem. De radio speelde nog, er
kwam geen druppel water binnen, maar hij lag er toch wat
ongelukkig bij. Op dat moment kantelde de bedrijfsauto
en kwam, als een opstijgende onderzeeër, met de goede
kant weer naar boven. Nog steeds geen druppel water
binnen, alle elektriciteit deed het nog en Huibert
zocht, wel enigszins gehaast, zijn dierbaarste spullen
bij elkaar (hij kon alleen zijn telefoon niet vinden) en
klom - zelfs het zijraam ging nog automatisch naar
omlaag - zich vasthoudend aan de imperiaal op het dak.
De actie had inmiddels de aandacht getrokken van de
mannen in de brandweerkazerne, pal aan de overkant, die
hem binnen een paar minuten - op een auto die steeds
verder wegzonk - uit zijn benarde positie bevrijdde.
'Kurkdroog was ik nog, ik had niet eens natte
schoenen!', aldus Huibert.
Wie basketbal speelt, heeft
ook verplichtingen aan de club. 'Tafelen' is daar één
van: het bijhouden van scores, persoonlijke fouten, de
tijd en nog zo wat van die statistieken op een formulier
met zoveel vakjes dat je een avond cursus moet volgen om
er wijs uit te worden. Vandaag moet mijn zoon opdraven
bij een wedstrijd van Grasshoppers Jongens onder 16-3
om 16.15 uur, in de Katwijkse sporthal Cleijn Duin.
Geen probleem, ware het niet dat hij om 14 uur een
ingelaste wedstrijd van zijn eigen team heeft in
Wateringen, achterin het Westland. Daarmee is hij zeker
anderhalf tot twee uur zoet, en dan is het nog een uur
terugrijden naar Katwijk. 'Zelf voor vervanging zorgen',
meldt de wedstrijdsecretaris die niet alleen hem maar
ook een aantal teamgenoten heeft ingedeeld voor de
tafelbeurt. Spelertjes van 12 en 13 jaar - die op de
club geen groot netwerk hebben om op terug te vallen en
van iedereen die ze wél kennen weten dat die ook moeten
spelen - in paniek, de coach - die zijn halve team ziet
wegvallen - met de handen in het haar. De
wedstrijdsecretaris houdt zijn poot stijf, met een
beroep op het huishoudelijk reglement van de club dat
elke jeugdspeler inderdaad onder zijn kussen heeft
liggen. Veel opgewonden gebel en e-mailverkeer, tussen
zoon, teamgenoten en coach, waarbij uiteindelijk wordt
besloten om het tafelen - niet komen opdagen betekent
een boete - maar voor het spelen te laten gaan. Totdat
gisteravond om negen uur coach ArendJan strijdbaar
opbelde, na het inwinnen van advies bij juridisch
geschoolde clubleden die menen dat het team straks bij
de 'Commissie van Beroep' een goede zaak heeft. ''We
gaan spelen!', roept hij uit. See you in court,
wedstrijdsecretaris!
Tot zover dit relaas over
verenigingspolitiek en jongetjes van 13 die worden
vermalen tussen verplichtingen, huishoudelijk
reglementen en het teambelang.
Laatste nieuws: vet
gewonnen, Steven weet alleen niet met hoeveel.
Vrijdag 29
januari
In de
periode tussen vijf tot zes dat ik de basketbalkantine
alleen open heb om Tineke en Krijn een bakje in te
schenken en de vaatwasser zich nog staat op te warmen
voor mijn maandelijkse werkje (het schoonmaken van de
roosters boven de frituur), zou het me toch moeten
lukken: geluid krijgen uit de imposante flatscreen-tv boven het
koffieapparaat. Maar al sinds de ingebruikname van
The Bucket worstel ik met de Denon DN-X500
4-kanaals DJ-mixer die een audiofiel om onverklaarbare
redenen in het stereorekje heeft geschroefd.
Niet
dat ik geen vorderingen heb gemaakt: ik ben er – geheel
op eigen kracht want een gebruiksaanwijzing is nergens
te vinden – in geslaagd om een muziekje te laten horen
via de boxen boven de bar. Ik kan de LCD-tv aanzetten,
de Windows-mediaplayer opstarten (als de computer
tenminste al aanstaat, maar inmiddels weet ik ook hoe
dat moet), een afspeellijst kiezen en het geluid
afregelen met één van de vier schuifknoppen die in de
Denon-versterker zitten. (Eerlijk gezegd weet ik niet
precies welke, maar dat maakt verder niet uit. Het zijn
er maar vier, er is er altijd wel eentje die doet wat ik
wil. Soms doen ze het zelfs alle vier.)
Wat ik
nog meer kan? Ik geef toe dat het een paar maanden heeft
geduurd – hoewel dat ook aan het signaal kan hebben
gelegen – maar ik weet hoe ik de tv aan krijg en slaag
er zelfs in om er via de computer (nee, er is geen
normale kabelverbinding, alles gaat via Windows
Mediaplayer) livebeelden uit te
toveren van Nederland 1, 2 of 3. Ja, dat klinkt
makkelijk, maar iedereen die bardienst draait in The Bucket weet dat het eenvoudiger is om een satelliet in
een baan om de aarde te krijgen.
Maar
dan.
Weet jij
hoe je er geluid uit kunt krijgen, Krijn?
Nee?
Jij,
Tineke?
Nee,
alle knopjes op de Denon DN-X500 heb ik dan al
geprobeerd. Sommige meer dan tien keer, in honderden
verschillende combinaties. Aan de versterker kan het
niet liggen. Het betreft hier, ik citeer,
een
19” rackmount DJ mixer die het mixen een
heel andere belevenis maakt. Deze DN-X500 is een analoge
matrix mixer met 8 line en 2 phono ingangen die vrij
kunnen worden toegewezen aan één van de vier kanalen.
Vier 60 mm VCA kanaalfaders met volumecontrole,
onafhankelijke PFL kanaalmeters, de DN-X500 bevat alles
om het de DJ zo veel mogelijk naar zijn of haar zin te
maken. Mooi vormgegeven, sterk en robuust, de X500 is
een heerser in de audiomarkt!
Ja, ik
kan op de LCD-tv zelfs het internet aan de gang krijgen voor het
opzoeken van dit soort weetjes.
Ha, daar
is Bert. Weet jij hoe je geluid uit de tv krijgt, Bert?
Jij dan,
John?
Cobie?
ArendJan?
Dirk?
Niemand
die het weet. Van narigheid gebruik ik maar Teletekst
pagina 888, om in elk geval een beetje te kunnen lezen
wat het Zes Uur Journaal meldt. Of wat er in mijn
favoriete programma Man Bijt Hond wordt gezegd.
Maar
toch schijnt het te kunnen. Er zijn wel degelijk
momenten dat er geluid klinkt, uit de tv in The Bucket.
Maar
nooit als ik achter de bar sta.
Dit is de column die ik
deze maand maakte voor het blad The Rebound van de
Katwijkse
basketbalclub The Grasshoppers. Altijd gemakkelijk om op
hectische dagen iets voor het log achter de hand te
hebben. Mijn nicht Naomi - geslaagd voor de PA - gaf
gisteravond een feestje. En mijn vriend Mart werd opa
van een hele kleine Anouk (33
weken plus drie dagen en al bijna zelfstandig).
Het is teveel, op één dag, om te verwerken. Ik ben ook
de jongste niet meer.
Donderdag
28
januari
Een collega in Alkmaar
hoorde ik vorige week zeggen: Mijn zoon heeft de
hersens van mijn vrouw. (Hier liet hij even een
stilte vallen, om te vervolgen met:) De mijne heb ik
nog. Ja, denk daar maar even over na. Dus mij hoor
je niet beweren dat onze dochter mijn hersens heeft.
Noch die van mijn vrouw, overigens, want wij snappen
allebei geen bal van wiskunde. Alles boven de tafel van
twaalf gaat ons boven de pet. Mijn eega ging zelfs zover
dat ze destijds openlijk twijfels zette bij het voornemen van
onze dochter om wiskunde aan haar vakkenpakket toe te voegen.
Want dat kunnen wij (wij Van der Plassen,
bedoelde ze) helemaal niet. Maar kennelijk is
onkunde niet altijd erfelijk, want zelfs in haar
examenjaar tweetalig gymnasium scoort onze dochter ook
met dit vak enen en nullen (maar dan naast elkaar). Op aanraden van
haar leraar deed ze gisteravond mee aan het oplossen van
het Problem of the Week, een onderdeel van een
Math Contest van de
Columbus State University. Wie
de oplossing weet van de volgende opgave, moet het
antwoord zo snel mogelijk mailen:
There exists a special six-digit number such that when
this number is multiplied by four, its digits are
reversed. Determine this special six-digit number. Note:
digits can be used more than once.
Ze heeft me uitgelegd hoe ze het heeft gedaan, maar ik
kan het hier niet reproduceren. Ik snap de vraag niet
eens, laat staan het antwoord. Het zou ook niet eerlijk
zijn, want u mag uw oplossing nog steeds insturen. Zij
was de 227ste die het is gelukt (maar haar leraar, die
21ste staat, tipte haar pas een paar dagen na het begin
van de contest):
Woensdag 27
januari
Foto's - en zeker geflitste
- geven altijd een vertekend beeld van de werkelijkheid.
Vooral zwellingen laten zich lastig vastleggen. En blauw
is altijd minder blauw. Vandaar dat de visualisatie van
de handicap waarmee ik - als gevolg van een salto met
mijn mountainbike - al drie dagen door het leven
strompel, op het Ledenboek van de Wielervereniging
Katwijk leidde tot schampere reacties als 'Is dit
alles? Had iets spectaculairders verwacht.' En
vervolgens begon deze empathische persoonlijkheid ook
nog een omslachtige verhandeling over het feit dat ik
mijn bovenbenen niet had geschoren, iets wat mij onder
wielrenners in de wintermaanden toch als buitengewoon
normaal voorkomt. Maar dit terzijde. Speciaal voor dit
soort critici dus ook nog maar even een foto van mijn
onderbenen. Spectaculair genoeg? En ja, ik weet het: ook
mijn kuiten zijn niet geschoren. Het is winter,
tenslotte.
Dinsdag 26
januari
Eigenlijk kom ik uit een
familie van financieel specialisten:
- Mijn ome Jan was een half
leven lang wethouder financiën van de gemeente Katwijk;
- Mijn ome Gilles (zaliger,
inmiddels) was een gerespecteerd accountant;
- Mijn neef Jan is fiscaal
jurist bij Grant Thornton.
Dus ja, ik begrijp werkelijk
niet wat er vanmorgen aan de ontbijttafel te lachen viel
- 'Jij? Jij hebt een gat in je hand! Wat zeg ik: twee
gaten!' - toen ik bekend maakte dat ik gisteravond
binnen het bestuur van de afdeling Wielersport van de
IJsclub Voorwaarts Katwijk officieel ben benoemd tot
penningmeester.
Geslaagde layup van Steven.
Maandag 25
januari
De wedstrijd moest ik
anderhalve dag laten bezinken, om er nog met enige
objectiviteit over te kunnen schrijven. Want
zaterdagavond vond ik het - in sporthal 't Zandje op de
grens van Den Haag en Rijswijk - onze slechtste
wedstrijd van het seizoen 2010. Nou was het ook de
eerste van dit jaar, maar aangezien de competitie niet
te lang duurt en het aantal tegenstanders beperkt is
(tot vijf, geloof ik, dus dat is tien wedstrijden), zou
je kunnen zeggen dat we het kampioenschap meteen al
hebben verspeeld. Tenzij we thuis dik van de mannen van
Jumpers winnen. Daar had ik, vooraf, in de uitwedstrijd
op het onzalige tijdstip van 19 uur ook mijn zinnen op
gezet. De tegenstander zag er niet indrukwekkend uit,
miste nogal wat lengte, en vond bij het inspelen ook
niet echt soepel het netje. Maar met wat onze jongens
daar tegenover stelden, was dat toch genoeg. Over mijn
eigen nazaat was ik niet eens zo ontevreden - ik was in
elk geval weer blij dat de bonusregeling voor elk
gescoord punt was afgeschaft - maar op cruciale momenten
liet ook hij het afweten. Net als de rest van het
twaalftal, want hoe coach ArendJan ze daar ook van
probeerde te doordringen, de lengte werd niet uitgebuit
en de passing was in de regel beroerd. Maar bovenal
miste het team de bezieling en de strijdlust die de
Haagse mannetjes wel aan de dag legden. Uiteindelijk
werd het 53-39, meer een korfbal- dan een
basketbaluitslag. Met deze ultieme belediging zou ik dit
stukje willen afsluiten.
Vrijdag 22
januari
Zelf vond hij dat wij ook
wel wat beter hadden mogen opletten, maar een feit is
dat - tien minuten nadat onze zoon gistermorgen naar
school was vertrokken - zijn brood en pakjes drinken nog
op het aanrecht stonden. Geld had hij ook niet bij zich,
noch een telefoon, want die had ik boven op zijn bureau
zien liggen. Ik gooide mezelf in een wat hogere
versnelling bij het naar binnen werken van mijn eigen
ontbijt, stopte zijn eten en drinken in een plastic
tasje en reed hem - met een kwartier achterstand -
achterna naar school. Toen ik bij de hoofdingang stopte,
kwam hij net de fietsenkelder uit, zijn rantsoen
aanpakkend alsof het de normaalste zaak van de wereld
was. Toen ik 's middags thuis kwam, lag onze
avondmaaltijd nog in de verpakking op hetzelfde aanrecht
als waarop hij 's morgens zijn lunchpakket had laten
liggen, maar van zowel zoon als vrouw geen spoor. Pas
toen ik alles zo'n beetje eettafel-gereed had, kwamen ze
hijgend binnen zetten. Hij wat besmuikt kijkend, het
gezicht van z'n moeder op onweer. Van de
basketbalschoenen die hij 's avonds weer voor zijn
training nodig had, was hij er - waarschijnlijk onderweg
van school naar huis - één kwijtgeraakt en derhalve
moest er - vlak voor de winkelsluiting - nog een nieuw
paar worden aangeschaft. En het brood dat ik hem 's
morgens was gaan nabrengen? Dat zat 's avonds nog gewoon
in zijn brooddoos in de tas. Er vielen wat uren uit,
waardoor hij al om 13 uur thuis was. Daar had hij
zich maar gevoed met stroopwafels en andere zoetwaren.
En vanmorgen vroeg moest ik het lichtje van mijn fiets
aan hem afstaan omdat het zijne, ook gisteren, op
mysterieuze wijze was verdwenen. Just another day
met een puberzoon, zou ik willen zeggen.
Donderdag 21
januari
Lezers van dit weblog en
leden van de basketbalclub Grasshoppers zullen vandaag
een Aha-erlebnis hebben gehad bij het lezen van mijn
krantencolumn. Inspiratie- en tijdgebrek, zou je zeggen.
Jazeker.
Maar ik vind het vaak ook zonde om iets wat ik voor een
betrekkelijk klein publiek maak, nooit meer te gebruiken
voor de krant. In 2006 schreef ik een column waarin ik
de 'premie' per gescoord punt voor mijn zoon openbaar
maakte. En dan is het wel zo netjes om ook te melden dat
ik daar nu zelf een punt achter heb gezet. Veel beter
dan ik dat al heb gedaan op dit log en in The Rebound - hier
en daar is 'ie hooguit wat opgerekt - lukte me niet
meer. En als je jezelf niet mag plagiëren, wat mag dan
nog wel?
Wel nieuw, voor het internet
althans, de schaatscolumn
Hunkeren.
Woensdag 20
januari
Ik
begin mijn mailtje aan haar maar een beetje luchtig,
want dat ligt me toch het best.
''Hallo Ger, dat je op je oude dag nog
aan het weblog gaat, wie had dat ooit kunnen denken?'
Maar dat houd ik niet lang vol.
Jammer dat de aanleiding zo verdrietig is.
Een paar weken geleden nog maar nam ze afscheid als
redactiesecretaresse van het Leidsch Dagblad, als de
'moeder' van het stelletje ongeregeld dat elke dag de
krant maakt. Eigenlijk
wilde ze helemaal niet met pensioen, maar ondanks alle
grote woorden van de regering over het doorwerken na je
65ste moest ze er toch mee stoppen. 'Met pensioen' heet
haar log dan ook, maar dat is inmiddels een hele wrange
titel geworden. Al een tijdje voelde ze zich niet goed,
maar pas op 13 januari volgde een, wat ze zelf noemt,
pijnlijk eerlijk gesprek bij de oncoloog. Op die dag
begint ook haar weblog:
http://gerrybrox.blogspot.com/
Dinsdag 19
januari
Op
een paar honderd meter van ons huis rijd ik in een
politiefuik. Twee patrouillewagens staan schuin over de
weg, vier agenten - onder wie één vrouw - hebben zich op
straat opgesteld. Als ik over het bruggetje in hun
richting trapt, zie ik de voorste politieman zijn beide
handen opheffen. Snel check ik alles wat mij eventueel
een bon zou kunnen opleveren. Licht? In orde. ID? In
mijn portemonnee. Bel? Werkt. Verder heb ik geen boetes
openstaan en recentelijk ook niemand vermoord of
anderszins gemolesteerd. Het straatje waar ik doorheen
moet, behoort wel tot de ruigste buurten van mijn
woonplaats. Troosteloze jaren zestig flats, gedeukte
auto's voor de deur en meer afval naast de container dan
erin. Zou zich hiér dan iets vreselijks hebben
voorgedaan? Er staan nu twee agenten naar me te gebaren
en te roepen, maar omdat ik het geluid van mijn Iphone
nogal hard op mijn oren heb staan, hoor ik niks. Even
wachten, handschoen uit, knopje op het draadje van mijn
koptelefoon indrukken, de buitenwereld weer toelaten in
mijn hoofd. De sterke arm spreekt weer: 'Oppassen
meneer, het is hier vreselijk glad. Er heeft net al een
meisje haar been gebroken.' De andere drie agenten
knikken om het hardst mee en wijzen, voor mij al ten
overvloede, op het spiegelende plaveisel dat zich voor
mijn fiets uitstrekt. Een kleine politiemacht om te
voorkomen dat ik in dit achterafstraatje op mijn plaat
ga. Ik word overstroomd door een goed gevoel over dit
dorp, dit land, dit volk, deze natie.
Maandag 18
januari
De Van der Plassen hebben
zich de afgelopen 60 jaar spectaculair vermeerderd, zo
toonde mijn in Spanje rentenierende vriend onlangs met
hulp van het
Meertens-instituut aan. Maar die cijfers komen
pas tot leven als je een aantal van die afstammelingen
bij elkaar ziet op de verjaardag van mijn moeder. De
foto's boven en onder zijn de vrucht van twee generaties
en daarbij zijn de echte Van der Plassen nog in de
minderheid. Dankzij mijn drie getrouwde zussen zijn er
ook Mazees, Palits en Hoeken bij gekomen. En de jongste
generatie sleept ook alweer aanhang met zich mee, al
zijn er twee neven van 22 en 25 bij die eeuwig vrijgezel
lijken. Vanaf 16 uur was het gistermiddag weer onbeperkt
taart, chips, salade, paling, goulash, kip met rijst,
pizza en vislasagne eten (ik vergeet vast nog het één en
ander), en dan had mijn moeder ook nog genoeg over om
vanmiddag haar zes vriendinnen mee te voeren. Want vandaag
wordt ze pas echt 74.
Zaterdag 16
januari
Artiesten hebben het meestal
niet zo op abonnementhouders. Grote kans dat ze niet
speciaal voor jou komen, maar in de zaal zitten omdat je
nu eenmaal 'bij het pakket' hoort. En, eerlijk is
eerlijk, zo zaten mijn vriend Mart en ik gisteravond ook
bij Dougie MacLean in de Aalmarktzaal van de
Stadsgehoorzaal in Leiden. We hebben een abonnement op
een serie singer/songwriters, dolende zielen met een
gitaar, en Dougie was de enige waar we nog nooit van
hadden gehoord. Uiteraard hadden we ons - beter gezegd,
Mart - wel voorbereid: er waren muziekjes gedownload
maar er was nauwelijks tijd geweest om die te
beluisteren. Zelf wist ik alleen van MacLean dat zijn
liedjes nogal vaak door anderen - onder wie Mary Black -
zijn gecoverd. Verder dacht ik tot mijn schande dat het
een Ier was, maar het bleek een Schot, die ons
trakteerde op een aanstekelijke mix van mooie verhalen
en schitterende liedjes, zijn eigen merk
whisky heeft (genoemd naar een van zijn bekendste
nummers Caledonia) en zelfs in Leiden een behoorlijke
schare trouwe volgelingen op de been bracht. Hij kreeg
er twee abonnementhouders als fan bij.
Vrijdag 15 januari
Noodgedwongen rijd ik al twee dagen met
de auto naar mijn werk, in dit geval het hoofdkantoor
van ons krantenbedrijf in Alkmaar. Katwijk-Alkmaar is voor
iemand van mijn statuur op zich wel te doen op de fiets,
maar er komt dan zo weinig van werken. Ik heb ook geen
hekel aan de auto, na weken van glibberen over slecht
gestrooide fietspaden: radiootje aan, klimaatbeheersing
op 20 graden, cruise control, bijna nooit files (zelfs
niet in de ochtendspits) op de route A44, A5 en A9 en nu de
ring rond Alkmaar helemaal is opgeknapt rijdt het ook
daar lekker door. Het enige waar ik een hekel aan heb is
's morgens de ruiten krabben. Dit is op zich al een vrij
oud filmpje, maar het blijft leuk:
Donderdag 14 januari
Met de geslepen schaatsen in
de kofferbak van mijn auto reed ik gistermorgen richting
Alkmaar - het laatste stuk van de A9 door dik besneeuwde
weilanden met witte stuifduinen van enkele meters hoog.
Op weg naar De Rijp, zou ik moeten zijn, voor de Eilandspoldertocht. Of naar de Waterland Westtocht. De
Spierdijker Gouw Tocht. De Lutjebroeker Poldertocht. De
Schermer Molentocht. Maar ik eindigde rond 9.30 uur in
een computerruimte van het hoofdkantoor van HDCmedia om
met twee nerds het nieuwe redactiesysteem zo in
te richten dat ook digibeten op de werkvloer er mee uit
de voeten kunnen. Dat is mijn rol: als eenvoudig praktijkmannetje
de whizzkids zodanig beteugelen dat er ergens eind juni
nog een krant uitkomt waarin meer staat dan louter enen
en nullen. Rond 17 uur reed ik, langs diezelfde
besneeuwde velden en bevroren sloten, de schaatsen nog
steeds achterin, weer naar huis. Vandaag mag ik weer die
kant op.
Als ik tenminste de neiging kan weerstaan om ergens ter
hoogte van het AZ-stadion, waar ik rechtsaf moet naar de
Edisonweg, gewoon hard door te rijden naar de eerste
bevroren sloot die ik tegenkom. Want van de ruim
vijftig toertochten die er in Noord-Holland onder
auspiciën van de KNSB kunnen worden georganiseerd, gaat
er voorlopig geen eentje door. De temperatuur komt boven
nul. Dit wordt de zoveelste vorstperiode die ik als een
hunkering aan me voorbij
heb laten gaan.
Woensdag 13 januari
De drie tot vier uur
stroomuitval in onze Duin- en Bollenstreek, afgelopen
zaterdagavond, lijken inmiddels één grote reclamespot
geworden voor het noodpakket dat de overheid ons met
weinig succes door de strot probeert te duwen.
Burgemeesters, hulpverleners, ja zelfs medeburgers
schromen niet om te benadrukken hoeveel beter het was
verlopen wanneer wij de beschikking over dit pakket
hadden gehad. En, ik geef het toe, ook ik ging
gisteravond even naar
www.noodpakket.nl om te kijken welke praktische,
levensreddende artikelen ons terwille waren geweest. Als
ik had gekozen voor het pakket de luxe - 69.95 euro -
hadden wij bij calamiteiten een:
- Freeplay opwindbare zaklamp met radio,
GSM-lader en solarpaneel. Let op! Elke 2 maanden
gedurende gedurende 3-5 minuten opdraaien i.v.m.
duurzaamheid
- De Oranje Kruis verbandtrommel
- Twee reddingsdekens 58 gram per stuk
- Desinfecterende handgel, 250 ml
- Gouda waxinelichtjes, brandtijd 50 uur
- Twee doosjes waterproof lucifers, 45
stuks
- RVS combitool zakmes
- Waarschuwingsfluitje
- Waterdichte tas met reflectieband,
ophanghaakjes, schouderband en opbergvak voor medicijnen
- Rampeninstructiekaart
Zo'n zaklampje met radio
is nog wel wat, maar je zal zien dat je hem op het
moment suprême al jaren niet meer hebt opgewonden. Weg
duurzaamheid. En verder? Waxinelichtjes, maar die hebben
we altijd met zakken vol in huis. De rest is misschien
handig als we ten prooi vallen aan een aardbeving en die
kans lijkt me op deze breedtegraad vrij miniem. Licht
hadden we dus zelf genoeg, maar om nu bij aanhoudende
kou met z'n allen onder twee reddngsdekens te gaan
zitten? Weet je wat handig was geweest?, zeg ik tegen
mijn vrouw. Zo'n UPS-systeempje voor de computer. Op
zo'n noodstroomvoorziening kun je bijvoorbeeld ook de
ketel van de centrale verwarming een tijdje laten
draaien.
Ze keek mij wantrouwend aan.
,,Komt niks van in. Als hier de stroom uitvalt gaan we
bij kaarslicht spelletjes doen, en ga jij niet zitten
computeren.''
Het is maar zelden dat ik ben voorbereid
op de ramp die vrouw heet.
Dinsdag 12 januari
Nou, nog eentje dan, om
het af te leren. En omdat ik het zelf niet beter had
kunnen verwoorden:
Maandenlangleefde
ze met hem, ademde ze hem als het ware. Ze absorbeerde
elk woord dat uit zijn pen kwam, liet haar geest
doordrenkt raken van zijn gedachtegoed. Ze kende zijn
vrienden en vijanden, voelde zich soms verbijsterd over
zijn keuzes. Ze genoot van zijn complexiteit en ontdekte
dat intelligentie geen garantie voor geluk is. Ze
begreep dat de prijs die hij betaald had voor roem en
onsterfelijkheid, hoog was geweest. Ze schreef zijn
geboortedatum in de huisagenda die op tafel ligt en het
voelde alsof ze hem werkelijk gekend had.
Maar bovenal hield zij van zijn taal, van zijn woorden,
van zijn werk.
Mijn dochter maakte haar profielwerkstuk over Oscar
Wilde. Ze kreeg hiervoor een 10. Ik denk dat er recht
gesproken is.
Irene
Maandag 11 januari
Nee, het weblog dat zij voor
een internetcursus als lesstof moet maken, is niet voor
de openbaarheid bedoeld. Maar af en toe, als we toch
hetzelfde onderwerp hebben, mag ik er wel eentje lenen
van mijn vrouw. Bij deze, dus:
Als ik snel de deur open doe, zie ik een plaatje van een
uiterst gezellig samenzijn. Een lang lint van meer dan
30 waxinelichtjes slingert door de kamer, de vloer ligt
bezaaid met stripboeken en kranten, uit de speaker van
een minuscuul klein Mp3-spelertje zingt Luka Bloom een
Ierse song, broer en zus zitten samen bij een
campinglampje te lezen. “Hé, zijn jullie daar?” Nog geen
anderhalf uur zitten we aan tafel in een nogal leeg
restaurant in Oud Ade voor het jaarlijkse etentje met
mijn familie, als de telefoon van Dick voor het eerst
gaat. Een collega van het Leidsch Dagblad. De Duin- en
Bollenstreek zou getroffen zijn door een stroomstoring
en hoe de situatie in Katwijk is? Geen idee, niks
gehoord van de kids, dus het zal wel meevallen. Vele
telefoonrinkels verder blijkt het niet mee te vallen.
Met de thuisbasis is geen contact te maken: onze nazaten
zitten al drie uur in het donker en in de kou. Reden
genoeg om het afsluitende rondje koffie aan ons voorbij
te laten gaan en voortijdig af te haken. Voorzichtig
door het besneeuwde landschap en over gladde wegen
terug. De autoradio spuugt verontrustende berichten uit.
Bij Katwijk rijden we ineens een volledig donkere wereld
in. De koning van de duisternis is hier heer en meester.
Blauwe zwaailichten van een politiebus doorbreken de
nacht en als we de wijk binnenkomen, schiet een als een
kerstboom verlichte brandweerauto net voor ons langs.
“Ik heb de temperatuurmeter van Edwin erbij gepakt en
als het kouder dan 20 graden werd, zouden we de dekens
van boven gehaald hebben. We hadden afgesproken samen
beneden te blijven. Als jullie om 23.30 uur nog niet
thuis waren geweest, was Steven met z’n dekbed op de
bank gaan slapen. Ik zou gewoon wakker zijn gebleven om
op te letten.” Ze hebben het goed gedaan, die twee. Als
het licht vijf minuten later ineens weer aanfloept, de
kachel snort, de tv op gang komt en de pc’s weer bliepen,
blijft dat de conclusie die me het meest verheugt.
Irene
(P.S.
De kwalificatie 'Apenland!' die ik snaaks terug
kreeg van onze rentenierende vrienden in Spanje - ik mag
dat roepen als de stroom het bij hen weer 30 keer
op een dag laat afweten - mag ik graag weerleggen met
het feit dat een enkele storing hier twee dagen lang de opening
van het NOS Journaal is. En dan heb je het over drie uur
geen licht en tv (een goed geïsoleerd huis blijft wel
een paar uur lang warm). Dan is er geen sprake van een
Apenland, slechts van
een door en door verwende samenleving.)
Zaterdag 9 januari
Terwijl
het KNMI het land in de greep van de angst probeert te
krijgen, zijn wij - Hollanders - in de ban van het
schaatsen. Een groepje echte mannen ging hedenmorgen -
alle alarmen ten spijt - het IJsselmeer over - hoorde ik
op de radio - gewapend met prikijzers en touwen, waarmee
'99 procent' van de risico's werd weggenomen. Gewoon
eentje voorop die, mocht hij ergens doorzakken, met
speels gemak weer op het ijs wordt getrokken en voort
gaat het weer. Met een andere kopman, want zo spreid je
het gevaar. Mag ik graag naar luisteren, naar dit soort
verhalen. Tijdens de vorstperiode van vorig jaar heb ik
mijn snelle Vikings laten slijpen, maar stond ik niet
één keer op de ijzers. Dat heeft wel als grote voordeel
dat ik er nu helemaal klaar voor ben, als de eerste
serieuze toertochten worden uitgeschreven. Want ik ben
geen man van de krabbelbaantjes, meer van de grote
slagen en de weidse vergezichten. Dat virus wil nog niet
echt overspringen op mijn nazaten. Alleen onze zoon
schaatst - noodgedwongen - één keer per jaar met school,
als onderdeel van een sportles. Vorig jaar op een
kunstijsbaan (met gehuurd materiaal), komende woensdag
op natuurijs. Daartoe heb ik hem hedenmorgen uitgerust
met lage noren die ik nota bene bij mijn rondje door
supermarkt Digros tegenkwam. Terwijl in heel het land de
schappen van speciaalzaken leeg raken en ze in Friesland
de vraag niet meer aan kunnen, lagen ze hier nog in
grote stapels op voorraad tussen de shampoo en de
vaatwastabletten. Ongetwijfeld ergens uit een lage
lonenland vandaan (Arrow is Chinees voor pijl), want
anders lukt dat niet voor 25 euro. Heb gelijk maar twee
paar gekocht: maatje 43 voor nu, en 45 voor volgend
jaar. Wij Hollanders dienen te allen tijde voorbereid te
zijn, houd ik mijn jongste nazaat voor.
Zo, met dat goede gevoel
installeer ik me nu bij de kachel voor het EK allround
in Hamar.
Vrijdag 8 januari
Heeft u nog een tip,
vakantieman? Jazeker, voor iedereen die deze zomer een
bootreis naar Ierland boekt bij de Stena Line. Daarvoor
adviseert de maatschappij op de website te kiezen voor
het Landbridge-arrangement (ja, na twee dagen deed de
site het weer), waarin alle vier de overtochten (van en naar Engeland, plus
een retourtje Ierland)
zijn ondergebracht.
Bespaar door één boeking te maken voor vier overtochten!Handig en
voordelig! Maar wie de overtochten afzonderlijk boekt,
en zich (met vier personen) op de heenweg naar Harwich
laat trakteren op een diner, en op de terugweg naar Hoek
van Holland op een uitgebreide lunch, is in totaal nog
18 euro goedkoper uit dan met het Landbridge-arrangement
zónder maaltijden. Nou ja, het is eigenlijk niet eens
mijn tip.Het meisje van de Stena Line dat onze
internetboeking behandelde, kwam ermee op de proppen. Ik ga nu even
mijn gebroken klomp repareren.
Eeuwig jong
Donderdag 7 januari
De foto die wekelijks bij mijn
krantencolumn prijkt - zie links, onder de knoppenbalk -
is meer dan twaalf jaar oud. Dat is geen kwestie van
ijdelheid, eerder van lamlendigheid, waarbij ik maar
even in het midden laat van wie. De foto is ooit gemaakt
door een freelance fotograaf, ergens in 1998, vrijstaand
gemaakt (zoals dat heet) door een fotoredacteur, in een
tekstvormpje geperst, opgeslagen in een shapelibrary (de
vormenbibliotheek van het opmaaksysteem), kortom, er zat
nogal wat werk aan vast en het is altijd een gedoetje om
dat allemaal weer te veranderen. Het verzoek van de
centrale redactie in Alkmaar om een nieuwe foto te laten
maken voor mijn 'nieuwjaarscolumn' was dan ook een
gevoelige. Zouden er lezers zijn die zich verbijsterd
afvragen wie die oude vent is die hen opeens - onder
mijn naam - tegemoet grijnst? Nee, moet het antwoord
luiden. Helemaal niks gehoord. Kennelijk heeft niemand
het verschil opgemerkt tussen 2010 en 1998 en moet de
voorzichtige conclusie zijn dat ik eeuwig jong blijf.
Forever Young. Een collega van de advertentieafdeling
meende zelfs dat ik inmiddels meer haar heb, dan twaalf
jaar geleden. Ik spreek hem niet tegen.
Woensdag 6 januari
Tegen collega's die hun vakantie
doorbrengen in de jungle van Borneo, in een ondergelopen
kolenmijn (ik verzin dit niet, het gebeurt) of een
Zuid-Amerikaanse buikloopbestemming, mag ik graag
zeggen: 'Als je er niet met de caravan kunt komen, hoeft
het voor mij niet.' Toch gaan we dit jaar - voor ons
doen - ontzettend avontuurlijk te werk. Voor onze reis
naar Ierland boeken we alleen de overtochten
Harwich-Hoek van Holland en Fishguard-Rosslare en daarna
zien we wel. Als het ons ergens bevalt, blijven we een
paar dagen staan. En anders trekken we door. Kamperen
zoals kamperen bedoeld is. Niks bespreken, er is altijd
wel een plekje te vinden, desnoods op een eenzame
landtong, aan de rand van een duizelingwekkende klif.
Zoveel Ieren zijn er niet (wij kennen alleen de zanger
Luka Bloom en zijn broer, Christie Moore). En de Ieren
die er zijn kunnen door de recessie toch niet op de
vakantie. De
laatste volle dag(en) in Ierland willen we doorbrengen
in Dublin, waarna we via Dublin Port weer naar het
Engelse vasteland (Holyhead) varen. Ook die overtocht
leggen we al vast, via een zogenaamd Landbridgeformulier
(een uitkering aanvragen is eenvoudiger)
bij de Stena Line. Tenminste, dat was de bedoeling. Al
een keer of vijf ben ik er aan begonnen, om dat
tijdrovende klusje steeds halverwege af te breken wegens
verschil van inzicht met familieleden over de
vertrekdata. En nu we eindelijk alles op een rijtje
hebben, krijg ik dit:
Ik vrees toch dat het niks
voor ons is, zo'n avontuurlijke vakantie.
Dinsdag 5 januari
De journalistiek mag dan
weleens de 'linkse kerk' worden genoemd, in bepaalde
opzichten zijn we behoorlijk conservatief. Als we
anderhalf uur met elkaar moeten vergaderen op het
hoofdkantoor, gebruiken we daarvoor niet Skype of
een ander eigentijds communicatiemiddel, maar stappen we
twee uur in de auto om vanuit Leiden naar Alkmaar (en
weer terug, uiteraard) te rijden. Dat er boven het
Noordzeekanaal een flink pak sneeuw ligt, was mij
inmiddels bekend. Maar nu verliet ik rond 14 uur de
redactie ook in een vliegende sneeuwstorm, in de vaste
hoop dat ik ergens bij Haarlem zou moeten overschakelen
op mijn lage gearing - die ik tot nog toe maar
één keer heb hoeven te gebruiken - om me door metershoge
stuifduinen te ploegen. Waar heb je anders
vierwielaandrijving voor? Maar helaas, ergens bij Haarlem
ging de sneeuw over in regen en was ook de rijksweg A9
verder goed te berijden. Een overijverige beambte van de
facilitaire dienst had bovendien een shovel ingehuurd om
het parkeerterrein van HDCmedia aan de Edisonweg in
Alkmaar schoon te vegen. Dus ja, als het zo moet, kunnen we voortaan
inderdaad beter gaan Skypen. Hier is geen lol
aan.
Maandag 4 januari
Zelf ben ik ook niet zo zoenerig, maar
een aanzienlijk deel van de werkende bevolking gaat
vandaag een zware dag tegemoet, zo blijkt uit dit
bericht van de Telegraaf-site:
Zelf was ik nog het meest geïntrigeerd
door de bovenste advertentie die Google automatisch aan
dit bericht toevoegt. Zou de zoekmachine zich daarbij
laten leiden door de tekst? Of door de foto?
Zaterdag 2 januari
Zelf hecht ik altijd aan de
traditie van Drie Koningen (6 januari) maar zodra de
jaarwisseling is geweest, komt bij mijn eega die
onstuitbare drang naar boven: de kerstboom moet eruit!
En hij stond er nog zo schitterend bij. Nog een paar
dagen mogen we er in zijn puurste vorm van genieten in
de achtertuin, daarna verdwijnt hij in de laadklep van
de gemeentereiniging. Die kluit is er alleen voor ons
gemak (dan past hij zo makkelijk in een rieten mand).
Het is hard, maar alleen onze lege wijnflessen komen
voor recycling in aanmerking.
Vrijdag 1 januari 2010
Eén rotje heb ik welgeteld
afgestoken, alleen om nog een keer te ervaren hoe dat
voelde. Maar als je kijkt ben je medeplichtig. Dus was
er voor mij vanmorgen rond een uur of elf - toen onze
hoofdvuurwerkafsteker vredig lag te ronken (ook voor hem
was het bijna half vier) - wel het ouderenpakket: de
straat schoonvegen. We waren de enigen van ons rijtje
van zeven die Oud en Nieuw thuis met vrienden vierden,
dus elke afgeknalde donderslag, rookpot, shock of
vuurpijl in een omtrek van honderd meter was voor mij.
Niettemin voelde het goed om 2010 rond het vriespunt -
als een voorbeeld voor ons allen - te beginnen met het
doen van mijn burgerplicht.
Iedereen
de Beste Wensen voor dit jaar!
Donderdag 31 december
Er zijn maar weinig weken
dat ik dit weblog gebruik waarvoor het ook bedoeld is:
als kladblok voor mijn krantencolumns. Maar gistermiddag
kwam het wel bijzonder van pas. Ik reed van de redactie
naar de vuurwerkwinkel om het Jongerenpakket van mijn
zoon op te halen (zie boven), toen ik in de auto werd gebeld door een
bureauredacteur uit Alkmaar. Waar m'n column bleef voor
de Gesprek van de Dag-pagina? Ik had juist de dag ervoor
een stuk afgescheiden voor de Oud en Nieuw-bijlage die
vandaag ook in de kranten ligt, en had me op geen enkel
moment gerealiseerd dat ik met twee stukken op de
proppen had moeten komen. Het was vier uur in de middag
en de pagina moest eigenlijk wel om vijf uur worden
afgemeld, voordat de avondploeg begon. Om 16.15 uur was
ik thuis, logde in op het krantensysteem (duurt altijd
wel zo'n tien minuten om alle beveiligingsprocedures te
doorlopen), plakte twee vuurwerkweblogjes (die van
gisteren en die van 9 december) creatief aan elkaar,
schreef snel even een verbindend middenstuk en voilà, om
16.55 uur was mijn column op lengte. Excuses aan dat
handjevol webloglezers van me waarvoor het gedeeltelijk een déjà vu
moet zijn geweest, maar het belang van 200.000
krantenabonnees ging even voor.
De traditionele
oliebollenbakfoto! Vandaag experimenteerde ik met rum.
Krenten, stukjes appel en rozijnen een nacht lang in een
mengsel van warm water en Bacardi. Verder dicht bij het
originele recept gebleven om de oliebollensmaak ook vast
te houden. Tevens nog een schaal appelflappen gebakken,
altijd lekker om Nieuwjaarsdag mee door te komen.
Woensdag 30 december
Het zijn moeilijke tijden
voor de aspirant-vuurwerkkoper. Elke ochtend als mijn
eega de krant openslaat en wordt geconfronteerd
met weer een afgerukte hand of een paar ogen waaruit het
licht voor eeuwig is geweken, ontsteekt ze in woede over
het Jongerenpakket dat mijn zoon en ik bij
No Limit Fireworks hebben besteld. De eisen die aan
hem - en dus impliciet ook aan mij - bij het afsteken
worden gesteld, worden met het uur absurder. Het eindigt
er waarschijnlijk mee dat we op oudejaarsavond helemaal
niet meer naar buiten mogen en ons jongerenpakket enkele
dagen na Nieuwjaar door de Explosieven Opruimingsdienst
op een afgelegen weiland gecontroleerd tot ontploffing
wordt gebracht. Gelukkig was daar Het Parool, dat
gistermiddag wat tegengas gaf door het interviewen van
een aantal deskundigen, zoals daar zijn:
Plastisch chirurg Irene
Matthijssen:Per jaar komen hier gemiddeld
vierhonderd gevallen van spoedeisend handletsel. Als er
daarvan tien of twintig door vuurwerk komen, is het
veel. Wat dat betreft zouden we veel meer gebaat zijn
bij een verbod op klussen met cirkelzagen en dergelijke
gevaarlijke apparatuur thuis.
Peter Vogel van B&B
Feestartikelen:Als mensen nadenken bij het
afsteken van goedgekeurd vuurwerk, is het risico miniem.
Handen eraf en zo gebeurt allemaal met het illegale
spul. Dát wordt steeds gevaarlijker.
Medisch manager Jos
Vloemans van het Brandwondencentrum in Beverwijk:
Het aantal opnames door vuurwerk is hier niet zo groot.
Rond oud en nieuw zien we veel meer brandwonden ontstaan
door frituurvet, bij het gourmetten en bij het vullen
van fonduestelletjes.
Vanmiddag tussen 15 en 16
uur mag ik het Jongerenpakket ophalen.
Dinsdag 29 december
De laatste week van het jaar
leent zich uitstekend voor een balansdag. Na de
overvloed van de kerstdagen is het goed om de maag even
wat rust te gunnen en wat opslagen vet te verteren.
Dacht ik maar zo. Wat dat betreft kwam het weinig
gelegen dat gistermorgen het nieuws bekend werd dat een
Leidse oliebollenbakker op de allerlaatste plaats was
geëindigd in de oliebollentest van het Algemeen Dagblad
en hij ons, van zijn eigen Leidsch Dagblad, met een zak
ballen van eigen makelij van het tegendeel wilde
overtuigen. Mwah, het AD had wel een punt, maar de term
'braakballen' was gechargeerd. Hooguit wat aan de vette
kant en smakeloos. Daarna kwam een
tevreden relatie - jazeker, ze bestaan - nog eens een
paar andere zakken met bollen brengen om ons te bedanken
voor de fijne samenwerking in het afgelopen jaar. En nam
collega Paul de Vlieger - nu de kantine dicht is in
deze overgangsweek was het zijn beurt om broodjes te
halen bij het lunchloket van de Digros - ook nog wat
appelflappen mee. Fietste ik deze overvloed er dan nog
een beetje vanaf, op weg van Katwijk naar Leiden? Nee,
omdat het vanmorgen pijpenstelen regende en ik nog wat
extra spullen mee naar de redactie moest slepen (onder
meer een fles champagne en een glas, ten bate van
fotoshoot voor mijn nieuwjaarscolumn) pakte ik
luiheidshalve maar de auto. De oliebollen die nog over
waren op de redactie, nam ik mee naar huis, voor de
kinderen. Drie oliebollen, waren dat. Ik heb twee
kinderen. Afijn, tot zover mijn eerste balansdag. Morgen
weer moedig op weg naar mijn streefgewicht!
Maandag 28 december
De keren dat ik met het
vliegtuig reis, mag ik graag het verhaal geloven dat
stewardessen al bij de ingang passagiers selecteren die
in geval van nood daadkrachtig kunnen optreden. Daar
zijn ze op getraind. Met één oogopslag zien ze
bijvoorbeeld dat ik legerervaring heb. En aangezien ik
met mijn 1.95 meter doorgaans bij de nooduitgang zit,
krijg ik bovendien speciale instructies om ieders
veilige aftocht te garanderen. En onderweg ben ik altijd
- en zekere niet alleen vanwege mijn vliegangst - extra
alert op calamiteiten, al heb ik tot nog toe nooit in
actie hoeven komen. Ik weet zeker dat ik aan boord niet
de enige ben. Er zijn er meer zoals ik. In iedere man
schuilt een Jasper. We moeten alleen nog de kans krijgen
om hem naar buiten te laten.
Zondag 27 december
Hoogstens één keer per
jaar komt bij ons de steengrill op tafel, bij voorkeur
op Tweede Kerstdag. Leuk voor de kinderen. Tien jaar
geleden schreef ik er de volgende column over:
Leuk
voor de kinderen
Philips zorgt er een week voor de kerstdagen voor dat de
luxe steengrill 'Luna' met een aantrekkelijke korting in
de schappen ligt. ('Met deze luxe steengrill met
gourmet-raclette-set (HD 4421) kunt u op een snelle,
gezonde en voedzame manier vlees, vis en groenten
grillen. Het Magic Light garandeert een sfeervolle
avond!')
De
procedures die een Russische president moet doorlopen om
het complete kernwapenarsenaal te lanceren zijn
aanmerkelijk korter dan de lijst met voorschriften die
ten grondslag ligt aan een avondje succesvol
steengrillen. Maar het zorgvuldig doornemen van
gebruiksaanwijzingen is in onze familie geen traditie.
Als we, thuisgekomen na een behoorlijk uitgelopen High
Tea bij de schoonfamilie, de 'Luna' uit de verpakking
halen en constateren dat er een snoer en een enkele aan/uit-schakelaar
aan zit, lijkt er geen vuiltje aan de lucht.
Van
enig onbehagen is pas sprake als na enkele minuten een
stevige rookontwikkeling de huiskamer-in-kerstsfeer
verandert in een Italiaans voetbalstadion voorafgaande
aan een beladen derby. ('Wanneer u het apparaat voor
de eerste keer gebruikt, kan er wat geur en rook
vrijkomen.')
Als
na een kwartier de damp alleen maar zwarter wordt, ga ik
toch maar even op onderzoek uit. Er zit nog een sticker
op het verwarmingselement, laat ik mijn echtgenote weten
als ze net de tweede 1 van 1-1-2 heeft ingetoetst. De
kinderen die met hun favoriete knuffels buiten in de
regen staan, mogen weer binnenkomen.
Na
een half uur is de steen zodanig opgewarmd dat het deel
van de vaderlandse veestapel dat in afgepaste reepjes op
bereiding ligt te wachten, op de gloeiende plaat kan
worden uitgestald. Maar wat erop ligt, moet er ook weer
af. En dan blijkt dat kipfilet de onvermoede eigenschap
heeft om zich spontaan vacuüm te trekken op de
ondergrond. ('Om vastplakken te voorkomen, laat u het
vlees of de vis even goed dichtschroeien voordat u het
omkeert.')
Restanten van de eerste baksels verkolen het daarop
volgende half uur tot de kankerverwekkende koolstof
waarmee in het Oostblok de schoorsteenwanden van
elektriciteitscentrales zijn bekleed. ('Om de kans op
aanbakken te verkleinen kunt u de steen voor het gebruik
met een beetje zout bestrooien. Maak tijdens het gebruik
de grillsteen van tijd tot tijd schoon met een houten
spatel').
De
fijne vetregen blijft bij het grillen van stukjes
kogelbiefstuk en varkenshaas beperkt tot een halve meter
rondom het apparaat. Dat kersttafelkleed was toch voor
eenmalig gebruik en behangen en witten staan voor over
anderhalf jaar op het programma. Pas bij de
minihamburgers en de partyworstjes lijkt het alsof er
een fakkel in een doos met illegaal Belgisch vuurwerk
wordt gegooid. ('Grill geen al te vette vleessoorten.
Het vet zou verbranden en over de rand van de steen
kunnen lopen. Pas op voor vetspatten bij het grillen van
vet vlees en worstjes. Prik vooraf een paar gaatjes in
de worstjes.')
Dat
een lasbril geen overbodige luxe is, blijkt als een
vetspetter mijn oogbol raakt, ik in een reflex mijn
lichaam naar achteren werp en er pijnlijk aan herinnerd
word dat ik met mijn stoel vlak voor de post van de
keukendeur zit. Als ik onderuit glijd, probeer ik me
vast te pakken aan het eerste het beste voorwerp dat
binnen handbereik is ('Laat de steen voldoende
afkoelen - tot handwarm - voordat u deze gaat afwassen'.)
Met
een gezwollen oog, een bult op het achterhoofd en blaren
op acht van de tien vingers ben ik de rest van de week
een wandelende reclame voor de noodlijdende afdeling
consumentenelektronica van Philips.
Zo
leuk voor de kinderen.
Zaterdag 26 december
Eerst nog maar eens wat geruststellende
woorden vooraf: je wordt niet zozeer dik van wat je
tussen kerst en oud en nieuw allemaal naar binnen stopt,
maar van de periode tussen oud en nieuw en kerst.
Indachtig dat motto hebben wij Eerste Kerstdag beleefd,
waarbij ik zonder enige schroom durf te zeggen dat ik de
hele dag geen hand heb uitgestoken in de keuken - waar
door mijn zus, zwager, echtgenote en nicht goed werk
werd verricht - maar de hele dag wel exquise Italiaanse
wijnen heb opengetrokken. Dat is ook een kwaliteit.
Andere wetmatigheden voor Eerste Kerstdag: belegen
familiefilmpjes kijken (van toen de kinderen nog klein
waren en mijn vader nog leefde), een
mannen-tegen-de-vrouwen-kennisquiz (de uitslag laat zich
raden) en, na het eten, sjoelen, waarbij ik het met mijn
verfijnde techniek moest afleggen tegen het botte geweld
van de rammers. Vandaag is voor ons een tussendag: met
de schoonfamilie vieren we morgen Derde Kerstdag.
Vanavond volgt het onvermijdelijke steengrillen in eigen
kring, waaraan eerst een aantal uren van soberheid
vooraf dienen te gaan voordat ik er zelfs maar aan durf
te denken.
Tot die tijd maak ik mijn belofte aan
Cokky waar en loop de
achterstand met de publicatie van internetcolumns in.
Vanaf mijn plek aan de eettafel (waar mijn pc staat) heb
ik zicht op mijn echtgenote die met haar laptop op
schoot - namens de bieb, uiteraard - zit te twitteren.
Over haar het volgende in:
Zijn
wij weer de enigen die het weeralarm negeren?, mopperde
onze zoon, die eigenlijk niet zo'n zin meer had om er 's
avonds om half tien nog uit te gaan voor een
kerstnachtdienst in Leiden. Maar opgroeien in
gezinsverband brengt ook zo zijn verplichtingen met zich
mee. En een jaarlijks bezoek aan de Pieterskerk hoort
daarbij. Kerst hoor je te vieren in een monumentale
entourage, met een orkest, een sopraan en een predikant
(Ad Alblas) die niet elk jaar de geijkte paden
bewandelt. Dat ze achterin de kerk wel heel eigentijds
glühwein verkopen, neem ik dan maar maar op de koop toe.
De ANWB had ons volk gewaarschuwd niet meer de weg op te
gaan en het was inderdaad uitgestorven op de route van
Katwijk naar Leiden. Maar er was (figuurlijk dan), geen
vuiltje aan de lucht, ook niet op de terugweg toen de
regen met bakken uit de lucht kwam en van onze White
Christmas een plakkerige, bruine pulp maakte. Maar we
moeten er weer op uit. Bij mijn zus in Rijnsburg wacht
een dag vol familie, spijs en drank. Fijne kerstdagen!
Donderdag 24 december
Natuurlijk, de allernieuwste Andrea Bocelli (My
Christmas), Bob Dylan (Christmas in the Heart), Sting
(If On a Winter's Night) en Neil Diamond (A Cherry,
Cherry Christmas) heb ik ook. Maar de afgelopen
dagen is het voor mij een sport geworden om echt obscure
kerstliedjes bij elkaar te zoeken van artiesten waarmee
je ook in het alternatieve circuit kunt aankomen. Ik
noem een Sufjan Stevens, Eels, Rufus Wainwright, Bright
Eyes, Calexico, Belle & Sebastian of Grandaddy. En zo
kan ik nog wel even doorgaan, want met enkele luttele
muisklikken heb ik inmiddels meer dan 15 uur
verantwoorde kerstmuziek binnengeslurpt, voornamelijk
van verzamelcd's waarvan ik hierboven een paar hoesjes
heb afgebeeld. Hele series zijn er (Maybe This Christmas
1 t/m 7, bijvoorbeeld), dus ik zoek nog
even door, totdat het iedereen hier in huis de neus uit
komt. Want ik moet alles ook beluisteren om de gezonde
bokken van de drachtige geiten te scheiden. Mijn dochter
kon er gisteren niet meer tegen en verdween gillend naar
haar kamer.
Woensdag 23 december
De
geschiedenis van de gele regenhoes begon anderhalve week
geleden toen ik - laat ik het maar toegeven - enigszins
beneveld naar huis reed na het afscheid van een collega.
Een dag later ontdekte ik het: weg regenhoes! Al was het
een beduimeld, smoezelig ding met zwarte smeerstrepen
erop, als bescherming voor een rugzak die boven een band
zonder spatbord hangt had de hoes voor mij toch grote
praktische waarde. Op naar de fietsenmaker, derhalve,
voor een nieuwe hoes, alwaar ik te horen kreeg dat mijn
model rugzak niet meer wordt gemaakt. Maar, beloofde het
meisje, ze wilde wel even naar Agu bellen om te kijken
of er niet ergens, achterin het magazijn, nog een
bijbehorende regenhoes lag te verstoffen. Ik zou worden
gebeld als het zo was. De vrijdag ging voorbij, net als
de zaterdag, zonder telefoontje. Dus op maandag nam ik
in gedachten afscheid van Agu en worstelde me met gevaar
voor eigen leven door een besneeuwde Leidse binnenstad
naar Bever Sport, waar de regenhoesjes voor rugzakken
niet aan te slepen zijn. Tevreden met mijn nieuwe
aanwinst (8,95 euro) reed ik naar Katwijk, om na honderd
meter te worden verrast door een telefoontje van mijn
fietsenmaakster. 'Je hoesje is er!', sprak zij blij.
Afijn, een reservehoesje is nooit weg, dacht ik nog,
totdat mijn echtgenote mij bij thuiskomst vroeg wat ik dan
met dat vieze, gele regenhoesje dat nu al dagenlang in een hoek
in de kast lag, ging doen. 'Is die soms kapot, of zo?' Uh nee, die was kwijt, mompelde ik. Maar dat is een lang
verhaal.
Waarmee andermaal blijkt:
drank maakt meer kapot dan je lief is.
Dinsdag
22 december
Mijn collega's van de stadsredactie mag
ik graag voorhouden dat Leiden een Derde Wereldstad is.
Zodra er een sneeuwvlokje in het radarwerk komt, ligt
alles stil. Als enige gemeente in de wijde omtrek
besloot het stadsbestuur dat er gisteren geen vuilnis
kon worden omgehaald omdat al het personeel nodig was
bij de gladheidbestrijding. En paradoxaal genoeg was
Leiden ook de gemeente waar niemand een poot naar die
gladheidbestrijding uitstak.
Voor
ons fietsers was er in de beste gevallen een strookje
van zo'n tien centimeter min of meer sneeuwvrij (foto
1), waar je tussen vastgevroren sneeuwranden balancerend
overeind moest zien te blijven. Ook op stukken met
tweerichtingsverkeer. 'Eigen schuld', tekende een
collega op uit de mond van een woordvoerder van het
stadhuis. 'Omdat al die fietsers op de rijbaan gaan
rijden, wordt de pekel niet goed over het fietspad
uitgesmeerd.' Tevreden met dit antwoord hing de wakkere
verslaggever op, zonder de vinger te
leggen
op dit typische kip en ei-verhaal. Als je alleen een
beetje strooit, rijd je dat zout met een bandje van 5
centimeter breed nooit over het hele pad uit. Dus wat
doe je dan? Je gaat op straat rijden. Een meter over de
gemeentegrens, in Oegstgeest (foto 2), laten ze zien hoe
het wel moet. Met een borstel of schuiver is daar ook
voor de fietser een brede strook sneeuw- en ijsvrij
gemaakt, hetzelfde geldt voor de gemeente Katwijk (foto
3). En het vuilnis? Werd daar ook gewoon opgehaald, geen
enkel probleem.
Ik zei het al: Leiden is een Derde
Wereldstad. En de pers is er een tandeloze tijger.
Gladheidbestrijding op z'n Leids.
Maandag 21 december
Elk jaar neemt mijn
echtgenote zich voor om geen kerstkaarten meer te
versturen. 'Er moet een eind komen aan dat zinloze
ritueel!', roept ze dan, ergens in november, begeesterd.
Om tijdens de vloed aan beste wensen die zich in de
weken daarna over onze deurmat uitspreidt, slappe knieën
te tonen en zich zuchtend en steunend weer aan het
jaarlijkse corvee te zetten. Het mooiste is natuurlijk
een zelfgemaakte kerstkaart, maar daar hadden we dit
jaar al helemaal geen aandacht aan besteed. Wat dat
betreft kwam het originele winterweer van de afgelopen
dagen als een godsgeschenk. 'Maak even wat
sfeerbeelden!', riep ze me gisterochtend vanuit de
echtelijke sponde na, toen ik met vier fietsmaten in een
vliegende sneeuwstorm naar de duinen reed. Maar hoezeer
ik ook mijn best deed (zie ook het
Wielerlog) al mijn
smaakvolle, tijdloze ontwerpen zijn naar de prullenmand
verwezen.
Zaterdag 19 december
Geen basketbal, niet fietsen en ook de
deadline voor mijn column voor The Rebound (het clubblad
van Grasshoppers) is opeens met een paar weken
uitgesteld. Met mijn zojuist verkregen vrije zaterdag
richt ik me op het bijwerken van mijn muziekcollectie.
Ik heb weleens heimwee naar de tijd dat ik met twee
tientjes naar de platenzaak ging om daar na lang wikken
en wegen zo'n grote zwarte schijf in een mooie hoes uit
te kiezen die dan urenlang niet van mijn draaitafel
week. Het tekstboek hield ik net zo lang op schoot
totdat ik alle 'lyrics' van buiten kende. Nu stopte mijn
vriend Mart mij deze week een usb-stick toe met 110 (!)
recent verschenen albums die ik - na vluchtige
beluistering, want ze zijn door hem al op kwaliteit
geselecteerd en wij kennen onze pappenheimers - in mijn
Itunes importeer. Juiste hoesjes erbij zoeken,
administratie bijwerken, bestanden converteren naar
AAC-formaat, ja de romantiek is er wel vanaf. De rest
van de middag ga ik kranten lezen en (veel) nieuwe
muziekjes luisteren, mij onderwijl afvragend of er nu
sprake is van een verrijking of een verarming.
Vrijdag 18 december
Dirk Cornelis van der Plas,
heet ik voluit. Dus toen een voormalige hoofdredacteur
mij in 1998 vroeg een schuilnaam aan te nemen voor een
nevenbetrekking als restaurantcriticus, was de keuze
gauw gemaakt: Dirk Cornelissen. Met een collega - we
schreven om de week onze rubriek voor de Uit-bijlage van
het Leidsch Dagblad, later de Vrij - bezocht ik de
afgelopen twaalf jaar ruim 300 eetgelegenheden, vooral
in de Duin- en Bollenstreek, om er een lovend of vilein
stukje over te tikken. Mooi baantje? Jazeker. Maar heel
vaak moest ik ook een 'geen vleesch noch visch'-verhaaltje
maken omdat de meeste tenten toch behoorlijk gemiddeld zijn.
En dan is het gewoon werk. Of zat ik nachtenlang op het
toilet omdat ik óf te uitbundig, óf iets verkeerds had
genuttigd. En wat te denken van mijn gezin, dat ergens
halverwege die periode van twaalf jaar uitriep: 'Nee hè,
moeten we nu alweer uit eten?' Waarna mijn goede vriend
Mart vaak het offer bracht om mij te vergezellen. Ja, dat zijn de schaduwzijden van de
culinaire journalistiek waar je maar zelden over leest.
Al die jaren kon ik anoniem mijn werk doen
omdat slechts in kleine kring bekend was wie er achter
Dirk Cornelissen schuilging. Waarom ik dat nu toch
in de openbaarheid gooi? Omdat ik gisteravond mijn laatste
restaurant bezocht. Ambtshalve dan, want ik blijf veel
en graag uit eten gaan, maar dan alleen nog naar zaken
van mijn eigen keuze. Na twaalf jaar heb ik van het
beroepsmatig eten mijn buik een beetje vol. De
'merknaam' Dirk Cornelissen blijft overigens voor
eetrecensies in het Leidsch Dagblad gehandhaafd. Wie er
achter schuilgaat? Ja, dat blijft weer - misschien wel
voor twaalf jaar - een goed bewaard geheim.
Donderdag
17 december
Het is de tijd van de
schoolgala's. Het moment waarop adolescenten zich voor
het eerst in avondjurk of smoking hullen, om zich - bij
voorkeur in gehuurde limousines - naar het feest te laten
vervoeren. Dergelijke poespas is aan onze dochter al
helemaal niet besteed, terwijl onze zoon - met zijn 13
jaar en pas een half jaar brugger-af - zich nog ergens
tussen servet en tafellaken beweegt. Met een pak vreest
hij in zijn territorium als een buitenbeentje te worden
beschouwd - het meest gruwelijke wat je als tiener kan
overkomen - maar heel voorzichtig waagde hij zich wel
aan een giletje. Lekker losjes, met het overhemd er
ruimhartig onderuit (waarin ik de hand van mijn eega
herken). En daar moest - besloot hij ter elfder ure -
ook een stropdas bij. Kleine paniek in Huize Van der
Plas. Een stropdas? Waar halen we die zo snel vandaan?
Afijn, toen er ergens een overjarig begrafenisexemplaar was
opgedoken, diende zich een volgend probleem aan: hoe die
te strikken? Mijn eerste pogingen leverden een veel te
lang exemplaar op (die onder het giletje uit piepte) en
een derde variant werd weliswaar kort genoeg, maar ook
veel te dik, in mijn ogen. Maar helaas kreeg ik niet de
kans om een vierde, volmaakte strop af te leveren. Onze
zoon vond het wel mooi, zo. Lekker losjes.
Woensdag 16 december
Zelf ben ik nogal
gelijkmoedig (mijn vrouw meent: onverschillig) onder de
voortdurende stroom goederen die onze zoon van, naar en
op school kwijt raakt. Zo is de handschoenentijd net
twee dagen geleden ingegaan en is hij inmiddels aan zijn
eerste incomplete paar toe. Het ene moment zaten ze alle
twee nog onder zijn snelbinders (waarom daar?, waarom
niet gewoon aan zijn handen?) en bij thuiskomst was er
nog maar eentje. Hoe is dat nou toch mogelijk? Met een
reservepaar toog hij vervolgens naar de sportdag (op
meerdere locaties) van zijn school, waar hij zonder vest
weer vandaan kwam. Het zou kunnen liggen in: a. Sporthal
Cleijn Duin, b: Sportschool Multisport, c: In de gymzaal
van de school, of d: Op een andere, minder voor de hand
liggende plek. Mijn eega stuurde hem, voorafgaand aan
zijn avondtraining van basketbal, nog op strafexpeditie
terug om op de verste locatie te gaan zoeken (Multisport).
Zelf ging ze naar Cleijn Duin. Beiden kwamen zonder vest
terug. Mijn pleidooi voor 'berusting' werd alleen door
mijn zoon goed opgepikt.
Dinsdag 15 december
Zelf heb ik bezitters van
een Apple-computer altijd een sektarisch gezelschap
gevonden. Die ongelooflijke toewijding aan het apparaat
en dat zich afzetten tegen ons, Windows-gebruikers, dat
kwam me altijd hoogst overdreven voor. Alleen de Ipod,
dat vond ik wel een handig dingetje, van Apple. Net als
Itunes, om mijn muziekcollectie mee te beheren. En weer
later de Iphone: de telefoon, of eigenlijk mijn
handheldcomputer die geen moment van mijn zijde
wijkt. 'Je derde kind', mag mijn zoon deze gadget
graag noemen, waarover ik uiteraard geen kwaad woord wil
horen. En wat las ik gisteren op de site van De
Telegraaf?
Het is waar. Geen woord van gelogen. Het
is een geweldig apparaat. Inmiddels ben ik zover dat
mijn eerstvolgende pc ook een Apple wordt: een
Imac. Het is bovendien een hele geruststelling dat
ik er niks aan kan doen. Ik ben een weerloos
slachtoffer.
Maandag 14 december
Voor veel zaken in ons
gezin geldt dat ze soepeler verlopen als ik me er
niet mee bemoei. Dat geldt bijvoorbeeld voor het
optuigen van de kerstboom. De vrede op aard' komt niet
in het geding als mijn inbreng beperkt
blijft tot de aanschaf en het (op zaterdagavond) in de
rieten mand plaatsen van de boom. (Even dreigde het hier
nog mis te lopen omdat mijn eega vond dat er 'iets'
onder de boom moest, om te voorkomen dat er water op
haar vloer lekte, maar dat kon worden bezworen door er
een ijzeren dienblad onder te schuiven.) Vervolgens dien
ik zondagmorgen het huis rond 9.20 uur te verlaten, om
er pas weer in terug te keren als de boom volledig is
opgetuigd. Ook voor mijn reactie geldt een strikt
protocol: ik moet zeggen dat hij (wederom) prachtig is
geworden. Het vergt enige aanpassing, maar je moet er
wat voor over hebben. Obama heeft voor minder de
Nobelprijs van de Vrede gekregen.
Zaterdag 12 december
Winterkampioen konden we worden, in de
thuiswedstrijd tegen DAS, maar dan had er een iets
andere stand op het bord moeten staan. De angstgegner
waar we eerder al in Delft van hadden verloren, was ook
nu in Katwijk net iets te sterk voor Grasshoppers J42
(jongens onder veertien-2). Wat meer lengte in het team,
wat trefzekerder onder het bord. Dat waren eigenlijk de
minieme verschillen in een wedstrijd die zeker in de
vierde periode ook zomaar had kunnen kantelen. Tot op
drie punten kwamen onze mannen nog, vooral op
strijdlust, maar op cruciale momenten viel het balletje
net verkeerd. Niettemin een bevredigende afsluiting van
een eerste seizoenshelft, waarbij de grote winst was dat
we met een team dat vrijwel geheel vernieuwd aan de
competitie begon, toch een heel eind zijn gekomen.
Vandaar dat we na afloop recht hadden op een officiële
vice-winterkampioensfoto:
Vrijdag 11 december
Wijn is cultuur. Zoveel weten ze er bij
de Bibliotheek Katwijk - waar mijn eega haar brood
verdient - ook nog wel van. Vandaar dat mijn vriend Mart
en ik ons woensdagavond tussen de boekenkasten een Italiaanse Proeverij lieten
welgevallen, met de nadruk op acht uitgelezen
wijnsoorten. Daarbij werden verfijnde en vooral
bijpassende kazen, worsten, goede olijfolie en brood
geserveerd, want - zoals wij leerden van sommelier
Victor Russo - bij een goede maaltijd ga je altijd eerst
uit van de wijn en pas daarna kies je wat daar het beste
bij past. Wijn is beleving. Daarom weet ik niet
of mijn keuze voor de twee beste wijnen van de avond
voortkwam uit wat mijn smaakpapillen mij doorgaven.
Zowel op de racefiets als met de auto reed ik afgelopen
zomer een paar rondjes door de Val di Cembra, een
beroemd wijngebied bij Trento. Glooiende hellingen,
mooie dorpjes, ik bleef er fotograferen. Vooral veel
druiven voor de 'Grappa' werden hier verbouwd, viel me op,
maar uitgerekend op deze proeverij maakte ik kennis met
een witte Sauvignon Trentino, zo geurig,
fris en fruitig als ik maar zelden heb geproefd. En van
de rode wijnen vond ik de Ronchedone - van Ca dei Frati
rond het Gardameer, ook min of meer op een steenworp van
onze camping - met afstand de
beste. Wijn is handel. Na afloop van een
Proeverij (voor een billijke negen euro) voel ik altijd
de morele druk ook een aantal doosjes in te slaan.
Vooral bij de Ronchedone (een kleine 17 euro per fles,
een koopje voor zo'n topwijn, werd me verzekerd) hakte
dat er behoorlijk in. Maar vooruit, beleving mag wat
kosten.
Donderdag 10 december
Na de Italiaanse
wijnproeverij van gisteravond (waarover later meer) maak
ik me er vandaag maar met een Jantje van Leiden af. Deze
column tikte ik voor de laatste Rebound, het blad van de
basketbalvereniging Grasshoppers. Nou ja, column, het is
eigenlijk meer een noodkreet.
Selectiecommissie
Ik heb ze wel zien zitten,
hoor, bij mijn laatste bardienst van het vorige seizoen.
Drie mannen met ernstige gezichten, lijsten voor zich op
tafel in de kantine. De selectiecommissie. Of hoe dat
gezelschap ook mag heten. De types die de teams voor het
nieuwe seizoen samenstellen, die bedoel ik. Bekwame
mensen, daar niet van. Maar ze zien bij hun keuzes een
belangrijke punt over het hoofd: de ouders. Wij moeten
maar afwachten, bij wie we straks weer in het team
zitten.
Nee,
ik ben niet zo type dat voor zijn zoon specifieke wensen
heeft. Ik vertrouw op de deskundigheid van de
selectiecommissie. Als hij bij mij komt klagen dat de
helft van zijn vriendjes in ’1’ zit, en hij in ’2’,
benadruk ik het hogere doel dat de kenners ongetwijfeld
met deze zet hebben gehad. Dat ze hem misschien wel
willen prikkelen tot een grotere prestatie. Of dat zijn
inbreng van zo ongelooflijk groot belang is voor ’2’,
dat hij dit maar een seizoen moet beschouwen als een
investering in de club, in zijn team, in zijn
medespelers.
Ja, ik ben niet in mijn
eerste leugentje gestikt.
Maar ondertussen hoort God
mij brommen. De helft van zijn vriendjes naar ’1’ en hij
in ’2’?! Beseft zo’n selectiecommissie wel wat ze mij
aandoet? Waarom zit ik niet meer bij de ouders van Roy
op de tribune? Of bij die van Pieter? En Joost? Waarom
moet ik weer maanden wennen aan vreemde gezichten? Aan
types die ik wekenlang tot het kamp van de tegenstander
reken, voordat ze me besmuikt opbiechten dat ook hun
zoon ergens in het team van mijn jongste nazaat
rondloopt.
Zo’n selectiecommissie is
met een simpele pennenstreek in staat om
basketbalrelaties van jaren ongedaan te maken. Wie
ontvielen mij allemaal al niet, in de afgelopen periode?
- De moeder van Maurits. (Af en toe zie ik haar nog in
de kantine achter de bar staan, maar dat is toch anders
dan de band die je als basketbalouders had.)
-De vader van
Maurice. (Dankzij Arie leerde ik – in dode spelmomenten
- alles van het schildersvak.)
- De
moeder van Luuk. (Kom ik ’s morgens vaak tegen op de
fiets naar de juwelier waar ze werkt, maar ja, ook dat
is geen tribunerelatie.)
En dan heb ik het alleen nog
maar over de vele ouders die ik via het team van mijn
zoon uit het oog ben verloren. Daarvoor speelde mijn
dochter een jaar of acht bij Grasshoppers. ’s Nachts
schiet ik nog wel eens recht overeind in bed als ik
wakker word van zoete dromen van moeders met
thermoskannen koffie en zelfgebakken cake bij
uitwedstrijden, rolletjes pepermunt die de hele tribune
over gingen, schalen met kaas en worst tijdens
kampioensfinales.
Allemaal weg, voorbij,
vervlogen , dankzij een selectiecommissie die geen oog
heeft voor de belangen van ouders.
Intussen is alleen John nog
– de vader van Marvin – al jaren bij me.
Alstublieft,
selectiecommissie, neem hem niet van me af!!!
Woensdag 9 december
Het heeft dertien jaar
geduurd maar eindelijk heb ik een zoon die vuurwerk wil
kopen. De afgelopen jaren liep hij al wat omzichtig mee
met het knalwerk van zijn neven, maar de aandrang om
zelf kanonslagen, aftershocks, grondbloemen en flying
bees aan te schaffen, was er niet. Tot er gisteren - het
leek afgesproken werk - opeens acht folders vol vuurwerk
tegelijkertijd op onze deurmat vielen. Het lijkt wel of
elk tuincentrum en tankstation zich de komende weken
volledig richt op het streven om de lucht op
Oudejaarsavond vol met kruitdampen te blazen. Een
glorieuze afsluiting van de Klimaattop. Als twee
ontbrandende sterretjes, zo glinsterden zijn ogen, en de
rest van de avond bestudeerde hij minutieus de
pakketaanbiedingen, zich niks aantrekkend van het
belerende commentaar en de prijslimieten die zijn moeder
vanachter haar laptop naar hem riep. Vuurwerk kopen is
een mannending. Daar komen mijn zoon en ik wel uit.
Dinsdag 8 december
Normaal kan ik geen duif van een koekoek
onderscheiden, maar sinds kort ben ik helemaal into
vogelgeluiden. Dat komt door het Iphone-programmaatje
(een app heet dat) Tjilp. Een complete vogelgids
voor 2,39 euro op je telefoon. Via de gps van de Iphone
weet Tjilp waar je bent en geeft een overzicht van de
vogels (en hun geluiden) die je in de omgeving kunt
tegenkomen. Er zit ook een quiz bij waarmee je jezelf of
een ander kunt testen op zijn vogelgeluidenkennis. Hoe
kom ik hier op? Op de site van Vroege Vogels - er werd
gisteravond ook in De Wereld Draait Door aandacht
aan besteed - kan momenteel (analoog aan de Top2000) de
Vogelgeluiden Top100 worden samengesteld. Op een
overzichtelijke site staan alle beestjes netjes op
alfabet, zijn hun zangkunsten te beluisteren en kun je
stemmen door eenvoudigweg een vinkje te zetten (niet
noodzakelijkerwijs bij de vink). De einduitslag is
gemakkelijk te voorspellen. Het zal wel weer
een zanglijster worden die 'Bohemian Rhapsody' fluit.
Maandag 7 december
Nadat ik een paar jaar
geleden bijna moest worden opgenomen in het Pieter Baan
Centrum met een kerstboomneurose, heb ik erg veel
profijt van de volgende methode: schaf de kerstboom aan
nog vóór de viering van sinterklaas. Dit keer is me dat
op de valreep opnieuw gelukt. Op zaterdagmiddag rond 13
uur scoorde ik bij tuincentrum De Mooij in Rijnsburg -
het adres waar ik al drie jaar meteen slaag - de eerste
de beste boom in pot die buiten op me stond te wachten.
Voorlopig staat hij nog ingepakt in de schuur, maar
zelfs dat geeft - in de aanloop naar Kerstmis - al heel
veel geestelijke rust.
P.S. Nog te goed: de uitslag
van het basketbalteam van mijn zoon (Grasshoppers) in de
uitwedstrijd tegen Dunkinn (Roelofarendsveen). Ik was er
(wederom) niet bij, maar mijn jongste nazaat wist te
vertellen dat ze met 24-78 (of daaromtrent) hebben
gewonnen. Komende zaterdag de kampioenswedstrijd tegen
DAS (Delft), de enige tegenstander waarvan ze tot nog
toe hebben verloren.
Zondag 6 december
De dag na sinterklaas is er
één van bezinning en overpeinzing. In een moralistisch
vers zette de goedheiligman mij neer als iemand die
vooral oog heeft voor wielerpakjes:
De
ijdelheid speelt hier een rol
en zeker niet een kleine
Wiens setje oogt het allerbest
het is opnieuw de mijne
En dat
terwijl ik in het dagelijks leven met geen stok naar een
kledingzaak ben te krijgen, aldus een scherp
observerende sint:
Dat
beeld verandert hopeloos
in zijn normale leven
Wat hij dan aantrekt is hem echt
volledig om het even.
Zijn
vrouw, die soms nog moeite doet
iets nieuws voor hem te kopen
Ontvangt een veeg vanuit de pan
en laat het nu ook lopen.
Waarna
het hekeldicht wat specifieker wordt als het gaat om
mijn schoeisel binnenshuis, twee afgetrapte slippers
waar mijn grote tenen vrolijk door naar buiten steken.
Dick
loopt op sloffen uit de ark
het kan hem echt niet boeien
Vraagt zich dan vol verbazing af
waarom zijn tenen gloeien.
Een
onaantrekkelijk geheel
moet Sint hier concluderen
Geen wonder dat zijn lieve vrouw
zich van hem af gaat keren.
Afijn,
zo gaat het nog een tijdje door, waarna de
onvermijdelijke moraal komt:
Het
roer moet om na dit cadeau
laat dat heel duid’lijk wezen
Verander in een leuke vent
die meer kan dan slechts racen.
De kunst die Dick nog leren moet
is van het beter spreiden.
Want wie zijn kaarten goed verdeelt
weet ieder te verblijden.
Of ik mijn wielerkalender
voor 2010 al had doorgenomen met mijn eega, wilde
fietsmaat Rob1 tijdens ons tochtje vanmorgen van mij
weten. 'Alles op z'n tijd', bromde ik, 'alles op z'n
tijd.'
Vrijdag 4 december
Na twee tobberige logjes
over mijn moeizame worsteling met Windows 7, nu
eindelijk goed nieuws. Dit is het eerste bericht dat
volledig met het nieuwste besturingssysteem van
Microsoft tot stand is gekomen. Bovenstaand: een
screenshot van mijn bureaublad. Er moest een
oud-klasgenoot (bedankt Nico!) en zijn whizzkid aan te
pas komen, waarna een onverschrokken koerier (eveneens
dank daarvoor, Rob1!) de software bij mij afleverde.
Verder kan ik er om redenen van staatsveiligheid weinig
over kwijt. Maar het
voelde als een soort van thuiskomen, zo soepel nestelde
de Ultimate (!) versie van Windows 7 zich op mijn pc,
voorlopig nog heel voorzichtig naast Vista (bij het
opstarten kun je tussen beide besturingssystemen
kiezen), want je weet maar nooit wat de mannen in
Redmond (Washington) voor ons nog in petto hebben. Maar
alle programma's die ik in het dagelijks gebruik nodig
heb, draaien inmiddels als een tierelier. Als alles
goed blijft gaan, zakt Vista de komende periode in een
comateuze toestand weg op mijn computer, om hooguit een
enkele keer door mij te worden wakker gekust om te zien
of mijn reservesysteem nog doet wat het moet doen.
(Ja, ik weet het, iedereen
die dit niet interesseert denkt op dit moment: tot zover
de mededelingen voor land- en tuinbouw. Maar ik vond dat
ik ook dit geluksmoment even met u moest delen.)
Donderdag 3 december
In de bijna 25 jaar dat ik
bij het Leidsch Dagblad werk, kwam Sinterklaas alleen
voor de kinderen van collega's (en die van mezelf, toen
ze de leeftijd nog hadden). Vrolijke momenten waren dat,
in de bedrijfskantine, waarbij het vooral genieten
geblazen was als de goedheiligman - doorgaans een
bekende - de aanwezige volwassenen in de maling nam of
vernederde ('Zing jij maar eens een liedje voor de
Sint'). Die tijd is geweest. Na de laatste fusie moeten
de koters tegenwoordig naar het hoofdkantoor in Alkmaar
om hun schoen gevuld te krijgen. Gisteren maakte
Sinterklaas wel zijn opwachting bij alle bedrijven in
het pand Nieuwe Energie, waar ook wij sinds anderhalf
jaar kantoor houden. Om ons niet alleen te voorzien van
plakken gevulde speculaas en pepernoten, maar ook van
een stichtelijk woord. En dan kan het natuurlijk geen
toeval zijn dat de Sint als een magneet werd getrokken
naar de man die hem de rest van het jaar graag mag
nadoen in de scabreuze Jiskefet-variant van het
grote kinderfeest: mijn collega en fietsmaat Rob1. Toen
deze
een vrouwelijke Zwarte Piet brutaalweg vroeg wat er in
de zak zat, beet pietervrouwknecht meteen keihard
terug: 'Ik vraag toch ook niet aan jou wat je in je zak
hebt?' Ja, daar kon geen Jiskefet tegenop.
Woensdag 2 december
Ik
luister, met een half oor, naar een mevrouw op tv bij
Andries Knevel die een boek heeft geschreven over de
omstandigheden in de zorg. Het merendeel van het
personeel werkt hard, en krijgt daarvoor nauwelijks
waardering, hoor ik haar zeggen. Maar er zijn ook types
bij die vrij ongevoelig en afstandelijk bezig zijn,
zonder zich echt te bekommeren om de mensen die ze
verzorgen. Als voorbeeld noemt ze medewerkers die voor
hun eigen plezier de hele dag (harde) rockmuziek draaien
op een afdeling voor dementerenden. Schandalig, vindt
ze. Andries kan me niet horen brommen, maar ik moet
meteen denken aan een vriendin die onder soortgelijke
omstandigheden werkt. Een avond daarvoor vertelde ze me
dat de collega's op haar afdeling de hele dag Jan Smit,
Frans Bauer en André Rieu draaien, zogenaamd omdat de
bewoners daar zo van opknappen. Ik kon er niks aan
doen, maar het lijden van onze vriendin greep me op dat
moment meer aan dan dat van de dementerende medemens.
Als er om personeel in de horeca te beschermen een
wettelijk rookverbod mogelijk is, waarom hoor je
Ab Klink dan nooit over een verbod op muziek van Bauer c.s. in verpleegtehuizen? Ook personeel in de zorg heeft
recht op een Jan Smit-vrije werkplek!
Dinsdag 1 december
Aangezien
ik obscure singer-songwriters verkies boven
klassieke muziek, ga ik in mijn familie - en ver
daarbuiten - door als een cultuurbarbaar. De keren dat
mijn eega het Concertgebouw in Amsterdam bezoekt om daar
een monumentaal werk in orenschouw te nemen, weet zij
zich in de regel vergezeld van mijn vriend Mart. Deze
muzikale transseksueel houdt zowel van losers met een
gitaar als van de monumentale componisten. Hij was het
dan ook die mijn eega en mij gisteravond alsnog
samenbracht voor een avondje Cultuur met een hoofdletter
C in de grote zaal van de hoofdstedelijke muziektempel voor een optreden
van een obscure singer-songwriter (Teitur, afkomstig van
de Faeröer Eilanden) en de Holland Baroque Society, talentvolle
jonge musici met een 'open mind'. Sterker nog, ik zat -
met alle paar honderd andere bezoekers - gewoon op het
enorme podium, net als de achttien muzikanten. De zaal
was met een zwaar gordijn afgeschermd. 'Confessions'
heet het gezamenlijke project dat uiteraard veel meer om
het lijf heeft dan een 'voor elck wat wilsje'. De
stukken zijn door Teitur gecomponeerd met de al even
jonge Nico Muhly (die arrangementen schreef voor
Björk, Antony & The Johnsons en Grizzly Bear en onlangs
de soundtrack voor de film ‘The Reader’ maakte). De
recensies waren tot nog toe unaniem lovend, dus daar
sluit een leek als ik zich maar bij aan. Waar het op
lijkt? Mooie, gedragen muziek bij anonieme, vaak
grappige of treurige YouTube-filmpjes op een groot
scherm. Een kat in de boom. Een rokende vrouw. Een hond
die achter een kikker aan gaat. Of een ritje door
Russisch niemandsland. Dat klinkt zo, op Confessions:
Maandag 30 november
Zelf ziet ze het als een
natuurverschijnsel waar geen kruid tegen gewassen is.
Maar ik ben van mening dat het wel degelijk helpt in de
strijd tegen alg, als je je aquarium tenminste
één keer in de maand een beetje
schoonmaakt. Nu was het Gekke Heintje weer, die zaterdag
de compleet groen uitgeslagen bak op mijn dochters kamer - geen
half jaar iets aan gedaan, schat ik zo - te lijf ging met
emmers schoon water en schuursponsjes voor de ramen.
Daarbij bleek dat ook haar pomp het (al geruime tijd?)
niet deed, waarmee ik mij spoorslags naar de dierenwinkel
spoedde
teneinde mij een identiek exemplaar (46 euro) aan te
schaffen, ware het niet dat de dierenwinkelmeneer mij
ook hier de zegeningen van het schoonmaken bijbracht.
Even een wc-papiertje door het binnenwerk en het oude
pompje draaide weer als een tierelier. Als dank en ter
ondersteuning van mijn heilzame werk in het aquarium dus
maar een
aantal levende bodemstofzuigers en een algeneter
aangeschaft, die volgens de wederverkoper ook verzot
zijn op komkommer (eerst een lepeltje er doorheen steken
om te voorkomen dat het schijfje gaat dobberen).
Komkommer? Ik dacht eerst dat hij mij voor de gek hield,
totdat ik bovenstaande foto op het internet vond. Als
dank voor deze versnapering maakt het vissenspul mijn
dochters aquarium geheel zelfreinigend, mag ik hopen.
Zaterdag 28 november
Zelf liet ik verstek gaan, bij de
uitwedstrijd van mijn zoon tegen het team van Alphia
(Alphen aan den Rijn), maar uit de eerste hand weet ik
dat: de scheidsrechter verschrikkelijk partijdig was, de
coach van de tegenstander ontstellend kinderachtig deed,
er beestachtig gemeen werd gespeeld (tot in detail weet
ik wie er allemaal werden geduwd en geslagen, maar dat
zal ik u besparen) en ja, ze hadden toch gewonnen. Met
hoeveel? Dat wist mijn zoon dan weer niet te vertellen.
Hij doet niet aan scorebordjournalistiek. Hij is meer
van de rampenverhalen.
Vrijdag 27 november
Ik
heb niet het idee dat het ooit nog goed komt, tussen mij
en Windows 7. Sinds ik heb ontdekt dat ik mijn eigen
'business'-versie van Vista alleen kan upgraden met een
ultimate pakket van bijna 300 euro, had ik al
mijn zinnen gezet op de gratis upgrade van de nieuwe
pc's van mijn eega en mijn dochter. Toen ze die enkele
maanden geleden aanschaften - nog met Vista - beloofde
leverancier Dell dat ze zonder kosten konden overstappen
op Windows 7, zodra dat via deze pc-handelaar
beschikbaar was. En gisteren was het zover. Na een
mailtje waarin het heugelijke nieuws werd aangekondigd
('Het doet Dell veel plezier de recente lancering van
Windows 7 op zijn desktops en laptops aan te kondigen. U
krijgt deze informatie omdat u zich voor het
upgradeprogramma geregistreerd hebt en er actie nodig is
voor het ontvangen van het upgradepakket'), regelde
ik op een speciale website de formaliteiten,
constateerde tevreden dat de rekening op 0,00 euro bleef
staan en klikte door naar 'betalen'. Bleek er opeens 40
euro voor 'verwerken en verzenden' bij te zitten. Hoezo
verwerken? Had ik niet zelf al actie ondernomen en mijn
gegevens ingevuld? En, als je toch wat kosten wilt
doorberekenen, vragen ze hier bij Bol.com niet standaard
1,65 euro voor? Kassa, Radar, de Nationale Ombudsman, ze
gingen allemaal even door mijn hoofd. Ware het niet dat
dat me - omgerekend - vele honderden euro's aan ergernis
en gedoe zou gaan kosten. Dus gromde ik 'Laaienlichters'
en 'Zakkenvullers'. En maakte vier tientjes over. Dat
was nou net hun bedoeling, vermoed ik.
Donderdag
26 november
Voor mijn nazaten ben ik er
al op uitgestuurd voor de vreemdste boodschappen, maar
die van gisteren mocht er ook zijn: 'Kun je even
jongleerballen voor me kopen? Ik heb ze nodig voor gym.'
Op 17 december moet onze zoon drie ballen in de lucht
kunnen houden. Het gaat om een cijfer, waarvoor door de
leraar zelfs een formule is bedacht: het aantal keren
dat hij erin slaagt ze vloeiend omhoog te brengen, min
5. Lukt het hem zeven keer, dan heeft hij nog maar een
2. Vanaf vijftien is een 10 gegarandeerd. Daarvoor moet
er wel thuis worden geoefend, want hij bakt er nog geen
bal van. Maar waar haal ik jongleerballen? Tennisballen
zijn te groot en te hard. Een jongleerbal is zacht en
soepel. 'Misschien bij de feestartikelenwinkel van
Paddenburg, aan de Nieuwe Rijn in Leiden', denkt mijn
vrouw. En warempel, op een paar honderd meter van de
redactie verblikken of verblozen ze niet als ik om
jongleerballen vraag. Net als tennisballen zitten ze met
drie in een koker en de prijs is billijk: 4,50 euro.
Daarvoor zit er zelfs een gebruiksaanwijzing bij, maar
bij de eerste oefensessie van mijn zoon in de woonkamer
hol ik van schemerlamp naar bloemenvaas om de boel heel
te houden. Met zijn ballen is hij inmiddels verbannen
naar zijn eigen kamer, waar een blinde jongleur nog geen
schade kan aanrichten.
Woensdag 25 november
Het is - zoals al eerder op
deze plek gememoreerd - de tijd van de
Sinterklaaslijstjes. Enige bescheidenheid is mijn zoon
en mij daarbij vreemd. Hij komt met droge ogen aan
met een nieuw beeldscherm annex tv, ik schroom niet om
naast het betere boekenwerk en pantoffels ook een nieuw
opzetstuur voor mijn mountainbike aan de goedheiligman
te vragen. (Ergens in de woonkamer hoorde ik iemand
brommen dat ik dat kan vergeten, maar dit soort
recalcitrante geluiden negeer ik voorlopig: het is de
sint die beslist.) Maar zo bont als onze dochter maken
wij het nog niet. Toen haar moeder gisteravond vroeg wat
zij voor Sinterklaas wilde hebben, klikte ze resoluut
door naar de Telegraaf-website, waar de nieuwe Aston
Martin Rapide wordt besproken. Dat ze daarbij geenszins
zelfzuchtig is, mag blijken uit het feit dat ze heel
bewust heeft gekozen voor de eerste vierdeursuitvoering
van de Aston. Een gezinsversie, dus, waar we allemaal
wat aan hebben. Behalve de prijs - iets van 250.000 euro
- is er echter nog een beletsel waardoor de Rapide
waarschijnlijk niet in haar schoen te vinden zal zijn.
Hij wordt pas vanaf maart 2010 afgeleverd.
Dinsdag 24 november
Nog voordat ik maar een meter aan de
vloedlijn had getrapt, was ik al op zoek naar een
strandfiets. Er zijn winkels - zoals Imming in Egmond,
of Beukers in Petten - die ze kant-en-klaar verkopen,
maar je kunt ook een 'oude' bike modificeren door er een
vaste vork op te zetten en speciale strandbanden te
monteren. (Met je 'normale' mountainbike het strand op
is ook een optie, maar zout en zand zijn funest voor je
dure spullen). Na enkele weken van wikken en wegen,
realiseerde ik me dat ik eigenlijk al elke dag op de
perfecte strandfiets naar mijn werk rijd. Mijn Trek
SU200 heeft een vaste vork, geen overbodige toeters en
bellen (zoals spatborden en dergelijke) en is met z'n
drie jaar eigenlijk al afgeschreven als 'bedrijfsfiets',
waardoor een tweede carrière
voor dit oude beestje me hooguit een paar tientjes voor
brede, bijna profielloze banden (Big Apples van Schwalbe)
ging kosten. Dat er ook nadelen aan dit dubbelleven
kleven, bleek gistermorgen op weg naar de redactie toen
ik op vrijwel lege banden (handig voor op het strand,
niet op de weg) bleek te rijden. En dat m'n toch al half
versleten schijfremmen na de Beach Challenge van
zaterdag zelfs bij een snelheid van 20 kilometer per uur
een remweg van 50 meter nodig hadden. En tot overmaat
van ramp moest ik aan het begin van de avond in het
pikkedonker naar huis omdat m'n lampjes nog thuis in de
schuur op de plank lagen. Waarmee is aangetoond dat
strandfietsen niet alleen funest is voor je rijwiel, maar
ook je hersens aantast.
Maandag 23 november
Aangezien de Sint weer in het land is en
zijn computermonitor is opgeblazen - nee, niet die van
de Sint, van mijn zoon; dit is nu al een verwarrend
stukje - oriënteer ik me momenteel op
een nieuw pc-scherm voor mijn jongste nazaat. Zijn
moeder vindt het eigenlijk wat te groot voor wat zij
graag 'het feest van de kleine cadeautjes' mag noemen,
maar onder het voorwendsel dat hij er eventueel wat van
zijn eigen geld kan bijleggen - nee, niet de Sint, mijn
zoon, wiens geloof in de goedheiligman al jarenlang op
een laag pitje staat - mag ik mijn zoektocht toch
continueren. Van mijn vriend en stekkergoeroe Mart kreeg
ik de tip om geen monitor, maar een complete
flatscreen-tv aan te schaffen: in prijs niet eens zoveel
duurder, je kunt er probleemloos je pc op aansluiten en
op momenten dat je niet computert, heb je er een mooie
televisie aan. Ik legde het aan mijn zoon voor, die met
een voor mij opmerkelijk - maar volgens hem op de
praktijk gebaseerd - bezwaar kwam: hoe moet dat nu als je tegelijk wilt computeren en tv kijken?
Zaterdag 21 november
Geen basketbal vandaag, de
mannen hebben een vrije zaterdag. Alle gelegenheid om de
Rabo Beach Challenge te rijden. Het verslag staat op het
Wielerlog.
Vrijdag 20 november
Ik
ben weer volop bezig om mijn lijf 'winterklaar' te
maken. Dat houdt, kort en goed, in dat ik er dagelijks
veel te veel voedsel in stop, om me voor te bereiden op
barre tijden. Die nooit zullen komen. Neem nou gisteren.
Na mijn ontbijt (bakje muesli en magere yoghurt, niks
mis mee), schoof ik rond 9.00 uur op de redactie mijn
eerste kersengebakje (met slagroom) naar binnen (van
harte gefeliciteerd, collega Rietveld). Daarna bewaarde
ik mijn trek voor de lunch - boerenkool met worst, en
lekkere paddestoelenjus in het bedrijfsrestaurant, plus
een smoothie - vocht ik met succes tegen de
aanvechting om nog een pastasalade te nemen, maar at ik
direct daarna - er was op de werkvloer nog gebak over -
een ouderwetse moorkop. Om me voor te bereiden op de
terugrit op de fiets naar huis - ik heb al een paar keer
bijna de hongerklop gehad - nam ik tegen drieën
nog een tompouce. Toen was al het gebak op. Thuis at ik
rond 18 uur nog een enorm bord spaghetti, alvorens te
gaan mountainbiken, waarbij ik feestelijk bedankte voor
de restjes die mijn nazaten mij gewoontegetrouw nog
wilden toeschuiven. Ik moet tenslotte een beetje op mijn
gewicht letten.
Donderdag 19 november
Ja, ik weet het, vorig jaar heb ik er ook
wel eens flauwe grappen over gemaakt. Vond ik het
voorbarig, overdreven. Hadden ze nou niks anders te
doen? Maar gistermiddag, toen ik van de redactie naar
huis trapte en net vaststelde dat het wel meeviel, met
de wind, kreeg ik bij het tochtgat ter hoogte van het
LUMC opeens de volle laag. Het leek of m'n fiets onder
me vandaan werd geslagen en spontaan het luchtruim koos, maar zo gemakkelijk gaat dat natuurlijk niet,
met 93 kilo tanig vlees op het zadel. Het bleef bij een
vervaarlijke zwieper, net voor een auto langs, en voort
wilde ik weer, de pedalen ranselen. Maar de mevrouw met
het kinderstoeltje voorop haar fiets, die van de andere
kant kwam, moest het zonder die lichamelijke ballast
stellen, maakte dezelfde zwieper, maar dan naar links,
en belandde met rijwiel en al in m'n armen. Dát
was toch het moment dat het gemis zich het
nadrukkelijkst liet voelen. Waar bleef het weeralarm,
bij het eerste herfststormpje van dit jaar?
Woensdag 18 november
In het weekeinde was hij al een paar keer
van zolder naar de woonkamer gekomen, met een vage
mededeling over Xbox Live, de Microsoftgemeenschap op
internet waar Xbox-bezitters elkaar ontmoeten en tegen
elkaar spelen. Maar daar schonk ik toen, verzonken in
mijn krantje en bokbiertje, geen aandacht aan. Sinds een
klein jaar hebben onze nazaten een abonnement op deze
dienst, waarbij met name onze zoon met het downloaden
van updates voor illegaal verkregen games, de grenzen
van het toelaatbare opzoekt. De Xbox-console is enkele
weken geleden (voor de tweede keer) door een whizzkid
aangepast, om ook de kopieën van de nieuwste, meest
geavanceerde spellen te kunnen behappen. Maar sinds zondag
-
hij kon er natuurlijk niks aan doen - was het opeens uit
met de pret. Want opeens konden ze - zijn zus en hij -
niet meer op Xbox Live. De console was 'banned' van de
community. En niet alleen wij, zo bleek bij een korte
zoektocht op het world wide web. Dit is typisch een gevalletje:
gedeelde smart, is halve smart.
Dinsdag 17 november
Voor
collega's zonder kinderen zijn het verbijsterende
telefoontjes: een dochter die haar vader opbelt met de
mededeling dat ze over een kwartier een proefwerk
wiskunde heeft, maar haar geodriehoek en passer is
vergeten. Of - zoals gistermorgen - bij de balie van de
DeliFrance staat en haar pinpas niet bij zich heeft. In
beide gevallen verlaat de vader spoorslags de werkvloer
om de problemen voor zijn nazaat op te lossen. Kweken
wij een generatie van machteloze, onzelfstandige
burgers? De kinderloze collega's zijn ervan overtuigd en
mogen mij daarbij graag herinneren aan mijn eigen,
veelvuldige falen op dit terrein. Aan alle keren dat ik
uitrukte om verloren fietssleutels te vervangen of lekke
banden te repareren. Ze overal maar op de achterbank
heen bracht. Goederen en diensten sponsorde. Nee, dat
zouden zij heel anders aanpakken. Ze hebben alleen geen
kinderen. Nee, niet helaas. Hun door en door verpeste
poezen of andere exotische huisdieren zouden het geen
minuut zelfstandig in onze maatschappij uithouden. En
dat je je met een gezonde dosis machteloosheid toch
aardig door het leven kunt slaan, leg ik af en toe vast
in een krantencolumn. Zoals deze, met de niets aan de
verbeelding overlatende titel
'Machteloos'.
P.S. In de reeks 'verrassende reacties'
leverde deze column me een mailtje op van een lezeres
die zich had gestoord aan mijn - in alle onschuld
genoteerde - passage over de Gereformeerde Bonds-buurman.
Oordeel zelf.
Maandag 16 november
Waar is de tijd gebleven dat je op
zondagavond rustig de kranten kon doornemen omdat er -
na Studio Sport - toch niks op televisie was? Sinds een
paar weken moeten we hier alle zeilen bij zetten om een
mengeling van leerzame, vermakelijke, informatieve en
ontspannende (ja, in die volgorde) programma's aan ons
voorbij te zien trekken. Verplichte kost om 20.15 uur is
- ook voor onze zoon - 'De Oorlog'. Ik dacht er vrij
veel vanaf te weten, maar Rob Trip voert me nu al vier
boeiende afleveringen (we hebben er nog vijf tegoed)
langs nieuwe inzichten over ons volk gedurende de Duitse
bezetting. Ondertussen loopt de recorder voor 'Boer
zoekt vrouw' dat we meteen na 'De Oorlog' ondergaan. (De Beagle, op Nederland 2, had me ook mooi geleken om te
volgen, maar dat is logistiek onmogelijk). Dan is het 22
uur en begint op de BBC2 de nieuwe reeks van 'Top Gear'.
De harddiskrecorder is inmiddels begonnen met het
opnemen van 'Bij ons in de pc', vermakelijke tv van Jort
Kelder (kijk ik later in de week, als ik ooit tijd heb).
De avond sluit ik daarna af met Studio Voetbal, voordat
ik rond middernacht met rechthoekige ogen
(beeldbuisformaat 16:9) in mijn bed
beland. Dan is mijn eega al minimaal anderhalf uur
afgehaakt, bij dit megalomane kijkgedrag. Zelf houd ik
het erop dat ik het slachtoffer dreig te worden van mijn brede interesse.
Zaterdag 14 november
Een vrije basketbalzaterdag
zou ik hebben, maar als gevolg van een logistieke
misvatting van de coach - het spelersbusje bleek te
klein voor alle manschappen - reed ik vanmiddag ter
elfder ure toch nog naar Ter Aar, voor de uitwedstrijd
van het team van mijn zoon tegen ABC, de Aardamse
Basketbal Club. Een rommelige duel, viel mij daarvoor
als dank ten deel, met veel misverstanden, weglopende
tegenstanders, zwakke passes, slechte schoten en gemiste
rebounds. Maar dat gold voor beide teams, gelukkig,
waardoor we de hele wedstrijd toch voor bleven staan en
het uiteindelijk - vooral dankzij een redelijke fase in
de derde periode - bij ABC toch nog een ABC'tje werd:
36-49. Zelf had ik het idee dat mijn jongste nazaat ook
dit keer de topscorer van het veld was, maar sinds er
geen premie meer op zijn scores staat vindt hij het niet
interessant om ze bij te houden. En ik had er tijdens de
wedstrijd de kracht niet voor. Al mijn energie ging op
aan ergernis.
Vrijdag
13 november
Aan georganiseerde sport
doet ze niet meer, maar onze dochter speelde gisteren
wel een uitwedstrijd. In Amsterdam, nog wel. Samen met
een klasgenote deed ze mee aan een vertaalwedstrijd
Latijn, in het Vossius Gymnasium. De hoofdprijs is 250
euro, maar het duurt nog enige tijd voordat alle teksten
door een eerbiedwaardige jury nagekeken zijn. Bij
thuiskomst probeerde ik wel enige interesse in het
wedstrijdverloop te tonen, maar viel al onmiddellijk
door de mand toen ik de schrijver van de Latijnse tekst
die ze onder handen moesten nemen, niet bleek te kennen.
Ovidiwie? Ovidius! Een poëet die 43 jaar voor Christus
werd geboren en in zijn tijd al een echte beroemdheid
was. Hij kon zich een luxueus
en losbandig leventje in de mondaine grootstad Rome
veroorloven, hij was een echte societyfiguur. Als
gevierd dichter hield hij regelmatig voordrachten uit
eigen werk, wat zijn roem alleen maar vergrootte.
Ja, dit zijn Wikipedia-weetjes, want zowel vrouw als
dochter weigerden mijn onwetendheid met feiten in te
vullen. Maar het was in elk geval geen prutser, begrijp
ik uit de internet-encyclopedie. Of onze dochter de
prijs gaat pakken, betwijfelde ze zelf overigens. Ze
schijnt ergens een toekomende tijdje over het hoofd te
hebben gezien. Kniesoor die daar op let, zou ik zeggen,
maar dat schijnt nu juist het probleem te zijn. De jury
zit er vol mee.
Donderdag
12 november
De directe aanleiding is een
puur wetenschappelijke: onze dochter schrijft een
profielwerkstuk over Oscar Wilde en kreeg van een
lerares de dvd-box met de BBC-serie 'Lillie' omdat Wilde
hierin voorkomt. Dertien afleveringen telt het
kostuumdrama, dat mijn echtgenote in 1978 al eens op tv
zag. Maar ze heeft er geen bezwaar tegen om ze allemaal
nog eens te bekijken. Integendeel. En aangezien er haast
bij is - het werkstuk moet een dezer dagen af - is er op onze tv de laatste dagen vrijwel niks
anders dan Lillie Langtry, een succesvolle Britse
actrice met prominente minnaars, onder wie de
kroonprins, de latere koning Edward VII. Tussendoor is 'Lillie'
bij ons thuis onderwerp van gesprek. Als ik 's morgens
naar werk ga, na weer zo'n avond 'Lillie', is het
moeilijk los te komen van het idee dat niet ook de rest
van de wereld op dit moment in de ban is van 'Lillie'.
Dat ze geen hit is in de kijkcijfer toptien. Dat
de roddelbladen of RTL Boulevard zich nog niet op haar
hebben gestort. Dat ik niemand op werk heb, om mee over
haar te praten. Kortom, na mijn aanvankelijke
schimpscheuten over een televisieserie die ruim dertig
jaar oud is - mijn vrouw was destijds van dezelfde
leeftijd als onze
dochter nu - ben ikzelf ook behoorlijk in de ban van 'Lillie'.
Gistermiddag was ik serieus beledigd dat de dames twee
afleveringen hebben bekeken - Lillie krijgt een kind,
maar niet van haar wettige echtgenoot - terwijl ik mijn
bardienst bij de Grasshoppers draaide. Nog maar drie
afleveringen te gaan.
Woensdag 11 november
Het is nog maar een paar
maanden geleden, dat de dingen bij ons thuis prettig
overzichtelijk waren. Ik zat de hele avond achter mijn
computer, mijn eega las een belangwekkend boek,
onderwijl haar afschuw uitsprekend over de uitwassen van
de moderne tijd. En hoe anders is het nu. Niet dat ik
inmiddels belangwekkende boeken lees. Nee, ik zit nog
steeds achter mijn computer, als ik niet ergens op een
fietszadel plaatsneem. Maar aan de andere kant van de
kamer slijt mijn echtgenote haar avonden met haar nieuwe
laptop op schoot, druk twitterend namens de lokale
Openbare Bibliotheek, bezig met Hyves, haar mail of weet
ik veel wat. Via twitter komt ze ook in aanraking met de
jongste ontwikkelingen op het world wide web. Nog
voordat mijn vriend Mart mij er per mail over berichtte,
wist zij mij te vertellen dat ook Katwijk sinds gisteren
te bekijken is via
Google Streetview. Geef toe, dat zijn toch geen
dingen die je van je vrouw wilt horen?
Dinsdag
10 november
Tot de kleine maar
onmiskenbare genoegens van het leven behoort het 'geen
gaatjes' bij de tandarts. Het is een (tijdelijke) staat
van welbevinden die ik in de eerste helft van mijn leven
niet vaak heb mogen ervaren. Als gevolg van een niet te
beteugelen snoeplust in combinatie met een voorliefde
voor zoete dranken en een weinig fanatiek poetsgedrag,
werd mijn gebit reeds onder het regime de schoolarts van menige
vulling voorzien. Maar ik moet zeggen: de laatste
decennia
gaat het beter, waarschijnlijk vooral vanwege het feit
dat er niks meer te vullen valt. Tijdens ons
halfjaarlijkse familiebezoek aan de tandarts kreeg onze
dochter gistermiddag te horen dat haar vier
verstandskiezen preventief moeten worden geruimd, moest
mijn zoon tien minuten met een smerig fluorgoedje op
zijn gebit blijven zitten en dient hij binnenkort eens
langs te gaan bij de orthodontist en kreeg mijn vrouw -
een erkend niet-flosser noch stokergebruiker - net als
mijn twee nazaten nog een consult bij de mondhygiëniste
in het vooruitzicht gesteld voor het verwijderen van
tandsteen. Bij mij kon de beste brave man, zelfs na het
maken van foto's, niks vinden. En dat kleine beetje
tandsteen dan? Ach, dat haalde hij gelijk maar even weg.
In de auto op weg naar huis was er bij mijn jammerende
gezinsleden sprake van geknars van tanden (Mattheüs
8:12).
Maandag 9 november
De laatste keer dat de
overheid zich nadrukkelijk bezighield met de gang van
zaken in ons gezin was, naar mijn weten, in de periode
dat we ons om de paar maanden bij het consultatiebureau
moesten melden om te checken of we ons kind wel
voldoende te eten gaven en het niet mishandelden. Maar
de laatste tien, vijftien jaar is het betrekkelijk
rustig, uit die hoek. Je krijgt wel eens post - als het
kroost spontaan een Burgerservicenummer krijgt
toegewezen, bijvoorbeeld - maar verder kun je als ouders
toch in alle vrijheid je gang gaan. Elk kwartaal komt de
kinderbijslag en verder heb je nergens omkijken naar. Qua
overheid dan. Maar nu ligt er al een paar weken een
brief annex folder van de Informatie Beheer Groep, die
ons erop wijst dat onze dochter binnenkort (volgend jaar
maart, om precies te zijn) 18 jaar wordt. Hebben ze haar
toch al die tijd in de gaten gehouden, denk je dan. De
kinderbijslag houdt op en daarvoor in de plaats 'kun jij
(dat is in dit geval: onze oudste nazaat) zelf
geld krijgen voor je school of studie'. Als mijn vrouw
gisteravond mijn dochter en mij niet had gedwongen één
en ander in gang te zetten, had die folder er nog een
tijdje kunnen liggen. Wij zijn niet zo van het
invullen van formulieren. Maar de Informatie Beheer (IB)
Groep die dit voor haar moet regelen, heeft alleen al
drie maanden voor haar 18de nodig om alle rompslomp in
orde te maken. Er is een pdf-bestand gedownload dat onze
dochter de komende dagen invult - mogen wij hopen - en
opstuurt. Helemaal naar Groningen. Zodra ze 18 is, krijgt ze - wat voorheen onze
kinderbijslag was - rechtstreeks op haar rekening
gestort. Ik wacht nu nog op een folder waarin de
overheid uitlegt hoe wij - nu onze uitkering stopt maar
wij verder ongetwijfeld blijven opdraaien voor alle
rekeningen - dat geld weer van háár
naar ónze rekening krijgen. Ik heb namelijk niet
de illusie dat dit goedschiks gebeurt.
Zaterdag 7 november
Wat zijn overwinningen
waard, als je nooit eens verliest? Vanuit die optiek
zijn de (monster-)zeges van de afgelopen weken ons nog
dierbaarder geworden na het verlies vandaag tegen DAS,
in Delft (57-48). Temeer daar we het perspectief
koesteren dat we hier helemaal niet hadden hoeven
verliezen. De eerste periode waren we weliswaar niet
superieur, zoals dit seizoen bijna een gewoonte werd,
maar wel beter. Het vertaalde zich ook in een aardige
voorsprong, die er in de rust - hoewel al behoorlijk
geslonken - nog steeds stond. Maar toen we eenmaal
achterkwamen sloop de onrust in het team, werd er te
gehaast gespeeld, kwamen passes niet aan en gingen lay
ups, schoten en vrije worpen te vaak mis. En bleek de
tegenstander toch ook heel wat lengte in de ploeg te
hebben. DAS stond tweede op de ranglijst, wij waren
eerste. Nu is dat andersom. Tot ze bij ons thuis in
Katwijk op bezoek komen, uiteraard. Dan worden de
bordjes weer verhangen. Kijk, is dit een hoopvol
vooruitzicht, of niet?
Vrijdag 6 november
De column was er eerder dan deze foto.
Maar het beeld illustreert treffend wat ik heb betoogd.
Wij, normale fietsers, moeten de strijd aanbinden met
de fiets met trapondersteuning. Of er in elk geval - in
Den Haag, Brussel desnoods - voor lobbyen het
rijwiel zo zichtbaar maken in het dagelijks verkeer
- vlaggetjes, bordjes met duidelijke merktekens - dat
iedereen meteen weet dat we hier met bedriegers te maken
hebben. Mijn eerste zorg gaat daarbij uiteraard niet uit
naar mijn 73-jarige moeder, die op haar Gazelle Easy Glider
met een venijnige demarrage de rest van het gezelschap
tijdens de herfstvakantie op ruime afstand trapt. Nee, ik heb het over de vijftigers,
veertigers en zelfs een enkele dertiger die zich
momenteel al meent te moeten voortbewegen met
accukracht. En ik sta daarin niet alleen. De vele
positieve reacties die ik kreeg op de krantencolumn
'Trapondersteuning' geven aan dat we hier te
maken hebben met een splijtzwam in het maatschappelijk
(en niet te vergeten het woon/werk-) verkeer. In dat opzicht lijkt me de
fiets met trapondersteuning staatsgevaarlijker dan Geert
Wilders.
Donderdag
5 november
Aan vrijwel elke computer in ons huis -
en dat zijn er nogal wat - hangt een externe
backup-schijf. Want je weet maar nooit. Maar na de
laatste blikseminslag waarbij mijn modem werd
opgeblazen, voelt dat als beveiliging niet voldoende.
Wat als de bliksem een keer goed inslaat en alle
computers en toebehoren krijgen 50.000 volt door de
kabels? Aan een back up-schijf waar de rook vanaf komt
heb je ook niet veel meer. Dus heb ik zondagavond bij
Bol nóg een externe schijf besteld
die ik - met mijn volledige digitale muziekcollectie en
kopieën van alle pc-schijven in ons huis - ergens
losgekoppeld van alle snoeren en stekker in huis ga
bewaren. Nóg beter zou zijn ergens buiten het huis, maar
helemaal zonder risico is het leven toch niet. Op
dinsdagmorgen was de postbode al met mijn pakje aan de
deur geweest, maar toen was er niemand thuis. En bij de
buren kennelijk ook niet. Maar gisteren kon mijn dochter
de nieuwe schijf aannemen en begon ik - omdat het buiten
toch goot van de regen en ik geen zin had om te fietsen
- aan het opslaan van 13.000 liedjes. Na tien minuten
begon het te onweren. De bliksemschichten volgden elkaar
in steeds hoger tempo op. De tijd tussen de flitsen en
de donder werd korter. En terwijl vlak achter ons weer
een inslag was te horen, keek ik gebiologeerd naar het
voortgangsmenuutje van mijn collectiereddende back up:
nog één uur en 15 minuten. Het zal je toch gebeuren,
halverwege de back up die aan alle vertwijfeling een
eind moet moeten, worden getroffen door de
bliksem?
P.S. Het simpele feit dat u dit logje kunt lezen,
bewijst dat we wederom ongeschonden uit de strijd zijn
gekomen.
Woensdag 4 november
Zojuist verschenen bij de Hema, in een
oplage van 1 exemplaar: ons vakantieboek Italië
2009. Het is mooi geworden, met 70 pagina's in full
color op glanzend papier, inclusief harde kaft met een
opname over twee pagina's van Venetië. Een foto van mijn
hand, maar dit terzijde, want verder gaan alle
credits voor dit boek naar mijn eega, die er - op
haar nieuwe laptop - een belangrijk deel van de avonden
in onze herfstvakantie aan heeft besteed. Mijn enige
bijdrage bestond uit afwezig, goedkeurend gemompel, om
er vooral maar niet bij betrokken te raken. Is er van
mijn kant dan helemaal geen kritiek op het
eindresultaat? Welzeker, op haar keuze om de vele
monumentale fietstochten die ik met neef Raymon en
campingbuurman Wil heb gemaakt, op één hoop te gooien
met campingactiviteiten als barbecueën en shuttelen. Ik
vrees dat het nog een bewuste keuze geweest is ook.
Dinsdag 3 november
Er
zijn mensen die in het verkeerde lichaam zijn geboren.
Zo erg is het bij mij niet. Ik woon alleen in de
verkeerde gemeente. Waar had mijn wieg dan moeten staan?
In een van de drie dorpen (Sassenheim, Voorhout en
Warmond) van Teylingen, bijvoorbeeld.
Daar weten ze tenminste hoe ze hun waardering moeten
uiten, aan mensen zoals ik. Die zich belangeloos
inzetten voor de samenleving, een beter milieu, een
schonere woonomgeving. Als wat? Als ZAP'er. Nee, niet
zo'n dikke, uitgezakte kerel die de hele avond met de
afstandsbediening voor de buis hangt. ZAP staat hier
voor 'Zwerfafvalpakker' en elk jaar zet Teylingen er
eentje (per dorp) in het zonnetje. Ook in mijn meterkast
hangt een - van gemeentewege verstrekte - afvalgrijper
die ik op ongeregelde momenten inzet om mijn
voortuintje, de stoep en de parkeerplaatsen vrij te
maken van alle ongeregeldheden die uit de papierpakken
en de Lidl-karretjes aan de overkant van de straat in
onze richting waaien. Nee, daar hoef ik niks voor te
hebben. Ik doe het graag. Maar een beetje waardering,
dat zou mooi zijn. In Teylingen reiken ze daar elk jaar
een speldje voor uit. Een ZAP-speldje. Als Katwijk eraan
zou doen, had u me ervoor kunnen aanmelden. Want zo
werkt het, je mag er zelf niet om vragen. Je moet ervoor
worden voorgedragen. Wat dat
betreft is dit stukje alweer een beetje gênant. Maar
echt, ik zou hem met zoveel trots dragen, dat speldje.
Maandag 2 november
In
mijn drift om maar niet achter te raken op de digitale
snelweg, had ik Windows 7 al willen aanschaffen op de
eerste dag dat het in de schappen lag. Maar in de
herfstvakantie wist ik me in het winkelcentrum van
Veenendaal nog te bedwingen. In de caravan kon ik er toch
niks mee. En in de week daarna liep ik een blauwtje bij
twee Dixons-vestigingen (in Leiden en Katwijk), twee
andere computerwinkels en een boekhandel in mijn
woonplaats die ook software verkoopt. Overal
uitverkocht, dat wil zeggen: de upgradeversie die ik
wilde hebben. Dus zaterdagmiddag was ik het zat en heb
ik het programma aangeschaft via de site van Microsoft.
Dat heeft als voordeel dat je het meteen kunt downloaden
en later (als backup) ook de dvd nog thuisbezorgd
krijgt. Afijn, pas toen alle financiële formaliteiten
waren afgewikkeld (119,95 euro afgeschreven via Ideal),
de nieuwe 'motor' voor mijn pc was binnengehaald en het
grote moment van installeren was aangebroken, bleek dat
ik de upgrade helemaal niet op mijn computer kon
uitvoeren. Ik heb namelijk niet de 'Home' versie van
Windows Vista, maar de 'Business' variant. Daarvan is -
lekker ingewikkeld -
upgraden alleen mogelijk naar Windows 7 als je de
professionele versie aanschaft, wat ongeveer drie keer
zo duur is als de 'Home'-editie: een kleine 300 euro. En
daarvoor kan ik bijna een nieuwe pc kopen, waarop
Windows 7 al is geïnstalleerd. Nadat ik een kwartier
had gehuild - niet langer, ik ben een grote vent - drong
ook het grote geluk tot mij door. Omdat het in al die
winkels die ik had bezocht was uitverkocht en ik was
veroordeeld tot internet, mag ik de aankoop binnen zeven
dagen zonder opgave van redenen annuleren. Ook als je
(te) gretig en dom bent geweest, dus.
Zaterdag 31 oktober
Tsja,
met dit beeld vanaf de bank lijkt het nog spannend. Maar
niets was minder waar. Toen ik tegen het eind van de
tweede periode binnenkwam stond het al 44-6 en
uiteindelijk zou het 103-20 worden. De vraag 'Waren wij
nu zo goed, of waren zij nu zo slecht?' kan eenvoudig
worden beantwoord. Zij - Dunkinn uit Roelofarendsveen,
waar ik op deze plek eerder Dunkinn al als tegenstander
noemde moest het Alphia uit Alphen aan den Rijn zijn,
een mens kan zich weleens vergissen - bakten er helemaal
niets van. En als wij echt goed waren geweest, was het
wel 150-6 geworden, of zoiets, want er werd nog
behoorlijk veel gemist, door de mannen. Een beetje
spannend werd het tegen het einde nog, toen de kwestie
werd: halen we de 100? Mijn zoon had hem in de vingers,
maar miste net, waardoor een teamgenoot hem maakte. De
traditie wil dat deze speler - of zijn ouders - de rest
van het team trakteren, maar aangezien het feestvarken
geen geld bij zich had, kwam mijn jongste nazaat naar
mij om deze geste dan maar voor mijn rekening te nemen.
Ja, ik ben daar gek. Ben ik net van die bonusregeling
per punt af, krijg je dit!
Vrijdag 30 oktober
Onderzoek alle dingen en behoud het
goede. Onder dat motto zit ik elke maand met het
muziekblad 'Oor' voor mijn computer om de nieuwste cd's
te downloaden. Nee, niet te uploaden, want dat is
verboden. Ik laat me daarbij leiden door de mening van
mij vertrouwde recensenten, niet in de laatste plaats
door mijn naamgenoot, plaatsgenoot en oud-collega Jan
van der Plas, de Katwijkse popprofessor. De verse buit
zet ik over naar mijn Iphone, om onderweg van huis naar
werk kennis te nemen van het aanbod en alvast een
schifting te maken van wat er 's avonds onmiddellijk
weer vanaf kan. Zo'n beetje de helft van de route naar
de krant rijd ik met losse handen om te kunnen bekijken
wat voor merkwaardigs er nu weer via de koptelefoontjes
tot mij komt (de ene hand heb ik nodig om mijn bril
omhoog te doen, de andere om het kleine schermpje van
mijn Iphone voor mijn ogen te houden om het hoesje te
kunnen lezen). Het meest verbaasd was ik gistermorgen
door de nieuwe cd (Between my head and the sky)
van Yoko Ono, de weduwe van John Lennon, en de Plastic
Ono Band. Allereerst omdat ik me ertoe had laten
verleiden dit werk van deze 76-jarige (!) tot mij te
nemen (Jan van der Plas spreekt van 'een
onderhoudende en bij vlagen zelfs indrukwekkende plaat')
maar ook door de muziek zelf, die ik zou willen
omschrijven als mengeling van de avant-garde klanken van
een Laurie Anderson en het gesteun van Franse
zuchtmeisjes als Carla Bruni. Mocht u mij hedenmorgen
van Katwijk naar Leiden tegenkomen met de bril op het
voorhoofd en de Iphone tegen de neus, dan ben ik er
wederom niet in geslaagd mijn opwinding over deze, op
verrassend eigentijdse klanken lispelende bejaarde te
verbergen.
Donderdag 29 oktober
Wij kennen onze eigen
variant van het EO-televisieprogramma 'Familie Diner'.
Nee, geen narigheid, integendeel. Elk jaar tegen kerst
spreken we met de schoonfamilie af in een goed
restaurant, om te eten op de nagedachtenis van mijn
schoonouders. Ook ván de nagedachtenis, want de
bescheiden erfenis die ze nalieten hebben we op de bank
gezet en zolang het nog kan, laten we het ons er goed
van smaken. De sfeer is altijd opperbest: we nemen het
jaar door, in al zijn hoogte- en dieptepunten, waarbij
ik me dit keer in het bijzonder verheugde op de
kwinkslagen richting mijn zwager die al zijn spaargeld -
als enige van de familie - had geparkeerd bij de
DSB Bank, zogenaamd omdat deze instelling zoveel voor de
Nederlandse sport heeft betekend. Nee, het had absoluut
niks te maken met dat ene schamele procentje rente dat
hij daar meer kon krijgen. Afgelopen zaterdag, bij de
verjaardag van zijn eega, namen we alvast een
voorschotje op het leedvermaak, toen hij, besmuikt
kuchend, even onze aandacht vroeg voor het volgende: Uh,
tsja, als executeur-testamentair van de nalatenschap van
mijn schoonouders had hij, uh, nogmaals tsja, enige tijd
geleden besloten om, tsja, het geld dat er nog over was
voor het komende familiediner, uh, tsja, weg te zetten
bij de, uh, tsja, de DSB Bank. En nu maar hopen dat
Wouter Bos zijn belofte nakomt dat het voor de kerst
weer beschikbaar komt, anders kunnen we voor het
copieuze familiediner naar de plaatselijke Voedselbank.
En heeft EO's Bert van Leeuwen er weer een paar
kandidaten bij voor zijn wedergoedmaak-programma 'Familie Diner'.
Woensdag 28 oktober
Met een krantencolumn, twee
weblogs en nog wat gelegenheidsartikelen die ik voor
allerlei bladen maak, ontkom ik er soms niet aan wat
stukjes handig te recyclen. Zo is mijn laatste bijdrage
aan het basketbalblad De Rebound van Grasshoppers de
vrucht van weblogjes die ik eerder over dit onderwerp
schreef. Een andere introotje, een paar alineaatjes
erbij, een stukje moraal en het eind - waar ik wel
tevreden over was - gewoon schaamteloos nog een keer
hergebruikt. Dan krijg je dit:
Bonus
In
een tijd dat bonussen nog gewoon een prikkel tot betere
prestaties waren, stelde ook ik voor mijn zoon een
premie in. Geen bedragen waar ze in Wallstreet of de
Londense City steil van achterover slaan, maar toch een
waardevolle aanvulling op zijn schamele zakgeld: 50 cent
per punt.
Opvoedpuristen waren er toen
al als de kippen bij om deze daad te veroordelen: het
zou egoïsme in zijn spel in de hand werken en ten koste
gaan van het teambelang. Zelf was ik daar niet bang
voor. We praten over een tijd dat zijn basketbalspel
voornamelijk bestond uit het geven van breedteballetjes,
zijn layupjes altijd ergens doelloos onder de basket
eindigden en zijn schot in bijna honderd procent van de
gevallen de benaming 'airbal' verdiende.
Zelfs na het invoeren van de
bonusregeling gingen er halve seizoenen voorbij dat ik
nooit hoefde uit te keren. Hij bleef onder het bord
beleefd de bal aan zijn medespelers of – nog erger –
zijn tegenstander afgeven, zag het als onderdeel van
zijn dienende rol om bij de rebound aan de grond
genageld te blijven staan en hield zich, kortom, bezig
met wat ik zou willen omschrijven als ’schijnbasketbal’.
Hij was er in het veld vreselijk druk mee, legde heel
wat meters af, maar het leidde tot helemaal niets.
Tot het begin van het
seizoen 2009/2010.
Traditiegetrouw sjokte ik
pas halverwege de tweede periode van het openingsduel
tegen ABC uit Ter Aar de sporthal Cleijn Duin in, uit
angst om ook dit keer weer de hele gifbeker van een
kansloos verloren wedstrijd te moeten leegdrinken. Bij
een vluchtige blik op het scorebord waren de verschillen
alweer flink duidelijk, maar toen ik achtereenvolgens
achter coach ArendJan en mijn zoon (even uitblazend op
de bank) naar de tribune liep, riep de laatste: 'We
staan voor!'. En warempel, bij nadere beschouwing van de
stand was het dit keer de thuisploeg (onze J42) die met
twee keer zoveel punten als de tegenstander aan kop
ging. Dat bleef zo tot aan het laatste fluitsignaal
(69-36), waarbij mijn jongste nazaat triomfantelijk met
de gele wedstrijdsheet kwam aanlopen. Of hij even mocht
afrekenen: elf keer gescoord à 50 cent, maakt 5,50 euro.
De tweede wedstrijd – tegen
Dunkinn uit Roelofarendsveen – loopt helemaal van een
leien dakje. Hij eist de bal op, zijn layupjes lopen
opeens als een trein en zijn schotpercentage gaat naar
de zestig tot zeventig procent. Niet minder dan
zeventien keer legt hij de bal in het netje, goed voor –
de snelle rekenaars onder u weten het al – 8,50 euro.
Mag ik even vangen?
Hoogste tijd om de regeling
met onmiddellijke ingang te herzien. Bonussen zijn een
besmet woord, houd ik mijn protesterende zoon voor. Lees
jij geen kranten? Kijk jij geen televisie? Het is
helemaal tegen de tijdgeest.
In navolging van Barack
Obama, Wouter Bos en Nout Wellink zou ik willen zeggen:
Weg met de graaicultuur!
Dinsdag 27 oktober
Ik
ben geen type dat elke week zijn auto aflikt, maar voor
het ondergescheten vehicle waarmee ik me gistermiddag
bij de plaatselijke Kwikfit meldde, geneerde zelfs ik me
een beetje. 'Voor wassen bent u hier aan het verkeerde
adres', meende de snaakse receptionist te moeten
opmerken, voordat ik hem had uitgelegd dat mijn
rechtervoorband al een paar weken langzaam - maar de
laatste dagen steeds sneller - leegliep. Er bleek een
indrukwekkend stuk staal in te zitten, dat vakkundig -
en voor een billijke 19 euro, inclusief uitlijnen - werd
vervangen door een rubberen prop. Na een week in de
ondergrondse parkeergarage van de camping te hebben
gestaan, werd mijn Sorento in één nacht verder volledig in de
stront gezet door honderden spreeuwen die zich in de bomen
boven de parkeerplaatsen voor ons huis tegoed doen aan
de rode besjes die ook hun ontlasting zo mooi oranje
kleuren. De medewerker van Snella Autowas die ik na de
Kwikfit opzocht moest ik vijf euro extra fooi geven om
mijn auto met zijn hogedrukspuit weer een beetje
toonbaar te maken, alvorens ik de wasstraat mocht
inrijden. Het wassen werd daarmee net zo duur als het
repareren van mijn lekke band. De rekening zou ik naar
de afdeling groenvoorziening van de gemeente Katwijk
moeten sturen,
die in de jaren tachtig en negentig boven elke
parkeerplaats in ons mooie dorp een boom heeft geplant
die elke maand van het jaar zijn eigen smerigheid
afscheidt. Automobilistje pesten, dat is het!
Maandag 26 oktober
Vijf
minuten te laat bij de presentatie van het Visserijboek
waarvan ik één van de auteurs ben -
het is niet gebruikelijk dat dit soort dingen in Katwijk
op tijd beginnen, maar uitzonderingen bevestigen de
regel - maakte ik zaterdag de plechtigheid ergens
achterin het bomvolle zaaltje van het plaatselijke
museum mee, staand naast de haspel van het
brandblusapparaat. Na de laatste drukproeven was ik onze
uitgave 'Katwijk, 60 km van zee' volledig uit het oog
verloren, maar het blijkt een kloek en indrukwekkend
boekwerk geworden voor iedereen die in Katwijk, de
visserij of - beter nog - in allebei is geïnteresseerd
(te koop in het Katwijks Museum of bij de plaatselijke
boekhandels voor 19,95 euro, leuk voor sinterklaas of
anderszins). Het boek wordt ondersteund door een
visserijtentoonstelling - of andersom, dat mag van
mij ook - die met name is bedoeld om de autochtone
Katwijkers - die weinig met kunst, maar veel met vis
hebben - weer eens naar hun prachtige museum te lokken.
Zelf vond ik, tussen de honderden foto's en
scheepsattributen - vooral de doordringende haringlucht
goed getroffen, maar die bleek uiteindelijk te walmen
van de schalen met (niet meer zo) Hollandse Nieuwe die
door dames in klederdracht werd uitgevent. Niettemin,
ook zonder haringlucht, van harte aanbevolen!
Mijn mede-auteur Jan van Beelen (midden,
met witte
kuif) en vormgever Bob van der Plas (rechts, met indrukwekkende
zwarte kuif).
Vrijdag 23 oktober, Leersum
Na
booming Veenendaal, ook op de laatste dag van
onze vakantie een herfstklassieker: het Veerhuis in
Opheusden. Het ritje erheen is wel
nieuw, met knooppunten die eerst door het bos en daarna
over het platteland leiden. Voor de niet-klimmers in ons
gezelschap - dat zijn er vijf van de zes - moet ik met
een ruime bocht om de Grebbeberg bij Rhenen heen. Het
Veerhuis ligt - de naam zegt het al een beetje - direct
aan de overkant van de Nederrijn, voor ons alleen
bereikbaar met de pont. Voor het vierde
achtereenvolgende jaar komen we hier al en we hebben het
wel en wee gevolgd van het echtpaar dat dit sfeervolle
pand al die tijd aan het opknappen was. Maar het laatste
'wee' hadden we toch gemist: ze zijn gescheiden en de
nieuwe eigenaren maken er - met behoud van identiteit,
zoals dat heet - een lifestylepaleisje van, dat helemaal
in de smaak viel van drie van de zes leden in ons
gezelschap (twee zussen en een eega). Ze zaten net lang
genoeg aan tafel om hun apfelstrudel en cappuccino naar
binnen te schrokken, maar de rest van de tijd renden ze
van voor naar achter door het verbouwde pand, op de voet
gevolgd door de eigenares die aanwees in welke
designwinkeltjes in de regio ze de spullen allemaal had
ingeslagen. Morgen, zaterdag, gaan we weer naar huis,
maar de dames hebben zich voorgenomen om - met het
lifestyle-lijstje met adressen - binnen enkele weken
terug te keren. En niet voor de mooie natuur, kan ik u
melden.
Donderdag 22 oktober, Leersum
Ja,
deze beelden vertekenen natuurlijk. Want nee, ze hebben
helemaal niks voor zichzelf gekocht. Alleen voor de
kinderen gingen ze van Jack & Jones naar Esprit en vice
versa in het mondaine Veenendaal, dat net zo hoort bij
onze herfstvakantie in Leersum als de vallende bladeren
en de paaltjesroutes. De hele nacht en een deel van de
ochtend had het zachtjes geregend, maar tegen de middag
werd het droog, zodat de tien kilometer naar het
winkelhart van de Heuvelrug toch nog op de fiets kon
worden afgelegd. Voor een middagje Veenendaal maak ik
mijn eigen agenda, die voert van de Dixons (de vandaag
uitgekomen Windows 7 bekijken) naar de Halfords (een
standaard voor de fiets van mijn dochter kopen), naar
Rein Veenendaal (oud-renner en nu eigenaar van een
enorme fietsenzaak waar ik me heb verlekkerd aan de
nieuwste collecties racefietsen en mountainbikes), om te
eindigen bij de ANWB voor een handig hebbedingetje voor
het noteren en aflezen van de fietsknooppuntenroutes: de
bikepointer. Aan het eind ontmoeten we elkaar dan weer
bij de gebakafdeling van La Place in V&D. Ja, laat dat
maar aan mij over om een verloren dag zinvol te
besteden.
Woensdag 21 oktober, Leersum
De herfstvakantie markeert
doorgaans het moment dat ik mijn goddelijke, gespierde
zomerlijf inruil voor een torso die - laat ik het
voorzichtig zeggen - mij door de barre wintermaanden vol
ontberingen moet helpen. Ik kom een kilo of tien aan,
bedoel ik daarmee te zeggen, en dat onomkeerbare proces
stelt mij elk jaar weer voor een raadsel. Want zeg nou
zelf: ik zit hier al sinds zaterdag vijf dagen lang op
de fiets, in de regel van de vroege ochtend tot het eind
van de middag. En het tempo mag dan niet altijd even
hoog liggen, in combinatie met trainingstritjes op de
mountainbike leg ik toch elke dag wel tussen de 70 en 90
kilometer af. Hoe - vraag ik mij in gemoede af - slaag
ik er elke herfstvakantie toch maar niet in om op
gewicht te blijven?
Dinsdag 20 oktober, Leersum
Alleen met
satellietnavigatie wagen we ons over de rivier, waar we
van de Utrechtse Heuvelrug opeens in de ons onbekende
Betuwe belanden. Het oranjestadje Buren is ons doel,
maar als blijkt dat mijn Garmin GPSmap60Cx ons op de
fiets hardnekkig blijft sturen naar wegen die vooral
geschikt zijn voor trucks met oplegger, val ik toch weer
terug op die andere nieuwe vinding die het fietsen
zoveel plezieriger heeft gemaakt: de knooppuntenroutes.
Mijn in Scherpenzeel aangeschafte handschoenen blijken
zich bovendien uitstekend te lenen om een stukje
placemat met nummertjes overzichtelijk op het stuur weer
te geven. Alle jonge en dynamische eetgelegenheden in
Buren - waar de accu van mijn moeders Gazelle Easy
Glider hoognodig moet worden opgeladen en de inwendige
mens dient te worden versterkt - blijken 'wegens
familieomstandigheden gesloten' of pas vanaf 17 uur open
te zijn, waardoor we uiteindelijk in de wat belegen
uitspanning De Swaen terechtkomen. Mijn buitenissige
uitsmijter De Betuwe (drie hele dooiers, ham, kaas,
worst, tomaat en huzarensalade) zal mij later een groot
deel van de avond aan het campingtoilet kluisteren.
Buren.
Dijken, boerderijen, een uitsmijter De
Betuwe en pontjes, veel pontjes.
Op de terugweg, de skyline
van Wijk bij Duurstede.
Maandag 19 oktober, Leersum
Wat hebben we hier de afgelopen vier jaar
in hemelsnaam uitgespookt? Dat mag je je in gemoede
afvragen, want ook nog nooit gedaan in onze
Leersum-herfsten: de Grebbelinieroute. Een tocht langs
de verdedigingswerken die ons in mei 1940 weliswaar niet
meer dan symbolische bescherming boden tegen het
oprukkende Duitse leger, maar 70 jaar na dato toch maar
mooi 45 prettige fietskilometers opleveren. Gewoon, net
als de bezetter destijds, de bordjes volgen. Het was
bewolkt maar droog en met een graad of negen toch zo
schraal dat ik bij een lokaal modehuis - veel degelijke
plooirokken - in het pittoreske Scherpenzeel een paar
handschoenen moest aanschaffen. Weinig vertier,
onderweg, want op maandag bleken zo'n beetje alle betere
koffiehuizen hun deuren gesloten te houden. En Dicky's
Theeschenkerij - ik kan er ook niks aan doen - gaat
zelfs in maart pas weer open.
Zondag 18 oktober, Leersum
Fietsen of wandelen? Meer
dilemma's hebben we niet, deze week. En waarom niet
allebei? Al vier jaar rijden we langs Landgoed
Broekhuizen aan de rand van Leersum, maar zaterdag zagen
we voor het eerst pas dat er ook wandelroutes over het
terrein lopen. Met beschilderde paaltjes, nota bene. En
een natuurpad voor mindervaliden. Zo hoort dat in
Nederland. Dus liepen we anderhalf uur door een Engels
landschapspark dat wordt beheerd door Staatsbosbeheer
met een gigantisch landhuis in particulier bezit. (Er
stond nog veel meer op het bordje bij de entree, maar
dat heb ik niet meer paraat.) In elk geval was dit de
tweede dag van onze vierde herfst in Leersum waarop we
iets deden wat we nog nóóóóóóóóóóóit eerder hebben
gedaan. Het was ook de laatste keer, heb ik maar
meteen aangekondigd, want wandelen is dodelijk voor het
spierstelsel van een fietser.
Zaterdag 17 oktober, Leersum
Een
tante zaliger van mijn vrouw ging haar hele leven op
vakantie naar Nijverdal en wist ons elke verjaardag op
de mouw te spelden dat ze daar - op haar 73ste - nog elk
jaar nieuwe weggetjes ontdekte. En zo is het bij
ons ook, in het vierde jaar Leersum, al vallen we de
eerste dag graag terug op oude routines: een stukje door
het bos naar Amerongen, daarna over de dijk richting
Wijk bij Duurstede en halverwege weer rechtsaf - anders
wordt het te ver - door het bos terug naar de camping.
Na de uitputtende reis van vijf kwartier van Katwijk
naar de Utrechtse Heuvelrug bleven twee zwagers en mijn
moeder in de caravan achter voor een middagdutje,
waardoor ik als routeplanner optrad voor mijn vrouw en
twee zussen. Voor het eerst gebruikte ik daarbij het
knooppuntenroutekaartje dat ik vorig jaar op de laatste
dag van onze herfstvakantie kocht. Voor ons vertrouwde
rondje Amerongen - dat ik inmiddels kan dromen - moesten
we daarvoor opeens de nummers 17, 16, 18, 19, 11 en 12
volgen. En het is gek, maar het was alsof we er voor het
eerst reden. Het zal, net als bij die tante zaliger, de
leeftijd wel zijn.
Vrijdag 16 oktober
Daar gaan we weer. Want als we niet elk
jaar zouden gaan, was het geen traditie. De
herfstvakantie brengen we door op camping Ginkelduin in
Leersum, middelpunt van mountainbikeroutes,
fietsknooppunten over de Utrechtse Heuvelrug en routes
langs de Hollandse IJssel. Wie gaan er mee? M'n moeder,
twee zussen, een zwager, mijn vrouw, zoon Steven en neef
Ben. Want nieuw dit jaar: allerlei postpubers grijpen
dit weekje aan om thuis te blijven. Zo zet onze dochter
de eerste schreden naar de zelfstandigheid,
waarschijnlijk op een dieet van frituur, pizza en
kant-en-klaarmaaltijden. Wat
gaat er mee? Vier caravans en acht fietsen. Van de drie
rijwielen die ik vorig jaar alleen al voor mezelf meenam
(zie foto), heb ik er toen twee niet gebruikt. Tijd om
het dit jaar helemaal anders aan te pakken. Door maar
twee fietsen voor mezelf mee te nemen, bijvoorbeeld. Met
het heilige voornemen om niet alleen met de familie van
appelgebakterras naar lunchroom te rijden, maar ook
zeker elke dag te mountainbiken door bos en veld. Nou ja, in elk geval
een keer of vijf. Of vier. Maar zeker drie!
Donderdag 15 oktober
Het
zijn kleine momenten in een mensenleven, maar je moet er
wel even bij stilstaan, vind ik.
Tot
de artiesten waar ik 'alles' van heb behoort John Gorka.
Alle cd's, bedoel ik daarmee, van zijn eerste 'I Know'
uit 1987 tot 'Writing in the margins' uit 2006 en
alle acht albums die daar nog tussen zitten. Allemaal
origineel, niks gestolen van internet, wat alleen
voorbehouden is aan mijn selecte gezelschap van absolute
topfavorieten. Maar gisteravond heb ik gebroken met die
traditie met zijn nieuwste cd 'So dark you see'. Dat wil
zeggen: met het aanschaffen van het schijfje. Ik draai
namelijk sinds 2006 geen cd's meer. Al mijn muziek
staat op de harde schijf - twee harde schijven, voor de
zekerheid - en ik speel ze via mijn muziekinstallatie af
met het programma Itunes. Daar is ook een winkel aan
verbonden - de Itunes Store - waar ik overigens weer
alleen van mijn rijtje topfavorieten de muziek
legaal aanschaf. Enerzijds omdat ze vaak te obscuur zijn
om via de geëigende illegale kanalen te downloaden,
anderzijds omdat ik deze kleine krabbelaars graag
financieel ondersteun. En, het moet gezegd, Itunes
rekent billijke prijzen: voor de 16 nieuwe nummers van
deze verstilde Amerikaanse sombermans betaalde ik 8,99
euro, en dan heb je ze ook nog eens binnen een paar
minuten op je harde schijf staan. Bij bol.com kost het
plaatje 17,99 euro (plus 1,65 euro verzendkosten) en moet je er nog op wachten ook.
Woensdag 14 oktober
Als bijna 150 jaar oude
krant zitten we tegenwoordig met allemaal jonge, snelle
communicatie- en internetboys in een eigentijds
verbouwd monumentaal fabriekspand in de Leidse
binnenstad, Nieuwe Energie genaamd. Prettig voor de
kruisbestuiving, zo was de gedachte, niet alleen met de
stad, maar ook met elkaar. Om dat laatste te
bewerkstelligen was er gistermiddag een EnergieBoost
(spreek uit: boest):
alle bedrijven en bedrijfjes konden na vieren bij elkaar
binnenkomen om eens rond te snuffelen, een workshop te
volgen of anderszins te netwerken. En uiteraard een
borrel toe. Om de toeloop naar mijn 'kijk en
luistershop' op de zolderverdieping van onze redactie
enigszins te temperen, had ik mijn voorstelling zo saai
mogelijk aangekondigd: Heden en verleden van het Leidsch
Dagblad (de toekomst liet ik wijselijk voor wat die was). Met behulp van een pc, een beamer en mijn
geïmproviseerde, van kwinkslagen doorspekte betoog, zou
ik die vluchtige communicatie en internetboys wel
eens laten zien hoe je een degelijk product als een
krant in elkaar sleutelt. Twee sessies van 20 minuten
waren er voor me ingepland, eentje van 17.10 uur tot
17.30 en eentje van 17.40 tot 18.00 uur. Maar in het
geweld van de nieuwste computerspellen, demonstraties
Oosterse zelfmassage en workshops sushi maken op de
begane grond, kwam er - en dan ook nog helemaal tegen
het eind van sessie twee - welgeteld één oude man omhoog
om een praatje met me te maken. Hij zal van mijn
leeftijd zijn geweest. Heel nadrukkelijk bekroop me het
gevoel dat we voor die communicatie- en internetboys niet meer van deze tijd zijn.
Dinsdag 13 oktober
Toen ik enkele maanden geleden begon als
passieve twitteraar - ik volg het illustere drietal Nico
Dijkshoorn, Barack Obama en Lance Armstrong, meer niet -
was ik een meeloper. Iemand die - niet voor het eerst -
zijn oren laat hangen naar rages en de
ruggengraat mist om de verleidingen van nieuwe gadgets
te weerstaan. Over mijn weblog en andere moderne
manieren van communiceren had ze zich al eerder
laatdunkend uitgelaten. Maar goed, dat was een paar
maanden geleden. Een reeks moderne marketing- en andere
snelle cursussen voor haar werkgever verder, is ze
ineens actief op Hyves en werd ik zondagmiddag - bijna
letterlijk met het mes op de keel - door mijn vrouw en
echtgenote gedwongen om aan mijn twitterrijtje Nico
Dijkshoorn, Barack Obama en Lance Armstrong ook de
Katwijkse Openbare Bibliotheek toe te voegen.
Maandag 12 oktober
Volkskrant-recensent en
vogelaar Jean Pierre Geelen schreef laatst enthousiast
over een nieuwe verrekijker die hij had aangeschaft.
Ontzettend duur, was het ding, maar hij had voor zijn
vrouw desondanks maar tweehonderd euro van de prijs af
gelogen. Dat vond ik een herkenbaar zinnetje. Alle
mannen met een kostbare hobby stellen voor hun
echtgenotes de prijs van nieuwe hebbedingetjes naar
beneden bij. Waarom? Het scheelt een hoop gezeur en je
doet er verder niemand kwaad mee. Zelf ben ik ook een
erkend afprijzer omdat ik uit ervaring weet dat vrouwen
niet goed de waarde inzien van aankopen die ik
bijvoorbeeld voor mijn fiets(en) doe. Zelfs de keren dat
ik denk écht voor een koopje uit te zijn, moet ik toch
nog in discussie. Zoals dit weekeinde, waarop mijn
mountainbike terugkwam van een winterbeurtje. Hoe duur?
138,75 euro, sprak ik geheel naar waarheid. Als het 300
was geweest, had ik het ook billijk gevonden. Moet je
kijken wat ze daar allemaal voor doen, ging ik meteen in
de verdediging: een servicebeurt voor de derailleur en
het controleren en eventueel stellen van, hou je vast: trapas, balhoofd, wielen, naven,
remmen, remblokken, versnellingskabels, ketting en
banden. Bovendien had ik een nieuwe ketting nodig,
nieuwe remblokken achter en een binnenband. 'Nou, toch
vind ik het best duur', zei mijn vrouw onredelijk. Dus:
volgende keer beweer ik dat het vijf tientjes was. Dat
willen ze gewoon horen, die vrouwen.
Zaterdag 10 oktober
De bonusregeling van 50 cent
per punt heb ik in het leven geroepen in een tijd dat
zijn basketbalspel voornamelijk bestond uit het geven
van breedteballetjes, zijn layupjes nergens op leken en
zijn schot in bijna honderd procent van de gevallen de
benaming 'airbal' (een bal die basket noch bord raakt)
verdiende. Er gingen halve seizoenen voorbij dat ik
nooit hoefde uit te keren. Maar de competitie 2009/2010
dreigt in de papieren te gaan lopen. Hij eist de bal op,
zijn layupjes (de lange dribbels naar de basket, twee
stappen maken, omhoog komen en scoren) lopen opeens als
een trein en zijn schotpercentage gaat naar de zestig
tot zeventig procent. In de eerste wedstrijd tegen ABC
uit Ter Aar scoorde hij elf keer (5,50 euro) en dit
keer, tegen Dunkinn uit Roelofarendsveen, legde hij de
bal zeventien keer (8,50 euro) in het netje (volgens het
scorebord gewonnen met 83-39, maar daarmee deden ze ons
nog een paar puntjes te kort). Hoogste tijd om de
bonusregeling te herzien. Wat dat betreft heb ik de
tijdgeest helemaal mee. Weg met de graaicultuur!
Vrijdag 9 oktober
Lange
tijd hebben we gedacht dat de internationale
kredietcrisis aan ons gezin voorbij zou gaan. We hebben
allebei onze baan nog, de aandelen zijn reeds jaren
geleden de deur uitgedaan, we bankieren niet bij de DSB
en de prijs van ons huis mag 400 procent kelderen en dan
nóg is er sprake van overwaarde. Maar
juist op dat moment klopt de recessie nadrukkelijk bij
ons aan de poort. Eerst gaat de dealer van de Chevrolet
Matiz van mijn eega failliet (inmiddels is er sprake van
een bibberige doorstart), en donderdag laat mijn Kia-dealer uit Leiderdorp
in bloemrijke taal weten dat 'de ondergang van
onze vorige importeur Kroymans' hem (en vele andere
dealers in Nederland) fataal (= noodlottig) is geworden. Fataal, inderdaad.
'God hebbe zijn ziel', ging het even door mij heen,
totdat mij gewaar werd dat er 'slechts' sprake van was dat hem
'geen plek meer is gegund in de nieuwe strategie van Kia
Motors'. In de rechtszaal wordt nog gestreden om het
voorrecht van Kia het 'Erkend Reparateurschap'
(noodzakelijk voor klanten met garantie, zoals ik) te
krijgen. Maar: 'Ondanks dit oneerlijke besluit van
Kia Motors kunnen
wij melden dat wij als gezond en sterk bedrijf actief
zullen blijven in Leiden en omstreken. Zo kunnen wij u
uiteraard blijven voorzien van alle service/onderhoud
aan uw Kia, en zullen wij met onze ziel en zaligheid
doorgaan, zoals wij dat al 73 jaar doen.' Kijk, zo
mag ik het horen. Een bejaarde die een fatale tegenslag te
verwerken krijgt, niet bij de pakken wenst neer te
zitten en zichzelf met ferme peptalk reanimeert. Maar
zonder dat 'Erkend Reparateurschap' trek ik toch de
stekker uit mijn klandizie.
Donderdag 8 oktober
Vliegen doen ze niet. Veel te gevaarlijk.
Maar met de bus komen ze ook overal. De grafmeisjes -
pardon, de (kerk)hofdames moet ik zeggen - zijn net
terug uit Kroatië waar mijn moeder
(derde van links) met de weduwen met wie ze op de
Katwijkse begraafplaats bevriend is geraakt, de boel
weer op stelten hebben gezet. Mijn werk is het dan om
van de beelden die met mijn moeders digitale camera zijn
gemaakt - jazeker, de dames gaan wel met hun tijd mee -
een fotoalbum samen te stellen. Als ik alle opnamen die
per ongeluk zijn afgedrukt, zwaar zijn bewogen (mijn
moeder beeft nogal), compositorisch beroerd zijn, niet
te corrigeren zo scheef zijn of alleen maar zwarte
vlekken vertonen (druipsteengrotfotografie is altijd erg
lastig), houd ik er nog een Hema-album van zestig
pagina's aan over. Nu Kroatië af is en naar de drukker
verstuurd, heb ik Spanje nog liggen. Daar zijn ze twee
maanden geleden geweest. En binnenkort komen de
kerstreisjes er alweer aan. En hebben ze tussendoor Oostenrijk
niet gedaan, of zoiets? Kortom, ik
ben nog een paar avonden onder de pannen.
Woensdag 7 oktober
Het kan toch geen toeval
zijn: sinds ik vorige week op deze plek reclame maakte voor de site
www.hetregentbijnanooit.nl is er nog geen dag
voorbij gegaan zonder dat ik op de fiets zeiknat
regende.
Dinsdag 6 oktober
Natuurlijk wist hij het zeker: zijn
Franse woordjes hoefde hij alleen van het Frans in het
Nederlands te leren. Niet andersom. Dat deed niemand,
uit zijn klas. Hij had het
duidelijk van zijn leerkracht gehoord. Alleen
Frans-Nederlands. Het stond ook in
zijn agenda. Of in zijn werkplanner, daar wilde hij
vanaf zijn. Nee, dan kon zijn moeder wel tienduizend
keer zeggen dat je een taal altijd naar twee kanten toe
leert, als het niet hoefde van zijn leraar en het stond
ook niet in de werkplanner dan zou je wel
heel stom zijn als je ook van het Nederlands in het
Frans ging leren. Hij kon zijn kostbare tijd wel beter
gebruiken. En ja, als dat mens tijdens die schriftelijke
overhoring toch opeens allerlei dingen van het
Nederlands in het Frans gaat vragen, is dat natuurlijk
belachelijk. Slaat helemaal nergens op. Helemaal tegen
de afspraak. Net als de
puntentelling, die ze hanteert. Hij had
3,5 fout gemaakt: goed voor een 4,6! Terwijl
klasgenoten die havo doen - en niet vwo, zoals hij - met
7 fouten nog een 6,5 kregen. Heel onrechtvaardig. Als
het zo moest, kon hij er net zo goed mee kappen. Nee,
het had natuurlijk geen enkele zin om met zijn
leerkracht over dat leren of die puntentelling in gesprek te gaan.
Dat mens is echt niet voor rede vatbaar. Verschrikkelijk
eigenwijs. Heel anders dan hij.
Maandag 5 oktober
Nee,
zelf hoefde hij niet te spelen. Maar toch bracht onze
zoon de hele zaterdagmiddag in de sporthal van
Grasshoppers door. Hij moest 'tafelen'. Voor wie niet
vertrouwd is met de edele basketbalsport: naast twee
scheidsrechters is er ook een administratieve
twee-eenheid die de wedstrijd in goede banen leidt.
Achter de tafel (vandaar het werkwoord 'tafelen') houdt
dit duo bij wie er gescoord heeft, wie er persoonlijke
fouten achter hun naam krijgen, wanneer de klok moet
worden stilgezet en wat de stand is. Na zijn tafelcursus
was onze jongste nazaat (hier op archiefbeeld, naast
zijn vriend Dennis) welgeteld één
keer eerder ingezet om een wedstrijdje (van een
jongemeidenteam) te administreren (in februari van dit
jaar, was dat), waardoor de aanloop naar zijn tweede
tafelduel (jongens onder 16) niet geheel stressvrij
verliep. Het 'afkopen' van de tafelbeurt - ja, dat kan
ook, er zijn invallers die er een leuke zakcent aan
verdienen - werd hem door het ouderlijk gezag verboden -
tafelen is ook een lesje in verantwoordelijkheid nemen
en concentratie - waardoor de nacht van vrijdag op
zaterdag voor hem een vrij korte werd omdat hij reeds
bij het ochtendgloren in bed het tafelcursusboek nog
eens lag door te nemen. Ik ben bewust niet gaan kijken,
dus uit de tweede hand weet ik dat zijn voornemen om de
klok te hanteren (het makkelijkste klusje bij het
tafelen) in de grond werd geboord door een zo mogelijk
nog onervarener tafelmaat, die bovendien net een
inspannende wedstrijd had gespeeld. Maar - alweer uit
overlevering - begreep ik dat hij het voorbeeldig deed,
al maakte hij na het invullen van het formulier wel dat
hij snel uit de sporthal weg kwam voordat eventuele
onregelmatigheden zouden worden ontdekt. Van de kant van
de tegenpartij verwacht ik geen protesten: die heeft hij met
40 punten verschil laten winnen.
Vrijdag 2 oktober
De term is van haarzelf,
want ik zou mijn vrouw natuurlijk geen loser
durven noemen. Ze heeft mij gevonden, tenslotte.
Maar een feit is dat ze op zekere momenten in het leven
voor het ongeluk lijkt geboren. Als wij met 55.000
andere mensen in een bomvolle Kuip zitten en er wordt
van de tweede ring een bierblikje gegooid, dan krijgt
zij het op haar hoofd. Idem dito als er een eenzame
meeuw met constipatie boven de Katwijkse Boulevard
cirkelt. Gisteravond gooide ze na het eten - met natte,
gladde handen - met een krachtig armgebaar een op de
keukenvloer gevallen doperwt door de openstaande deur de
tuin in, waarbij ze opeens haar kostbare ring door de
lucht voelde vliegen en in het dikke struikgewas van
onze tuin hoorde landen. Geen idee wáár precies, in het
oerwoud van bodembedekkers en grassen. Het kon overal
zijn. Toen ik haar achterliet om een rondje te gaan
biken ploegde zij samen met onze zoon - die het na
een minuut al zat was - radeloos door het lover, onder
het mompelen van het mantra 'Die vind ik nooit meer'. En
toen ik, ver na het invallen van het duister, weer
thuiskwam, verwachtte ik haar daar nog steeds te zien
zitten, bloemen en planten met woeste halen in de lucht
gooiend. Maar ze hing voor de tv, met een voldaan
gezicht, de ring trots om haar vinger. 'Ik mag dan een
loser zijn, ik geef niet gauw op', merkte ze voldaan
op. Bij daglicht ga ik de ravage in onze tuin maar eens in ogenschouw nemen.
Donderdag 1 oktober
Omdat Gerard Poels op een
website bijhoudt wat
bijna iedereen al weet, haalde hij enkele weken geleden
alle kranten van Nederland. Zijn boodschap: ga
lekker op de fiets naar het werk, want het regent bijna
nooit. Over een jaar gemeten kwam hij tot 11 procent
regenritjes (met een piek in februari, waar in december,
april en augustus 100 procent droog werd gereden). Mijn
eigen ervaringen na anderhalf jaar fietsen van Katwijk naar de
redactie aan de 3e Binnenvestgracht in Leiden zijn nog
gunstiger, al houd ik niet zulke mooie grafiekjes bij
als Poels. Als je namelijk de buienradar in de gaten
houdt en je kunt een beetje flexibel beginnen -
kwartiertje eerder, kwartiertje later - dan rijd je
bijna altijd droog naar je werk. Alleen de afgelopen
drie dagen heb ik elke dag, thuis of onderweg, mijn
regenpak moeten aantrekken. Het wachten is op een
buienradar die goed aangeeft dat het zo geniepig miezert
dat je er binnen een half uur toch zeiknat van wordt.
Vrouwen hebben reünies van de
zwangerschapsgymnastiek om ervaringen uit te
wisselen, maar voor vaders was er - in de
tijd dat ik met mijn columns begon -
helemaal niets. Geen zelfhulpgroep, geen
vertrouwenstelefoon en geen speciale
afdeling bij het consultatiebureau. Om die
reden ben ik begonnen met het vastleggen van
mijn ervaringen als pretvader. Eerst voor de
krant, toen in een boek, nu op deze site.
Wat is een pretvader?
Iemand die wel zijn best doet om een
volwaardige partner te zijn in de dagelijkse
strijd die opvoeding heet, maar daar volgens
zijn eega niet echt in slaagt. Iemand die
wel de kinderen naar bed brengt, maar het
speelgoed dat in hun kamers op de grond
rondslingert aan de kant schopt, in plaats
van het op te ruimen. Iemand die op
zaterdagmorgen, als zijn vrouw aan het werk
is, de nazaten om half acht voor de tv zet
om zich direct daarna in bed nog eens lekker
om te draaien. Iemand die liever meegaat
naar de basketbaltraining dan dat hij
toeziet op het leren van het huiswerk.
'Pretvaders' zijn dat, die zich - ondanks al
hun goede bedoelingen - ogenschijnlijk
alleen bemoeien met de aantrekkelijke kanten
van het opvoeden.
Deze site is voortdurend onder constructie.
Mocht u iets tegenkomen wat niet klopt,
meld het mij dan.