Er zijn maar weinig weken
dat ik dit weblog gebruik waarvoor het ook bedoeld is:
als kladblok voor mijn krantencolumns. Maar gistermiddag
kwam het wel bijzonder van pas. Ik reed van de redactie
naar de vuurwerkwinkel om het Jongerenpakket van mijn
zoon op te halen (zie boven), toen ik in de auto werd gebeld door een
bureauredacteur uit Alkmaar. Waar m'n column bleef voor
de Gesprek van de Dag-pagina? Ik had juist de dag ervoor
een stuk afgescheiden voor de Oud en Nieuw-bijlage die
vandaag ook in de kranten ligt, en had me op geen enkel
moment gerealiseerd dat ik met twee stukken op de
proppen had moeten komen. Het was vier uur in de middag
en de pagina moest eigenlijk wel om vijf uur worden
afgemeld, voordat de avondploeg begon. Om 16.15 uur was
ik thuis, logde in op het krantensysteem (duurt altijd
wel zo'n tien minuten om alle beveiligingsprocedures te
doorlopen), plakte twee vuurwerkweblogjes (die van
gisteren en die van 9 december) creatief aan elkaar,
schreef snel even een verbindend middenstuk en voilà, om
16.55 uur was mijn column op lengte. Excuses aan dat
handjevol webloglezers van me waarvoor het gedeeltelijk een déjà vu
moet zijn geweest, maar het belang van 200.000
krantenabonnees ging even voor.
De traditionele
oliebollenbakfoto! Vandaag experimenteerde ik met rum.
Krenten, stukjes appel en rozijnen een nacht lang in een
mengsel van warm water en Bacardi. Verder dicht bij het
originele recept gebleven om de oliebollensmaak ook vast
te houden. Tevens nog een schaal appelflappen gebakken,
altijd lekker om Nieuwjaarsdag mee door te komen.
Woensdag 30 december
Het zijn moeilijke tijden
voor de aspirant-vuurwerkkoper. Elke ochtend als mijn
eega de krant openslaat en wordt geconfronteerd
met weer een afgerukte hand of een paar ogen waaruit het
licht voor eeuwig is geweken, ontsteekt ze in woede over
het Jongerenpakket dat mijn zoon en ik bij
No Limit Fireworks hebben besteld. De eisen die aan
hem - en dus impliciet ook aan mij - bij het afsteken
worden gesteld, worden met het uur absurder. Het eindigt
er waarschijnlijk mee dat we op oudejaarsavond helemaal
niet meer naar buiten mogen en ons jongerenpakket enkele
dagen na Nieuwjaar door de Explosieven Opruimingsdienst
op een afgelegen weiland gecontroleerd tot ontploffing
wordt gebracht. Gelukkig was daar Het Parool, dat
gistermiddag wat tegengas gaf door het interviewen van
een aantal deskundigen, zoals daar zijn:
Plastisch chirurg Irene
Matthijssen:Per jaar komen hier gemiddeld
vierhonderd gevallen van spoedeisend handletsel. Als er
daarvan tien of twintig door vuurwerk komen, is het
veel. Wat dat betreft zouden we veel meer gebaat zijn
bij een verbod op klussen met cirkelzagen en dergelijke
gevaarlijke apparatuur thuis.
Peter Vogel van B&B
Feestartikelen:Als mensen nadenken bij het
afsteken van goedgekeurd vuurwerk, is het risico miniem.
Handen eraf en zo gebeurt allemaal met het illegale
spul. Dát wordt steeds gevaarlijker.
Medisch manager Jos
Vloemans van het Brandwondencentrum in Beverwijk:
Het aantal opnames door vuurwerk is hier niet zo groot.
Rond oud en nieuw zien we veel meer brandwonden ontstaan
door frituurvet, bij het gourmetten en bij het vullen
van fonduestelletjes.
Vanmiddag tussen 15 en 16
uur mag ik het Jongerenpakket ophalen.
Dinsdag 29 december
De laatste week van het jaar
leent zich uitstekend voor een balansdag. Na de
overvloed van de kerstdagen is het goed om de maag even
wat rust te gunnen en wat opslagen vet te verteren.
Dacht ik maar zo. Wat dat betreft kwam het weinig
gelegen dat gistermorgen het nieuws bekend werd dat een
Leidse oliebollenbakker op de allerlaatste plaats was
geëindigd in de oliebollentest van het Algemeen Dagblad
en hij ons, van zijn eigen Leidsch Dagblad, met een zak
ballen van eigen makelij van het tegendeel wilde
overtuigen. Mwah, het AD had wel een punt, maar de term
'braakballen' was gechargeerd. Hooguit wat aan de vette
kant en smakeloos. Daarna kwam een
tevreden relatie - jazeker, ze bestaan - nog eens een
paar andere zakken met bollen brengen om ons te bedanken
voor de fijne samenwerking in het afgelopen jaar. En nam
collega Paul de Vlieger - nu de kantine dicht is in
deze overgangsweek was het zijn beurt om broodjes te
halen bij het lunchloket van de Digros - ook nog wat
appelflappen mee. Fietste ik deze overvloed er dan nog
een beetje vanaf, op weg van Katwijk naar Leiden? Nee,
omdat het vanmorgen pijpenstelen regende en ik nog wat
extra spullen mee naar de redactie moest slepen (onder
meer een fles champagne en een glas, ten bate van
fotoshoot voor mijn nieuwjaarscolumn) pakte ik
luiheidshalve maar de auto. De oliebollen die nog over
waren op de redactie, nam ik mee naar huis, voor de
kinderen. Drie oliebollen, waren dat. Ik heb twee
kinderen. Afijn, tot zover mijn eerste balansdag. Morgen
weer moedig op weg naar mijn streefgewicht!
Maandag 28 december
De keren dat ik met het
vliegtuig reis, mag ik graag het verhaal geloven dat
stewardessen al bij de ingang passagiers selecteren die
in geval van nood daadkrachtig kunnen optreden. Daar
zijn ze op getraind. Met één oogopslag zien ze
bijvoorbeeld dat ik legerervaring heb. En aangezien ik
met mijn 1.95 meter doorgaans bij de nooduitgang zit,
krijg ik bovendien speciale instructies om ieders
veilige aftocht te garanderen. En onderweg ben ik altijd
- en zekere niet alleen vanwege mijn vliegangst - extra
alert op calamiteiten, al heb ik tot nog toe nooit in
actie hoeven komen. Ik weet zeker dat ik aan boord niet
de enige ben. Er zijn er meer zoals ik. In iedere man
schuilt een Jasper. We moeten alleen nog de kans krijgen
om hem naar buiten te laten.
Zondag 27 december
Hoogstens één keer per
jaar komt bij ons de steengrill op tafel, bij voorkeur
op Tweede Kerstdag. Leuk voor de kinderen. Tien jaar
geleden schreef ik er de volgende column over:
Leuk
voor de kinderen
Philips zorgt er een week voor de kerstdagen voor dat de
luxe steengrill 'Luna' met een aantrekkelijke korting in
de schappen ligt. ('Met deze luxe steengrill met
gourmet-raclette-set (HD 4421) kunt u op een snelle,
gezonde en voedzame manier vlees, vis en groenten
grillen. Het Magic Light garandeert een sfeervolle
avond!')
De
procedures die een Russische president moet doorlopen om
het complete kernwapenarsenaal te lanceren zijn
aanmerkelijk korter dan de lijst met voorschriften die
ten grondslag ligt aan een avondje succesvol
steengrillen. Maar het zorgvuldig doornemen van
gebruiksaanwijzingen is in onze familie geen traditie.
Als we, thuisgekomen na een behoorlijk uitgelopen High
Tea bij de schoonfamilie, de 'Luna' uit de verpakking
halen en constateren dat er een snoer en een enkele aan/uit-schakelaar
aan zit, lijkt er geen vuiltje aan de lucht.
Van
enig onbehagen is pas sprake als na enkele minuten een
stevige rookontwikkeling de huiskamer-in-kerstsfeer
verandert in een Italiaans voetbalstadion voorafgaande
aan een beladen derby. ('Wanneer u het apparaat voor
de eerste keer gebruikt, kan er wat geur en rook
vrijkomen.')
Als
na een kwartier de damp alleen maar zwarter wordt, ga ik
toch maar even op onderzoek uit. Er zit nog een sticker
op het verwarmingselement, laat ik mijn echtgenote weten
als ze net de tweede 1 van 1-1-2 heeft ingetoetst. De
kinderen die met hun favoriete knuffels buiten in de
regen staan, mogen weer binnenkomen.
Na
een half uur is de steen zodanig opgewarmd dat het deel
van de vaderlandse veestapel dat in afgepaste reepjes op
bereiding ligt te wachten, op de gloeiende plaat kan
worden uitgestald. Maar wat erop ligt, moet er ook weer
af. En dan blijkt dat kipfilet de onvermoede eigenschap
heeft om zich spontaan vacuüm te trekken op de
ondergrond. ('Om vastplakken te voorkomen, laat u het
vlees of de vis even goed dichtschroeien voordat u het
omkeert.')
Restanten van de eerste baksels verkolen het daarop
volgende half uur tot de kankerverwekkende koolstof
waarmee in het Oostblok de schoorsteenwanden van
elektriciteitscentrales zijn bekleed. ('Om de kans op
aanbakken te verkleinen kunt u de steen voor het gebruik
met een beetje zout bestrooien. Maak tijdens het gebruik
de grillsteen van tijd tot tijd schoon met een houten
spatel').
De
fijne vetregen blijft bij het grillen van stukjes
kogelbiefstuk en varkenshaas beperkt tot een halve meter
rondom het apparaat. Dat kersttafelkleed was toch voor
eenmalig gebruik en behangen en witten staan voor over
anderhalf jaar op het programma. Pas bij de
minihamburgers en de partyworstjes lijkt het alsof er
een fakkel in een doos met illegaal Belgisch vuurwerk
wordt gegooid. ('Grill geen al te vette vleessoorten.
Het vet zou verbranden en over de rand van de steen
kunnen lopen. Pas op voor vetspatten bij het grillen van
vet vlees en worstjes. Prik vooraf een paar gaatjes in
de worstjes.')
Dat
een lasbril geen overbodige luxe is, blijkt als een
vetspetter mijn oogbol raakt, ik in een reflex mijn
lichaam naar achteren werp en er pijnlijk aan herinnerd
word dat ik met mijn stoel vlak voor de post van de
keukendeur zit. Als ik onderuit glijd, probeer ik me
vast te pakken aan het eerste het beste voorwerp dat
binnen handbereik is ('Laat de steen voldoende
afkoelen - tot handwarm - voordat u deze gaat afwassen'.)
Met
een gezwollen oog, een bult op het achterhoofd en blaren
op acht van de tien vingers ben ik de rest van de week
een wandelende reclame voor de noodlijdende afdeling
consumentenelektronica van Philips.
Zo
leuk voor de kinderen.
Zaterdag 26 december
Eerst nog maar eens wat geruststellende
woorden vooraf: je wordt niet zozeer dik van wat je
tussen kerst en oud en nieuw allemaal naar binnen stopt,
maar van de periode tussen oud en nieuw en kerst.
Indachtig dat motto hebben wij Eerste Kerstdag beleefd,
waarbij ik zonder enige schroom durf te zeggen dat ik de
hele dag geen hand heb uitgestoken in de keuken - waar
door mijn zus, zwager, echtgenote en nicht goed werk
werd verricht - maar de hele dag wel exquise Italiaanse
wijnen heb opengetrokken. Dat is ook een kwaliteit.
Andere wetmatigheden voor Eerste Kerstdag: belegen
familiefilmpjes kijken (van toen de kinderen nog klein
waren en mijn vader nog leefde), een
mannen-tegen-de-vrouwen-kennisquiz (de uitslag laat zich
raden) en, na het eten, sjoelen, waarbij ik het met mijn
verfijnde techniek moest afleggen tegen het botte geweld
van de rammers. Vandaag is voor ons een tussendag: met
de schoonfamilie vieren we morgen Derde Kerstdag.
Vanavond volgt het onvermijdelijke steengrillen in eigen
kring, waaraan eerst een aantal uren van soberheid
vooraf dienen te gaan voordat ik er zelfs maar aan durf
te denken.
Tot die tijd maak ik mijn belofte aan
Cokky waar en loop de
achterstand met de publicatie van internetcolumns in.
Vanaf mijn plek aan de eettafel (waar mijn pc staat) heb
ik zicht op mijn echtgenote die met haar laptop op
schoot - namens de bieb, uiteraard - zit te twitteren.
Over haar het volgende in:
Zijn
wij weer de enigen die het weeralarm negeren?, mopperde
onze zoon, die eigenlijk niet zo'n zin meer had om er 's
avonds om half tien nog uit te gaan voor een
kerstnachtdienst in Leiden. Maar opgroeien in
gezinsverband brengt ook zo zijn verplichtingen met zich
mee. En een jaarlijks bezoek aan de Pieterskerk hoort
daarbij. Kerst hoor je te vieren in een monumentale
entourage, met een orkest, een sopraan en een predikant
(Ad Alblas) die niet elk jaar de geijkte paden
bewandelt. Dat ze achterin de kerk wel heel eigentijds
glühwein verkopen, neem ik dan maar maar op de koop toe.
De ANWB had ons volk gewaarschuwd niet meer de weg op te
gaan en het was inderdaad uitgestorven op de route van
Katwijk naar Leiden. Maar er was (figuurlijk dan), geen
vuiltje aan de lucht, ook niet op de terugweg toen de
regen met bakken uit de lucht kwam en van onze White
Christmas een plakkerige, bruine pulp maakte. Maar we
moeten er weer op uit. Bij mijn zus in Rijnsburg wacht
een dag vol familie, spijs en drank. Fijne kerstdagen!
Donderdag 24 december
Natuurlijk, de allernieuwste Andrea Bocelli (My
Christmas), Bob Dylan (Christmas in the Heart), Sting
(If On a Winter's Night) en Neil Diamond (A Cherry,
Cherry Christmas) heb ik ook. Maar de afgelopen
dagen is het voor mij een sport geworden om echt obscure
kerstliedjes bij elkaar te zoeken van artiesten waarmee
je ook in het alternatieve circuit kunt aankomen. Ik
noem een Sufjan Stevens, Eels, Rufus Wainwright, Bright
Eyes, Calexico, Belle & Sebastian of Grandaddy. En zo
kan ik nog wel even doorgaan, want met enkele luttele
muisklikken heb ik inmiddels meer dan 15 uur
verantwoorde kerstmuziek binnengeslurpt, voornamelijk
van verzamelcd's waarvan ik hierboven een paar hoesjes
heb afgebeeld. Hele series zijn er (Maybe This Christmas
1 t/m 7, bijvoorbeeld), dus ik zoek nog
even door, totdat het iedereen hier in huis de neus uit
komt. Want ik moet alles ook beluisteren om de gezonde
bokken van de drachtige geiten te scheiden. Mijn dochter
kon er gisteren niet meer tegen en verdween gillend naar
haar kamer.
Woensdag 23 december
De
geschiedenis van de gele regenhoes begon anderhalve week
geleden toen ik - laat ik het maar toegeven - enigszins
beneveld naar huis reed na het afscheid van een collega.
Een dag later ontdekte ik het: weg regenhoes! Al was het
een beduimeld, smoezelig ding met zwarte smeerstrepen
erop, als bescherming voor een rugzak die boven een band
zonder spatbord hangt had de hoes voor mij toch grote
praktische waarde. Op naar de fietsenmaker, derhalve,
voor een nieuwe hoes, alwaar ik te horen kreeg dat mijn
model rugzak niet meer wordt gemaakt. Maar, beloofde het
meisje, ze wilde wel even naar Agu bellen om te kijken
of er niet ergens, achterin het magazijn, nog een
bijbehorende regenhoes lag te verstoffen. Ik zou worden
gebeld als het zo was. De vrijdag ging voorbij, net als
de zaterdag, zonder telefoontje. Dus op maandag nam ik
in gedachten afscheid van Agu en worstelde me met gevaar
voor eigen leven door een besneeuwde Leidse binnenstad
naar Bever Sport, waar de regenhoesjes voor rugzakken
niet aan te slepen zijn. Tevreden met mijn nieuwe
aanwinst (8,95 euro) reed ik naar Katwijk, om na honderd
meter te worden verrast door een telefoontje van mijn
fietsenmaakster. 'Je hoesje is er!', sprak zij blij.
Afijn, een reservehoesje is nooit weg, dacht ik nog,
totdat mijn echtgenote mij bij thuiskomst vroeg wat ik dan
met dat vieze, gele regenhoesje dat nu al dagenlang in een hoek
in de kast lag, ging doen. 'Is die soms kapot, of zo?' Uh nee, die was kwijt, mompelde ik. Maar dat is een lang
verhaal.
Waarmee andermaal blijkt:
drank maakt meer kapot dan je lief is.
Dinsdag
22 december
Mijn collega's van de stadsredactie mag
ik graag voorhouden dat Leiden een Derde Wereldstad is.
Zodra er een sneeuwvlokje in het radarwerk komt, ligt
alles stil. Als enige gemeente in de wijde omtrek
besloot het stadsbestuur dat er gisteren geen vuilnis
kon worden omgehaald omdat al het personeel nodig was
bij de gladheidbestrijding. En paradoxaal genoeg was
Leiden ook de gemeente waar niemand een poot naar die
gladheidbestrijding uitstak.
Voor
ons fietsers was er in de beste gevallen een strookje
van zo'n tien centimeter min of meer sneeuwvrij (foto
1), waar je tussen vastgevroren sneeuwranden balancerend
overeind moest zien te blijven. Ook op stukken met
tweerichtingsverkeer. 'Eigen schuld', tekende een
collega op uit de mond van een woordvoerder van het
stadhuis. 'Omdat al die fietsers op de rijbaan gaan
rijden, wordt de pekel niet goed over het fietspad
uitgesmeerd.' Tevreden met dit antwoord hing de wakkere
verslaggever op, zonder de vinger te
leggen
op dit typische kip en ei-verhaal. Als je alleen een
beetje strooit, rijd je dat zout met een bandje van 5
centimeter breed nooit over het hele pad uit. Dus wat
doe je dan? Je gaat op straat rijden. Een meter over de
gemeentegrens, in Oegstgeest (foto 2), laten ze zien hoe
het wel moet. Met een borstel of schuiver is daar ook
voor de fietser een brede strook sneeuw- en ijsvrij
gemaakt, hetzelfde geldt voor de gemeente Katwijk (foto
3). En het vuilnis? Werd daar ook gewoon opgehaald, geen
enkel probleem.
Ik zei het al: Leiden is een Derde
Wereldstad. En de pers is er een tandeloze tijger.
Gladheidbestrijding op z'n Leids.
Maandag 21 december
Elk jaar neemt mijn
echtgenote zich voor om geen kerstkaarten meer te
versturen. 'Er moet een eind komen aan dat zinloze
ritueel!', roept ze dan, ergens in november, begeesterd.
Om tijdens de vloed aan beste wensen die zich in de
weken daarna over onze deurmat uitspreidt, slappe knieën
te tonen en zich zuchtend en steunend weer aan het
jaarlijkse corvee te zetten. Het mooiste is natuurlijk
een zelfgemaakte kerstkaart, maar daar hadden we dit
jaar al helemaal geen aandacht aan besteed. Wat dat
betreft kwam het originele winterweer van de afgelopen
dagen als een godsgeschenk. 'Maak even wat
sfeerbeelden!', riep ze me gisterochtend vanuit de
echtelijke sponde na, toen ik met vier fietsmaten in een
vliegende sneeuwstorm naar de duinen reed. Maar hoezeer
ik ook mijn best deed (zie ook het
Wielerlog) al mijn
smaakvolle, tijdloze ontwerpen zijn naar de prullenmand
verwezen.
Zaterdag 19 december
Geen basketbal, niet fietsen en ook de
deadline voor mijn column voor The Rebound (het clubblad
van Grasshoppers) is opeens met een paar weken
uitgesteld. Met mijn zojuist verkregen vrije zaterdag
richt ik me op het bijwerken van mijn muziekcollectie.
Ik heb weleens heimwee naar de tijd dat ik met twee
tientjes naar de platenzaak ging om daar na lang wikken
en wegen zo'n grote zwarte schijf in een mooie hoes uit
te kiezen die dan urenlang niet van mijn draaitafel
week. Het tekstboek hield ik net zo lang op schoot
totdat ik alle 'lyrics' van buiten kende. Nu stopte mijn
vriend Mart mij deze week een usb-stick toe met 110 (!)
recent verschenen albums die ik - na vluchtige
beluistering, want ze zijn door hem al op kwaliteit
geselecteerd en wij kennen onze pappenheimers - in mijn
Itunes importeer. Juiste hoesjes erbij zoeken,
administratie bijwerken, bestanden converteren naar
AAC-formaat, ja de romantiek is er wel vanaf. De rest
van de middag ga ik kranten lezen en (veel) nieuwe
muziekjes luisteren, mij onderwijl afvragend of er nu
sprake is van een verrijking of een verarming.
Vrijdag 18 december
Dirk Cornelis van der Plas,
heet ik voluit. Dus toen een voormalige hoofdredacteur
mij in 1998 vroeg een schuilnaam aan te nemen voor een
nevenbetrekking als restaurantcriticus, was de keuze
gauw gemaakt: Dirk Cornelissen. Met een collega - we
schreven om de week onze rubriek voor de Uit-bijlage van
het Leidsch Dagblad, later de Vrij - bezocht ik de
afgelopen twaalf jaar ruim 300 eetgelegenheden, vooral
in de Duin- en Bollenstreek, om er een lovend of vilein
stukje over te tikken. Mooi baantje? Jazeker. Maar heel
vaak moest ik ook een 'geen vleesch noch visch'-verhaaltje
maken omdat de meeste tenten toch behoorlijk gemiddeld zijn.
En dan is het gewoon werk. Of zat ik nachtenlang op het
toilet omdat ik óf te uitbundig, óf iets verkeerds had
genuttigd. En wat te denken van mijn gezin, dat ergens
halverwege die periode van twaalf jaar uitriep: 'Nee hè,
moeten we nu alweer uit eten?' Waarna mijn goede vriend
Mart vaak het offer bracht om mij te vergezellen. Ja, dat zijn de schaduwzijden van de
culinaire journalistiek waar je maar zelden over leest.
Al die jaren kon ik anoniem mijn werk doen
omdat slechts in kleine kring bekend was wie er achter
Dirk Cornelissen schuilging. Waarom ik dat nu toch
in de openbaarheid gooi? Omdat ik gisteravond mijn laatste
restaurant bezocht. Ambtshalve dan, want ik blijf veel
en graag uit eten gaan, maar dan alleen nog naar zaken
van mijn eigen keuze. Na twaalf jaar heb ik van het
beroepsmatig eten mijn buik een beetje vol. De
'merknaam' Dirk Cornelissen blijft overigens voor
eetrecensies in het Leidsch Dagblad gehandhaafd. Wie er
achter schuilgaat? Ja, dat blijft weer - misschien wel
voor twaalf jaar - een goed bewaard geheim.
Donderdag
17 december
Het is de tijd van de
schoolgala's. Het moment waarop adolescenten zich voor
het eerst in avondjurk of smoking hullen, om zich - bij
voorkeur in gehuurde limousines - naar het feest te laten
vervoeren. Dergelijke poespas is aan onze dochter al
helemaal niet besteed, terwijl onze zoon - met zijn 13
jaar en pas een half jaar brugger-af - zich nog ergens
tussen servet en tafellaken beweegt. Met een pak vreest
hij in zijn territorium als een buitenbeentje te worden
beschouwd - het meest gruwelijke wat je als tiener kan
overkomen - maar heel voorzichtig waagde hij zich wel
aan een giletje. Lekker losjes, met het overhemd er
ruimhartig onderuit (waarin ik de hand van mijn eega
herken). En daar moest - besloot hij ter elfder ure -
ook een stropdas bij. Kleine paniek in Huize Van der
Plas. Een stropdas? Waar halen we die zo snel vandaan?
Afijn, toen er ergens een overjarig begrafenisexemplaar was
opgedoken, diende zich een volgend probleem aan: hoe die
te strikken? Mijn eerste pogingen leverden een veel te
lang exemplaar op (die onder het giletje uit piepte) en
een derde variant werd weliswaar kort genoeg, maar ook
veel te dik, in mijn ogen. Maar helaas kreeg ik niet de
kans om een vierde, volmaakte strop af te leveren. Onze
zoon vond het wel mooi, zo. Lekker losjes.
Woensdag 16 december
Zelf ben ik nogal
gelijkmoedig (mijn vrouw meent: onverschillig) onder de
voortdurende stroom goederen die onze zoon van, naar en
op school kwijt raakt. Zo is de handschoenentijd net
twee dagen geleden ingegaan en is hij inmiddels aan zijn
eerste incomplete paar toe. Het ene moment zaten ze alle
twee nog onder zijn snelbinders (waarom daar?, waarom
niet gewoon aan zijn handen?) en bij thuiskomst was er
nog maar eentje. Hoe is dat nou toch mogelijk? Met een
reservepaar toog hij vervolgens naar de sportdag (op
meerdere locaties) van zijn school, waar hij zonder vest
weer vandaan kwam. Het zou kunnen liggen in: a. Sporthal
Cleijn Duin, b: Sportschool Multisport, c: In de gymzaal
van de school, of d: Op een andere, minder voor de hand
liggende plek. Mijn eega stuurde hem, voorafgaand aan
zijn avondtraining van basketbal, nog op strafexpeditie
terug om op de verste locatie te gaan zoeken (Multisport).
Zelf ging ze naar Cleijn Duin. Beiden kwamen zonder vest
terug. Mijn pleidooi voor 'berusting' werd alleen door
mijn zoon goed opgepikt.
Dinsdag 15 december
Zelf heb ik bezitters van
een Apple-computer altijd een sektarisch gezelschap
gevonden. Die ongelooflijke toewijding aan het apparaat
en dat zich afzetten tegen ons, Windows-gebruikers, dat
kwam me altijd hoogst overdreven voor. Alleen de Ipod,
dat vond ik wel een handig dingetje, van Apple. Net als
Itunes, om mijn muziekcollectie mee te beheren. En weer
later de Iphone: de telefoon, of eigenlijk mijn
handheldcomputer die geen moment van mijn zijde
wijkt. 'Je derde kind', mag mijn zoon deze gadget
graag noemen, waarover ik uiteraard geen kwaad woord wil
horen. En wat las ik gisteren op de site van De
Telegraaf?
Het is waar. Geen woord van gelogen. Het
is een geweldig apparaat. Inmiddels ben ik zover dat
mijn eerstvolgende pc ook een Apple wordt: een
Imac. Het is bovendien een hele geruststelling dat
ik er niks aan kan doen. Ik ben een weerloos
slachtoffer.
Maandag 14 december
Voor veel zaken in ons
gezin geldt dat ze soepeler verlopen als ik me er
niet mee bemoei. Dat geldt bijvoorbeeld voor het
optuigen van de kerstboom. De vrede op aard' komt niet
in het geding als mijn inbreng beperkt
blijft tot de aanschaf en het (op zaterdagavond) in de
rieten mand plaatsen van de boom. (Even dreigde het hier
nog mis te lopen omdat mijn eega vond dat er 'iets'
onder de boom moest, om te voorkomen dat er water op
haar vloer lekte, maar dat kon worden bezworen door er
een ijzeren dienblad onder te schuiven.) Vervolgens dien
ik zondagmorgen het huis rond 9.20 uur te verlaten, om
er pas weer in terug te keren als de boom volledig is
opgetuigd. Ook voor mijn reactie geldt een strikt
protocol: ik moet zeggen dat hij (wederom) prachtig is
geworden. Het vergt enige aanpassing, maar je moet er
wat voor over hebben. Obama heeft voor minder de
Nobelprijs van de Vrede gekregen.
Zaterdag 12 december
Winterkampioen konden we worden, in de
thuiswedstrijd tegen DAS, maar dan had er een iets
andere stand op het bord moeten staan. De angstgegner
waar we eerder al in Delft van hadden verloren, was ook
nu in Katwijk net iets te sterk voor Grasshoppers J42
(jongens onder veertien-2). Wat meer lengte in het team,
wat trefzekerder onder het bord. Dat waren eigenlijk de
minieme verschillen in een wedstrijd die zeker in de
vierde periode ook zomaar had kunnen kantelen. Tot op
drie punten kwamen onze mannen nog, vooral op
strijdlust, maar op cruciale momenten viel het balletje
net verkeerd. Niettemin een bevredigende afsluiting van
een eerste seizoenshelft, waarbij de grote winst was dat
we met een team dat vrijwel geheel vernieuwd aan de
competitie begon, toch een heel eind zijn gekomen.
Vandaar dat we na afloop recht hadden op een officiële
vice-winterkampioensfoto:
Vrijdag 11 december
Wijn is cultuur. Zoveel weten ze er bij
de Bibliotheek Katwijk - waar mijn eega haar brood
verdient - ook nog wel van. Vandaar dat mijn vriend Mart
en ik ons woensdagavond tussen de boekenkasten een Italiaanse Proeverij lieten
welgevallen, met de nadruk op acht uitgelezen
wijnsoorten. Daarbij werden verfijnde en vooral
bijpassende kazen, worsten, goede olijfolie en brood
geserveerd, want - zoals wij leerden van sommelier
Victor Russo - bij een goede maaltijd ga je altijd eerst
uit van de wijn en pas daarna kies je wat daar het beste
bij past. Wijn is beleving. Daarom weet ik niet
of mijn keuze voor de twee beste wijnen van de avond
voortkwam uit wat mijn smaakpapillen mij doorgaven.
Zowel op de racefiets als met de auto reed ik afgelopen
zomer een paar rondjes door de Val di Cembra, een
beroemd wijngebied bij Trento. Glooiende hellingen,
mooie dorpjes, ik bleef er fotograferen. Vooral veel
druiven voor de 'Grappa' werden hier verbouwd, viel me op,
maar uitgerekend op deze proeverij maakte ik kennis met
een witte Sauvignon Trentino, zo geurig,
fris en fruitig als ik maar zelden heb geproefd. En van
de rode wijnen vond ik de Ronchedone - van Ca dei Frati
rond het Gardameer, ook min of meer op een steenworp van
onze camping - met afstand de
beste. Wijn is handel. Na afloop van een
Proeverij (voor een billijke negen euro) voel ik altijd
de morele druk ook een aantal doosjes in te slaan.
Vooral bij de Ronchedone (een kleine 17 euro per fles,
een koopje voor zo'n topwijn, werd me verzekerd) hakte
dat er behoorlijk in. Maar vooruit, beleving mag wat
kosten.
Donderdag 10 december
Na de Italiaanse
wijnproeverij van gisteravond (waarover later meer) maak
ik me er vandaag maar met een Jantje van Leiden af. Deze
column tikte ik voor de laatste Rebound, het blad van de
basketbalvereniging Grasshoppers. Nou ja, column, het is
eigenlijk meer een noodkreet.
Selectiecommissie
Ik heb ze wel zien zitten,
hoor, bij mijn laatste bardienst van het vorige seizoen.
Drie mannen met ernstige gezichten, lijsten voor zich op
tafel in de kantine. De selectiecommissie. Of hoe dat
gezelschap ook mag heten. De types die de teams voor het
nieuwe seizoen samenstellen, die bedoel ik. Bekwame
mensen, daar niet van. Maar ze zien bij hun keuzes een
belangrijke punt over het hoofd: de ouders. Wij moeten
maar afwachten, bij wie we straks weer in het team
zitten.
Nee,
ik ben niet zo type dat voor zijn zoon specifieke wensen
heeft. Ik vertrouw op de deskundigheid van de
selectiecommissie. Als hij bij mij komt klagen dat de
helft van zijn vriendjes in ’1’ zit, en hij in ’2’,
benadruk ik het hogere doel dat de kenners ongetwijfeld
met deze zet hebben gehad. Dat ze hem misschien wel
willen prikkelen tot een grotere prestatie. Of dat zijn
inbreng van zo ongelooflijk groot belang is voor ’2’,
dat hij dit maar een seizoen moet beschouwen als een
investering in de club, in zijn team, in zijn
medespelers.
Ja, ik ben niet in mijn
eerste leugentje gestikt.
Maar ondertussen hoort God
mij brommen. De helft van zijn vriendjes naar ’1’ en hij
in ’2’?! Beseft zo’n selectiecommissie wel wat ze mij
aandoet? Waarom zit ik niet meer bij de ouders van Roy
op de tribune? Of bij die van Pieter? En Joost? Waarom
moet ik weer maanden wennen aan vreemde gezichten? Aan
types die ik wekenlang tot het kamp van de tegenstander
reken, voordat ze me besmuikt opbiechten dat ook hun
zoon ergens in het team van mijn jongste nazaat
rondloopt.
Zo’n selectiecommissie is
met een simpele pennenstreek in staat om
basketbalrelaties van jaren ongedaan te maken. Wie
ontvielen mij allemaal al niet, in de afgelopen periode?
- De moeder van Maurits. (Af en toe zie ik haar nog in
de kantine achter de bar staan, maar dat is toch anders
dan de band die je als basketbalouders had.)
-De vader van
Maurice. (Dankzij Arie leerde ik – in dode spelmomenten
- alles van het schildersvak.)
- De
moeder van Luuk. (Kom ik ’s morgens vaak tegen op de
fiets naar de juwelier waar ze werkt, maar ja, ook dat
is geen tribunerelatie.)
En dan heb ik het alleen nog
maar over de vele ouders die ik via het team van mijn
zoon uit het oog ben verloren. Daarvoor speelde mijn
dochter een jaar of acht bij Grasshoppers. ’s Nachts
schiet ik nog wel eens recht overeind in bed als ik
wakker word van zoete dromen van moeders met
thermoskannen koffie en zelfgebakken cake bij
uitwedstrijden, rolletjes pepermunt die de hele tribune
over gingen, schalen met kaas en worst tijdens
kampioensfinales.
Allemaal weg, voorbij,
vervlogen , dankzij een selectiecommissie die geen oog
heeft voor de belangen van ouders.
Intussen is alleen John nog
– de vader van Marvin – al jaren bij me.
Alstublieft,
selectiecommissie, neem hem niet van me af!!!
Woensdag 9 december
Het heeft dertien jaar
geduurd maar eindelijk heb ik een zoon die vuurwerk wil
kopen. De afgelopen jaren liep hij al wat omzichtig mee
met het knalwerk van zijn neven, maar de aandrang om
zelf kanonslagen, aftershocks, grondbloemen en flying
bees aan te schaffen, was er niet. Tot er gisteren - het
leek afgesproken werk - opeens acht folders vol vuurwerk
tegelijkertijd op onze deurmat vielen. Het lijkt wel of
elk tuincentrum en tankstation zich de komende weken
volledig richt op het streven om de lucht op
Oudejaarsavond vol met kruitdampen te blazen. Een
glorieuze afsluiting van de Klimaattop. Als twee
ontbrandende sterretjes, zo glinsterden zijn ogen, en de
rest van de avond bestudeerde hij minutieus de
pakketaanbiedingen, zich niks aantrekkend van het
belerende commentaar en de prijslimieten die zijn moeder
vanachter haar laptop naar hem riep. Vuurwerk kopen is
een mannending. Daar komen mijn zoon en ik wel uit.
Dinsdag 8 december
Normaal kan ik geen duif van een koekoek
onderscheiden, maar sinds kort ben ik helemaal into
vogelgeluiden. Dat komt door het Iphone-programmaatje
(een app heet dat) Tjilp. Een complete vogelgids
voor 2,39 euro op je telefoon. Via de gps van de Iphone
weet Tjilp waar je bent en geeft een overzicht van de
vogels (en hun geluiden) die je in de omgeving kunt
tegenkomen. Er zit ook een quiz bij waarmee je jezelf of
een ander kunt testen op zijn vogelgeluidenkennis. Hoe
kom ik hier op? Op de site van Vroege Vogels - er werd
gisteravond ook in De Wereld Draait Door aandacht
aan besteed - kan momenteel (analoog aan de Top2000) de
Vogelgeluiden Top100 worden samengesteld. Op een
overzichtelijke site staan alle beestjes netjes op
alfabet, zijn hun zangkunsten te beluisteren en kun je
stemmen door eenvoudigweg een vinkje te zetten (niet
noodzakelijkerwijs bij de vink). De einduitslag is
gemakkelijk te voorspellen. Het zal wel weer
een zanglijster worden die 'Bohemian Rhapsody' fluit.
Maandag 7 december
Nadat ik een paar jaar
geleden bijna moest worden opgenomen in het Pieter Baan
Centrum met een kerstboomneurose, heb ik erg veel
profijt van de volgende methode: schaf de kerstboom aan
nog vóór de viering van sinterklaas. Dit keer is me dat
op de valreep opnieuw gelukt. Op zaterdagmiddag rond 13
uur scoorde ik bij tuincentrum De Mooij in Rijnsburg -
het adres waar ik al drie jaar meteen slaag - de eerste
de beste boom in pot die buiten op me stond te wachten.
Voorlopig staat hij nog ingepakt in de schuur, maar
zelfs dat geeft - in de aanloop naar Kerstmis - al heel
veel geestelijke rust.
P.S. Nog te goed: de uitslag
van het basketbalteam van mijn zoon (Grasshoppers) in de
uitwedstrijd tegen Dunkinn (Roelofarendsveen). Ik was er
(wederom) niet bij, maar mijn jongste nazaat wist te
vertellen dat ze met 24-78 (of daaromtrent) hebben
gewonnen. Komende zaterdag de kampioenswedstrijd tegen
DAS (Delft), de enige tegenstander waarvan ze tot nog
toe hebben verloren.
Zondag 6 december
De dag na sinterklaas is er
één van bezinning en overpeinzing. In een moralistisch
vers zette de goedheiligman mij neer als iemand die
vooral oog heeft voor wielerpakjes:
De
ijdelheid speelt hier een rol
en zeker niet een kleine
Wiens setje oogt het allerbest
het is opnieuw de mijne
En dat
terwijl ik in het dagelijks leven met geen stok naar een
kledingzaak ben te krijgen, aldus een scherp
observerende sint:
Dat
beeld verandert hopeloos
in zijn normale leven
Wat hij dan aantrekt is hem echt
volledig om het even.
Zijn
vrouw, die soms nog moeite doet
iets nieuws voor hem te kopen
Ontvangt een veeg vanuit de pan
en laat het nu ook lopen.
Waarna
het hekeldicht wat specifieker wordt als het gaat om
mijn schoeisel binnenshuis, twee afgetrapte slippers
waar mijn grote tenen vrolijk door naar buiten steken.
Dick
loopt op sloffen uit de ark
het kan hem echt niet boeien
Vraagt zich dan vol verbazing af
waarom zijn tenen gloeien.
Een
onaantrekkelijk geheel
moet Sint hier concluderen
Geen wonder dat zijn lieve vrouw
zich van hem af gaat keren.
Afijn,
zo gaat het nog een tijdje door, waarna de
onvermijdelijke moraal komt:
Het
roer moet om na dit cadeau
laat dat heel duid’lijk wezen
Verander in een leuke vent
die meer kan dan slechts racen.
De kunst die Dick nog leren moet
is van het beter spreiden.
Want wie zijn kaarten goed verdeelt
weet ieder te verblijden.
Of ik mijn wielerkalender
voor 2010 al had doorgenomen met mijn eega, wilde
fietsmaat Rob1 tijdens ons tochtje vanmorgen van mij
weten. 'Alles op z'n tijd', bromde ik, 'alles op z'n
tijd.'
Vrijdag 4 december
Na twee tobberige logjes
over mijn moeizame worsteling met Windows 7, nu
eindelijk goed nieuws. Dit is het eerste bericht dat
volledig met het nieuwste besturingssysteem van
Microsoft tot stand is gekomen. Bovenstaand: een
screenshot van mijn bureaublad. Er moest een
oud-klasgenoot (bedankt Nico!) en zijn whizzkid aan te
pas komen, waarna een onverschrokken koerier (eveneens
dank daarvoor, Rob1!) de software bij mij afleverde.
Verder kan ik er om redenen van staatsveiligheid weinig
over kwijt. Maar het
voelde als een soort van thuiskomen, zo soepel nestelde
de Ultimate (!) versie van Windows 7 zich op mijn pc,
voorlopig nog heel voorzichtig naast Vista (bij het
opstarten kun je tussen beide besturingssystemen
kiezen), want je weet maar nooit wat de mannen in
Redmond (Washington) voor ons nog in petto hebben. Maar
alle programma's die ik in het dagelijks gebruik nodig
heb, draaien inmiddels als een tierelier. Als alles
goed blijft gaan, zakt Vista de komende periode in een
comateuze toestand weg op mijn computer, om hooguit een
enkele keer door mij te worden wakker gekust om te zien
of mijn reservesysteem nog doet wat het moet doen.
(Ja, ik weet het, iedereen
die dit niet interesseert denkt op dit moment: tot zover
de mededelingen voor land- en tuinbouw. Maar ik vond dat
ik ook dit geluksmoment even met u moest delen.)
Donderdag 3 december
In de bijna 25 jaar dat ik
bij het Leidsch Dagblad werk, kwam Sinterklaas alleen
voor de kinderen van collega's (en die van mezelf, toen
ze de leeftijd nog hadden). Vrolijke momenten waren dat,
in de bedrijfskantine, waarbij het vooral genieten
geblazen was als de goedheiligman - doorgaans een
bekende - de aanwezige volwassenen in de maling nam of
vernederde ('Zing jij maar eens een liedje voor de
Sint'). Die tijd is geweest. Na de laatste fusie moeten
de koters tegenwoordig naar het hoofdkantoor in Alkmaar
om hun schoen gevuld te krijgen. Gisteren maakte
Sinterklaas wel zijn opwachting bij alle bedrijven in
het pand Nieuwe Energie, waar ook wij sinds anderhalf
jaar kantoor houden. Om ons niet alleen te voorzien van
plakken gevulde speculaas en pepernoten, maar ook van
een stichtelijk woord. En dan kan het natuurlijk geen
toeval zijn dat de Sint als een magneet werd getrokken
naar de man die hem de rest van het jaar graag mag
nadoen in de scabreuze Jiskefet-variant van het
grote kinderfeest: mijn collega en fietsmaat Rob1. Toen
deze
een vrouwelijke Zwarte Piet brutaalweg vroeg wat er in
de zak zat, beet pietervrouwknecht meteen keihard
terug: 'Ik vraag toch ook niet aan jou wat je in je zak
hebt?' Ja, daar kon geen Jiskefet tegenop.
Woensdag 2 december
Ik
luister, met een half oor, naar een mevrouw op tv bij
Andries Knevel die een boek heeft geschreven over de
omstandigheden in de zorg. Het merendeel van het
personeel werkt hard, en krijgt daarvoor nauwelijks
waardering, hoor ik haar zeggen. Maar er zijn ook types
bij die vrij ongevoelig en afstandelijk bezig zijn,
zonder zich echt te bekommeren om de mensen die ze
verzorgen. Als voorbeeld noemt ze medewerkers die voor
hun eigen plezier de hele dag (harde) rockmuziek draaien
op een afdeling voor dementerenden. Schandalig, vindt
ze. Andries kan me niet horen brommen, maar ik moet
meteen denken aan een vriendin die onder soortgelijke
omstandigheden werkt. Een avond daarvoor vertelde ze me
dat de collega's op haar afdeling de hele dag Jan Smit,
Frans Bauer en André Rieu draaien, zogenaamd omdat de
bewoners daar zo van opknappen. Ik kon er niks aan
doen, maar het lijden van onze vriendin greep me op dat
moment meer aan dan dat van de dementerende medemens.
Als er om personeel in de horeca te beschermen een
wettelijk rookverbod mogelijk is, waarom hoor je
Ab Klink dan nooit over een verbod op muziek van Bauer c.s. in verpleegtehuizen? Ook personeel in de zorg heeft
recht op een Jan Smit-vrije werkplek!
Dinsdag 1 december
Aangezien
ik obscure singer-songwriters verkies boven
klassieke muziek, ga ik in mijn familie - en ver
daarbuiten - door als een cultuurbarbaar. De keren dat
mijn eega het Concertgebouw in Amsterdam bezoekt om daar
een monumentaal werk in orenschouw te nemen, weet zij
zich in de regel vergezeld van mijn vriend Mart. Deze
muzikale transseksueel houdt zowel van losers met een
gitaar als van de monumentale componisten. Hij was het
dan ook die mijn eega en mij gisteravond alsnog
samenbracht voor een avondje Cultuur met een hoofdletter
C in de grote zaal van de hoofdstedelijke muziektempel voor een optreden
van een obscure singer-songwriter (Teitur, afkomstig van
de Faeröer Eilanden) en de Holland Baroque Society, talentvolle
jonge musici met een 'open mind'. Sterker nog, ik zat -
met alle paar honderd andere bezoekers - gewoon op het
enorme podium, net als de achttien muzikanten. De zaal
was met een zwaar gordijn afgeschermd. 'Confessions'
heet het gezamenlijke project dat uiteraard veel meer om
het lijf heeft dan een 'voor elck wat wilsje'. De
stukken zijn door Teitur gecomponeerd met de al even
jonge Nico Muhly (die arrangementen schreef voor
Björk, Antony & The Johnsons en Grizzly Bear en onlangs
de soundtrack voor de film ‘The Reader’ maakte). De
recensies waren tot nog toe unaniem lovend, dus daar
sluit een leek als ik zich maar bij aan. Waar het op
lijkt? Mooie, gedragen muziek bij anonieme, vaak
grappige of treurige YouTube-filmpjes op een groot
scherm. Een kat in de boom. Een rokende vrouw. Een hond
die achter een kikker aan gaat. Of een ritje door
Russisch niemandsland. Dat klinkt zo, op Confessions:
Maandag 30 november
Zelf ziet ze het als een
natuurverschijnsel waar geen kruid tegen gewassen is.
Maar ik ben van mening dat het wel degelijk helpt in de
strijd tegen alg, als je je aquarium tenminste
één keer in de maand een beetje
schoonmaakt. Nu was het Gekke Heintje weer, die zaterdag
de compleet groen uitgeslagen bak op mijn dochters kamer - geen
half jaar iets aan gedaan, schat ik zo - te lijf ging met
emmers schoon water en schuursponsjes voor de ramen.
Daarbij bleek dat ook haar pomp het (al geruime tijd?)
niet deed, waarmee ik mij spoorslags naar de dierenwinkel
spoedde
teneinde mij een identiek exemplaar (46 euro) aan te
schaffen, ware het niet dat de dierenwinkelmeneer mij
ook hier de zegeningen van het schoonmaken bijbracht.
Even een wc-papiertje door het binnenwerk en het oude
pompje draaide weer als een tierelier. Als dank en ter
ondersteuning van mijn heilzame werk in het aquarium dus
maar een
aantal levende bodemstofzuigers en een algeneter
aangeschaft, die volgens de wederverkoper ook verzot
zijn op komkommer (eerst een lepeltje er doorheen steken
om te voorkomen dat het schijfje gaat dobberen).
Komkommer? Ik dacht eerst dat hij mij voor de gek hield,
totdat ik bovenstaande foto op het internet vond. Als
dank voor deze versnapering maakt het vissenspul mijn
dochters aquarium geheel zelfreinigend, mag ik hopen.
Zaterdag 28 november
Zelf liet ik verstek gaan, bij de
uitwedstrijd van mijn zoon tegen het team van Alphia
(Alphen aan den Rijn), maar uit de eerste hand weet ik
dat: de scheidsrechter verschrikkelijk partijdig was, de
coach van de tegenstander ontstellend kinderachtig deed,
er beestachtig gemeen werd gespeeld (tot in detail weet
ik wie er allemaal werden geduwd en geslagen, maar dat
zal ik u besparen) en ja, ze hadden toch gewonnen. Met
hoeveel? Dat wist mijn zoon dan weer niet te vertellen.
Hij doet niet aan scorebordjournalistiek. Hij is meer
van de rampenverhalen.
Vrijdag 27 november
Ik
heb niet het idee dat het ooit nog goed komt, tussen mij
en Windows 7. Sinds ik heb ontdekt dat ik mijn eigen
'business'-versie van Vista alleen kan upgraden met een
ultimate pakket van bijna 300 euro, had ik al
mijn zinnen gezet op de gratis upgrade van de nieuwe
pc's van mijn eega en mijn dochter. Toen ze die enkele
maanden geleden aanschaften - nog met Vista - beloofde
leverancier Dell dat ze zonder kosten konden overstappen
op Windows 7, zodra dat via deze pc-handelaar
beschikbaar was. En gisteren was het zover. Na een
mailtje waarin het heugelijke nieuws werd aangekondigd
('Het doet Dell veel plezier de recente lancering van
Windows 7 op zijn desktops en laptops aan te kondigen. U
krijgt deze informatie omdat u zich voor het
upgradeprogramma geregistreerd hebt en er actie nodig is
voor het ontvangen van het upgradepakket'), regelde
ik op een speciale website de formaliteiten,
constateerde tevreden dat de rekening op 0,00 euro bleef
staan en klikte door naar 'betalen'. Bleek er opeens 40
euro voor 'verwerken en verzenden' bij te zitten. Hoezo
verwerken? Had ik niet zelf al actie ondernomen en mijn
gegevens ingevuld? En, als je toch wat kosten wilt
doorberekenen, vragen ze hier bij Bol.com niet standaard
1,65 euro voor? Kassa, Radar, de Nationale Ombudsman, ze
gingen allemaal even door mijn hoofd. Ware het niet dat
dat me - omgerekend - vele honderden euro's aan ergernis
en gedoe zou gaan kosten. Dus gromde ik 'Laaienlichters'
en 'Zakkenvullers'. En maakte vier tientjes over. Dat
was nou net hun bedoeling, vermoed ik.
Donderdag
26 november
Voor mijn nazaten ben ik er
al op uitgestuurd voor de vreemdste boodschappen, maar
die van gisteren mocht er ook zijn: 'Kun je even
jongleerballen voor me kopen? Ik heb ze nodig voor gym.'
Op 17 december moet onze zoon drie ballen in de lucht
kunnen houden. Het gaat om een cijfer, waarvoor door de
leraar zelfs een formule is bedacht: het aantal keren
dat hij erin slaagt ze vloeiend omhoog te brengen, min
5. Lukt het hem zeven keer, dan heeft hij nog maar een
2. Vanaf vijftien is een 10 gegarandeerd. Daarvoor moet
er wel thuis worden geoefend, want hij bakt er nog geen
bal van. Maar waar haal ik jongleerballen? Tennisballen
zijn te groot en te hard. Een jongleerbal is zacht en
soepel. 'Misschien bij de feestartikelenwinkel van
Paddenburg, aan de Nieuwe Rijn in Leiden', denkt mijn
vrouw. En warempel, op een paar honderd meter van de
redactie verblikken of verblozen ze niet als ik om
jongleerballen vraag. Net als tennisballen zitten ze met
drie in een koker en de prijs is billijk: 4,50 euro.
Daarvoor zit er zelfs een gebruiksaanwijzing bij, maar
bij de eerste oefensessie van mijn zoon in de woonkamer
hol ik van schemerlamp naar bloemenvaas om de boel heel
te houden. Met zijn ballen is hij inmiddels verbannen
naar zijn eigen kamer, waar een blinde jongleur nog geen
schade kan aanrichten.
Woensdag 25 november
Het is - zoals al eerder op
deze plek gememoreerd - de tijd van de
Sinterklaaslijstjes. Enige bescheidenheid is mijn zoon
en mij daarbij vreemd. Hij komt met droge ogen aan
met een nieuw beeldscherm annex tv, ik schroom niet om
naast het betere boekenwerk en pantoffels ook een nieuw
opzetstuur voor mijn mountainbike aan de goedheiligman
te vragen. (Ergens in de woonkamer hoorde ik iemand
brommen dat ik dat kan vergeten, maar dit soort
recalcitrante geluiden negeer ik voorlopig: het is de
sint die beslist.) Maar zo bont als onze dochter maken
wij het nog niet. Toen haar moeder gisteravond vroeg wat
zij voor Sinterklaas wilde hebben, klikte ze resoluut
door naar de Telegraaf-website, waar de nieuwe Aston
Martin Rapide wordt besproken. Dat ze daarbij geenszins
zelfzuchtig is, mag blijken uit het feit dat ze heel
bewust heeft gekozen voor de eerste vierdeursuitvoering
van de Aston. Een gezinsversie, dus, waar we allemaal
wat aan hebben. Behalve de prijs - iets van 250.000 euro
- is er echter nog een beletsel waardoor de Rapide
waarschijnlijk niet in haar schoen te vinden zal zijn.
Hij wordt pas vanaf maart 2010 afgeleverd.
Dinsdag 24 november
Nog voordat ik maar een meter aan de
vloedlijn had getrapt, was ik al op zoek naar een
strandfiets. Er zijn winkels - zoals Imming in Egmond,
of Beukers in Petten - die ze kant-en-klaar verkopen,
maar je kunt ook een 'oude' bike modificeren door er een
vaste vork op te zetten en speciale strandbanden te
monteren. (Met je 'normale' mountainbike het strand op
is ook een optie, maar zout en zand zijn funest voor je
dure spullen). Na enkele weken van wikken en wegen,
realiseerde ik me dat ik eigenlijk al elke dag op de
perfecte strandfiets naar mijn werk rijd. Mijn Trek
SU200 heeft een vaste vork, geen overbodige toeters en
bellen (zoals spatborden en dergelijke) en is met z'n
drie jaar eigenlijk al afgeschreven als 'bedrijfsfiets',
waardoor een tweede carrière
voor dit oude beestje me hooguit een paar tientjes voor
brede, bijna profielloze banden (Big Apples van Schwalbe)
ging kosten. Dat er ook nadelen aan dit dubbelleven
kleven, bleek gistermorgen op weg naar de redactie toen
ik op vrijwel lege banden (handig voor op het strand,
niet op de weg) bleek te rijden. En dat m'n toch al half
versleten schijfremmen na de Beach Challenge van
zaterdag zelfs bij een snelheid van 20 kilometer per uur
een remweg van 50 meter nodig hadden. En tot overmaat
van ramp moest ik aan het begin van de avond in het
pikkedonker naar huis omdat m'n lampjes nog thuis in de
schuur op de plank lagen. Waarmee is aangetoond dat
strandfietsen niet alleen funest is voor je rijwiel, maar
ook je hersens aantast.
Maandag 23 november
Aangezien de Sint weer in het land is en
zijn computermonitor is opgeblazen - nee, niet die van
de Sint, van mijn zoon; dit is nu al een verwarrend
stukje - oriënteer ik me momenteel op
een nieuw pc-scherm voor mijn jongste nazaat. Zijn
moeder vindt het eigenlijk wat te groot voor wat zij
graag 'het feest van de kleine cadeautjes' mag noemen,
maar onder het voorwendsel dat hij er eventueel wat van
zijn eigen geld kan bijleggen - nee, niet de Sint, mijn
zoon, wiens geloof in de goedheiligman al jarenlang op
een laag pitje staat - mag ik mijn zoektocht toch
continueren. Van mijn vriend en stekkergoeroe Mart kreeg
ik de tip om geen monitor, maar een complete
flatscreen-tv aan te schaffen: in prijs niet eens zoveel
duurder, je kunt er probleemloos je pc op aansluiten en
op momenten dat je niet computert, heb je er een mooie
televisie aan. Ik legde het aan mijn zoon voor, die met
een voor mij opmerkelijk - maar volgens hem op de
praktijk gebaseerd - bezwaar kwam: hoe moet dat nu als je tegelijk wilt computeren en tv kijken?
Zaterdag 21 november
Geen basketbal vandaag, de
mannen hebben een vrije zaterdag. Alle gelegenheid om de
Rabo Beach Challenge te rijden. Het verslag staat op het
Wielerlog.
Vrijdag 20 november
Ik
ben weer volop bezig om mijn lijf 'winterklaar' te
maken. Dat houdt, kort en goed, in dat ik er dagelijks
veel te veel voedsel in stop, om me voor te bereiden op
barre tijden. Die nooit zullen komen. Neem nou gisteren.
Na mijn ontbijt (bakje muesli en magere yoghurt, niks
mis mee), schoof ik rond 9.00 uur op de redactie mijn
eerste kersengebakje (met slagroom) naar binnen (van
harte gefeliciteerd, collega Rietveld). Daarna bewaarde
ik mijn trek voor de lunch - boerenkool met worst, en
lekkere paddestoelenjus in het bedrijfsrestaurant, plus
een smoothie - vocht ik met succes tegen de
aanvechting om nog een pastasalade te nemen, maar at ik
direct daarna - er was op de werkvloer nog gebak over -
een ouderwetse moorkop. Om me voor te bereiden op de
terugrit op de fiets naar huis - ik heb al een paar keer
bijna de hongerklop gehad - nam ik tegen drieën
nog een tompouce. Toen was al het gebak op. Thuis at ik
rond 18 uur nog een enorm bord spaghetti, alvorens te
gaan mountainbiken, waarbij ik feestelijk bedankte voor
de restjes die mijn nazaten mij gewoontegetrouw nog
wilden toeschuiven. Ik moet tenslotte een beetje op mijn
gewicht letten.
Donderdag 19 november
Ja, ik weet het, vorig jaar heb ik er ook
wel eens flauwe grappen over gemaakt. Vond ik het
voorbarig, overdreven. Hadden ze nou niks anders te
doen? Maar gistermiddag, toen ik van de redactie naar
huis trapte en net vaststelde dat het wel meeviel, met
de wind, kreeg ik bij het tochtgat ter hoogte van het
LUMC opeens de volle laag. Het leek of m'n fiets onder
me vandaan werd geslagen en spontaan het luchtruim koos, maar zo gemakkelijk gaat dat natuurlijk niet,
met 93 kilo tanig vlees op het zadel. Het bleef bij een
vervaarlijke zwieper, net voor een auto langs, en voort
wilde ik weer, de pedalen ranselen. Maar de mevrouw met
het kinderstoeltje voorop haar fiets, die van de andere
kant kwam, moest het zonder die lichamelijke ballast
stellen, maakte dezelfde zwieper, maar dan naar links,
en belandde met rijwiel en al in m'n armen. Dát
was toch het moment dat het gemis zich het
nadrukkelijkst liet voelen. Waar bleef het weeralarm,
bij het eerste herfststormpje van dit jaar?
Woensdag 18 november
In het weekeinde was hij al een paar keer
van zolder naar de woonkamer gekomen, met een vage
mededeling over Xbox Live, de Microsoftgemeenschap op
internet waar Xbox-bezitters elkaar ontmoeten en tegen
elkaar spelen. Maar daar schonk ik toen, verzonken in
mijn krantje en bokbiertje, geen aandacht aan. Sinds een
klein jaar hebben onze nazaten een abonnement op deze
dienst, waarbij met name onze zoon met het downloaden
van updates voor illegaal verkregen games, de grenzen
van het toelaatbare opzoekt. De Xbox-console is enkele
weken geleden (voor de tweede keer) door een whizzkid
aangepast, om ook de kopieën van de nieuwste, meest
geavanceerde spellen te kunnen behappen. Maar sinds zondag
-
hij kon er natuurlijk niks aan doen - was het opeens uit
met de pret. Want opeens konden ze - zijn zus en hij -
niet meer op Xbox Live. De console was 'banned' van de
community. En niet alleen wij, zo bleek bij een korte
zoektocht op het world wide web. Dit is typisch een gevalletje:
gedeelde smart, is halve smart.
Dinsdag 17 november
Voor
collega's zonder kinderen zijn het verbijsterende
telefoontjes: een dochter die haar vader opbelt met de
mededeling dat ze over een kwartier een proefwerk
wiskunde heeft, maar haar geodriehoek en passer is
vergeten. Of - zoals gistermorgen - bij de balie van de
DeliFrance staat en haar pinpas niet bij zich heeft. In
beide gevallen verlaat de vader spoorslags de werkvloer
om de problemen voor zijn nazaat op te lossen. Kweken
wij een generatie van machteloze, onzelfstandige
burgers? De kinderloze collega's zijn ervan overtuigd en
mogen mij daarbij graag herinneren aan mijn eigen,
veelvuldige falen op dit terrein. Aan alle keren dat ik
uitrukte om verloren fietssleutels te vervangen of lekke
banden te repareren. Ze overal maar op de achterbank
heen bracht. Goederen en diensten sponsorde. Nee, dat
zouden zij heel anders aanpakken. Ze hebben alleen geen
kinderen. Nee, niet helaas. Hun door en door verpeste
poezen of andere exotische huisdieren zouden het geen
minuut zelfstandig in onze maatschappij uithouden. En
dat je je met een gezonde dosis machteloosheid toch
aardig door het leven kunt slaan, leg ik af en toe vast
in een krantencolumn. Zoals deze, met de niets aan de
verbeelding overlatende titel
'Machteloos'.
P.S. In de reeks 'verrassende reacties'
leverde deze column me een mailtje op van een lezeres
die zich had gestoord aan mijn - in alle onschuld
genoteerde - passage over de Gereformeerde Bonds-buurman.
Oordeel zelf.
Maandag 16 november
Waar is de tijd gebleven dat je op
zondagavond rustig de kranten kon doornemen omdat er -
na Studio Sport - toch niks op televisie was? Sinds een
paar weken moeten we hier alle zeilen bij zetten om een
mengeling van leerzame, vermakelijke, informatieve en
ontspannende (ja, in die volgorde) programma's aan ons
voorbij te zien trekken. Verplichte kost om 20.15 uur is
- ook voor onze zoon - 'De Oorlog'. Ik dacht er vrij
veel vanaf te weten, maar Rob Trip voert me nu al vier
boeiende afleveringen (we hebben er nog vijf tegoed)
langs nieuwe inzichten over ons volk gedurende de Duitse
bezetting. Ondertussen loopt de recorder voor 'Boer
zoekt vrouw' dat we meteen na 'De Oorlog' ondergaan. (De Beagle, op Nederland 2, had me ook mooi geleken om te
volgen, maar dat is logistiek onmogelijk). Dan is het 22
uur en begint op de BBC2 de nieuwe reeks van 'Top Gear'.
De harddiskrecorder is inmiddels begonnen met het
opnemen van 'Bij ons in de pc', vermakelijke tv van Jort
Kelder (kijk ik later in de week, als ik ooit tijd heb).
De avond sluit ik daarna af met Studio Voetbal, voordat
ik rond middernacht met rechthoekige ogen
(beeldbuisformaat 16:9) in mijn bed
beland. Dan is mijn eega al minimaal anderhalf uur
afgehaakt, bij dit megalomane kijkgedrag. Zelf houd ik
het erop dat ik het slachtoffer dreig te worden van mijn brede interesse.
Zaterdag 14 november
Een vrije basketbalzaterdag
zou ik hebben, maar als gevolg van een logistieke
misvatting van de coach - het spelersbusje bleek te
klein voor alle manschappen - reed ik vanmiddag ter
elfder ure toch nog naar Ter Aar, voor de uitwedstrijd
van het team van mijn zoon tegen ABC, de Aardamse
Basketbal Club. Een rommelige duel, viel mij daarvoor
als dank ten deel, met veel misverstanden, weglopende
tegenstanders, zwakke passes, slechte schoten en gemiste
rebounds. Maar dat gold voor beide teams, gelukkig,
waardoor we de hele wedstrijd toch voor bleven staan en
het uiteindelijk - vooral dankzij een redelijke fase in
de derde periode - bij ABC toch nog een ABC'tje werd:
36-49. Zelf had ik het idee dat mijn jongste nazaat ook
dit keer de topscorer van het veld was, maar sinds er
geen premie meer op zijn scores staat vindt hij het niet
interessant om ze bij te houden. En ik had er tijdens de
wedstrijd de kracht niet voor. Al mijn energie ging op
aan ergernis.
Vrijdag
13 november
Aan georganiseerde sport
doet ze niet meer, maar onze dochter speelde gisteren
wel een uitwedstrijd. In Amsterdam, nog wel. Samen met
een klasgenote deed ze mee aan een vertaalwedstrijd
Latijn, in het Vossius Gymnasium. De hoofdprijs is 250
euro, maar het duurt nog enige tijd voordat alle teksten
door een eerbiedwaardige jury nagekeken zijn. Bij
thuiskomst probeerde ik wel enige interesse in het
wedstrijdverloop te tonen, maar viel al onmiddellijk
door de mand toen ik de schrijver van de Latijnse tekst
die ze onder handen moesten nemen, niet bleek te kennen.
Ovidiwie? Ovidius! Een poëet die 43 jaar voor Christus
werd geboren en in zijn tijd al een echte beroemdheid
was. Hij kon zich een luxueus
en losbandig leventje in de mondaine grootstad Rome
veroorloven, hij was een echte societyfiguur. Als
gevierd dichter hield hij regelmatig voordrachten uit
eigen werk, wat zijn roem alleen maar vergrootte.
Ja, dit zijn Wikipedia-weetjes, want zowel vrouw als
dochter weigerden mijn onwetendheid met feiten in te
vullen. Maar het was in elk geval geen prutser, begrijp
ik uit de internet-encyclopedie. Of onze dochter de
prijs gaat pakken, betwijfelde ze zelf overigens. Ze
schijnt ergens een toekomende tijdje over het hoofd te
hebben gezien. Kniesoor die daar op let, zou ik zeggen,
maar dat schijnt nu juist het probleem te zijn. De jury
zit er vol mee.
Donderdag
12 november
De directe aanleiding is een
puur wetenschappelijke: onze dochter schrijft een
profielwerkstuk over Oscar Wilde en kreeg van een
lerares de dvd-box met de BBC-serie 'Lillie' omdat Wilde
hierin voorkomt. Dertien afleveringen telt het
kostuumdrama, dat mijn echtgenote in 1978 al eens op tv
zag. Maar ze heeft er geen bezwaar tegen om ze allemaal
nog eens te bekijken. Integendeel. En aangezien er haast
bij is - het werkstuk moet een dezer dagen af - is er op onze tv de laatste dagen vrijwel niks
anders dan Lillie Langtry, een succesvolle Britse
actrice met prominente minnaars, onder wie de
kroonprins, de latere koning Edward VII. Tussendoor is 'Lillie'
bij ons thuis onderwerp van gesprek. Als ik 's morgens
naar werk ga, na weer zo'n avond 'Lillie', is het
moeilijk los te komen van het idee dat niet ook de rest
van de wereld op dit moment in de ban is van 'Lillie'.
Dat ze geen hit is in de kijkcijfer toptien. Dat
de roddelbladen of RTL Boulevard zich nog niet op haar
hebben gestort. Dat ik niemand op werk heb, om mee over
haar te praten. Kortom, na mijn aanvankelijke
schimpscheuten over een televisieserie die ruim dertig
jaar oud is - mijn vrouw was destijds van dezelfde
leeftijd als onze
dochter nu - ben ikzelf ook behoorlijk in de ban van 'Lillie'.
Gistermiddag was ik serieus beledigd dat de dames twee
afleveringen hebben bekeken - Lillie krijgt een kind,
maar niet van haar wettige echtgenoot - terwijl ik mijn
bardienst bij de Grasshoppers draaide. Nog maar drie
afleveringen te gaan.
Woensdag 11 november
Het is nog maar een paar
maanden geleden, dat de dingen bij ons thuis prettig
overzichtelijk waren. Ik zat de hele avond achter mijn
computer, mijn eega las een belangwekkend boek,
onderwijl haar afschuw uitsprekend over de uitwassen van
de moderne tijd. En hoe anders is het nu. Niet dat ik
inmiddels belangwekkende boeken lees. Nee, ik zit nog
steeds achter mijn computer, als ik niet ergens op een
fietszadel plaatsneem. Maar aan de andere kant van de
kamer slijt mijn echtgenote haar avonden met haar nieuwe
laptop op schoot, druk twitterend namens de lokale
Openbare Bibliotheek, bezig met Hyves, haar mail of weet
ik veel wat. Via twitter komt ze ook in aanraking met de
jongste ontwikkelingen op het world wide web. Nog
voordat mijn vriend Mart mij er per mail over berichtte,
wist zij mij te vertellen dat ook Katwijk sinds gisteren
te bekijken is via
Google Streetview. Geef toe, dat zijn toch geen
dingen die je van je vrouw wilt horen?
Dinsdag
10 november
Tot de kleine maar
onmiskenbare genoegens van het leven behoort het 'geen
gaatjes' bij de tandarts. Het is een (tijdelijke) staat
van welbevinden die ik in de eerste helft van mijn leven
niet vaak heb mogen ervaren. Als gevolg van een niet te
beteugelen snoeplust in combinatie met een voorliefde
voor zoete dranken en een weinig fanatiek poetsgedrag,
werd mijn gebit reeds onder het regime de schoolarts van menige
vulling voorzien. Maar ik moet zeggen: de laatste
decennia
gaat het beter, waarschijnlijk vooral vanwege het feit
dat er niks meer te vullen valt. Tijdens ons
halfjaarlijkse familiebezoek aan de tandarts kreeg onze
dochter gistermiddag te horen dat haar vier
verstandskiezen preventief moeten worden geruimd, moest
mijn zoon tien minuten met een smerig fluorgoedje op
zijn gebit blijven zitten en dient hij binnenkort eens
langs te gaan bij de orthodontist en kreeg mijn vrouw -
een erkend niet-flosser noch stokergebruiker - net als
mijn twee nazaten nog een consult bij de mondhygiëniste
in het vooruitzicht gesteld voor het verwijderen van
tandsteen. Bij mij kon de beste brave man, zelfs na het
maken van foto's, niks vinden. En dat kleine beetje
tandsteen dan? Ach, dat haalde hij gelijk maar even weg.
In de auto op weg naar huis was er bij mijn jammerende
gezinsleden sprake van geknars van tanden (Mattheüs
8:12).
Maandag 9 november
De laatste keer dat de
overheid zich nadrukkelijk bezighield met de gang van
zaken in ons gezin was, naar mijn weten, in de periode
dat we ons om de paar maanden bij het consultatiebureau
moesten melden om te checken of we ons kind wel
voldoende te eten gaven en het niet mishandelden. Maar
de laatste tien, vijftien jaar is het betrekkelijk
rustig, uit die hoek. Je krijgt wel eens post - als het
kroost spontaan een Burgerservicenummer krijgt
toegewezen, bijvoorbeeld - maar verder kun je als ouders
toch in alle vrijheid je gang gaan. Elk kwartaal komt de
kinderbijslag en verder heb je nergens omkijken naar. Qua
overheid dan. Maar nu ligt er al een paar weken een
brief annex folder van de Informatie Beheer Groep, die
ons erop wijst dat onze dochter binnenkort (volgend jaar
maart, om precies te zijn) 18 jaar wordt. Hebben ze haar
toch al die tijd in de gaten gehouden, denk je dan. De
kinderbijslag houdt op en daarvoor in de plaats 'kun jij
(dat is in dit geval: onze oudste nazaat) zelf
geld krijgen voor je school of studie'. Als mijn vrouw
gisteravond mijn dochter en mij niet had gedwongen één
en ander in gang te zetten, had die folder er nog een
tijdje kunnen liggen. Wij zijn niet zo van het
invullen van formulieren. Maar de Informatie Beheer (IB)
Groep die dit voor haar moet regelen, heeft alleen al
drie maanden voor haar 18de nodig om alle rompslomp in
orde te maken. Er is een pdf-bestand gedownload dat onze
dochter de komende dagen invult - mogen wij hopen - en
opstuurt. Helemaal naar Groningen. Zodra ze 18 is, krijgt ze - wat voorheen onze
kinderbijslag was - rechtstreeks op haar rekening
gestort. Ik wacht nu nog op een folder waarin de
overheid uitlegt hoe wij - nu onze uitkering stopt maar
wij verder ongetwijfeld blijven opdraaien voor alle
rekeningen - dat geld weer van háár
naar ónze rekening krijgen. Ik heb namelijk niet
de illusie dat dit goedschiks gebeurt.
Zaterdag 7 november
Wat zijn overwinningen
waard, als je nooit eens verliest? Vanuit die optiek
zijn de (monster-)zeges van de afgelopen weken ons nog
dierbaarder geworden na het verlies vandaag tegen DAS,
in Delft (57-48). Temeer daar we het perspectief
koesteren dat we hier helemaal niet hadden hoeven
verliezen. De eerste periode waren we weliswaar niet
superieur, zoals dit seizoen bijna een gewoonte werd,
maar wel beter. Het vertaalde zich ook in een aardige
voorsprong, die er in de rust - hoewel al behoorlijk
geslonken - nog steeds stond. Maar toen we eenmaal
achterkwamen sloop de onrust in het team, werd er te
gehaast gespeeld, kwamen passes niet aan en gingen lay
ups, schoten en vrije worpen te vaak mis. En bleek de
tegenstander toch ook heel wat lengte in de ploeg te
hebben. DAS stond tweede op de ranglijst, wij waren
eerste. Nu is dat andersom. Tot ze bij ons thuis in
Katwijk op bezoek komen, uiteraard. Dan worden de
bordjes weer verhangen. Kijk, is dit een hoopvol
vooruitzicht, of niet?
Vrijdag 6 november
De column was er eerder dan deze foto.
Maar het beeld illustreert treffend wat ik heb betoogd.
Wij, normale fietsers, moeten de strijd aanbinden met
de fiets met trapondersteuning. Of er in elk geval - in
Den Haag, Brussel desnoods - voor lobbyen het
rijwiel zo zichtbaar maken in het dagelijks verkeer
- vlaggetjes, bordjes met duidelijke merktekens - dat
iedereen meteen weet dat we hier met bedriegers te maken
hebben. Mijn eerste zorg gaat daarbij uiteraard niet uit
naar mijn 73-jarige moeder, die op haar Gazelle Easy Glider
met een venijnige demarrage de rest van het gezelschap
tijdens de herfstvakantie op ruime afstand trapt. Nee, ik heb het over de vijftigers,
veertigers en zelfs een enkele dertiger die zich
momenteel al meent te moeten voortbewegen met
accukracht. En ik sta daarin niet alleen. De vele
positieve reacties die ik kreeg op de krantencolumn
'Trapondersteuning' geven aan dat we hier te
maken hebben met een splijtzwam in het maatschappelijk
(en niet te vergeten het woon/werk-) verkeer. In dat opzicht lijkt me de
fiets met trapondersteuning staatsgevaarlijker dan Geert
Wilders.
Donderdag
5 november
Aan vrijwel elke computer in ons huis -
en dat zijn er nogal wat - hangt een externe
backup-schijf. Want je weet maar nooit. Maar na de
laatste blikseminslag waarbij mijn modem werd
opgeblazen, voelt dat als beveiliging niet voldoende.
Wat als de bliksem een keer goed inslaat en alle
computers en toebehoren krijgen 50.000 volt door de
kabels? Aan een back up-schijf waar de rook vanaf komt
heb je ook niet veel meer. Dus heb ik zondagavond bij
Bol nóg een externe schijf besteld
die ik - met mijn volledige digitale muziekcollectie en
kopieën van alle pc-schijven in ons huis - ergens
losgekoppeld van alle snoeren en stekker in huis ga
bewaren. Nóg beter zou zijn ergens buiten het huis, maar
helemaal zonder risico is het leven toch niet. Op
dinsdagmorgen was de postbode al met mijn pakje aan de
deur geweest, maar toen was er niemand thuis. En bij de
buren kennelijk ook niet. Maar gisteren kon mijn dochter
de nieuwe schijf aannemen en begon ik - omdat het buiten
toch goot van de regen en ik geen zin had om te fietsen
- aan het opslaan van 13.000 liedjes. Na tien minuten
begon het te onweren. De bliksemschichten volgden elkaar
in steeds hoger tempo op. De tijd tussen de flitsen en
de donder werd korter. En terwijl vlak achter ons weer
een inslag was te horen, keek ik gebiologeerd naar het
voortgangsmenuutje van mijn collectiereddende back up:
nog één uur en 15 minuten. Het zal je toch gebeuren,
halverwege de back up die aan alle vertwijfeling een
eind moet moeten, worden getroffen door de
bliksem?
P.S. Het simpele feit dat u dit logje kunt lezen,
bewijst dat we wederom ongeschonden uit de strijd zijn
gekomen.
Woensdag 4 november
Zojuist verschenen bij de Hema, in een
oplage van 1 exemplaar: ons vakantieboek Italië
2009. Het is mooi geworden, met 70 pagina's in full
color op glanzend papier, inclusief harde kaft met een
opname over twee pagina's van Venetië. Een foto van mijn
hand, maar dit terzijde, want verder gaan alle
credits voor dit boek naar mijn eega, die er - op
haar nieuwe laptop - een belangrijk deel van de avonden
in onze herfstvakantie aan heeft besteed. Mijn enige
bijdrage bestond uit afwezig, goedkeurend gemompel, om
er vooral maar niet bij betrokken te raken. Is er van
mijn kant dan helemaal geen kritiek op het
eindresultaat? Welzeker, op haar keuze om de vele
monumentale fietstochten die ik met neef Raymon en
campingbuurman Wil heb gemaakt, op één hoop te gooien
met campingactiviteiten als barbecueën en shuttelen. Ik
vrees dat het nog een bewuste keuze geweest is ook.
Dinsdag 3 november
Er
zijn mensen die in het verkeerde lichaam zijn geboren.
Zo erg is het bij mij niet. Ik woon alleen in de
verkeerde gemeente. Waar had mijn wieg dan moeten staan?
In een van de drie dorpen (Sassenheim, Voorhout en
Warmond) van Teylingen, bijvoorbeeld.
Daar weten ze tenminste hoe ze hun waardering moeten
uiten, aan mensen zoals ik. Die zich belangeloos
inzetten voor de samenleving, een beter milieu, een
schonere woonomgeving. Als wat? Als ZAP'er. Nee, niet
zo'n dikke, uitgezakte kerel die de hele avond met de
afstandsbediening voor de buis hangt. ZAP staat hier
voor 'Zwerfafvalpakker' en elk jaar zet Teylingen er
eentje (per dorp) in het zonnetje. Ook in mijn meterkast
hangt een - van gemeentewege verstrekte - afvalgrijper
die ik op ongeregelde momenten inzet om mijn
voortuintje, de stoep en de parkeerplaatsen vrij te
maken van alle ongeregeldheden die uit de papierpakken
en de Lidl-karretjes aan de overkant van de straat in
onze richting waaien. Nee, daar hoef ik niks voor te
hebben. Ik doe het graag. Maar een beetje waardering,
dat zou mooi zijn. In Teylingen reiken ze daar elk jaar
een speldje voor uit. Een ZAP-speldje. Als Katwijk eraan
zou doen, had u me ervoor kunnen aanmelden. Want zo
werkt het, je mag er zelf niet om vragen. Je moet ervoor
worden voorgedragen. Wat dat
betreft is dit stukje alweer een beetje gênant. Maar
echt, ik zou hem met zoveel trots dragen, dat speldje.
Maandag 2 november
In
mijn drift om maar niet achter te raken op de digitale
snelweg, had ik Windows 7 al willen aanschaffen op de
eerste dag dat het in de schappen lag. Maar in de
herfstvakantie wist ik me in het winkelcentrum van
Veenendaal nog te bedwingen. In de caravan kon ik er toch
niks mee. En in de week daarna liep ik een blauwtje bij
twee Dixons-vestigingen (in Leiden en Katwijk), twee
andere computerwinkels en een boekhandel in mijn
woonplaats die ook software verkoopt. Overal
uitverkocht, dat wil zeggen: de upgradeversie die ik
wilde hebben. Dus zaterdagmiddag was ik het zat en heb
ik het programma aangeschaft via de site van Microsoft.
Dat heeft als voordeel dat je het meteen kunt downloaden
en later (als backup) ook de dvd nog thuisbezorgd
krijgt. Afijn, pas toen alle financiële formaliteiten
waren afgewikkeld (119,95 euro afgeschreven via Ideal),
de nieuwe 'motor' voor mijn pc was binnengehaald en het
grote moment van installeren was aangebroken, bleek dat
ik de upgrade helemaal niet op mijn computer kon
uitvoeren. Ik heb namelijk niet de 'Home' versie van
Windows Vista, maar de 'Business' variant. Daarvan is -
lekker ingewikkeld -
upgraden alleen mogelijk naar Windows 7 als je de
professionele versie aanschaft, wat ongeveer drie keer
zo duur is als de 'Home'-editie: een kleine 300 euro. En
daarvoor kan ik bijna een nieuwe pc kopen, waarop
Windows 7 al is geïnstalleerd. Nadat ik een kwartier
had gehuild - niet langer, ik ben een grote vent - drong
ook het grote geluk tot mij door. Omdat het in al die
winkels die ik had bezocht was uitverkocht en ik was
veroordeeld tot internet, mag ik de aankoop binnen zeven
dagen zonder opgave van redenen annuleren. Ook als je
(te) gretig en dom bent geweest, dus.
Zaterdag 31 oktober
Tsja,
met dit beeld vanaf de bank lijkt het nog spannend. Maar
niets was minder waar. Toen ik tegen het eind van de
tweede periode binnenkwam stond het al 44-6 en
uiteindelijk zou het 103-20 worden. De vraag 'Waren wij
nu zo goed, of waren zij nu zo slecht?' kan eenvoudig
worden beantwoord. Zij - Dunkinn uit Roelofarendsveen,
waar ik op deze plek eerder Dunkinn al als tegenstander
noemde moest het Alphia uit Alphen aan den Rijn zijn,
een mens kan zich weleens vergissen - bakten er helemaal
niets van. En als wij echt goed waren geweest, was het
wel 150-6 geworden, of zoiets, want er werd nog
behoorlijk veel gemist, door de mannen. Een beetje
spannend werd het tegen het einde nog, toen de kwestie
werd: halen we de 100? Mijn zoon had hem in de vingers,
maar miste net, waardoor een teamgenoot hem maakte. De
traditie wil dat deze speler - of zijn ouders - de rest
van het team trakteren, maar aangezien het feestvarken
geen geld bij zich had, kwam mijn jongste nazaat naar
mij om deze geste dan maar voor mijn rekening te nemen.
Ja, ik ben daar gek. Ben ik net van die bonusregeling
per punt af, krijg je dit!
Vrijdag 30 oktober
Onderzoek alle dingen en behoud het
goede. Onder dat motto zit ik elke maand met het
muziekblad 'Oor' voor mijn computer om de nieuwste cd's
te downloaden. Nee, niet te uploaden, want dat is
verboden. Ik laat me daarbij leiden door de mening van
mij vertrouwde recensenten, niet in de laatste plaats
door mijn naamgenoot, plaatsgenoot en oud-collega Jan
van der Plas, de Katwijkse popprofessor. De verse buit
zet ik over naar mijn Iphone, om onderweg van huis naar
werk kennis te nemen van het aanbod en alvast een
schifting te maken van wat er 's avonds onmiddellijk
weer vanaf kan. Zo'n beetje de helft van de route naar
de krant rijd ik met losse handen om te kunnen bekijken
wat voor merkwaardigs er nu weer via de koptelefoontjes
tot mij komt (de ene hand heb ik nodig om mijn bril
omhoog te doen, de andere om het kleine schermpje van
mijn Iphone voor mijn ogen te houden om het hoesje te
kunnen lezen). Het meest verbaasd was ik gistermorgen
door de nieuwe cd (Between my head and the sky)
van Yoko Ono, de weduwe van John Lennon, en de Plastic
Ono Band. Allereerst omdat ik me ertoe had laten
verleiden dit werk van deze 76-jarige (!) tot mij te
nemen (Jan van der Plas spreekt van 'een
onderhoudende en bij vlagen zelfs indrukwekkende plaat')
maar ook door de muziek zelf, die ik zou willen
omschrijven als mengeling van de avant-garde klanken van
een Laurie Anderson en het gesteun van Franse
zuchtmeisjes als Carla Bruni. Mocht u mij hedenmorgen
van Katwijk naar Leiden tegenkomen met de bril op het
voorhoofd en de Iphone tegen de neus, dan ben ik er
wederom niet in geslaagd mijn opwinding over deze, op
verrassend eigentijdse klanken lispelende bejaarde te
verbergen.
Donderdag 29 oktober
Wij kennen onze eigen
variant van het EO-televisieprogramma 'Familie Diner'.
Nee, geen narigheid, integendeel. Elk jaar tegen kerst
spreken we met de schoonfamilie af in een goed
restaurant, om te eten op de nagedachtenis van mijn
schoonouders. Ook ván de nagedachtenis, want de
bescheiden erfenis die ze nalieten hebben we op de bank
gezet en zolang het nog kan, laten we het ons er goed
van smaken. De sfeer is altijd opperbest: we nemen het
jaar door, in al zijn hoogte- en dieptepunten, waarbij
ik me dit keer in het bijzonder verheugde op de
kwinkslagen richting mijn zwager die al zijn spaargeld -
als enige van de familie - had geparkeerd bij de
DSB Bank, zogenaamd omdat deze instelling zoveel voor de
Nederlandse sport heeft betekend. Nee, het had absoluut
niks te maken met dat ene schamele procentje rente dat
hij daar meer kon krijgen. Afgelopen zaterdag, bij de
verjaardag van zijn eega, namen we alvast een
voorschotje op het leedvermaak, toen hij, besmuikt
kuchend, even onze aandacht vroeg voor het volgende: Uh,
tsja, als executeur-testamentair van de nalatenschap van
mijn schoonouders had hij, uh, nogmaals tsja, enige tijd
geleden besloten om, tsja, het geld dat er nog over was
voor het komende familiediner, uh, tsja, weg te zetten
bij de, uh, tsja, de DSB Bank. En nu maar hopen dat
Wouter Bos zijn belofte nakomt dat het voor de kerst
weer beschikbaar komt, anders kunnen we voor het
copieuze familiediner naar de plaatselijke Voedselbank.
En heeft EO's Bert van Leeuwen er weer een paar
kandidaten bij voor zijn wedergoedmaak-programma 'Familie Diner'.
Woensdag 28 oktober
Met een krantencolumn, twee
weblogs en nog wat gelegenheidsartikelen die ik voor
allerlei bladen maak, ontkom ik er soms niet aan wat
stukjes handig te recyclen. Zo is mijn laatste bijdrage
aan het basketbalblad De Rebound van Grasshoppers de
vrucht van weblogjes die ik eerder over dit onderwerp
schreef. Een andere introotje, een paar alineaatjes
erbij, een stukje moraal en het eind - waar ik wel
tevreden over was - gewoon schaamteloos nog een keer
hergebruikt. Dan krijg je dit:
Bonus
In
een tijd dat bonussen nog gewoon een prikkel tot betere
prestaties waren, stelde ook ik voor mijn zoon een
premie in. Geen bedragen waar ze in Wallstreet of de
Londense City steil van achterover slaan, maar toch een
waardevolle aanvulling op zijn schamele zakgeld: 50 cent
per punt.
Opvoedpuristen waren er toen
al als de kippen bij om deze daad te veroordelen: het
zou egoïsme in zijn spel in de hand werken en ten koste
gaan van het teambelang. Zelf was ik daar niet bang
voor. We praten over een tijd dat zijn basketbalspel
voornamelijk bestond uit het geven van breedteballetjes,
zijn layupjes altijd ergens doelloos onder de basket
eindigden en zijn schot in bijna honderd procent van de
gevallen de benaming 'airbal' verdiende.
Zelfs na het invoeren van de
bonusregeling gingen er halve seizoenen voorbij dat ik
nooit hoefde uit te keren. Hij bleef onder het bord
beleefd de bal aan zijn medespelers of – nog erger –
zijn tegenstander afgeven, zag het als onderdeel van
zijn dienende rol om bij de rebound aan de grond
genageld te blijven staan en hield zich, kortom, bezig
met wat ik zou willen omschrijven als ’schijnbasketbal’.
Hij was er in het veld vreselijk druk mee, legde heel
wat meters af, maar het leidde tot helemaal niets.
Tot het begin van het
seizoen 2009/2010.
Traditiegetrouw sjokte ik
pas halverwege de tweede periode van het openingsduel
tegen ABC uit Ter Aar de sporthal Cleijn Duin in, uit
angst om ook dit keer weer de hele gifbeker van een
kansloos verloren wedstrijd te moeten leegdrinken. Bij
een vluchtige blik op het scorebord waren de verschillen
alweer flink duidelijk, maar toen ik achtereenvolgens
achter coach ArendJan en mijn zoon (even uitblazend op
de bank) naar de tribune liep, riep de laatste: 'We
staan voor!'. En warempel, bij nadere beschouwing van de
stand was het dit keer de thuisploeg (onze J42) die met
twee keer zoveel punten als de tegenstander aan kop
ging. Dat bleef zo tot aan het laatste fluitsignaal
(69-36), waarbij mijn jongste nazaat triomfantelijk met
de gele wedstrijdsheet kwam aanlopen. Of hij even mocht
afrekenen: elf keer gescoord à 50 cent, maakt 5,50 euro.
De tweede wedstrijd – tegen
Dunkinn uit Roelofarendsveen – loopt helemaal van een
leien dakje. Hij eist de bal op, zijn layupjes lopen
opeens als een trein en zijn schotpercentage gaat naar
de zestig tot zeventig procent. Niet minder dan
zeventien keer legt hij de bal in het netje, goed voor –
de snelle rekenaars onder u weten het al – 8,50 euro.
Mag ik even vangen?
Hoogste tijd om de regeling
met onmiddellijke ingang te herzien. Bonussen zijn een
besmet woord, houd ik mijn protesterende zoon voor. Lees
jij geen kranten? Kijk jij geen televisie? Het is
helemaal tegen de tijdgeest.
In navolging van Barack
Obama, Wouter Bos en Nout Wellink zou ik willen zeggen:
Weg met de graaicultuur!
Dinsdag 27 oktober
Ik
ben geen type dat elke week zijn auto aflikt, maar voor
het ondergescheten vehicle waarmee ik me gistermiddag
bij de plaatselijke Kwikfit meldde, geneerde zelfs ik me
een beetje. 'Voor wassen bent u hier aan het verkeerde
adres', meende de snaakse receptionist te moeten
opmerken, voordat ik hem had uitgelegd dat mijn
rechtervoorband al een paar weken langzaam - maar de
laatste dagen steeds sneller - leegliep. Er bleek een
indrukwekkend stuk staal in te zitten, dat vakkundig -
en voor een billijke 19 euro, inclusief uitlijnen - werd
vervangen door een rubberen prop. Na een week in de
ondergrondse parkeergarage van de camping te hebben
gestaan, werd mijn Sorento in één nacht verder volledig in de
stront gezet door honderden spreeuwen die zich in de bomen
boven de parkeerplaatsen voor ons huis tegoed doen aan
de rode besjes die ook hun ontlasting zo mooi oranje
kleuren. De medewerker van Snella Autowas die ik na de
Kwikfit opzocht moest ik vijf euro extra fooi geven om
mijn auto met zijn hogedrukspuit weer een beetje
toonbaar te maken, alvorens ik de wasstraat mocht
inrijden. Het wassen werd daarmee net zo duur als het
repareren van mijn lekke band. De rekening zou ik naar
de afdeling groenvoorziening van de gemeente Katwijk
moeten sturen,
die in de jaren tachtig en negentig boven elke
parkeerplaats in ons mooie dorp een boom heeft geplant
die elke maand van het jaar zijn eigen smerigheid
afscheidt. Automobilistje pesten, dat is het!
Maandag 26 oktober
Vijf
minuten te laat bij de presentatie van het Visserijboek
waarvan ik één van de auteurs ben -
het is niet gebruikelijk dat dit soort dingen in Katwijk
op tijd beginnen, maar uitzonderingen bevestigen de
regel - maakte ik zaterdag de plechtigheid ergens
achterin het bomvolle zaaltje van het plaatselijke
museum mee, staand naast de haspel van het
brandblusapparaat. Na de laatste drukproeven was ik onze
uitgave 'Katwijk, 60 km van zee' volledig uit het oog
verloren, maar het blijkt een kloek en indrukwekkend
boekwerk geworden voor iedereen die in Katwijk, de
visserij of - beter nog - in allebei is geïnteresseerd
(te koop in het Katwijks Museum of bij de plaatselijke
boekhandels voor 19,95 euro, leuk voor sinterklaas of
anderszins). Het boek wordt ondersteund door een
visserijtentoonstelling - of andersom, dat mag van
mij ook - die met name is bedoeld om de autochtone
Katwijkers - die weinig met kunst, maar veel met vis
hebben - weer eens naar hun prachtige museum te lokken.
Zelf vond ik, tussen de honderden foto's en
scheepsattributen - vooral de doordringende haringlucht
goed getroffen, maar die bleek uiteindelijk te walmen
van de schalen met (niet meer zo) Hollandse Nieuwe die
door dames in klederdracht werd uitgevent. Niettemin,
ook zonder haringlucht, van harte aanbevolen!
Mijn mede-auteur Jan van Beelen (midden,
met witte
kuif) en vormgever Bob van der Plas (rechts, met indrukwekkende
zwarte kuif).
Vrijdag 23 oktober, Leersum
Na
booming Veenendaal, ook op de laatste dag van
onze vakantie een herfstklassieker: het Veerhuis in
Opheusden. Het ritje erheen is wel
nieuw, met knooppunten die eerst door het bos en daarna
over het platteland leiden. Voor de niet-klimmers in ons
gezelschap - dat zijn er vijf van de zes - moet ik met
een ruime bocht om de Grebbeberg bij Rhenen heen. Het
Veerhuis ligt - de naam zegt het al een beetje - direct
aan de overkant van de Nederrijn, voor ons alleen
bereikbaar met de pont. Voor het vierde
achtereenvolgende jaar komen we hier al en we hebben het
wel en wee gevolgd van het echtpaar dat dit sfeervolle
pand al die tijd aan het opknappen was. Maar het laatste
'wee' hadden we toch gemist: ze zijn gescheiden en de
nieuwe eigenaren maken er - met behoud van identiteit,
zoals dat heet - een lifestylepaleisje van, dat helemaal
in de smaak viel van drie van de zes leden in ons
gezelschap (twee zussen en een eega). Ze zaten net lang
genoeg aan tafel om hun apfelstrudel en cappuccino naar
binnen te schrokken, maar de rest van de tijd renden ze
van voor naar achter door het verbouwde pand, op de voet
gevolgd door de eigenares die aanwees in welke
designwinkeltjes in de regio ze de spullen allemaal had
ingeslagen. Morgen, zaterdag, gaan we weer naar huis,
maar de dames hebben zich voorgenomen om - met het
lifestyle-lijstje met adressen - binnen enkele weken
terug te keren. En niet voor de mooie natuur, kan ik u
melden.
Donderdag 22 oktober, Leersum
Ja,
deze beelden vertekenen natuurlijk. Want nee, ze hebben
helemaal niks voor zichzelf gekocht. Alleen voor de
kinderen gingen ze van Jack & Jones naar Esprit en vice
versa in het mondaine Veenendaal, dat net zo hoort bij
onze herfstvakantie in Leersum als de vallende bladeren
en de paaltjesroutes. De hele nacht en een deel van de
ochtend had het zachtjes geregend, maar tegen de middag
werd het droog, zodat de tien kilometer naar het
winkelhart van de Heuvelrug toch nog op de fiets kon
worden afgelegd. Voor een middagje Veenendaal maak ik
mijn eigen agenda, die voert van de Dixons (de vandaag
uitgekomen Windows 7 bekijken) naar de Halfords (een
standaard voor de fiets van mijn dochter kopen), naar
Rein Veenendaal (oud-renner en nu eigenaar van een
enorme fietsenzaak waar ik me heb verlekkerd aan de
nieuwste collecties racefietsen en mountainbikes), om te
eindigen bij de ANWB voor een handig hebbedingetje voor
het noteren en aflezen van de fietsknooppuntenroutes: de
bikepointer. Aan het eind ontmoeten we elkaar dan weer
bij de gebakafdeling van La Place in V&D. Ja, laat dat
maar aan mij over om een verloren dag zinvol te
besteden.
Woensdag 21 oktober, Leersum
De herfstvakantie markeert
doorgaans het moment dat ik mijn goddelijke, gespierde
zomerlijf inruil voor een torso die - laat ik het
voorzichtig zeggen - mij door de barre wintermaanden vol
ontberingen moet helpen. Ik kom een kilo of tien aan,
bedoel ik daarmee te zeggen, en dat onomkeerbare proces
stelt mij elk jaar weer voor een raadsel. Want zeg nou
zelf: ik zit hier al sinds zaterdag vijf dagen lang op
de fiets, in de regel van de vroege ochtend tot het eind
van de middag. En het tempo mag dan niet altijd even
hoog liggen, in combinatie met trainingstritjes op de
mountainbike leg ik toch elke dag wel tussen de 70 en 90
kilometer af. Hoe - vraag ik mij in gemoede af - slaag
ik er elke herfstvakantie toch maar niet in om op
gewicht te blijven?
Dinsdag 20 oktober, Leersum
Alleen met
satellietnavigatie wagen we ons over de rivier, waar we
van de Utrechtse Heuvelrug opeens in de ons onbekende
Betuwe belanden. Het oranjestadje Buren is ons doel,
maar als blijkt dat mijn Garmin GPSmap60Cx ons op de
fiets hardnekkig blijft sturen naar wegen die vooral
geschikt zijn voor trucks met oplegger, val ik toch weer
terug op die andere nieuwe vinding die het fietsen
zoveel plezieriger heeft gemaakt: de knooppuntenroutes.
Mijn in Scherpenzeel aangeschafte handschoenen blijken
zich bovendien uitstekend te lenen om een stukje
placemat met nummertjes overzichtelijk op het stuur weer
te geven. Alle jonge en dynamische eetgelegenheden in
Buren - waar de accu van mijn moeders Gazelle Easy
Glider hoognodig moet worden opgeladen en de inwendige
mens dient te worden versterkt - blijken 'wegens
familieomstandigheden gesloten' of pas vanaf 17 uur open
te zijn, waardoor we uiteindelijk in de wat belegen
uitspanning De Swaen terechtkomen. Mijn buitenissige
uitsmijter De Betuwe (drie hele dooiers, ham, kaas,
worst, tomaat en huzarensalade) zal mij later een groot
deel van de avond aan het campingtoilet kluisteren.
Buren.
Dijken, boerderijen, een uitsmijter De
Betuwe en pontjes, veel pontjes.
Op de terugweg, de skyline
van Wijk bij Duurstede.
Maandag 19 oktober, Leersum
Wat hebben we hier de afgelopen vier jaar
in hemelsnaam uitgespookt? Dat mag je je in gemoede
afvragen, want ook nog nooit gedaan in onze
Leersum-herfsten: de Grebbelinieroute. Een tocht langs
de verdedigingswerken die ons in mei 1940 weliswaar niet
meer dan symbolische bescherming boden tegen het
oprukkende Duitse leger, maar 70 jaar na dato toch maar
mooi 45 prettige fietskilometers opleveren. Gewoon, net
als de bezetter destijds, de bordjes volgen. Het was
bewolkt maar droog en met een graad of negen toch zo
schraal dat ik bij een lokaal modehuis - veel degelijke
plooirokken - in het pittoreske Scherpenzeel een paar
handschoenen moest aanschaffen. Weinig vertier,
onderweg, want op maandag bleken zo'n beetje alle betere
koffiehuizen hun deuren gesloten te houden. En Dicky's
Theeschenkerij - ik kan er ook niks aan doen - gaat
zelfs in maart pas weer open.
Zondag 18 oktober, Leersum
Fietsen of wandelen? Meer
dilemma's hebben we niet, deze week. En waarom niet
allebei? Al vier jaar rijden we langs Landgoed
Broekhuizen aan de rand van Leersum, maar zaterdag zagen
we voor het eerst pas dat er ook wandelroutes over het
terrein lopen. Met beschilderde paaltjes, nota bene. En
een natuurpad voor mindervaliden. Zo hoort dat in
Nederland. Dus liepen we anderhalf uur door een Engels
landschapspark dat wordt beheerd door Staatsbosbeheer
met een gigantisch landhuis in particulier bezit. (Er
stond nog veel meer op het bordje bij de entree, maar
dat heb ik niet meer paraat.) In elk geval was dit de
tweede dag van onze vierde herfst in Leersum waarop we
iets deden wat we nog nóóóóóóóóóóóit eerder hebben
gedaan. Het was ook de laatste keer, heb ik maar
meteen aangekondigd, want wandelen is dodelijk voor het
spierstelsel van een fietser.
Zaterdag 17 oktober, Leersum
Een
tante zaliger van mijn vrouw ging haar hele leven op
vakantie naar Nijverdal en wist ons elke verjaardag op
de mouw te spelden dat ze daar - op haar 73ste - nog elk
jaar nieuwe weggetjes ontdekte. En zo is het bij
ons ook, in het vierde jaar Leersum, al vallen we de
eerste dag graag terug op oude routines: een stukje door
het bos naar Amerongen, daarna over de dijk richting
Wijk bij Duurstede en halverwege weer rechtsaf - anders
wordt het te ver - door het bos terug naar de camping.
Na de uitputtende reis van vijf kwartier van Katwijk
naar de Utrechtse Heuvelrug bleven twee zwagers en mijn
moeder in de caravan achter voor een middagdutje,
waardoor ik als routeplanner optrad voor mijn vrouw en
twee zussen. Voor het eerst gebruikte ik daarbij het
knooppuntenroutekaartje dat ik vorig jaar op de laatste
dag van onze herfstvakantie kocht. Voor ons vertrouwde
rondje Amerongen - dat ik inmiddels kan dromen - moesten
we daarvoor opeens de nummers 17, 16, 18, 19, 11 en 12
volgen. En het is gek, maar het was alsof we er voor het
eerst reden. Het zal, net als bij die tante zaliger, de
leeftijd wel zijn.
Vrijdag 16 oktober
Daar gaan we weer. Want als we niet elk
jaar zouden gaan, was het geen traditie. De
herfstvakantie brengen we door op camping Ginkelduin in
Leersum, middelpunt van mountainbikeroutes,
fietsknooppunten over de Utrechtse Heuvelrug en routes
langs de Hollandse IJssel. Wie gaan er mee? M'n moeder,
twee zussen, een zwager, mijn vrouw, zoon Steven en neef
Ben. Want nieuw dit jaar: allerlei postpubers grijpen
dit weekje aan om thuis te blijven. Zo zet onze dochter
de eerste schreden naar de zelfstandigheid,
waarschijnlijk op een dieet van frituur, pizza en
kant-en-klaarmaaltijden. Wat
gaat er mee? Vier caravans en acht fietsen. Van de drie
rijwielen die ik vorig jaar alleen al voor mezelf meenam
(zie foto), heb ik er toen twee niet gebruikt. Tijd om
het dit jaar helemaal anders aan te pakken. Door maar
twee fietsen voor mezelf mee te nemen, bijvoorbeeld. Met
het heilige voornemen om niet alleen met de familie van
appelgebakterras naar lunchroom te rijden, maar ook
zeker elke dag te mountainbiken door bos en veld. Nou ja, in elk geval
een keer of vijf. Of vier. Maar zeker drie!
Donderdag 15 oktober
Het
zijn kleine momenten in een mensenleven, maar je moet er
wel even bij stilstaan, vind ik.
Tot
de artiesten waar ik 'alles' van heb behoort John Gorka.
Alle cd's, bedoel ik daarmee, van zijn eerste 'I Know'
uit 1987 tot 'Writing in the margins' uit 2006 en
alle acht albums die daar nog tussen zitten. Allemaal
origineel, niks gestolen van internet, wat alleen
voorbehouden is aan mijn selecte gezelschap van absolute
topfavorieten. Maar gisteravond heb ik gebroken met die
traditie met zijn nieuwste cd 'So dark you see'. Dat wil
zeggen: met het aanschaffen van het schijfje. Ik draai
namelijk sinds 2006 geen cd's meer. Al mijn muziek
staat op de harde schijf - twee harde schijven, voor de
zekerheid - en ik speel ze via mijn muziekinstallatie af
met het programma Itunes. Daar is ook een winkel aan
verbonden - de Itunes Store - waar ik overigens weer
alleen van mijn rijtje topfavorieten de muziek
legaal aanschaf. Enerzijds omdat ze vaak te obscuur zijn
om via de geëigende illegale kanalen te downloaden,
anderzijds omdat ik deze kleine krabbelaars graag
financieel ondersteun. En, het moet gezegd, Itunes
rekent billijke prijzen: voor de 16 nieuwe nummers van
deze verstilde Amerikaanse sombermans betaalde ik 8,99
euro, en dan heb je ze ook nog eens binnen een paar
minuten op je harde schijf staan. Bij bol.com kost het
plaatje 17,99 euro (plus 1,65 euro verzendkosten) en moet je er nog op wachten ook.
Woensdag 14 oktober
Als bijna 150 jaar oude
krant zitten we tegenwoordig met allemaal jonge, snelle
communicatie- en internetboys in een eigentijds
verbouwd monumentaal fabriekspand in de Leidse
binnenstad, Nieuwe Energie genaamd. Prettig voor de
kruisbestuiving, zo was de gedachte, niet alleen met de
stad, maar ook met elkaar. Om dat laatste te
bewerkstelligen was er gistermiddag een EnergieBoost
(spreek uit: boest):
alle bedrijven en bedrijfjes konden na vieren bij elkaar
binnenkomen om eens rond te snuffelen, een workshop te
volgen of anderszins te netwerken. En uiteraard een
borrel toe. Om de toeloop naar mijn 'kijk en
luistershop' op de zolderverdieping van onze redactie
enigszins te temperen, had ik mijn voorstelling zo saai
mogelijk aangekondigd: Heden en verleden van het Leidsch
Dagblad (de toekomst liet ik wijselijk voor wat die was). Met behulp van een pc, een beamer en mijn
geïmproviseerde, van kwinkslagen doorspekte betoog, zou
ik die vluchtige communicatie en internetboys wel
eens laten zien hoe je een degelijk product als een
krant in elkaar sleutelt. Twee sessies van 20 minuten
waren er voor me ingepland, eentje van 17.10 uur tot
17.30 en eentje van 17.40 tot 18.00 uur. Maar in het
geweld van de nieuwste computerspellen, demonstraties
Oosterse zelfmassage en workshops sushi maken op de
begane grond, kwam er - en dan ook nog helemaal tegen
het eind van sessie twee - welgeteld één oude man omhoog
om een praatje met me te maken. Hij zal van mijn
leeftijd zijn geweest. Heel nadrukkelijk bekroop me het
gevoel dat we voor die communicatie- en internetboys niet meer van deze tijd zijn.
Dinsdag 13 oktober
Toen ik enkele maanden geleden begon als
passieve twitteraar - ik volg het illustere drietal Nico
Dijkshoorn, Barack Obama en Lance Armstrong, meer niet -
was ik een meeloper. Iemand die - niet voor het eerst -
zijn oren laat hangen naar rages en de
ruggengraat mist om de verleidingen van nieuwe gadgets
te weerstaan. Over mijn weblog en andere moderne
manieren van communiceren had ze zich al eerder
laatdunkend uitgelaten. Maar goed, dat was een paar
maanden geleden. Een reeks moderne marketing- en andere
snelle cursussen voor haar werkgever verder, is ze
ineens actief op Hyves en werd ik zondagmiddag - bijna
letterlijk met het mes op de keel - door mijn vrouw en
echtgenote gedwongen om aan mijn twitterrijtje Nico
Dijkshoorn, Barack Obama en Lance Armstrong ook de
Katwijkse Openbare Bibliotheek toe te voegen.
Maandag 12 oktober
Volkskrant-recensent en
vogelaar Jean Pierre Geelen schreef laatst enthousiast
over een nieuwe verrekijker die hij had aangeschaft.
Ontzettend duur, was het ding, maar hij had voor zijn
vrouw desondanks maar tweehonderd euro van de prijs af
gelogen. Dat vond ik een herkenbaar zinnetje. Alle
mannen met een kostbare hobby stellen voor hun
echtgenotes de prijs van nieuwe hebbedingetjes naar
beneden bij. Waarom? Het scheelt een hoop gezeur en je
doet er verder niemand kwaad mee. Zelf ben ik ook een
erkend afprijzer omdat ik uit ervaring weet dat vrouwen
niet goed de waarde inzien van aankopen die ik
bijvoorbeeld voor mijn fiets(en) doe. Zelfs de keren dat
ik denk écht voor een koopje uit te zijn, moet ik toch
nog in discussie. Zoals dit weekeinde, waarop mijn
mountainbike terugkwam van een winterbeurtje. Hoe duur?
138,75 euro, sprak ik geheel naar waarheid. Als het 300
was geweest, had ik het ook billijk gevonden. Moet je
kijken wat ze daar allemaal voor doen, ging ik meteen in
de verdediging: een servicebeurt voor de derailleur en
het controleren en eventueel stellen van, hou je vast: trapas, balhoofd, wielen, naven,
remmen, remblokken, versnellingskabels, ketting en
banden. Bovendien had ik een nieuwe ketting nodig,
nieuwe remblokken achter en een binnenband. 'Nou, toch
vind ik het best duur', zei mijn vrouw onredelijk. Dus:
volgende keer beweer ik dat het vijf tientjes was. Dat
willen ze gewoon horen, die vrouwen.
Zaterdag 10 oktober
De bonusregeling van 50 cent
per punt heb ik in het leven geroepen in een tijd dat
zijn basketbalspel voornamelijk bestond uit het geven
van breedteballetjes, zijn layupjes nergens op leken en
zijn schot in bijna honderd procent van de gevallen de
benaming 'airbal' (een bal die basket noch bord raakt)
verdiende. Er gingen halve seizoenen voorbij dat ik
nooit hoefde uit te keren. Maar de competitie 2009/2010
dreigt in de papieren te gaan lopen. Hij eist de bal op,
zijn layupjes (de lange dribbels naar de basket, twee
stappen maken, omhoog komen en scoren) lopen opeens als
een trein en zijn schotpercentage gaat naar de zestig
tot zeventig procent. In de eerste wedstrijd tegen ABC
uit Ter Aar scoorde hij elf keer (5,50 euro) en dit
keer, tegen Dunkinn uit Roelofarendsveen, legde hij de
bal zeventien keer (8,50 euro) in het netje (volgens het
scorebord gewonnen met 83-39, maar daarmee deden ze ons
nog een paar puntjes te kort). Hoogste tijd om de
bonusregeling te herzien. Wat dat betreft heb ik de
tijdgeest helemaal mee. Weg met de graaicultuur!
Vrijdag 9 oktober
Lange
tijd hebben we gedacht dat de internationale
kredietcrisis aan ons gezin voorbij zou gaan. We hebben
allebei onze baan nog, de aandelen zijn reeds jaren
geleden de deur uitgedaan, we bankieren niet bij de DSB
en de prijs van ons huis mag 400 procent kelderen en dan
nóg is er sprake van overwaarde. Maar
juist op dat moment klopt de recessie nadrukkelijk bij
ons aan de poort. Eerst gaat de dealer van de Chevrolet
Matiz van mijn eega failliet (inmiddels is er sprake van
een bibberige doorstart), en donderdag laat mijn Kia-dealer uit Leiderdorp
in bloemrijke taal weten dat 'de ondergang van
onze vorige importeur Kroymans' hem (en vele andere
dealers in Nederland) fataal (= noodlottig) is geworden. Fataal, inderdaad.
'God hebbe zijn ziel', ging het even door mij heen,
totdat mij gewaar werd dat er 'slechts' sprake van was dat hem
'geen plek meer is gegund in de nieuwe strategie van Kia
Motors'. In de rechtszaal wordt nog gestreden om het
voorrecht van Kia het 'Erkend Reparateurschap'
(noodzakelijk voor klanten met garantie, zoals ik) te
krijgen. Maar: 'Ondanks dit oneerlijke besluit van
Kia Motors kunnen
wij melden dat wij als gezond en sterk bedrijf actief
zullen blijven in Leiden en omstreken. Zo kunnen wij u
uiteraard blijven voorzien van alle service/onderhoud
aan uw Kia, en zullen wij met onze ziel en zaligheid
doorgaan, zoals wij dat al 73 jaar doen.' Kijk, zo
mag ik het horen. Een bejaarde die een fatale tegenslag te
verwerken krijgt, niet bij de pakken wenst neer te
zitten en zichzelf met ferme peptalk reanimeert. Maar
zonder dat 'Erkend Reparateurschap' trek ik toch de
stekker uit mijn klandizie.
Donderdag 8 oktober
Vliegen doen ze niet. Veel te gevaarlijk.
Maar met de bus komen ze ook overal. De grafmeisjes -
pardon, de (kerk)hofdames moet ik zeggen - zijn net
terug uit Kroatië waar mijn moeder
(derde van links) met de weduwen met wie ze op de
Katwijkse begraafplaats bevriend is geraakt, de boel
weer op stelten hebben gezet. Mijn werk is het dan om
van de beelden die met mijn moeders digitale camera zijn
gemaakt - jazeker, de dames gaan wel met hun tijd mee -
een fotoalbum samen te stellen. Als ik alle opnamen die
per ongeluk zijn afgedrukt, zwaar zijn bewogen (mijn
moeder beeft nogal), compositorisch beroerd zijn, niet
te corrigeren zo scheef zijn of alleen maar zwarte
vlekken vertonen (druipsteengrotfotografie is altijd erg
lastig), houd ik er nog een Hema-album van zestig
pagina's aan over. Nu Kroatië af is en naar de drukker
verstuurd, heb ik Spanje nog liggen. Daar zijn ze twee
maanden geleden geweest. En binnenkort komen de
kerstreisjes er alweer aan. En hebben ze tussendoor Oostenrijk
niet gedaan, of zoiets? Kortom, ik
ben nog een paar avonden onder de pannen.
Woensdag 7 oktober
Het kan toch geen toeval
zijn: sinds ik vorige week op deze plek reclame maakte voor de site
www.hetregentbijnanooit.nl is er nog geen dag
voorbij gegaan zonder dat ik op de fiets zeiknat
regende.
Dinsdag 6 oktober
Natuurlijk wist hij het zeker: zijn
Franse woordjes hoefde hij alleen van het Frans in het
Nederlands te leren. Niet andersom. Dat deed niemand,
uit zijn klas. Hij had het
duidelijk van zijn leerkracht gehoord. Alleen
Frans-Nederlands. Het stond ook in
zijn agenda. Of in zijn werkplanner, daar wilde hij
vanaf zijn. Nee, dan kon zijn moeder wel tienduizend
keer zeggen dat je een taal altijd naar twee kanten toe
leert, als het niet hoefde van zijn leraar en het stond
ook niet in de werkplanner dan zou je wel
heel stom zijn als je ook van het Nederlands in het
Frans ging leren. Hij kon zijn kostbare tijd wel beter
gebruiken. En ja, als dat mens tijdens die schriftelijke
overhoring toch opeens allerlei dingen van het
Nederlands in het Frans gaat vragen, is dat natuurlijk
belachelijk. Slaat helemaal nergens op. Helemaal tegen
de afspraak. Net als de
puntentelling, die ze hanteert. Hij had
3,5 fout gemaakt: goed voor een 4,6! Terwijl
klasgenoten die havo doen - en niet vwo, zoals hij - met
7 fouten nog een 6,5 kregen. Heel onrechtvaardig. Als
het zo moest, kon hij er net zo goed mee kappen. Nee,
het had natuurlijk geen enkele zin om met zijn
leerkracht over dat leren of die puntentelling in gesprek te gaan.
Dat mens is echt niet voor rede vatbaar. Verschrikkelijk
eigenwijs. Heel anders dan hij.
Maandag 5 oktober
Nee,
zelf hoefde hij niet te spelen. Maar toch bracht onze
zoon de hele zaterdagmiddag in de sporthal van
Grasshoppers door. Hij moest 'tafelen'. Voor wie niet
vertrouwd is met de edele basketbalsport: naast twee
scheidsrechters is er ook een administratieve
twee-eenheid die de wedstrijd in goede banen leidt.
Achter de tafel (vandaar het werkwoord 'tafelen') houdt
dit duo bij wie er gescoord heeft, wie er persoonlijke
fouten achter hun naam krijgen, wanneer de klok moet
worden stilgezet en wat de stand is. Na zijn tafelcursus
was onze jongste nazaat (hier op archiefbeeld, naast
zijn vriend Dennis) welgeteld één
keer eerder ingezet om een wedstrijdje (van een
jongemeidenteam) te administreren (in februari van dit
jaar, was dat), waardoor de aanloop naar zijn tweede
tafelduel (jongens onder 16) niet geheel stressvrij
verliep. Het 'afkopen' van de tafelbeurt - ja, dat kan
ook, er zijn invallers die er een leuke zakcent aan
verdienen - werd hem door het ouderlijk gezag verboden -
tafelen is ook een lesje in verantwoordelijkheid nemen
en concentratie - waardoor de nacht van vrijdag op
zaterdag voor hem een vrij korte werd omdat hij reeds
bij het ochtendgloren in bed het tafelcursusboek nog
eens lag door te nemen. Ik ben bewust niet gaan kijken,
dus uit de tweede hand weet ik dat zijn voornemen om de
klok te hanteren (het makkelijkste klusje bij het
tafelen) in de grond werd geboord door een zo mogelijk
nog onervarener tafelmaat, die bovendien net een
inspannende wedstrijd had gespeeld. Maar - alweer uit
overlevering - begreep ik dat hij het voorbeeldig deed,
al maakte hij na het invullen van het formulier wel dat
hij snel uit de sporthal weg kwam voordat eventuele
onregelmatigheden zouden worden ontdekt. Van de kant van
de tegenpartij verwacht ik geen protesten: die heeft hij met
40 punten verschil laten winnen.
Vrijdag 2 oktober
De term is van haarzelf,
want ik zou mijn vrouw natuurlijk geen loser
durven noemen. Ze heeft mij gevonden, tenslotte.
Maar een feit is dat ze op zekere momenten in het leven
voor het ongeluk lijkt geboren. Als wij met 55.000
andere mensen in een bomvolle Kuip zitten en er wordt
van de tweede ring een bierblikje gegooid, dan krijgt
zij het op haar hoofd. Idem dito als er een eenzame
meeuw met constipatie boven de Katwijkse Boulevard
cirkelt. Gisteravond gooide ze na het eten - met natte,
gladde handen - met een krachtig armgebaar een op de
keukenvloer gevallen doperwt door de openstaande deur de
tuin in, waarbij ze opeens haar kostbare ring door de
lucht voelde vliegen en in het dikke struikgewas van
onze tuin hoorde landen. Geen idee wáár precies, in het
oerwoud van bodembedekkers en grassen. Het kon overal
zijn. Toen ik haar achterliet om een rondje te gaan
biken ploegde zij samen met onze zoon - die het na
een minuut al zat was - radeloos door het lover, onder
het mompelen van het mantra 'Die vind ik nooit meer'. En
toen ik, ver na het invallen van het duister, weer
thuiskwam, verwachtte ik haar daar nog steeds te zien
zitten, bloemen en planten met woeste halen in de lucht
gooiend. Maar ze hing voor de tv, met een voldaan
gezicht, de ring trots om haar vinger. 'Ik mag dan een
loser zijn, ik geef niet gauw op', merkte ze voldaan
op. Bij daglicht ga ik de ravage in onze tuin maar eens in ogenschouw nemen.
Donderdag 1 oktober
Omdat Gerard Poels op een
website bijhoudt wat
bijna iedereen al weet, haalde hij enkele weken geleden
alle kranten van Nederland. Zijn boodschap: ga
lekker op de fiets naar het werk, want het regent bijna
nooit. Over een jaar gemeten kwam hij tot 11 procent
regenritjes (met een piek in februari, waar in december,
april en augustus 100 procent droog werd gereden). Mijn
eigen ervaringen na anderhalf jaar fietsen van Katwijk naar de
redactie aan de 3e Binnenvestgracht in Leiden zijn nog
gunstiger, al houd ik niet zulke mooie grafiekjes bij
als Poels. Als je namelijk de buienradar in de gaten
houdt en je kunt een beetje flexibel beginnen -
kwartiertje eerder, kwartiertje later - dan rijd je
bijna altijd droog naar je werk. Alleen de afgelopen
drie dagen heb ik elke dag, thuis of onderweg, mijn
regenpak moeten aantrekken. Het wachten is op een
buienradar die goed aangeeft dat het zo geniepig miezert
dat je er binnen een half uur toch zeiknat van wordt.
Woensdag 30 september
De dagen en de fietstochten
worden korter, de maaltijden langer. Alle reden om weer
op het gewicht te letten. Het programmaatje van Lance Armstrongs Livestrong - bij Apple noemen ze dat een
app - zit al een paar maanden op mijn Iphone. Deze
calorietracker moet mij stimuleren om af te
vallen, door steeds nauwkeurig de calorieën bij te
houden die ik op een dag tot mij neem. Toch heb ik het
nog nooit gebruikt. Te ingewikkeld. Ik weet namelijk
nooit hoeveel calorieën er in mijn eten zitten. Bij
voorverpakt voedsel kun je het nog wel eens op de
verpakking lezen,
maar wat moet ik met mijn broodje bal in de kantine, de
verse salades die daar elke dag voor me klaarstaan, de Van Dobbe kroketten of de smoothy's? Als ik een paar
uur op de racefiets heb gezeten, weet mijn computer me
direct te vertellen hoeveel calorieën ik heb verbruikt.
Maar wie weet er überhaupt wat er op een dag naar binnen
gaat? Het antwoord op die laatste vraag heb ik
inmiddels, dankzij mijn collega Paul de Vlieger. Tijdens
de Hillegomse najaarsfeesten moest hij vragen bedenken
voor een kroegquiz. Tegenover een aantal mannenkwesties
- sport, politiek, techniek - had hij ook
typische vrouwenvragen. Zoals: hoeveel calorieën zitten
er in een glas melk? Een kleine rondvraag op de redactie
leerde inderdaad dat alleen vrouwen dit soort dingen
weten. Aan ons mannen is een calorietracker niet
besteed. Een rustgevende gedachte.
Dinsdag 29 september
Natuurlijk kijk ik op zondagavond ook
naar
'Boer zoekt vrouw', maar mijn onbetwiste kandidaat voor de Televizier Ring 2009 voor het beste Nederlandse
tv-programma is 'Man bijt hond'. Laat ik eerlijk
bekennen dat ik er de eerste tien jaar van het bestaan
geen weet van had - die hoogtepunten zijn inmiddels
verkrijgbaar op dvd - maar sinds ik het in de vooravond
heb ontdekt sla ik geen aflevering meer over. De
redactie van 'Man bijt hond' maakt televisie zoals ik
minimaal de helft van mijn krant zou willen maken: met
een vette knipoog naar het nieuws, belangstelling voor
de gewone man en een bijzonder oog voor markante
figuren. Knap en liefdevol gemaakt. Dat ik de eerste
tien jaar 'Man bij hond' aan mij voorbij heb laten gaan,
ligt waarschijnlijk aan het tijdstip van uitzenden: rond
19 uur, spitsuur in een gezin met jonge kinderen. Maar
nu past het naadloos in mijn schema tussen het
Sportjournaal van 18.45 en 'De Wereld Draait Door' om
19.30 uur. Geschild appeltje onder handbereik, trosje
druiven uit eigen tuin en daarna wat dropjes. Mijn held is momenteel Frans Zwaagstra, de
geitenboer uit Zwaagwesteinde. Frans is niet van deze
tijd. Frans is anders. Nou ja, ik kan er nog wel een
regel of tien aan toevoegen, maar kijk ter introductie
even naar Frans visie op de
vrouw.
Vooropgesteld: het is niet mijn
mening, maar Frans heeft natuurlijk wel een punt.
Maandag 28 september
De metershoge, opblaasbare pop die mijn
zwager M. daags ervoor in de tuin wilde zetten, werd
door mijn schoonzus schielijk afgebeld, onder verwijzing
naar een dreigende familiecrisis. Het bord dat vrienden
op de heugelijke dag zelf bij zijn voordeur hadden
gezet, werd door hem slechts tandenknarsend gedoogd. En
verder weigerde hij grimmig en resoluut T-shirts met
ludieke teksten aan te trekken of buttons met
verwijzingen naar het bereiken van deze mijlpaal op te
spelden, hoezeer de gulle gevers daar in hun smeekbedes
op aandrongen. Ook de taart met opdruk vond hij
helemaal niks, al had zijn vrouw zich daar ten lange
leste niks van aangetrokken. Alleen de ceremonie met de
50 kaarsjes, daar durfde ze toch niet aan te beginnen. Maar
nee hoor, verder zat mijn zwager P. er helemaal
niet mee, dat hij sinds gisteren Abraham onder ogen moet
zien.
Zaterdag 26 september (middag)
Vooraf was het mijn zoon die
openlijk mijn zo zorgvuldig verborgen gehouden gevoelens
verwoordde: 'Ik heb er geen goed gevoel over.' De
seizoensopening van Grasshoppers J14-2 was dit jaar
opnieuw tegen ABC, de Aardamse Basketbal Club die ons
vorig jaar tot twee keer toe met grote cijfers
vernederde. Mijn komst naar de sporthal Cleijn Duin - we
speelden thuis - vertraagde ik al zoveel mogelijk door
eerst in het dorp wat noodzakelijke aanschaffingen te
doen, waardoor ik ergens halverwege de tweede periode
binnenkwam. Ik bedoel: mee lijden is mooi, maar het moet
niet te gek worden. Bij een vluchtige blik op het
scorebord waren de verschillen alweer flink duidelijk,
maar toen ik achtereenvolgens achter de coach en mijn
zoon (even uitblazend op de bank) naar de tribune liep,
zei de laatste: 'We staan voor!'. En warempel, bij
nadere beschouwing van de stand waren het de gasten die
met twee keer zoveel punten als de tegenstander - het
tweede team van Jongens onder 14, net als dat van mijn
zoon; vorig jaar waren we nog ingedeeld bij hun eerste -
aan kop gingen. Dat bleef in feite zo tot aan het
laatste fluitsignaal (69-36), waarbij mijn jongste
nazaat met onder meer een aantal mooie lay ups in totaal
elf keer scoorde. Of hij even mocht afrekenen, vroeg hij
na afloop: elf keer 50 cent, maakt 5,50 euro. Als dat zo
doorgaat moet ik de winstpremie binnen de kortst
mogelijke keren naar beneden bijstellen. Maar zo lang ik
nog geen vergelijkingsmateriaal heb, staat de vraag
centraal: zijn wij nu goed, of waren zij zo slecht?
Zaterdag 26 september (ochtend)
De twee collega's die de 'persalarmtelefoon'
onder hun beheer hebben, zijn allebei met vakantie. En
ik ben voor beiden eerste reserve. Daar hoef je weken
niks van te merken, maar dan opeens is het raak. De
meest ongelukkige tijd voor een ochtendblad is een
persalarm rond middernacht: de voorpagina staat op het
punt om naar de drukkerij te gaan en je kunt vanuit huis
niks meer doen dan een berichtje van een paar regels
aanleveren, na wat moeizame belletjes met de meldkamer
en een brandweercommandant. Daarna toch nog maar even
mijn wijntje laten staan, afscheid genomen van moeder de
vrouw, camera gepakt, in de auto gestapt en met mijn
politieperskaart drie afzettingen gepasseerd om een
fotootje te maken en die heerlijke brandlucht op te
snuiven. Daar ben je toch ooit verslaggever voor
geworden. En de internetredactie was er blij mee. Net
als met het
videootje dat een van
de loslopende nieuwscowboys had aangeleverd.
Vrijdag 25 september
Vier maanden geleden
kondigde ik op deze site 'the war on papierbakkie'
aan. De strijd tegen een lakse wijkregisseur, slordige
vuilophalers en gewetenloze burgers. Alle middelen wierp
ik daarvoor in de strijd: snijdende logs op dit web,
smerige satire in mijn dagblad, alles met het doel de
openbare ruimte in ons mooie dorp weer wat leefbaarder
te maken. En zie: op donderdag 24 september, gisteren
dus, was het
zover. David kreeg Goliath (lees: de gemeente Katwijk)
op de knieën. Een heel leger aan ambtenaren en
ambachtslieden - die maakten dat ze wegkwamen toen ik ze
op de foto wilde zetten - trokken hun consequenties uit
de door mij al op woensdag 27 mei gesuggereerde optie a:
ons papierbakkie is gewoon te klein voor het aanbod. In
een poep en een zucht werd een bak geplaatst met een
twee keer zo grote capaciteit. 'Als je de directie maar
onder druk zet!', mag mijn collega Rob1 in dit soort
gevallen altijd graag de kantoorgenoten van Jiskefet
citeren.
Donderdag 24 september
Tot
de hoogtepunten in een mensenleven hoort de komst van
een nieuwe computer. Dat moet iedereen toch met me eens
zijn. Het hoeft niet eens de computer van jezelf te
zijn. Ik kan me net zo veel verheugen op de nieuwe
laptop van mijn vrouw of de desktop van mijn dochter.
Die laatste - een nieuwe Dell Dimension - heeft
verzender UPS afgelopen dinsdag tevergeefs bij ons
proberen te bezorgen. Kan gebeuren, want UPS noch Dell
had vooraf iets laten weten. Zelfs mijn eega - die
dinsdagmorgen niet werkt - valt in dit uitzonderlijke
geval niet te verwijten dat zij niet in de buurt was
toen het UPS-mannetje met de dozen voor onze deur stond.
Dat hij geweest was, werden we gewaar middels een gele
UPS InfoNotice, waarop de tijd (11.30 uur) en de dag
(dinsdag) stonden genoteerd. Hij zou het een etmaal
later wederom proberen, want bij de buren geven de
UPS-mannetjes zonder schriftelijke verklaring helemaal
niets af. Een gewaarschuwd mens telt
voor twee. En wat treft het dan bijzonder dat mijn
echtgenote ook de hele woensdag geen werkverplichtingen
heeft. Met het oog op een avondje computer installeren
en inrichten had ik gisteravond zelfs mijn
trainingsritje met fietsmaat Rob1 laten lopen. Mij
wachtte belangrijker verplichtingen. Thuisgekomen liep
ik meteen door naar de gang, in blijde verwachting van
een stapeltje imposante Dell-dozen. Maar niets van dat
al. Mijn vrouw zou ze toch niet al naar boven hebben
gedragen? Nee, meldde ze achteloos, er lag alleen dit
briefje. Ze toonde me opnieuw een gele UPS InfoNotice,
afgetekend om 12.30 uur, toen ze 'even naar de bakker
aan de overkant' was. 'Die bakker met die enorme glazen
pui?', vroeg ik nog, 'waardoor je zo gemakkelijk die
karakteristieke bruine UPS-auto voor onze deur kunt zien
stoppen?' Ja, die bakker was het. Vandaag komt UPS weer
bij ons langs. Misschien om 9.30, of 00.30 uur, kan ook
14.30 uur zijn. Er is niemand thuis. Dat weet ik nu al.
Iedereen is aan het werk of naar school. Vrijdag idem
dito. En nu wil mijn eega maar niet begrijpen waarom mijn
dochter en ik gisteravond zo chagrijnig waren.
Woensdag 23 september
De kenners weten het:
vandaag op de kop af 26 jaar geleden traden mijn eega en
ik in de echt. Ja, daar zijn foto's van, maar daar
worden we allebei liever niet meer mee geconfronteerd
zonder een goede slok op. Of het moeten de sfeerbeelden
op het strand zijn, die door mijn in Spanje
rentenierende vriend werden geschoten. Van het officieel
herdenken van mijlpalen zijn wij niet, maar tot de
tradities hoort dat ik mijn wederhelft op de ochtend van
elke trouwdag verras met een romantisch geschenk,
gewoonlijk in de vorm van sieraden of parfum. Ik krijg
niks, ook dat is traditie, ondanks mijn jaarlijkse
tegenwerpingen dat ik er net zoveel voor gedaan - als
gelaten - heb als zij. Tot dit jaar. Ik heb mijn
toevlucht gezocht tot een cadeau waar we - na onze
laatste Italiëreis waarop mijn outdoor-Garmin GPS ons op de
snelweg zo hopeloos in de steek liet - allebei heel
dringend behoefte aan hadden. Al was het alleen maar om
een einde te maken aan de al even traditionele
onenigheid over de te volgen route. Liefde is...
probleemloos navigeren. Alleen mijn vrouw kon er de
romantiek niet van inzien.
Dinsdag 22 september
De derde week gaan we in,
dit schoolseizoen, en de lijst met
'vergeten/verloren/kwijt' van onze zoon is nog redelijk
overzichtelijk:
Week 1: etui met
inhoud (inclusief pennen, passer, geodriehoek, et
cetera)
Week 2:
schoolsportshirt met logo
Week 3: jas
Het
goede nieuws is dus dat de brooddoos, zijn mobieltje en
het regenpak nog in ons bezit zijn. Het slechte nieuws
is dat hij maandagmorgen (12 graden) alweer vroeg om zijn
handschoenen aan te mogen, de voorwerpen die afgelopen
seizoen met stip op de eerste plaats van de
'vergeten/verloren/kwijt'-lijst stonden. Daar wachten we
dus nog even mee tot het echt onder 0 is. Het moet
gezegd, de eerste twee verliezen van de lijst droeg mijn
eega met waardigheid, maar toen gisteren bleek dat haar
jongste nazaat
noodgedwongen zonder (zomer)jas naar school moest, was er toch
sprake van een ontplofmoment. Geen idee waar het ding
was gebleven. Hij meende in elk geval zeker te weten dat
hij hem afgelopen vrijdag nog mee naar huis had genomen,
een lezing die door mijn wederhelft met stemverheffing
werd betwist. Niettemin bleek hij gelijk te hebben, want
na een uitgebreide zoektocht door de school, bleek de
jas thuis onderin zijn zak met gymspullen te zijn
gepropt. Nog een geluk bij een ongeluk: bij het
ondersteboven keren van alles waar zijn jas zich maar
zou kunnen bevinden, kwam ook het etui weer boven water.
Het schoolsportshirt blijft voorlopig nog zoek en komt
dus als eerste in aanmerking voor de
'vergeten/verloren/kwijt'-regel die mijn echtgenote voor
dit seizoen heeft ingesteld: vervanging dient hij van
zijn eigen spaargeld te vergoeden.
Maandag 21 september
Het ei is gelegd. 'Wij' van
het Katwijks Museum zijn bevallen van het boek 'Katwijk,
60 km van zee', een tijdbeeld uit de hoogtijdagen van
onze plaatselijke vissersvloot in de periode van 1945 tot 1960.
Vandaag gaat het naar de drukker, op 24 oktober wordt
het gepresenteerd, bij de opening van een gelijknamige
tentoonstelling, ook in het museum. Ruim een jaar is
eraan gewerkt, wat met vrijwilligers die er maar een
paar uur per week in kunnen steken nog een behoorlijk
krappe termijn is. En dan mag je hopen dat het
uiteindelijk alleen de makers zijn die eraan afzien dat
het haastwerk is geweest. Aan de vormgeving zal het in
elk geval niet liggen, want Bob van der Plas (geen
familie, maar wel een Katukker, uiteraard) heeft
schitterend werk afgeleverd. Goeie, prikkelende titel
ook, die slaat op de grote frustratie van de Katwijkse
gemeenschap die in de jaren vijftig weliswaar de
grootste vissersvloot van Nederland had, maar van de
regering geen eigen zeehaven mocht aanleggen. De loggers
die in de wintermaanden in het Prins Hendrikkanaal
lagen, moesten bij het begin van het nieuwe
haringseizoen - hoewel de zee hemelsbreed maar een paar
honderd meter verderop lag - een lange tocht door de
binnenwateren maken om in IJmuiden het zeegat uit te
gaan. Zestig kilometer verderop, inderdaad.
Vrijdag 18 september
Met stip stijgend op mijn persoonlijke
lijst met supermarktergernissen: de producten die ze
jarenlang in het assortiment hadden en nu opeens niet
meer te vinden zijn. Bij mijn eigen favoriete
grootgrutter in Katwijk - Digros, een onderdeel van de
Dirk van den Broek-keten - sta ik steeds vaker
vertwijfeld te zoeken voor schappen waarin ik tot voor
kort blindelings mijn favoriete eerste levensbehoeften vond. Het
begon een tijdje geleden met de DropFruit-duo's waaraan,
ik geef het toe, ik was verslaafd, en waarvan ik vanwege
het wankelmoedige inkoopbeleid cold turkey
moest afkicken. Daarna stapte ik over op de Venco
Dropmix Zout, vooral lekker direct na de warme maaltijd.
Maar na het maanden wegmalen van tientallen kilo's van
dit zwarte goud, bestaat het Venco Dropmixen-assortiment
van Digros
alleen nog maar uit gemengd Zoet. Eerst denk je nog aan
een bijvul- of bestelfout, maar na een paar weken dringt
de harde realiteit tot je door. De Dropmix Zout komt
nooit meer terug! (De DropFruit-duo's schijnen
inmiddels wel weer een comeback te hebben gemaakt, maar
die zitten nu niet meer in mijn systeem.) Bijna nog
erger: de enige Pringles-buizen die ik voor mezelf
aanschafte - de paarse, de Pringles Light, vooral lekker
tijdens Pauw en Witteman - wordt ook niet meer gevoerd.
Ervoor in de plaats zijn de meest exotische
Pringles-varianten teruggekomen, die ik allemaal even
smerig vind. Ik wil geen citroenbarbecue-haringsmaak op mijn chips. Ik wil mijn Pringles Light terug!
Net als mijn Adidas Sportdeodorant, in van die grijze
bussen, die bij de ingang altijd rechts stonden.
Waar, mijnheer Van den Broek, zijn ze gebleven! Nou,
nou??!!
Een voor mijn bardienst
verre van representatieve foto van onze
basketbalkantine: The Bucket.
Donderdag 17 september
Het basketbalseizoen is ook
voor mij begonnen. Licht gespannen reed ik gistermiddag
van mijn werk naar de eerste bardienst op mijn vaste
woensdagmiddag bij de Grasshoppers, van 17 tot 19.30
uur. Zouden er één of twee betalende klanten komen? Als
de maanden voorbij glijden zonder noemenswaardige
klandizie, mag ik in de aanvangstijd van mijn
maandelijkse corvee graag een uurtje smokkelen. Maar
zo'n eerste keer is toch apart. Je weet niet wie er
trainen, of er ouders meekomen die anderhalf uur in de
kantine blijven koffieleuten, alles is ongewis. Maar
toch ook weer vertrouwd, merkte ik meteen, toen ik tot
half zeven welgeteld één klant had: de
verenigingsmalloot (elke club heeft er één) die
achtereenvolgens een Ice Tea, (een half uur later) een
zakje chips en (weer een half uur later) een zakje snoep
bij mij aanschafte, terwijl hij door de zaalramen
hologig naar de trainingen van een meisjesteam staarde.
Daarna kwamen er drie trainers een (voor hun gratis)
kopje koffie scoren en verkocht ik nog een zakje
Dorito's aan een welp. Of een mini, daar wil ik vanaf
zijn. Op het eind kwam de verenigingsmalloot - hij was
thuis wezen eten - nog terug voor een kop koffie. Werd
het toch nog een gekkenhuis, tijdens mijn eerste
bardienst.
Woensdag 16 september
Pas
toen ze de derde groep aanwezigen de aula had
uitgestuurd met de woorden 'De kinderen van groep 2c
kunnen de mentor volgen naar het lokaal', realiseerde de
onderbouwcoördinator zich dat ze een uur lang een zaal
met ouders had toegesproken. Het zal geen boos opzet,
maar beroepsdeformatie zijn geweest. Dan ga je net
zo praten als je je hele leven lang al voor een klas met
pubers doet. Het is herfst, de ouderavonden zijn weer
begonnen. Maandagavond mocht ik opdraven op de school
van onze zoon, om lijfelijk aan te horen wat ik een paar
dagen later op zo'n handzaam geel stenciltje - een door
mijn zoon meegebrachte nieuwsbrief - ook thuis had kunnen
lezen. En om een mentor die het ook allemaal niets wist,
braaf onze vragen te zien noteren, met de belofte 'Daar
kom ik op terug'. Over een week is het bij onze dochter,
waar de zinloosheid van de bijeenkomst al in de
uitnodiging zat ingebakken: De informatie die u op
deze avond krijgt, horen onze leerlingen in de loop van
de maanden september en oktober ook zelf op school.
Dan moet je bij die gelegenheid maar extra goed
opletten, zou ik tegen onze dochter kunnen zeggen. Maar
ik vrees dat ik het mezelf - wederom in Jip en
Janneke-taal - ook allemaal klassikaal ga laten uitleggen.
Dinsdag 15 september
Het lange, 29ste HTWV-weekend zit
er weer op. Aan de worsteling met de vraag of er op
maandag nog een (bescheiden) fietstocht moest worden
gemaakt, werd door Pluvius persoonlijk een eind gemaakt.
Slechts drie dapperen namen het onverstandige besluit om
alsnog een paar uur te trappen, in het enige stukje van
de Benelux waarboven de regenwolken zich samenpakten.
Wij braken het kamp op, met bijzondere aandacht voor de
afvalscheiding waar onze gastvrouw vier dagen lang zo
tevergeefs op had aangedrongen. Maar nu lieten we haar
glasbak op een indrukwekkende manier uitpuilen. En als
dank voor het aangenaam verpozen mocht ze de resterende
wijnvoorraad van chefkok Leo tegen een vriendenprijsje
opkopen. Goodwill kweken, noemen ze dat bij HTWV.
Weer een adresje waar we in de volgende dertig jaar met een gerust
hart kunnen terugkeren.
Kijk voor de verslagen van
de Eifel- en Ardennenritten op het Wielerlog.
De eerste keer dat ik dit
HTWV-weekeinde een foto maakte van de witte brigade,
barstte chefkok Leo - Kees, voor intimi - bijna in
snikken uit. 'Het is voor de eerste keer in negentwintig
jaar dat een van die hufters een foto van ons maakt.
Honderden beelden zijn er van zwetende kerels die een
berg oprijden, maar niemand bekommert zich om ons, de
mannen achter de schermen.' Ach ja, zorg voor de
minderbedeelden, dat is mij wel toevertrouwd. Zeker als
het via de maag gaat. Leo put zich, al dagen voor het
fietsweekeinde, uit in het selecteren van exquise
ingrediënten en de betere wijnen om ons na gedane arbeid
- bijgestaan door Johan - culinair te verwennen. Voor
een deel is het paarlen voor de zwijnen werpen,
uiteraard, vandaar dat dit eerbetoon meer dan op zijn
plaats is. Hedenavond was de barbecue - met de
kalfsworstjes met drie soorten kaas als absoluut
hoogtepunt - gekoppeld aan een wijnproeverij, waar Leo
door de HTWV'ers werd onderworpen aan een blindproeverij
met de grootst mogelijke geïmporteerde smerigheid, met
het witte wijntje onder de noemer 'Gooise Vrouwen' als
absoluut dieptepunt. Zelf kwam hij met pareltjes uit met
name Italië, waarbij de Barbera d'Alba, van het huis
Sandrone uit Barolo, een bijzondere vermelding verdient.
Maar in de loop van de avond werd alles weer lekker,
zelfs de soorten die eerder als prestigieuze paardenzeik
waren afgeserveerd. Want ja, zoals een bekend
spreekwoord luidt: als de wijn is in de man, is het
onderscheidend vermogen in de fles. Of zoiets. Na
vijftien verschillende flessen ben ik ook het spoor een
beetje bijster.
Zondag 13 september
Net als de koninklijke
familie kiest ook 'Hijgend Trekken Wij Voort' zorgvuldig
de momenten voor het staatsieportret. Met op de
achtergrond het klooster van Stavelot poseren de 24
mannen die dit weekeinde vrijwillig hebben gekozen om te
leven als een monnik ('de fiets, de fiets, en anders
niets') voor de willekeurige passant die de rol van
fotograaf op zich wil nemen. Keurig ingelijst hangen we
straks bij de Oegstgeester Keurslager die de lamsbouten
voor de barbecue voor morgenavond heeft gesponsord of de
wijnboer die zich beroofd zag van een paar doosjes
Chileense Cardonnay, want net als het vorstenhuis heeft
ook HTWV er geen problemen mee om af en toe een donatie
uit het bedrijfsleven te ontvangen. Naar verluidt heeft
de complete middenstand uit de Leidse regio diep in de
buidel moeten tasten om ons natje en droogje van een
zekere opsmuk te voorzien, want voor de all-in prijs van
160 euro (inclusief onderdak en vervoer) is het
onmogelijk dat chefkok Leo en soigneur en koksmaat Johan
ons hun driesterrenmaaltijden kunnen voorzetten. Ja,
zelfs de gulle gever die ons opzadelde met drie dozen
Twixx die vijf maanden over de datum waren, zijn we
intens dankbaar. Onze foto is onderweg.
Zaterdag 12 september
Laat ik maar beginnen met een tip voor al
die andere mensen die met 25 luidruchtige en winderige
kerels op stap gaan en toch nog een zekere waarde
hechten aan hun privacy: neem onmiddellijk bezit van de
torenkamer en markeer het onderste van het stapelbed met
je sporttas en wielerspullen. Geheid dat er helemaal
niemand meer bij je op de kamer wil. Rust, reinheid en
een mooi uitzicht, wat wil een mens nog meer? Verder
niets dan goeds over de mannen van de HTWV (Hijgend
Trekken Wij Voort) die in hun 29ste editie van dit lange
fietsweekend in de Duitse Eifel een routine en
professionaliteit aan de dag leggen waaraan menige
ProTourploeg een puntje kan zuigen. Transport,
logistiek, voedsel, wijnen (60 flessen van
bovengemiddelde kwaliteit!) het is allemaal tot in de
puntjes geregeld. De mannen organiseren, sjouwen, koken
en schenken naar hartelust, allemaal uiteraard met de
herrie die gepaard gaat met kerels die een paar dagen
van hun vrouw weg zijn. Toch mag ik er graag naar
kijken, vanuit de rust van mijn torenkamer. Zodra er
iets van een werkje of corvee mijn kant op dreigt te
komen, wapper ik met een denkbeeldige brief met
indrukwekkende stempels waaruit blijkt dat mij dit
weekeinde slechts één uitputtende
taak is toebedeeld: ik tik het weblog.
Vrijdag 11 september
Nee, echt. Dit is mijn
laatste fietsreisje van dit jaar. Met de mannen van de
HTWV (Hijgend Trekken Wij Voort), dit keer. In
bovenstaand comfortabel complex, met gemeenschappelijke
ruimte en appartementjes om ons na alle vermoeienissen
in terug te trekken. Want ja, er gaat ook een kok annex
sommelier mee en dat gaat natuurlijk niet in de koude
kleren zitten. Bovendien wordt er ook nog gefietst:
vandaag na aankomst meteen al 70 kilometer, morgen 135
en de dag erop nog zoiets. Een deel van het gezelschap
wil dan ook nog maandag op het zadel klimmen. Als ik 's
avonds maar terug ben voor de ouderavond van mijn zoon,
dan vindt mijn vrouw verder alles best. Ik hoop u via
deze site op de hoogte te houden van de belevenissen,
maar helemaal zeker is dat niet. Omdat ik voor de eerste
keer mee ga met dit gezelschap - dat volgend jaar al 30
jaar gezamenlijk op stap gaat - schijn ik het hele
weekeinde corvee te hebben.
Donderdag 10 september
In de geëngageerde
vorige eeuw was het not done, maar nu de kranten
het moeilijker hebben zie je het steeds vaker: opzetjes
tussen journalistiek, commercie en promotie. Laten we
daarvoor de Najaarsfeesten aangrijpen, kreeg ik als chef
Duin- en Bollenstreek van de afdeling oplage/promotie te
horen. De redactie maakt elke week een pagina over een
specifiek dorp, de advertentieafdeling loopt de
plaatselijke winkeliers ervoor af en de promotieafdeling
is er met onze LD-Smart om de oplage verder omhoog te
stuwen. Drie weken verder, zijn we nu, en elke zaterdag
brengen wij braaf kleurrijke reportages uit een
Bollenstreek in jubelstemming. Leuke pagina's, daar is
iedereen het over eens. Daartoe reis ik - mijn rol als
begeleider uiterst serieus nemend - wekelijks met de
stagiaire de streek in: zij schrijft, ik stuur en
fotografeer. En commercie en promotie? In al die weken
is er geen advertentie verkocht (de accountmanagers
hebben andere prioriteiten) en van de promotie (geen
tijd, onderbezet) krijgen wij de Smart mee om ons in
te vervoeren, plus een tas met sleutelhangers (annex
flessenopener en lampje, dat dan weer wel) waarop
Leidsch Dagblad staat gedrukt. Op de plaats van
bestemming geven wij die aan de eerste de beste
achtjarige die zich zichtbaar loopt te vervelen:
'Hier, ga die maar uitdelen aan je vriendjes' en
gaan over tot de journalistieke orde van de dag. Qua
oplagestijging en winstmarges acht ik de directe
uitkomsten minimaal, maar de stagiaire en ik hebben elke
week een leuke middag. En je komt nog eens op de kermis.
Woensdag 9 september
Van alle angsten waarmee ik
in het leven sta, is hoogtevrees de meest tastbare. Het
maakt mij op de racefiets tot een povere daler, bij elke
vliegreis loopt - zoals mijn collega R. het zo mooi kan
zeggen - de reuzel langs mijn bilnaad - en bij wandelingen
langs de White Cliffs of Dover en andere steile
afgronden word ik al hysterisch als mijn nazaten het
randje van de afgrond tot op een meter of tien naderen.
Maar zoals bij alle angsten, voel ik me er ook toe
aangetrokken. Eén van mijn favoriete speelfilms is Cliffhanger met Sylvester Stallone en ik kan urenlang
gefascineerd luisteren naar mensen die houden van parapenten,
bungee jumpen of parasailen. Zo'n type is mijn collega
Silvan Schoonhoven, die bij mooi weer (gisteren en
eergisteren, bijvoorbeeld) boven de Leidse
regio kan worden gezien met zijn (in zijn?) paramoteur.
Hij hangt daarbij in een tuigje onder een scherm met een
propellormotor op zijn rug. Om op te stijgen dient hij
op een door de Rijksluchtvaardienst goedgekeurd
grasveldje (in Rijnsburg, achter camping De Koningshof) een paar meter te hollen, waarna het motortje
hem met scherm en al de lucht in stuurt. De snelheid
ligt rond de veertig kilometer per uur en met acht liter
benzine in een tankje kan hij nog een behoorlijk eindje
weg komen. Even naar Hoek van Holland en terug. Rondje
Zandvoort. Met een webcammetje maakt hij opnamen van
zijn vluchten, waarnaar ik graag mag kijken. Maar voor
nog geen miljoen ga ik mee de lucht in. Nou ja, laat ik
er honderdduizend euro van maken.
Dinsdag 8 september
Met geld kon hij me niet
paaien. En op m'n gevoel spelen ging ook niet, want ik
heb helemaal niks met het onderwerp: de vierde
voetbalvereniging van Katwijk, FC Rijnvogels. Maar mijn
collega Rob haalde me uiteindelijk toch over om een
stukje te schrijven voor de presentatiegids voor het
nieuwe seizoen van zijn clubje, met het argument: Je
kunt dat meteen gebruiken voor je log, dus twee vliegen
in een klap.
Mislukking
Misschien kun je het stukje opbouwen rond
een mislukking, kreeg ik als vingerwijzing van de
samensteller van deze presentatiegids mee. Dan kon ik
mijn mislukte poging om ’goud’ te halen bij La Marmotte
– volgens velen de zwaarste toertocht voor racefietsers
ter wereld – mooi koppelen aan het mislopen van de
promotie door FC Rijnvogels. Allebei in de laatste
minuten de mist in. Dramatiek in de sport. Schitterende
symboliek.
Wat
is dat toch, dat ons Nederlanders vooral laat zwelgen in
het falen? Waarom overschaduwt de verloren WK-finale van
1974 nog altijd de gewonnen EK van 1988? Waarom is mijn
zilver in La Marmotte – waar 1700 van de 7000 deelnemers
helemaal niet aan de finish kwamen – onbeduidender dan
een, in een overmoedige bui door mij zelf opgelegd, nóg
hoger doel? Waarom is een ternauwernood gemiste promotie
niet louter een bewijs dat je toe bent aan het hoogste
amateurniveau, maar dat er in het leven en in de sport
nu eenmaal zaken in de weg kunnen staan die niemand kan
verklaren?
Liever zou ik mijn eigen glorieuze
momenten op sportpark De Kooltuin in herinnering willen
roepen. Voor een naar ’Katwijk Binnen’ geëmigreerde
’Zeeër’ als ik was er maar één moment in het jaar dat ik
legitiem de velden van de katholieke Katwijk Rijn Vogels
– waar men, jazeker, zelfs op de Dag des Heere de
voetbalsport bedreef – mocht betreden: tijdens het
voetbaltoernooi voor basisscholen, ergens rond of op
Koninginnedag. Als keeper van het elftal van de Otto
Baron van Wassenaer van Catwijck School – op het
wedstrijdformulier begrijpelijkerwijs afgekort tot ’Otto
Baron’ – speelde ik de wedstrijd van mijn leven tegen
angstgegner – want al vele malen kampioen – de
Beatrixschool. Meteen in het eerste duel van de
toernooi-editie 1972 stonden we tegenover deze knoestige
Koestalbewoners, die ons het ingecalculeerde pak op de
broek gingen geven.
Maar het bleek zo’n dag dat er
springveren zaten in mijn Quick-schoenen en magneten in
mijn veel te grote handschoenen. Als in de beste
jongensboeken plukte ik – niet in het minst tot mijn
eigen verbazing - het leder uit alle hoeken van het
doel waardoor we de gedoodverfde kampioen op een
glorieuze 0-0 hielden.
Meer zat er overigens niet in, die dag,
want de rest van de wedstrijden ging roemloos verloren,
niet in de laatste plaats door een paar schuivers die ik
onder mijn onhandige, veel te lange lijf naar het net
zag gaan.
Maar het is natuurlijk weer typisch
Nederlands om zo’n positief getoonzet stukje op deze
manier te eindigen. Mislukking moet leiden tot de
geboorte van nieuwe hoop. Het voorliggende seizoen
2009-2010 zal in ons collectieve Katwijkse sportgeheugen
blijven hangen door de promotie van FC Rijnvogels en
mijn goud in La Marmotte.
Maandag 7 september
Wat was het leven toch
rustig en overzichtelijk zonder internet. Je leest nog
eens een boek. Hebt tijd voor een goed gesprek. Je blik
op de boze buitenwereld vernauwt zich tot het Acht Uur
Journaal. Tsja, was het maar waar. Drie dagen lang heb
ik van de vroege ochtend tot de late avond gestresst op
en neer gelopen van de woonkamer naar de zolder, waar
zich mijn internetverbindingscentrum bevindt. Na de
blikseminslag van afgelopen donderdag - waar de halve
wijk zo'n beetje last van heeft gehad, in gradaties
variërend van brand, kapotte elektronische apparatuur
of, zoals in ons geval, een weggevallen
internetverbinding - wilde ons gezin maar niet meer op
het World Wide Web komen, investeringen in een nieuw
modem en een splitter, plus talloze zweetdruppels
mijnerzijds ten spijt. Maar goed, in de loop van
zondagmiddag kwamen we weer geleidelijk in de lucht,
eerst met de nieuwe laptop van mijn eega, toen met mijn
woonkamerpc, dan die van onze zoon en uiteindelijk ook
de minilaptop van onze dochter. Van haar gewone pc moet
eerst nog een doorgebrande netwerkkaart worden
vervangen. Hoe het uiteindelijk is gelukt? Ik denk dat
ik daar maar een columnpje over schrijf voor komende
donderdag. Het moet allemaal eerst even bezinken.
Vrijdag 4 september
Een donderslag bij heldere
hemel was het niet, daarvoor regende en stormde het te
veel. Maar de enorme klap die ons huis gisteravond deed
sidderen op zijn grondvesten kwam wel letterlijk en figuurlijk uit
de lucht vallen. Kennelijk sloeg de bliksem een paar
honderd meter achter ons in, want alle elektrische
apparatuur bleef werken. Daarmee komen we goed weg,
dacht ik nog, totdat mijn dochter naar beneden kwam met
de mededeling dat het internet eruit lag. En er ook niet
meer in wilde. Eerste dacht ik nog aan een storing bij
de provider, maar na een reeks controles bleek dat het
waarschijnlijk ergens in het modem zat. En zit. In elk
geval zijn we nog steeds internetloos, dus tik ik deze
'noodeditie' van het log maar op de krant. Straks even
de binnenstad in om een nieuw modem te scoren. En dan
maar hopen dat het daaraan lag/ligt, want anders moet ik
het hele weekend verder zoeken. En ik heb wel wat beters
te doen. Bovendien wordt iedereen bij ons thuis nogal
chagrijnig, als het internet het niet doet.
Donderdag 3 september
De momenten dat ik mijn zoon
als kleuter meenam naar de redactie van het Leidsch
Dagblad, kon hij oprecht jaloers zijn op mijn werkplek.
Ik zat de hele dag voor de computer, onder de televisie
en op een steenworp afstand van een automaat met al het
lekkers dat de wereld te bieden had. Je hoefde er alleen
maar een paar muntjes in te gooien en dit luilekkerland
opende zich voor je, met Bounty's, gevulde koeken en
Cola Light. Ons nieuwe onderkomen aan de 3e
Binnenvestgracht moet hem nog beter bevallen. Aan de
rand van ons 'bureaurondje' staan, op een antiek groen
letterkastje, drie glazen potten, gevuld met gewone
(zachte) drop, gesuikerde kaakjes en Engelse drop. Bij
elke gang naar de printer, het toilet of een
vergaderruimte maak je een gedachteloze stop om even je
hand achter het rode deksel te steken. De potten worden
(vrijwel) dagelijks bijgevuld, met het beste (en
goedkoopste, dat dan weer wel) dat de Digros of de Lidl op
hun zoetwarenafdelingen te bieden hebben. Het pakket
aanvullende ziektekostenverzekeringen van ons krantenconcern
wordt volgend jaar uitgebreid met extra specialistische
tandheelkundige hulp en therapie tegen obesitas.
Woensdag 2 september
De deadline voor het boek
dat ik met mannen van het Katwijks Museum maak over de
plaatselijke visserij in de periode 1945-1960, nadert
met rasse schreden. Donderdag, morgen dus, moeten alle
hoofdstukken bij de vormgever zijn ingeleverd. De stress
neemt dusdanig toe dat ik zelfs de dinsdagavondtraining
van de Wielervereniging Katwijk ('Nou nou', mompelt mijn
vrouw) moet laten schieten. Ik kan niet worden gestoord,
moet tot donderdag elke avond nog anderhalf tot twee
hoofdstukken afleveren. Maar daar heeft mijn zoon maling
aan. 'Het slot van mijn fiets hangt er naast', meldt hij
na de maaltijd. 'Er zit een schroef los.' Geen schroef,
zie ik al snel, maar de complete bevestiging is aan één
kant afgebroken. Daar is, behalve met drie trekbandjes,
even niks meer aan te doen. Of ik daarna even naar de
computer van mijn dochter wil kijken. Die geeft steeds
aan dat het virtuele geheugen onvoldoende is. Drie dagen
geleden kon ze zelfs geen mail meer openen. En ja, dit
leek haar wel het uitgelezen moment om mij daar
deelgenoot van te maken. Een half uur later - ik zit nog
voor de pc van zijn zus - komt mijn zoon juichend omhoog
gehold: 'M'n Nintendo DS is gebracht door de post! Met
m'n nieuwe geheugenkaart.' De illusie dat alles dan
meteen werkt zonder dat er software van internet moet
worden gedownload en geïnstalleerd, wordt hem ontnomen bij de
eerste poging om de boel aan de praat te krijgen. Of ik even snel..,
Ik geloof dat ik toch beter
had kunnen gaan racefietsen.
Dinsdag 1 september
De vorige keer dat zijn
Nintendo DS in reparatie was - bij een andere
leverancier - duurde het zeker twee maanden voor hij
terug was. Twee weken, corrigeer ik mijn zoon, maar
daarvan wil hij niet weten. Twee maanden was het, geen
dag minder. En zo moet het ook hebben gevoeld, als je
dierbaarste bezit uit het huis verdwenen is. Dus dit
keer was hij uiterst argwanend toen ik zijn rammelende
en niet meer op te starten spelcomputertje op
vrijdagmiddag opstuurde naar RobinP, helemaal in Wierden
(ergens bij Almelo, ja, ik moest het ook opzoeken).
Reken maar op twee jaar, zei ik. Het laatste stuk moet
helemaal met de trekschuit. Maar al op zaterdagmiddag
ging de telefoon. Robin zelf aan de lijn. Hij had de
Nintendo ontvangen, opengeschroefd en geconstateerd dat
er wat onderdelen los van het moederbord lagen. Ja, dat
krijg je ervan als je het ding vanaf je hoogslaper naar
beneden laat kletteren. Voor een billijke 40 euro kon
het apparaat weer worden gemaakt en - met de
geheugenkaart voor zijn nieuwe DSi - meteen al maandag
per TNT-post naar ons worden verzonden. Het beste nieuws
uit Almelo en omstreken sinds de lancering van Ilse de
Lange werd door mijn jongste nazaat vrij onderkoeld
opgenomen. Zie je nou wel dat dit soort dingen in twee
dagen heel goed te regelen is? Twee maanden, dat was echt
belachelijk.
Maandag 31 augustus
Vandaag maar eens flink
uitgepakt voor het ontbijt. Na acht weken van heerlijke
rust, zo 's morgens tussen zeven en acht, zitten mijn
eega en ik vanaf morgen rond dit tijdstip weer met een
huis vol herrie, huiswerkstress en wachttijden voor de
badkamer. Vandaag moeten de nazaten rond twaalf uur hun
nieuwe lesroosters ophalen, de jongste voor de tweede
van het vwo, de oudste voor haar examenklas van het
gymnasium. Morgen weer volop aan de bak, vrees ik. Of
zijn ons - om de overgang wat geleidelijk te laten
verlopen - nog een paar vage introductiedagen gegund die
pas tegen de middag beginnen? Dit is, kortom, een dag
van hoop, verwarring en blijde verwachting.
P.S. Elke relatie tussen de
foto boven dit log en de werkelijkheid is ver te zoeken,
maar het gaat erom dat ik het gevoel op u overbreng. Dat
kan niet met een bakje muesli, een beker thee en twee
echtelieden die in een zalig stilzwijgen boven de krant
en voor de computer aan de eettafel zitten.
Zaterdag 29 augustus
Deze dag van contrasten
begon voor mij met de uitvaart van Renske Geertsma, de
vrouw van mijn Leidsch Dagblad-collega Aad Rietveld. In
de eeuwenoude Leidse Pieterskerk wilde Aad een monument
van woorden voor haar oprichten, waar hij - met zijn
kinderen, pleegkinderen, familieleden en vrienden - op
een ontroerende manier in slaagde, niet in de laatste
plaats door de schitterende muziek die er tussen de vele
herinneringen aan de vrouw, moeder, vriendin, zus en wat
Renske bij leven al niet was, werd gespeeld. Wie haar
niet echt had gekend - zoals ik - had na afloop het
gevoel dat hij iets had gemist. Precies zoals Aads
bedoeling was. Het was geen lastige keuze om voor de
plechtigheid de wereldrecordpoging 'Koekhappen' in
Katwijk aan den Rijn te laten schieten, maar daarna
ontkwam ik er niet aan - ik heb weekenddienst - om me in
het feestgedruis te storten in een Duin- en Bollenstreek
waar vrijwel elk dorp vandaag op zijn kop staat met
najaarsfestiviteiten, zomerfairs, rockfestivals,
zeilwedstrijden en ander jolijt dat bij het einde van de
zomer schijnt te horen. Deze vreemde mengelmoes van
activiteiten die we 'leven' zouden kunnen noemen, sluit
ik straks af met een barbecue in familiekring. Ook wij
hebben wat te vieren, tenslotte: maandag gaan de nazaten
weer naar school.
Vrijdag 28 augustus
Niet alleen grote downloadsites als
Pirate Bay en Mininova zuchten deze weken onder de
anti-piraterijmaatregelen. Ook onze zoon is gisteravond
ernstig getroffen door een firmware-update van zijn
onafscheidelijke Nintendo DSi, die hij - even
gedachteloos als altijd - via het internet naar
binnenslurpte en installeerde. De nieuwe software maakt
het onmogelijk om via zijn vertrouwde R4-kaartje
zogenaamde, laat ik het voorzichtig formuleren, creatief
binnengehaalde spellen op zijn apparaat af te spelen. Na
zeven weken zorgeloos vakantievieren maakte hij voor het
eerst weer een door zorgen gekwelde nacht mee en stond
hij al om zeven uur naast ons bed met een uitgedokterd
pakket noodmaatregelen dat vandaag moet worden
getroffen. Dat behelst onder meer het repareren van zijn
'oude' DS - waarop het kaartje het nog wel doet - tot
het aanschaffen van een nieuw kaartje dat met de
nieuwste firmware overweg schijnt te kunnen. Want
ja, de piraten zijn de industrie altijd een slag voor.
Voor zijn en onze nachtrust lijkt het raadzaam om
vandaag creatief met hem mee te denken.
Donderdag 27 augustus
Bij
mannen met een eigen werkschuurtje zie je er wel eens
eentje staan: een compressor. Geen idee wat ze ermee
moeten, behalve de banden van hun racefiets oppompen.
Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik het nooit
heb gevraagd. Mijn vriend Mart deed het wel, toen hij
laatst zo'n apparaat bij een huismeester op zijn werk
ontwaarde. 'Wat doe je daar nou mee?' Het antwoord
maakte hem meteen alert: af en toe een computer
schoonblazen. Mart nam de compressor een dagje mee naar
huis voor zijn eigen pc-park en was daarna zo goed -
onder de belofte van een etentje, maar ook zonder was
hij wel gekomen, want zo is Mart - om ook onze vier
computerkasten onder handen te nemen. 'Moet die van mij
ook?', vroeg onze dochter angstig, want in de zes jaar
dat zij het ding heeft is hij naar mijn weten alleen
uitgezet als er zich weer eens een virus in had
genesteld. En daar helpt een compressor niet tegen. Maar
verder was het spectaculair, wat zo'n ding aanricht in
een behuizing waar zich - vooral bij onze dochter - een
deken van stof had verzameld op plekken waar zuiger en
doek nooit bijkomen. Na een behandeling met 8 bar hingen
de grijze wolken nog urenlang boven de wijk. Een
toevallig passerende milieuambtenaar riep omwonenden met
een geluidswagen op ramen en deuren te sluiten en af te
stemmen op de lokale rampenzender. Zet hem maar uit,
mensen, u weet nu wat er is gebeurd. Al onze pc's
draaien, met schone processoren, ventilatoren, bedrading
en insteekkaarten, weer als een zonnetje!
Woensdag 26 augustus
Niet dat de smeekbedes mijn
mailbak al vervuilen, maar af en toe vraagt iemand zich
toch af of het klopt dat mijn column niet meer in de
krant staat. Welnu, dat klopt. Ik heb een aantal weken
welverdiende vakantie genoten, maar ben er nu wel weer
aan toe om te beginnen. Niet meer op de dinsdag, zoals
de afgelopen jaren het geval was, maar op de donderdag.
Morgen, dus. Waarom? Dat heeft alles te maken met mijn
ingesleten gewoonte om alles op het laatste moment te
doen. Mijn column voor de dinsdagkrant moest ik altijd
op maandag om 12.00 uur inleveren. Dus wanneer tikte ik
hem dan? Op zondag. En op zaterdag dacht ik erover na.
Kortom, mijn hele weekeinde stond tien jaar lang in het
teken van mijn column. Ik heb zelfs overwogen om er -
vooral om die reden - mee te stoppen, maar de oplossing
bleek even simpel als doeltreffend. Kan ik ook verhuizen
naar de donderdag? Dan heb ik tweeënhalve werkdag
om mijn stukje te maken. Nou, dat was geen probleem.
Voortaan tik ik op maandag of dinsdag, kijk hem woensdag
voor 12 uur nog even na, collega Anton checkt de
spelfouten en ik heb voortaan een 'vrij' weekeinde. Tot
morgen dus maar, met de eerste van een nieuw seizoen
Pretvaderen in de HDC-dagbladen.
Dinsdag 25 augustus
Om
voortdurend een artistieke, ongeschoren indruk te maken,
scheer ik me één keer per week: op zondagmorgen. Niet
met een mesje of elektrisch apparaat met roterende
koppen, maar uitsluitend met een tondeuse of
baardtrimmer die op de lichtste stand staat. Behalve
afgelopen zondag dan, toen mijn Philishave na jaren van
trouwe dienst de geest gaf. Na een dag of acht begin ik
nu een verlopen indruk te maken, waarbij de
woestwoekerende grijze kinbeharing ook nog eens de
aandacht afleidt van mijn prachtige kop met haar waarop
nog geen teken van verval is te bekennen. Maatregelen
zijn dus geboden, waarbij het moederconcern van de
internetfirma (de Memoryshop) die afgelopen
vrijdag nog de Woxter bij mij afleverde (zie het
log van maandag) andermaal goede diensten bewees. Dit
bedrijf - Coolblue - heeft namelijk een hele reeks van
internetshops, waaronder de PDAshop, de
laptopshop, de smartphoneshop, de MP3shop, de
powertoolshop, de bodycareshop en - hou je vast - de
shavershop. Daar moest ik zijn voor de aanschaf van
de Braun BodyCruzer B55 die - mits gisteravond besteld
voor 22 uur en dat is me gelukt - vandaag nog bij me
wordt afgeleverd. Coolblue is een fijn bedrijf, dat
emails en smsjes verstuurt op elk moment dat er iets met
de order gebeurt (piep-piep, het ding is nu
ingepakt; piep-piep, het pakje gaat nu naar
TNT-post). Mijn vrouw wordt er gek van, maar ik vind het
een geruststellend idee dat er zo voortvarend met mijn
bestelling wordt omgesprongen. De BodyCruzer B55 lijkt
misschien een beetje overdreven voor iemand die zich
maar één keer in de week scheert, maar voor een
wielrenner biedt het apparaat ongekende extra
mogelijkheden. Zeker nu mijn eega mijn Gillette Fusion
heeft ingepikt om haar eigen benen te ontharen, gaat de
BodyCruzer B55 mij voortaan ook soigneren voor de koers.
Op de achterkant van het trimgedeelte zit namelijk een
ingebouwde Fusion, voor het gladste resultaat. Wat zegt
u? Jazeker, het ding is ook onder de douche te
gebruiken.
P.S. Dit is onbetwist het
laatste hebbedingetje waarmee ik u deze week lastigval.
Ik mag van mijn vrouw voorlopig niks meer op internet
bestellen.
Maandag 24 augustus
Een
zoveelste gadget voor een stekkermannetje. Zo omschreef
mijn eega aanvankelijk de aanschaf van de Woxter i-cube
750. Maar al na een korte demonstratie van dit
wonderlijke hebbedingetje moest zij - nog niet
ruiterlijk, dat vinden vrouwen lastig, maar dat komt nog
wel - toegeven dat de Woxter ons leven verder gaat
verrijken. Wat kan deze HD-mediaspeler, die in de
laatste Computer!Totaal als beste in zijn soort werd
getest? Het dingetje (want echt groot is ie niet), toont
gedownloade films maar ook je vakantiefoto's in High
Definition-kwaliteit (dus retescherp) op je
breedbeeldtelevisie (mits deze natuurlijk ook in staat
is tot het afspelen van HD-materiaal). Dat kan
rechtstreeks vanaf een usb-stick, een geheugenschijfje
van je camera, zijn eigen interne harde schijf of via
het computernetwerk, want de Woxter barst van de
aansluitingen, ook voor audio en internetradio. Het
apparaat is zelfs in staat eigenhandig films of de
favoriete obscure detectives van vrouw en dochter (Tony
Hill!) van het world wide web te halen (dankzij een
ingebouwde bittorrent-client, maar dit terzijde) en ze
vervolgens ook nog eens af te spelen. Niet armoedig op
het laptopje in de bank, maar gewoon in breedbeeld op
het scherm aan de muur. Het formaat of bestandstype van
de films maakt eigenlijk niet zoveel uit, want het ding
vreet alles. En dat alles voor een luttele 149 euro!
Nee, de Woxter is geen gadget. Het is een onmisbaar
accessoire om met beide benen stevig verankerd te zijn
in de 21ste eeuw.
(Ik heb 'm al betaald, dus
ik word hier verder niet wijzer van. Dit pleidooi mag
vrijelijk worden gebruikt door alle mannen die zich -
nee, ik zeg niet door wie - beknot voelen in hun
ontplooiingsmogelijkheden.)
Zaterdag 22 augustus
Eerdere
buurtbarbecues - nou ja, buurt: ons rijtje van zes
huizen - dateren voor ons al van meer dan tien jaar
geleden (vorig jaar waren we bij de revival van
dit fenomeen nog op vakantie), maar van die historische
afleveringen kan ik me herinneren dat er altijd een
speciaal gespreksthema ontstond. Dat ging - met het
klimmen der jaren - van geboortes tot sterilisaties,
maar nu bleken we allemaal een gemeenschappelijke vijand
te hebben: de wijkregisseur! Deze gemeentelijke
functionaris is - afgaande op zijn fotootje in de
gemeentegids - iemand die vroeger op school door
iedereen werd gepest (wist buurman Bas te melden), en nu
zijn nieuw verworven macht gebruikt om wraak te nemen op
de samenleving. Verzoeken vanuit ons rijtje tot snoeien,
kappen, herinrichten of schadevergoeding (na een kapotte
gevel, als gevolg van woest woekerende boomtakken)
worden door hem stelselmatig genegeerd of zelfs (in
ambtelijke schrijvens) geschoffeerd. Onder het genot van
de door dezelfde Bas uitmuntend gegrilde biefstukken,
varkenshazen en braadworsten en na het achterover slaan
van heel wat glazen wijn, werd spontaan besloten tot de
oprichting van het actiecomité 'Weg met de
wijkregisseur!' dat dit najaar voor het eerst bijeen
komt. Het wordt een hete herfst, voor deze functionaris.
Vrijdag 21 augustus
Op
ontroerende wijze namen we gistermiddag op de redactie
afscheid van collega De Vlieger, die zijn leven ging
wagen bij de kortebaandraverijen op de Noordwijkse
Boulevard. Weeralarm of geen weeralarm, gewerkt moet er
worden. Al vliegen de sulky's en de paarden om je oren,
bij windsnelheden van 110 kilometer en meer per uur, het
Leidsch Dagblad is erbij. Spectaculair fotowerk, dat was
wel het minste waar we voor onze voorpagina op rekenden,
en voortdurend bleef ik daarover in contact met mijn
verslaggever te velde. 'Komt er al wat?', klonk het,
vanaf de Noordwijkse Boulevard verwachtingsvol in mijn
oor. Pas tegen vijven kon ik, na een zoveelste blik op
buienradar, een hoopvol geluid afgeven. 'Tussen zes en
half zeven brandt het los. Hou je vast.' Het was even
stil aan de andere kant van de lijn. 'Nou, dan blijf ik
nog wel even, maar het is hier bijna afgelopen.' Het
heilig vuur leek bij De Vlieger inmiddels een beetje
gedoofd. Zelf was ik inmiddels al van Leiden naar
Katwijk gefietst, want ofschoon ik over legerervaring
beschik, hoef je het noodlot nog niet te tarten. Op
advies van mijn eega sloot ik thuis alle ramen en deuren
en gingen we wachten op de dingen die komen gingen. Onze
laatste voorbereiding bestond uit het nuttigen van een
bord voedzame spaghetti, want je weet immers maar nooit
wanneer er weer een maaltijd komt. Ik kreeg zin om
stukken hardboard tegen de kozijnen te spijkeren, zoals
je bij orkanen in Florida wel ziet. Maar dat vond mijn
vrouw overdreven. Om 18.15 uur werd de lucht donker en
begon het, de hemel zij dank, te regenen. Een bui, nog
niks spectaculairs, maar wat niet is, kan nog komen. In
de verte klonk zelfs een heuse donderslag. Daarna werd
het stil. En droog. Na vijf minuten al. Ongelovig keken
we elkaar aan. Waar blijft de rest? Het was ons beloofd!
Als een verwend kind stampte ik zelfs even op de vloer.
Maar nee, dit was niet de stilte voor de storm. Het was
een storm in glas water. Een zoveelste fopsignaal van
een bang instituut - o wee als er wat gebeurt en we
hebben niet gewaarschuwd - aan een land in verwarring.
Donderdag 20 augustus
Is
er nog wat gebeurd op de krant?, wil mijn eega na een
periode van vakantie altijd van me weten. Even nadenken.
Nee, volgens mij niet. Alles rustig in ons prachtige,
monumentale pand aan de Leidse 3e Binnenvestgracht,
waarin tot 1978 de spinnerij van de voormalige
textielfabriek Clos & Leembruggen was gevestigd. Dat was
één van de belangrijkste bedrijven in de tijd dat Leiden
als textielstad floreerde. Het familiebedrijf begon in
1766 en beleefde zijn glorietijd rond 1918. Meerdere
grote fabriekshallen domineerden de Maresingel en de
Langegracht. Er werkten honderden Leidenaren. In de
jaren zestig kreeg het bedrijf steeds meer last van
internationale concurrentie, tot de fabriek in de jaren
zeventig de poorten moest sluiten. De laatste jaren was
het pand in gebruik bij energiebedrijf Nuon, totdat het
ingrijpend werd gerestaureerd en onder de naam 'Nieuwe
Energie' werd geopend als hippe cocon voor allerlei
snelle internetjongens en communicatiegoeroes. En wij
van het Leidsch Dagblad, natuurlijk. O ja, nu je het
zegt, er is toch wat gebeurd op de krant. Aan de muur
van de kantine hebben ze een kiekje opgehangen van hoe
het er vroeger in ons gebouw heeft uitgezien. En in de
gang hangt nog zo'n fotootje. Ja, klopt. In eerste
instantie kijk je er gewoon overheen.
Woensdag
19 augustus
Mijn eerste werkdag na onze
Italië-reis was nog geen twee uur oud, toen mijn vriend
Mart mij per mail meende te moeten confronteren met een
onderzoek waaruit blijkt dat het effect van een vakantie
na 3 á 5 dagen achter het bureau volledig is weggeëbd.
Ongeacht de lengte van de vakantie. 'Hou vol!', schreef
hij er bemoedigend achter aan. Maar helaas, hij was al
zo'n één uur en drie kwartier te laat. Na het begroeten
van mijn collega's, het uitwisselen van de laatste
nieuwtjes - het grote voordeel van een weblog: over je
vakantie zelf hoef je niks meer te vertellen - en het
opstarten van mijn computer, voelde het al na een
kwartier alsof ik nooit was weggeweest.
Dinsdag 18 augustus
Spartaans.
Zo zou ik het dagritme van de Zomerschool Klassieke
Talen van onze dochter willen noemen. Van zeven tot
zeven is ze deze week - inclusief reistijd naar en van
de Universiteit van Amsterdam - met een vriendin annex
klasgenote onder de pannen, met overdag alleen even rust
tijdens de drie kwartier van de lunch. Verder is het -
met zo'n negentig andere scholieren, aankomende
studenten en docenten - hoorcolleges bijwonen,
grammatica bestuderen en het lezen en vertalen van
werken van de grote Griekse en Romeinse geesten. En dat
ook nog in een week die zes dagen telt, want pas
zaterdagmiddag wordt de Zomerschool afgesloten. Zo ging
dat tenslotte tot het begin van de vorige eeuw ook nog.
Heerlijk, vindt onze dochter het. Wat haar tijdens de
(uitgestelde) avondmaaltijd wederom op verbijsterde
blikken van haar broertje kwam te staan. Hij zou hooguit
tot een Zomerschool te bewegen zijn als daar dieper werd
ingegaan op de klassieke spelen voor de Xbox360 en de
Nintendo DS.
Maandag 17 augustus
Mijn laatste vakantiedag
begon vanmorgen om zes uur, toen onze dochter de trap af
bonkte om zich gereed te maken voor haar eerste dag op
de 'Zomerschool klassieke talen' (door onze zoon
pesterig 'Grieks Kamp' genoemd) in Amsterdam. Een
kwartier later verliet mijn eega met het bijbehorende
misbaar de echtelijke sponde, om haar oudste nazaat bij
te staan met de mondvoorraad en het uit de schuur halen
van haar fiets (de eerste spinnen hebben zich weer in de
tuin gewebseld). Toen ik net na zevenen mijn oogluiken
weer had gesloten, keerde mijn wederhelft terug in de
slaapkamer om daar de verduisteringsgordijnen open te
trekken en - in het ochtendzonnetje - demonstratief haar
strijkplank open te klappen en commentaar te leveren op
de geluiden die ik produceerde als ik - onder mijn
dekbedje - onverhoopt weer even weg dreigde te
zakken in de vergetelheid. Om acht uur dus maar naar
beneden gegaan om dit logje te tikken. Straks de caravan
wassen, mijn auto (waarin vooral onze kinderen 4000
kilometer lang als beesten hebben geleefd) uitmesten,
mijn zwaar vervuilde racefiets weer toonbaar maken voor
de edele wielersport, de caravan weer terugbrengen naar
de stalling in Weteringbrug en nog zo wat van die
'laatste vakantiedag-klusjes'. Morgen mag ik gelukkig
weer naar m'n werk
Zaterdag 15 augustus
In
Trento, Bolzano en zelfs middenin Venetië heb je een
McDonald's. Maar voor ons is deze typisch Hollandse
eetgelegenheid toch vooral een mooie afsluiting van een
vakantie in den vreemde. De rest van het reisgezelschap
zijn we ergens tussen Utrecht en Katwijk kwijtgeraakt,
nadat we via een lepe manoeuvre ter hoogte van de afslag
Utrecht-Centrum (keren op een viaduct en terug naar de
afslag richting A12, Den Haag) een file van 12 kilometer
op de A2 richting Amsterdam wisten te ontlopen. De
jongste zus ging daarna met haar gezin via Amsterdam
(A4) door naar IJmuiden (waar hun caravan moet worden
gestald in de garage van de zaak) en mijn andere zus
naar Rijnsburg, waar de hevig verliefde zoon niet langer
kon wachten om zijn geliefde Sascha in de armen te
sluiten en mijn zwager waarschijnlijk op zijn advies het
gaspedaal steeds dieper intrapte. Ruim anderhalve dag
deden we er weer over, om vanuit Levico Terme in Katwijk
te komen, inclusief files bij Ulm (wegwerkzaamheden) en
na Stuttgart (kettingbotsing) en een overnachting op een
oer-Duitse camping middenin het Riesling-wijngebied in
een dorpje waarvan mij de naam nooit geworden is. Dat
krijg je ervan, als je alleen maar de twee caravans voor
je hoeft te volgen. Exact om zeven uur vanmorgen reden
we dit terrein (150 kilometer onder Koblenz, dat weet ik
dan nog wel) weer af, om rond twee uur bij de McDonald's
van het Leidse Transferium aan te komen. Eenmaal thuis
functioneerde ons lopende band-uitpaksysteem weer prima:
vrouw in de caravan, twee nazaten die met de spullen op
en neer hollen naar de slaapkamers en de zolder, en ik
voor alles wat nog in de auto, aan de caravan - fietsen!
- en achter de caravanluiken - gasflessen! - zit. Daarna
had ik zelfs nog alle tijd om bij de lokale Digros de
weekendboodschappen te doen, terwijl mijn eega zuchtend
vertrok naar de wasmachine op zolder. Over drie dagen
haal ik haar daar weer vandaan, heb ik beloofd.
Donderdag 13 augustus, Levico
Terme
Een
dag van luifels en slaaptentjes afbreken sluiten we af
met een copieus maal op een van de mooiste terrassen van
Levico Terme, waar mijn ogen andermaal groter blijken
dan mijn toch behoorlijk veeleisende maag. De combinatie
van spaghetti met zeevruchten vooraf en het
streekgerecht konijn uit het (steel-)pannetje (met veel
gebakken aardappelen, courgette en aubergine) blijkt in
elk geval voldoende om mij de lust tot een dessert
volledig te ontnemen. Terwijl we toch voldoende tijd
hebben om uit te buiken, want in de loop van de avond
breekt de moeder aller onweders boven onze hoofden los,
met de daarbij behorende slagregens. Onder de imposante
parasols is het nog een tijdje uit te houden, maar ook
dat doek raakt op een gegeven moment verzadigd en dan is
het een behoorlijk eind hollen (zonder paraplu of jack)
om toch nog doorweekt de auto te bereiken. Geen betere
manier om konijn uit het pannetje te verteren,
overigens. Vrijdag via Oostenrijk en Duitsland weer op
huis aan!
Woensdag 12 augustus, Levico
Terme
Na een dag van betrekkelijke
ledigheid voor het gros van het gezelschap - dat bijkwam
van de vermoeienissen van Venetië - ontstond er - na een
tip uit het verre Nederland - spontaan toch nog een
avondactiviteit: vallende sterren kijken. Met uiteraard
de bijbehorende wensen zodra er één was gespot. En er
kwamen er nogal wat naar beneden. Dat leverde
dieptepunten op als een neef die plotseling opstond om
in zijn broek te kijken 'of ie al vijf centimeter was
gegroeid' (van 20 naar 25 centimeter, verduidelijkte hij
ook nog). Maar ook hoogtepunten toen een zwager
diezelfde neef na een volgende vallende ster de raad gaf
om te kijken of ie inmiddels al was geslónken tot vijf
centimeter. De neef: 'Maar dát heb ik niet gewenst.' De
zwager: 'Ja, maar ik wel.' Afijn, zo'n avond werd het
dus. Het bleef - wederom - nog lang onrustig op camping
Due Laghi.
Dinsdag 11 augustus, Levico
Terme
De
beste manier om vanuit Levico Terme in Venetië te komen,
is met de trein. Was ons verzekerd. De trein van 7.55
uur. Een afgeladen dieselboemeltje dat ons via 67
tussenstations met steeds meer instappers om 10.15 uur
afzette op station Santa Lucia, direct aan het Canal
Grande. Dat dan weer wel. Tot een uurtje of zeven in de
avond sjouwden we onafgebroken door de stad der steden,
in een decor dat ons enerzijds volkomen vertrouwd
voorkwam - met wereldbefaamde monumenten als de
Rialtobrug, het San Marcoplein en het Dogenpaleis, plus
alle kanalen waar James Bond met een speedboot doorheen
scheurde of gebouwen compleet in het water liet
verdwijnen - maar anderszijds ook verraste. Het Venetië
van de stille achterafstraatjes en de sfeervolle
pleintjes, maar ook van de aftakeling (door gebrekkig
onderhoud en de invloed van de elementen) en het
probleem van een vergrijzende bevolking met haar
rollators die al decennialang jongere generaties ziet
vertrekken naar het vaste land, waar ze een auto, werk
en een leven zonder toeristen hebben. Om half acht
vertrok ons boemeltje weer naar Levico, waar het ons om
22.15 uur - geradbraakt en wel - afzette. Onder de
luifel van de caravan van mijn zus namen we tot diep in
de nacht de dag door, zoals ze zelf - al eerder
afgehaakt - vanmorgen kon vaststellen aan de lege
wijnflessen en bierblikken die ze voor haar deur vond.
Jazeker, één van de grootste toeristenfuiken van de
wereld heeft ons toch maar behoorlijk te pakken genomen.
Maandag 10 augustus, Levico
Terme
Er
zijn allerlei redenen om niet naar Bolzano te gaan.
Zodra je de snelweg verlaat (afslag Bolzano-Süd) en
richting het centrum rijdt, beland je in een
kilometerslange verkeerschaos die zijn weerga niet kent.
Als je uiteindelijk in een parkeergarage geraakt is die
zo vol en groot, dat er vier telefoontjes voor nodig
zijn voordat ons gezelschap weer bij de uitgang is
herenigd. Als ik u verder nog vertel dat Bolzano ook wel
Bozen wordt genoemd en van oudsher beurtelings
Oostenrijks en Italiaans bezit was - en de hele stad nog
steeds tweetalig is waarbij in mijn gevoel het Duits
overheerst - mag dat ook al geen aanbeveling heten.
Bovendien staan tal van monumenten die in onze reisgids
als bezienswaardig worden omschreven, in de steigers of
zijn ingepakt in blauwe netten. En de 'altstadt' is
weliswaar mooi, maar ook compact en overvol: wat er aan
loopruimte resteert in de smalle straatjes is in gebruik
genomen door terrassen en (markt)kramen. Maar wat
Bolzano - of Bozen, zo u wilt - toch voor mij in nam,
was de ontdekking dat op elke straathoek - en vaak ook
nog halverwege de straat - een Würstel Boutique
of een Würstelstand te vinden is. Na een paar
weken pizza en pasta was ik ontzettend toe aan een
flinke dosis Brat- en Curryworsten. Mit Brötchen und
Senf, jawohl!
Zaterdag 8 augustus, Levico
Terme
Regen
in Levico Terme, waardoor automatisch regel 1 bij slecht
weer in berggebieden van kracht wordt: nooit op je plek
blijven zitten. Vooraf bestond er nog enige scepsis over
mijn vastberaden 'In de auto!' ('Kun je niet even op
internet kijken of het aan het Gardameer wel mooi is?'),
maar zodra we Riva waren gepasseerd richting Limones was
de buitentemperatuur al opgelopen tot 26 graden en brak
de zon uitbundig door het grijze wolkendek. We scheurden
door de bergwandtunnels die zijn gebruikt bij de
openingsscene van de laatste
James Bond-film (de
brokkenrace tussen een Aston Martin en een Alfa Romeo,
bekijk het
filmpje maar), om onze
eigen wagen ongeschonden achter te laten in het
citroenenstadje en - na een uitgebreide sightseeing -
verder de boot te pakken naar Malcesine, waar het
inmiddels zo warm was dat een deel van het gezelschap
verkoeling moest zoeken in het meer. Zelf verkoos ik een
inspannende wandeling naar de heuvels boven het stadje,
om u - trouwe webloglezer - een blik te gunnen op het
kasteel dat boven Malcesine uittorent. Maar de meeste
voldoening haalde ik toch wel uit dat moment op de
terugweg toen het bij het naderen van ons eigen dal weer
met bakken uit de hemel kwam. Ja, niks mis met mijn
regel 1 bij slecht weer in berggebieden!
Vrijdag 7 augustus, Levico
Terme
Om de broeierige warmte op de camping te
ontvluchten, hoefden we vandaag maar een klein uur te
rijden en we stonden in de eeuwige sneeuw. Met de auto
legden we exact dezelfde route af als campingbuurman
Wil, Raymon en ik afgelopen zondag op de racefiets,
inclusief afdaling en omweg via Baselga di Pine met de
lange 16-procentshelling naar de hoogvlakte. Behalve het
ontlopen van de hitte, had dit ritje voor mij derhalve
nog een ander doel: het oogsten van Respect!
Donderdag 6 augustus, Levico
Terme
Eén met de Italianen willen
we worden, en waar kan dat beter gebeuren dan in de
Arena van Verona waar momenteel het 87ste operafestival
wordt afgewerkt. Hier gedijt de volkscultuur op z'n
best: niet op duurste plaatsen van 187 euro op de begane
grond, maar hoog op de trappen van dit twintig eeuwen
oude amfitheater waar de man in de straat - op een zelf
meegebracht kussentje - voor 25 euro terecht kan. Eerst
om te picknicken en een fles wijn open te trekken en
daarna om zich te laven aan - zoals op deze warme
donderdagavond - een uitvoering van Il Barbiere di
Siviglia, van Gioachino Rossini. Normaal is opera voor
mij een wegzapmoment, maar in deze ambiance had ik er
graag een houten kont voor over. Want zelfs op een
kussentje is drie uur op een uitgesleten steen nog een
hele zit. Nadat rond middernacht de graaf onder knallend
vuurwerk trouwde met zijn geliefde Rosina, duurde het
nog tot half drie in de ochtend voordat we weer op de
camping in Levico Terme waren en mijn zwager met zijn
'Figaro, Figaro, Figarooooo!!!!!!' de kampeerders uit
hun eerste slaap haalde.
Woensdag 5 augustus, Levico
Terme
Ja, onze nazaten zijn veel
te oud voor de kinderdisco die elke avond rond acht uur
tot in de verste uithoeken over de camping schalt. Maar
omdat de kracht in de herhaling zit, worden we er bij de
barbecue toch nadrukkelijk mee geconfronteerd. De
zomerhitjes worden er letterlijk ingeramd. Ook bij ons.
Zodra de klanken van de 'Tsjoe Tsjoe Wa' worden
gespeeld, springen neef Raymon - onderwijzer in spe - en
zoon Steef op om het bijbehorende infantiele dansje te
doen. Voorlopig nog voor een klein publiek. Maar ik
sluit niet uit dat ze voor het einde van de vakantie op
het centrale campingplein staan. De blits maken, tussen
alle andere kleuters.
P.s: Onder mijn zussen
circuleert een filmpje waarop ook ik de 'Tsjoe Tsjoe Wa'
doe. Ik benadruk dat het hier om een eenmalig optreden
gaat.
Dinsdag 4 augustus, Levico
Terme
Achteraf
hadden we gisteren gewoon naar het Gardameer moeten
rijden, want daar was het - aldus bronnen op de camping
- gewoon 24 graden en scheen de zon. Dat krijg je als je
zondigt tegen regel 1 bij slecht weer in een bergachtig
gebied: nooit op je plek blijven zitten, want tien
kilometer verderop kunnen de omstandigheden heel anders
zijn. Vandaag scheen ook bij ons in Levico de zon, maar
was het in Torbole en Riva in het uiterste noorden van
Italië's grootste meer nog weer
mooier. Na ruim een week vakantie eindelijk
(vissers)bootjes kunnen fotograferen, daar kan een mens
toch niet van buiten. Torbole (de twee bovenste foto's)
vonden we ingetogen charmant, Riva Italiaans mondain, al
kreeg het door de komst van mijn neven bij tijd en wijle
ook wat ordinairs. Het smaakte in elk geval naar meer.
Naar meer Gardameer, de komende week.
Maandag 3 augustus, Levico
Terme
Een
buurman die met zijn harde stem elke ochtend mijn
dochter wakker maakt in haar gehorige tentje, had het al
voorspeld: het ging regenen. Een wijsneus, noemde ik hem
aanvankelijk, want het was lekker weer en we zouden een
dagje Gardameer doen. Zelfs alle nazaten gingen - tegen
mijn uitdrukkelijke advies in, want zonder kroost is wel
zo rustig - mee, gelokt met het vooruitzicht van pizza
en ijs. Maar al bij de koffie begon het te knetteren,
daarna te spetteren en halverwege de middag kwam het
zelfs met bakken uit de hemel, begeleid door het
gedonder en bliksem dat alleen in de bergen zo
spectaculair klinkt en oogt. Ik mag er graag naar kijken
en luisteren, vanonder mijn luifel, met Martin Brils
'Mijn leven als hond', mijn laptop en camera binnen
handbereik, geitenwollen sokken en Hollandse klompen aan
mijn voeten, een trui over het hempje boven mijn
driekwart broek. Lekker vroeg aan de rode wijn, we
hoeven er toch niet meer uit. Onze caravan staat op een
schuin aflopend stukje, had ik al gemerkt bij het
waterpas zetten. Dus al het hemelwater loopt naar de
overkant, naar mijn zwager Wim. Ja, ook dat is leuk om
te zien, vanonder mijn luifel.
Zondag 2 augustus, Levico Terme
Elk jaar word ik door mijn familieleden
weggehoond omdat ik de satellietschotel meesleep naar
alle uithoeken van Europa. Maar als op zondagavond het
competitievoetbal in Studio Sport wordt uitgezonden (in
de herhaling om 21 uur, op het Beste Van Nederland, een
tijdstip wat ons beter uitkomt), zitten ze allemaal wel
eerste rang in mijn provisorische openlucht
campingbioscoop.
Zaterdag 1 augustus, Levico
Terme
Ons
recept voor een geslaagde dagtocht is vrij eenvoudig: we
vouwen een gedetailleerde Michelin-kaart open, verbinden
wat 'groene' (staat voor schilderachtige) weggetjes met
elkaar op de satellietnavigatie en rijden een rondje. De
kofferbak gaat vol met koude pasta, stokbroden, wraps en
flessen gekoelde rosé. En verder stoppen we onderweg
voor bezienswaardigheden en fotoshoots. Nog een
voorwaarde: de koters blijven op de camping achter.
Vandaag voerde dit recept ons door de Val de Cembra, het
domein van de druif waarvan - blijkens de bordjes aan de
kant - de Grappa wordt gemaakt. Tientallen
ansichtkaartdorpjes kwamen op de hellingen tussen de
druivenranken omhoog, de Italianen - die hier nog een
Oostenrijkse inslag hebben - hadden hun best gedaan met
goed geoutilleerde picknickplaatsen en aan het eind
konden we ons nog anderhalf uur in het zweet lopen tegen
een berg waarachter zich de door de natuur gevormde
piramiden van Sevignano bevonden. Traditiegetrouw raakte
de ene helft van het gezelschap de andere kwijt - ja,
dat kan, op een berghelling met maar één paadje omhoog
en één naar beneden - zoals ik ook op een eenvoudig
rondje altijd wel verkeerd rijd omdat ik het beter meen
te weten dan Michelin en de satellietnavigatie. Maar ook
dat hoort allemaal bij ons recept voor een geslaagde
dagtocht.
Vrijdag 31 juli, Levico Terme
Via mijn politiek-incorrecte
neef heb ook ik mij het levensmotto van Olympisch
kampioen Maarten van der Weijden eigen gemaakt: ik
probeer 'rust te vinden in het ergste scenario'. Dat
werkt zo: stel je het vreselijkste voor dat je kan
gebeuren, en probeer je daarmee te verzoenen. Op Due
Laghi heb ik daar erg veel profijt van. Van tevoren heb
ik mij ingesteld op een Italiaanse pretcamping, met veel
te kleine plekjes en constant een hoop herrie aan mijn
hoofd: is het niet van het animatieteam dan wel van mijn
rumoerige familieleden. In dat scenario heb ik rust
gevonden. Overdag valt het hier nog alleszins mee met
het kabaal: pas vanaf acht uur in de avond dreunt de
kinderdisco over het terrein, met elke avond dezelfde
rampetamp liedjes. Ik heb er vrede mee. Daarna begint in
de regel een B-artiest met zijn optreden, vaak nog een
graadje luider dan de kinderdisco. Geen enkel probleem.
Op avonden dat er bij ons even niks te beleven valt,
kunnen we meegenieten van het avondvermaak van de twee
campings aan de overkant van de weg. Het deert me niks.
Op hoogtijdagen zingt onze eigen B-artiest tegen de
B-artiest van de concurrentie in, of is het tot
middernacht disco tegen disco. Ik laat het, onder mijn
luifel met een wijntje, allemaal met een glimlach over
me heen komen. Ik heb rust gevonden in het ergste
scenario.
Donderdag 30 juli, Levico Terme
Het
jonge volk is in de regel de camping niet af te krijgen,
maar op marktdagen maken ze graag een uitzondering. Op
de markt heeft iedereen zijn eigen belangen. De één wil
een bijzonder T-shirt scoren, de ander een goedkoop
horloge, een belachelijke pet, een armband of een lekker
stuk harde worst. Zelf was ik met name geïnteresseerd in
de kramen met wielerkleding, die mijn fietsmaat Rob 1
(Italiëkenner) mij in het vooruitzicht had gesteld. Op
naar Trento, derhalve, waar de markt zich door het
centrum van het mooie stadje slingert: over pleinen,
door steegjes en voorname straatjes met monumentale
panden. Het jonge volk is in de regel snel uitgekeken op
deze overdaad en blijft - na zich gelaafd te hebben aan
pizza en cola - achter op de toeristische hangplekken:
op de trappen van fonteinen en megalomane standbeelden
(Dante!). Voor mij was dat niet weggelegd. Ik moest tot
het laatste moment alert blijven, om uiteindelijk te
constateren dat er in geen één van die vast wel duizend
kramen ook maar een wielershirt te krijgen was.
Woensdag 29 juli, Levico Terme
De
(race)fiets is het beste vervoermiddel om de omgeving te
verkennen. Nee, dat is geen goedkoop excuus wat ik
gebruik om er zo vaak mogelijk met mijn Madone op uit te
trekken. Het is proefondervindelijk bewezen. Te voet is
je actieradius beperkt en met de auto gaat het vaak te
snel. Waar mijn fietsmaten alleen aandacht hebben voor
de weg, ben ik onderweg altijd alert op paaltjes voor
rondwandelingen, pittoreske dorpjes en overweldigend
natuurschoon. Een combinatie van deze drie is helemaal
mooi. Wanneer ik dan 's middags ben opgedroogd van de
rit en de rest van het gezelschap na koffie c.q. lunch
toe is aan wat actie, heb ik altijd wel een excursie in
de achterzak. Zoals vandaag: tijdens de rit richting
Panarotta had ik, net na het dorpje Tenna, wandelbordjes
gespot in de richting van het Lago di Caldonazzo.
Meestal pakt het goed uit, al gaan mijn reisgenoten er
meteen vanuit dat ik alle finesses van zo'n route in me
heb opgenomen. Hoe ver is het? Blijven we zo in die
brandende zon lopen of komt er nog schaduw? Moeten we
nog veel klimmen? Ik heb werkelijk geen idee, ik ben
alleen maar in een afdaling met zestig kilometer per uur
langs een wandelbordje gereden. 'Dit is geen geheel
verzorgde reis!', roep ik dan ook voortdurend, maar dat
mag niet baten. De rest van de familie blijft zich
gedragen alsof ze met De Zonnebloem op stap is.
Dinsdag 28 juli, Levico Terme
In de voorbereiding op deze
vakantie zijn enkele honderden uren besteed aan het
vinden van een Italiaanse camping waar de badmuts niet
verplicht is. En nu we er eentje hebben - Due Laghi in
Levico Terme - taant het jeugdige gezelschap niet naar
het zwembad. Nou ja, voor een beetje verplicht afkoelen
lopen ze er nog wel heen: zwembroek tot op de knieën,
haren tot op de schouders, allemaal geen probleem hier.
Maar het liefst lopen ze de paar honderd meter naar het
Levico meer, waar ze met boten, luchtbanden en -bedden
kilometers ver kunnen drijven in een decor van hoog
oprijzende uitlopers van de Dolomieten. Nee, daar zijn
geen foto's van. Op het moment dat ik het hele
gezelschap met graagte zie vertrekken, zak ik achterover
in mijn ligstoel. Helemaal kapot, van het elke keer weer
opblazen van die poreuze handel.
Maandag 27 juli
Een
paar weken geleden toonde onze zoon zich diep geschokt
vanwege het feit dat neef Raoul - sinds een paar maanden
smoorverliefd op ene Sascha - nog steeds een blote
actrice (tot mijn leedwezen ken ik haar niet, maar ze
heet Jessica Alba) op het opstartscherm van zijn
Playstation had staan. Dat waren de neven niet vergeten
en als hoogtepunt van de viering van zijn dertiende
verjaardag ontving Steef vandaag een uitvergroting van
de dame in kwestie die hem bij het uitpakken net zo rood
deed kleuren als zijn T-shirt. Verder moest hij plechtig
beloven dat de afbeelding - ingelijst en wel - een
ereplekje op zijn knapenkamer krijgt. Na de uitbundige
ceremonie onder de luifel hadden we vooral een dag om
bij te komen van de reis. Beetje lezen, beetje slapen in
de stoel na een paar wijntjes en aan het eind van de
middag nog een wandeling naar het stadje Levico Terme
voor een eerste kennismaking met het Italiaanse ijs. Na
het zoveelste flesje rosé maakte ook onze Brabantse
buurman Wil - nu al een plaag - nogmaals zijn opwachting
om ons aan de fietsafspraak voor half acht morgenochtend
te herinneren. Elders op de camping had hij nog een
andere, afgetrainde fietsmaat opgescharreld, ene Ben.
Die gaat ook mee. Ik wist dat dit een hele zware
vakantie ging worden.
Zondag 26 juli
Na
bijna 1350 kilometer in ruim anderhalve dag rijden - met
op zondag geen fileproblemen - strijken we rond een uur
of half drie neer op camping Due Laghi in Levico Terme.
Twee plekken naast elkaar en eentje aan de overkant van
het pad, krijgen we toegewezen, maar net als de oude
kolonisten lijkt het ons beter om de drie caravans in
slagorde rond een schaduwgevende boom te zetten en de
overgebleven standplaats te gebruiken voor de auto's en
de twee tentjes van de neven: klein Chersonissos is hier
gecreëerd, waar ze 's avonds na het bieren op hun
slaapzak kunnen rollen zonder dat wij er last van
hebben. Onze dochter verkiest haar tentje in de luwte
van onze caravan te zetten. Ook zij is op haar nachtrust
gesteld. Vanonder m'n luifel heb ik zicht op de berg die
we deze week als eerste op de fiets gaan beklimmen, de
naam ben ik even kwijt. Onze nieuwe buurman - een
Brabander met een mooie Orbea Orca, dus hij heeft er
verstand van - weet hier alle weggetjes en heeft zich al
als gids opgeworpen. Het enige nadeel: hij heeft een
voorkeur voor half acht 's morgens, als vertrektijd.
Noem me een romanticus, maar voor mij
heeft het altijd wel wat, in een rijtje van drie auto's
met caravan door Europa trekken. Onderweg geven we
elkaar meestal wel een paar honderd meter de ruimte,
maar op picknickplekken is het meteen de Familie Petalo
die rond de tafel schuift. Rond half vijf vertrokken we
vanmorgen uit Katwijk, voor een reis naar het noorden
van Italië die tot ongeveer
half vier in de middag voorspoedig verliep. Maar na de
laatste tankstop schoven we meteen aan in een file van
een kilometer of acht (bergop, dus ook nog een hoop
ellende met heet wordende motoren - niet van ons,
gelukkig - erbij) omdat een luie wegwerker gistermiddag
ergens in een tunnel acht pilonen vergat weg te halen
waardoor al het verkeer naar één baan
moest. Toen ons dat een kilometer of tien verderop weer
overkwam, zijn we de snelweg maar afgegaan om rond vijf
uur neer te strijken op doorgangscamping Heidehof, in de
buurt van Ulm. Intens geluk was hier: mijn
satellietschotel neerzetten en meteen beeld hebben!
Binnen een seconde. Genoten van de overwinning van
Garate op de Mont Ventoux, derhalve. Nog een
geluksmoment: mijn Vodafone-kaartje bezorgt me overal
internet in de caravan. Morgenochtend rond half zeven
trekt de familie Petalo verder, via München en de
Brennerpas naar Levico Terme.
Vrijdag 24 juli
Dat mijn verjaardag niet tot
de hoogtijdagen in het gezin wordt gerekend, ben ik al
een tijdje gewend. Meestal staan we in een ver oord,
waar met wat vlaggetjes aan de luifel van onze caravan
een eenvoudige ceremonie (taart, cadeautjes) wordt
afgewerkt. Geen familieleden (of we moeten er toevallig
een paar bij ons hebben), geen vrienden. Klinkt als:
geen bezoek, geen bloemen. De enkele keer dat we op mijn
geboortedag wel thuis zijn, blijkt ons complete sociale
netwerk in den vreemde te zitten. Mijn 49ste verjaardag
vier ik vandaag met een ingepakte auto en een volgeladen
caravan voor de deur. Morgenochtend om een uurtje of
vier reizen we af naar Italië, dus een uitbundig feestje
zit er vanavond niet in. De halve familie zit al over de
grens, of bijna buiten de territoriale wateren (Texel,
Ameland). Mijn twee nazaten hebben er gisteravond op
aangedrongen alle officiële plichtplegingen in de
middaguren af te werken, zodat ze er 's morgens niet hun
bed voor hoeven uit te komen. Dus ik ga zo nog maar een
paar uur naar mijn werk. In ruil voor taart zijn ze daar
altijd wel bereid tot geveinsde hartelijkheid en beste
wensen.
Donderdag 23 juli
Wielrenners
moeten eigenlijk niet te veel lopen. Van Michael Boogerd
weet ik dat hij niet eens ging winkelen met z'n vrouw om
de tere beentjes te sparen. Maar aangezien het al
maanden op de rol stond, kon ik er niet onderuit: een
dagje Amsterdam met mijn eega en onze vrienden Mart en Carla.
Auto in Velzen neergezet, met de Fast Flying Ferry
met 65 kilometer per uur over het Noordzeekanaal naar
het Centraal Station, koffie met taart op het Rokin,
slenteren over de Dam, door de negen straatjes, de
Jordaan, de Kalverstraat, uitgebreid lunchen bij
Dantzig - onze klaverjaspot moest tenslotte leeg
- het onvermijdelijke Waterloopplein, nog een
keer opsteken op het terras van de Sluiswachter en via Nemo en 't IJ weer terug gesukkeld naar de ferry. Er
zijn beroerdere manieren om een zomerdag door te
brengen. Maar ergens halverwege - ik geloof bij de
Sluiswachter, net nadat ik de kramp in mijn
rennerskuiten had weggemasseerd - viel ik spontaan in
het zonnetje in slaap en was ik ook de rest van de
middag niet meer uit mijn ouwe-mannen-halfsluimer te
halen.
Twee dagen voor mijn negenveertigste verjaardag moet
eigenlijk de conclusie luiden: ik trek het niet meer,
zulke vermoeiende dagen. Of ik moet voortaan bij de
lunch van de Affligem Blond en de witte wijn
afblijven.
Woensdag 22 juli
Oude rituelen verdwijnen, nieuwe komen
ervoor in de plaats. Zo gaat dat in het leven. De eerste
vijf Harry Potter-films keek ik in de bioscoop met mijn
dochter, aanvankelijk ook in aanwezigheid van de
bevriende Potter-scepticus Martin die ergens tussen het
derde en vierde deel definitief afhaakte. Mijn dochter
heeft deel zes, Harry Potter and the Half-Blood Prince,
deze vakantie inmiddels met een klasgenote gezien en
gaat vanmiddag voor de tweede keer met een klasgenóót.
Voor mij aanleiding om de magische fakkel over te dragen
aan haar broer, met wie ik gisteren een mannenavond
beleefde in Noordwijk. Eerst eten op het strand, waar we
op het terras van paviljoen Witsandt werden getrakteerd
op spectaculair onweer boven zee en - toen dat tegen de
wind in aan land kwam - als toetje op windstoten en
slagregens die tot ver onder de overkapping reikte waar
ons tafeltje stond. Toen een paar meter verderop, schuin
achter de vuurtoren, om ons in het theater De Muze - in
juli en augustus in gebruik als zomerbioscoop - te laten
imponeren door bliksemschichten uit toverstokken en de
rollende donder van de Dooddoeners. Pas na twaalven
waren we thuis en toen had ook de verwerking nog wat
voeten in de aarde. De hele nacht zag mijn vrouw het
licht in de slaapkamer van onze zoon aan- en uitgaan
omdat hij ook in zijn slaap nog door demonen werd
bezocht. Nieuwe rituelen grijpen je altijd even aan.
Dinsdag 21 juli
Hij
had er natuurlijk nog gewoon een week op moeten wachten,
tot zijn dertiende verjaardag op de 27ste van deze
maand. Maar toen ik het ding afgelopen zaterdag eenmaal
aan de praat had met de nieuwe software, waren er ook
genoeg redenen om onze zoon de Nintendo Dsi ook maar meteen te
geven:
1. Als ervaringsdeskundige kan hij hem
dan een week testen en eventuele kinderziektes opsporen:
als we straks in Italië zitten, is
daar weinig meer aan te doen;
2. In elk geval een deel van
de dag hoeft hij zich niet meer stierlijk te vervelen,
voordat we zelf op vakantie gaan. Alleen al het
doornemen van de handleiding kost je een week;
3. Het ding is weliswaar
voor zijn verjaardag gekocht, maar zou net zo goed een
blijk van waardering kunnen zijn voor zijn meer dan
uitstekende rapport (louter zevens en achten).
En zo kan ik nog wel een
paar argumenten bedenken die volgens onze
educatiekritische dochter maar onder één noemer te
rangschikken zijn: slappe hap!
Maandag 20 juli
Weggevaagd, zou ik worden,
met mijn sprintersploegje, zodra de eerste bergen zich
zouden aandienen. Een vrije val, zou ik maken, in het
fameuze Leidsch Dagblad-tourspel, omdat ik gekozen had voor renners die geen meter omhoog konden
trappen. Vernedering, zou mijn deel zijn, aangezien ik
louter ging voor winst op korte termijn. Afijn, allemaal
zaken die mijn
eega mij inmiddels twee weken voorhoudt en voilá,
hierbij de stand tot aan deze tweede rustdag in deze
Tour. Om de positie van mijn echtgenote te kunnen
waarnemen, dient u even op de afbeelding te klikken.
Want zij staat, zoals dat in wielertermen heet, niet
eens op de foto.
Zaterdag 18 juli
Eindelijk
een zaterdag die uitnodigt om allerlei binnenklusjes te
doen, die er met mooi weer bij inschieten. Het filter
van het aquarium van mijn dochter schoonmaken,
bijvoorbeeld, waar meer bagger uitkomt dan uit een
Italiaans bergdorpje na een aardverschuiving.
Gedownloade cd's in mijn Itunes importeren. Uitgebreid
de Tour kijken. Luisterboeken voor de vakantie naar
Sd-kaartjes voor telefoons en MP3-spelers slepen. En,
niet te vergeten, werken aan het boek over de Katwijkse
visserij in de periode tussen 1945-1960. Vooral een
fotoboek van en voor het Katwijks Museum, maar er moet
ook wat te lezen zijn, uiteraard. Ik struin daarvoor al
weken in digitale krantenarchieven, vooral om
sfeertekeningen uit die periode te verzamelen. Inmiddels
ben ik een fan van een anonieme verslaggever van de ter
ziele gegane Nieuwe Leidsche Courant, waar mijn
schoonvader zaliger ooit zijn gedegen opleiding tot
journalist genoot. Misschien was hij het wel, die -
zeker voor een krant in de jaren vijftig - juweeltjes
van zinnen optekende als:
Op de nettenzolders in
Katwijk ruist het bruingetaande want over de rollen in
de wachtende wagens op straat. Het stof van vele maanden
rust in de donkere voorraadkamers van de rederijen,
poeiert als stuifmeel in de zon, die schuin op de
zoldervloer schijnt. Achter de deur van de boetzolder
klinkt zacht zingen. Daar zit de ’hoofdvrouw’ met haar
twintig meisjes – Cornelia Kuyt van rederij Meerburg die
bijna 48 jaar lang onder de hoge kap van deze zolder het
netwerk tussen haar handen door heeft laten glijden,
speurend naar gaten en sleetjes. Eerst als twaalfjarig
meidje, fris van de schoolbanken, tegen een
hongerloontje, nu als hoofdvrouw over twintig meisjes.
Binnenkort in een boek, dus, dat waarschijnlijk de titel
'Katwijk... 60 kilometer van zee' krijgt. Nee, dat leg
ik nu nog niet uit. Koop het maar, ergens in november.
En wees gerust: ik krijg er geen cent van. Of voor.
Vrijdag 17 juli
Kritisch
volk, journalisten. Dus als je bij ons op de krant een
goed verhaal wilt vertellen, moet je goed beslagen ten
ijs komen. Maar dat kwam ik. Mijn vrouw had het op
zondagmorgen bij mijn moeder gehoord van een nicht, die
het weer wist van een vriendin. Zij werkt in Rijnsburg
in een fasehuis voor verstandelijk gehandicapten en was
met alle bewoners een dagje naar dierentuin Blijdorp
geweest. Eén van de reisgenoten met
een beperking legde op de heenweg al een ziekelijke
fascinatie voor zijn rugzak aan de dag, werkte zo snel
mogelijk de inhoud (broodjes, drinken, snoepwaren) naar
binnen, maar bleef die rugzak de rest van de dag
koesteren alsof er een kostbaar kleinood in zat. Bij
thuiskomst verdween hij meteen naar de badkamer, sloot
zich op en pas na een paar uur kwam er iemand van de
leiding op de gedachte om de deur met een loper open te
draaien. De jongen zat in bad in een dikke laag schuim,
waaruit nog net de kop van een zieltogende pinguïn stak.
Goed verhaal, toch? Maar ik was nog niet bij mijn tweede
zin over de gehandicapte en de rugzak of collega's De
Vlieger en Diedrich barstte in hoongelach uit. 'Zeker
dat verhaal over die pinguïn? Dat circuleert al jaren op
internet als een
broodje aap.' Het is er
in varianten met zo'n beetje alle Nederlandse zoo's
en alle mogelijke gehandicapten (waarbij
hoofdrolspelers met het Syndroom van Down het populairst
zijn). Woordvoerders van dierentuinenreageren
inmiddels uitermate geprikkeld als weer zo'n
goedgelovige nieuwsjager
informeert naar het welzijn
van de betreffende
pinguïn en kritische vragen wil stellen over het
veiligheidsbeleid rond de verblijven van kwetsbare
pooldieren. 'Als je nog eens wat weet', mopperde ik op
de avond van de dag van het hoongelach tegen mijn vrouw.
Ja, ook de nicht - gisteren 22 geworden - is op haar
verjaardag
van mijn misnoegen op de hoogte gesteld.
Donderdag 16 juli
Wat het opvoedkundig gezag
bij de nazaten niet voor elkaar krijgt, gebeurt in de
regel sluipenderwijs door de omgeving. Mede onder
invloed van klasgenoten en familieleden - met name de
neven - zien wij onze zoon plotseling een modebewustzijn
aan de dag leggen die in ons gezin nog niet eerder is
waargenomen (de interesses van zijn zus liggen, zoals
bekend, bij de oude Grieken en Romeinen). Zijn
onderbroeken betrekt hij uitsluitend van Björn Borg,
hij staat 's morgens langer voor de kledingkast dan zijn
moeder en wil zijn bril de komende maanden ruilen voor
contactlenzen. Gistermiddag stond het project 'Kapper'
op de rol. Normaal gaat hij bij ons aan de overkant,
waar de meiden hem al sinds zijn tweede levensjaar
liefdevol onder handen nemen. Maar dat kan nu echt niet
meer, lieten de neven hem zondag weten. Eén van hen - op
zijn beurt weer vergezeld van zijn vriendin - begeleidde
hem gistermiddag persoonlijk naar een modieuze
haarsnijder in het Rijnsburgse. Mijn eega - met pinpas -
completeerde het make-over team, dat hem een
eigentijdse - ik heb er geen verstand van, maar ik neem
aan dat het dat is - coiffure liet aanmeten die
uitsluitend met veel gel in model kan worden
gehouden. Het is een definitieve breuk met wat ik - op
de dagen dat hij er helemaal niks aan deed - zijn
Balkenende-coupe placht te noemen. Nee, foto's zijn er
(nog) niet van. Ook dat hoort bij zijn nieuwe kijk op
het leven. Hij gaat er niet mee op dat stomme weblog van
zijn vader.
Woensdag 15 juli
Ernstige
crises met de prothese voor de handen van onze zoon - op
de markt gebracht als Nintendo DS, een compacte
spelcomputer die bij alles wat je doet (toiletgebruik,
slapen, aankleden) geen seconde van je zijde wijkt -
doen zich bij ons exclusief in de zomervakantie voor. Of
de software crasht in een gebied waar we van internet en
middenstand verlaten zijn, óf
hij valt van de hoogslaper (allebei de schermen op
zwart), óf - zoals in de
kwestie die we nu aan de hand hebben - hij 'legt hem
alleen maar even op het aanrecht en hij doet het niet
meer'. Bij een tweedegraads verhoor bekent hij wel dat
in de achterliggende dagen 'sprake geweest kan zijn' van
een val, wat nog wordt onderstreept door een opvallende
rammel in de elektronische ingewanden van het apparaat,
als je het zachtjes heen en weer schudt. Repareren gaat
(weer) minimaal 70 euro kosten maar - wat veel erger is,
meent onze zoon - hij is hem ook weer een paar weken
kwijt. En over anderhalve week gaan we naar Italië!
Twintig uur in de auto en vervolgens nog eens drie weken
zonder Nintendo: een hel voor ouders en kind, voorspelt
onze jongste nazaat. Een alternatieve oplossing van deze
crisis dient zich aan met het naderen van zijn
verjaardag - 27 juli - en de wetenschap dat er inmiddels
een nieuwere, nog geavanceerdere Nintendo, de DSi, op de
markt is. Nee, ik verklap hier geen verrassing. Op dagen
dat mijn eega en ik aan het werk zijn, wacht hij achter
het raam in de woonkamer elke postbode op die zich met
een pakje bij ons aan de deur meldt. Zijn 'vangst'
bestaat inmiddels uit twee Griekse en Latijnse boeken
voor onze dochter, een zichtzending van de Wehkamp voor
onze buren (die niet thuis waren) en twee nieuwe
buitenbanden (van Schwalbe, voor mijn racefiets). Het
uitdrukkelijke verbod om nog langer pakjes - welk pakje
dan ook! - te openen, resulteerde gisteravond voor ons
bij thuiskomst in een nog verzegelde zending van Bol.com,
waar hij met gloeiende wangen naar zat te staren. Hij
heeft nog anderhalve week om te raden wat er in zit.
Dinsdag 14 juli
Al een week rijd ik langs de
restanten van wat eens mijn ouderlijk huis was, maar het
lijkt wel of de slopers uit respect een tijdje adempauze
houden. Eerst dacht ik dat ze vanwege de harde wind hun
stofopwekkende arbeid hadden stilgelegd, maar gisteren
was het toch prima weer voor een potje hakken en breken.
Of zou de rijksmonumentendienst alsnog besloten hebben
om mijn voormalige kamer in het souterrain (zie pijl)
tot nationaal erfgoed te verklaren? Hoe dan ook, het
geeft mij nog even de gelegenheid voor een anekdote die
vandaag m'n krantencolumn niet haalde. Bij ons thuis
waren ze niet van de huisdieren, dus was het pas na lang
zeuren dat m'n zussen en ik hamsters mochten
aanschaffen. Twee vrouwtjes, had de winkelier ons
verzekerd, maar door een wonderlijke speling van de
natuur zaten er opeens 15 wriemelende roze wurmpjes in
een nest, wat bij vader hamster - beducht als hij was
voor ruimtenood - tot een smerig staaltje kannibalisme
leidde. De oerhamster, was hij. Het beest overleefde al
zijn soortgenoten en verhuisde op een kwade dag zelfs
met mij mee naar het, 's winters slecht te verwarmen,
souterrain, waar ik hem op een koude ochtend levenloos
in zijn hok aantrof. Na enkele schuchtere pogingen tot
reanimatie stelde ik de dood vast, waarna een sobere
teraardebestelling volgde in een vuilniszak, wat verderop in de
schuur. Toen ik de volgende morgen mijn kamer
verliet en door het schuurgedeelte naar de buitendeur
scharrelde, werd ik opgeschrikt door vreemde geluiden.
De vuilniszak bewoog, het plastic werd losgescheurd door
twee scherpe tandjes en daar verscheen de oerhamster,
als een feniks uit de as, met zijn vertrouwde
chagrijnige kop. Welke eikel had hem gestoord in zijn
winterslaap?
Maandag 13 juli
Nog een kleine twee weken,
dan reizen we af naar Italië voor de zomervakantie. De
voorbereidingen zijn reeds begonnen. De in onbruik
geraakte servieskast in onze slaapkamer vult zich
met mondvoorraad. Veel pasta, zie ik tot mijn verbazing.
Dat hebben ze in Italië zeker niet. Mijn eigen
voorbereidingen zijn van heel andere aard. Om achter het
stuur niet in slaap te vallen ben ik - wederom - afleveringen van
'Spijkers met Koppen' aan het
downloaden. 'Spijkers met Koppen' is verreweg het beste -
en in elk geval het meest afwisselende - programma van
de Nederlandse radio dat op een zodanig ongelukkig
tijdstip wordt uitgezonden - zaterdagmiddag tussen 12 en
2 - dat ik er slechts bij hoge uitzondering flarden van
meekrijg. Maar in het
uitzendingenarchief
is alles terug te luisteren. En dankzij het
programma
WM-recorder zijn de afleveringen vervolgens in hoog
tempo binnen te slurpen, op de harde schijf op te slaan
en vervolgens op een cd'tje te branden. Vorig jaar ben
ik op dertig uur 'Spijkers met Koppen' zonder ook maar één
keer met m'n ogen te knipperen naar de Tarn in Frankrijk
gereden. Zo moet ik ook dit keer die caravan vol pasta
veilig in Italië kunnen afleveren.
Zaterdag 11 juli
Als je mensen een toptien
van saaie beroepen laat opnoemen, komt bibliothecaris er
ongetwijfeld in voor. Maar de laatste jaren zie ik het
vak van mijn eega veranderen. Ze volgt als hoofd
frontoffice van de Katwijkse bieb meer
marketingcursussen dan de snelle boys van reclamebureau
Multi-lul. Lezen is in, lezen is hip,
lezen maakt je leven rijker. Het is maar dat u
het weet. En dat zult u weten ook. Vandaag kwam ze terug
van een middagje strandbibliotheek - jazeker, ook zo'n
vernieuwing om de zonaanbidders aan het boek te krijgen
- met deze fotoserie van Max. Nee, niet iemand die
promotie maakt voor een nieuwe Star Wars-film. Hij
brengt ons het plezier van lezen bij. In en soms ook
vanuit zijn verhalenmantel - want het ding is op te
zetten als een tentje - declameert hij gedichten, leest
poëzie of bespringt argeloze strandbezoekers met
beroemde citaten. Niks saai, of stoffig. De bibliotheek
komt naar u toe deze zomer! Als totaaltheater.
Vrijdag 10 juli
Op de redactie van het
Leidsch Dagblad worden traditiegetrouw twee Tour de
France-poules georganiseerd. De ene draait om het
formeren van de slechtste ploeg (selecteer renners die
nooit in welk klassement dan ook voorkomen), de ander
gaat uit van de beste ploeg. De looserspool wordt
al jaren georganiseerd door collega Robbert Minkhorst,
die - al even traditiegetrouw - zo'n beetje altijd het
klassement aanvoert. Aangezien hij ook handmatig de
stand bijhoudt, leidt dat vrijwel elke dag tot vuige
aantijgingen, ordinaire scheldpartijen en onverbloemde
doodsbedreigingen aan zijn adres. Maar hij zweert de
onschuld zelve te zijn. De andere poule mag ik
organiseren en het moet gezegd, op vrijwel alle dagen
dat de renners van start gaan in de ronde, sta ik
bovenaan. Vorig jaar tot de voorlaatste dag, helaas,
toen ik werd gepasseerd door mijn eega die - met het
geluk van de onnozele - de outsider Carlos Sastre
in haar ploeg had. En laat die nou de Tour winnen. Dit
jaar ben ik opnieuw voortvarend uit de startblokken
geschoten. Na zes etappes sta ik wederom bovenaan, op
de voet gevolgd door collega Minkhorst.
Doodsbedreigingen hebben mij nog niet bereikt. De stand
van deze internetpoule wordt volautomatisch berekend.
Daar komt geen malafide handwerk aan te pas. Waar mijn
vrouw staat? Oneervol elfde, momenteel. Maar haar tijd
komt nog, beweert ze. Vandaag gaat het peloton de bergen
in. Ze mikt op Sastre.
Donderdag 9 juli
Geboren
ben ik er niet, maar toch beschouw ik het als mijn
ouderlijk huis. Ik was een jaar of drie, toen mijn
ouders in de Katwijkse Zeewoldtstraat kwamen wonen, na
een benauwd verblijf met (toen nog) drie kinderen in het
bovenhuis van mijn opa en oma aan de Randweg. Wij
kleintjes waren, wil het verhaal dat altijd op
verjaardagen werd verteld, zo door het dolle van de
ruimte die ons opeens ten deel viel, dat we dagenlang de
kamers gillend in- en uitrenden. Op de eerste verdieping
woonden we, het tweede huis van rechts: Zeewoldtstraat
2. Het grote geheim van de vierkamerflat zat in het
souterrain, dat over de hele breedte van de woning liep.
Eerst woonde daar mijn oom Dick, als inwonend student,
later mijn oudste zus en daarna ik, vanaf mijn
vijftiende of zestiende. Het souterrain had een eigen
ingang, waardoor ik vrijwel op mezelf was. Alleen om te
eten, te douchen en voor het gebruik van het toilet kwam
ik naar boven. En zelfs dat niet altijd, want als mijn
vriend Mart langskwam om te bieren, vonden we ook dat
teveel moeite en plasten we - in de schuur die aan mijn
kamer grensde - in een zinken emmer die ik - over het
muurtje - in de tuin leegde. Soms vergat ik dat en kwam
mijn vader 's morgens zijn fiets pakken in een
allesdoordringende urinelucht van een overlopende
pisemmer. Afijn, nu mijn ouderlijk
huis tegen de vlakte gaat - deze foto's zijn van
gisteren - bewaar ik deze en andere anekdotes voor een
sentimentele column in de krant van komende dinsdag.
Woensdag 8 juli
Omdat een man moet doen, wat
een man moet doen, ben ik weleens een weekje
weg om ergens in Europa de nobele wielersport te
beoefenen. Word ik dan thuis gemist? Welzeker. Als
kiespijn, vanwege mijn gesnurk in de echtelijke sponde.
Maar ook wanneer zich problemen van technische aard
voordoen. Er is altijd wel een computer die in mijn
afwezigheid een naar virus oploopt. Of een magnetron
waarvan het klokje na een korte stroomstoring op 0
blijft staan. Dit keer - na mijn Marmotte-tripje - werd
ik thuis weer met open armen begroet omdat 'Nederland 1,
2 en 3 raar deden'. Sinds zaterdag, 4 juli, toen ik
ergens halverwege de Galibier reed. Slechts met de
grootst mogelijke moeite en na veel gedoe met de
afstandsbediening was er ergens in het zenderwoud beeld
te krijgen, maar in veel gevallen bleef het ook zwart.
In het programmamenu stond bij de kanalen 1, 2 en 3 het
duistere begrip 'Onbekend'. Toen ik zelf de tv aandeed,
liet de Humax IRHD-decoder weten dat hij toe was aan een
update. Vijfentwintig minuten later - want zo lang
duurde het downloaden - bleken Nederland 1, 2 en 3 zich
ineens aan mijn verrukte huisgenoten in HD-kwaliteit te
voltrekken. Inderdaad, sinds 4 juli, staat ergens diep
in de krochten van de Ziggo-site te lezen. 'Dit
heugelijke feit valt samen met de start van de Tour de
France'. De start van La Marmotte, bedoelen ze
natuurlijk. Niettemin, het voelt heerlijk, om zo node
gemist te worden.
Ontbijt in
Le Hors Piste.
Dinsdag 7 juli
Hoeveel
calorieën verbruikt een wielrenner tijdens La Marmotte?
Ongeveer 8000, gaf de fietscomputer van wegkapitein Ton
aan. En warempel, ook mijn eigen Polar berekende dat ik
er zoveel had verbrand tijdens de rit van 174 kilometer
en bijna 5000 hoogtemeters. Dat eet je er natuurlijk
nooit bij, op zo'n dag, met een paar reepjes, veel water
en pakjes met energiegel. Ook in de rest van de
trainingsweek hebben we behoorlijk gefietst. Dus moet je
goed voor jezelf zorgen: uitgebreid ontbijt, pastabuffet
halverwege de middag en 's avonds een voedzame
driegangenmaaltijd, alles bedoeld om de geslonken
voorraden van het lichaam weer aan te vullen. Tussendoor
ook nog een klein biertje (bij voorkeur een Leffe Blond
van de tap) en af en toe een wijntje, want ook dat hoort
bij het motto van organisator
Klimexperience:
Fietsen met plezier. Van eerdere trainingskampen in
Spanje weet ik dat je niet de illusie moet hebben dat je
van zo'n ifietsweek veel afvalt. Maar kan iemand mij
vertellen waarom ik na vijf dagen van intensieve
voorbereidingen en het afleggen van het slopende Marmotte-parcours meer dan twee kilo ben aangekomen?
Maandag 6 juli
Met twaalf man in een
touringcar - karretje met kekke racefietsen erachter -
door half Europa trekken, dat is natuurlijk gewoon
rock-'n-roll. Vijftien uur van slap ouwehoeren,
schieten-tieten-en-bandietenfilms kijken, slapen, lezen,
bier drinken en de grote tankstations afschuimen op
snelle snacks en kleffe, voorbelegde stokbroden. Na het
rijden van La Marmotte op zaterdag was er weinig tijd
voor reflectie. Pas om een uur of negen waren we als
groep weer compleet bij het hotel, waar meteen de
fietsen in de kar gingen en de koffers moesten worden
gepakt. Daarna was de afscheidsbarbecue in Le Hors Piste
- waar ze de hele week heel goed wisten wat renners
nodig hebben - nog een laatste biertje in de bar en weer
een korte nacht, want om kwart over vijf ging de wekker.
Circus Marmotte breekt de tenten op. Bij een laatste
inspectie van het chalet - niks vergeten? - ontdekte
wegkapitein Ton op het laatste moment Pieter-Jan,
die nog lag te pitten. Ontbijtpakketjes in de bus, de
fenomenale Gé - een sieraad voor de beroepsgroep -
achter het stuur en voor de laatste keer de berg af, die
we uiteindelijk maar één keer beklommen hebben. Dat was
genoeg. Rond acht uur in Eindhoven om de eerste helft af
te zetten ('Bedankt mannen, we hebben van jullie
genoten'), rond negen uur in Breda voor de rest en rond
elf uur - na een laatste stop bij McDonald's in Delft -
weer thuis. Net op tijd voor het Avondetappe. Zojuist -
ik mag nog een dagje uitblazen van m'n baas - de koffer
opengeklapt en me door mijn eega - voor het eerst in 25
jaar huwelijk - laten instrueren hoe de wasmachine
werkt. Als zij naar haar werk is, mag ik de gemeen
stinkende wielerspullen wegwerken. Een mens moet wel
eens concessies doen, in zijn leven.
Zaterdag 4 juli, Oz en Oisans
Wat
doen renners op de rustdag voor La Marmotte? Beetje
uitslapen, lekker lang ontbijten, sleutelen aan de
fiets, nummerplaatje monteren, discussiëren over de
beste plek voor de chip (de schoen, vindt een
meerderheid), nog gauw een Schwalbebandje vervangen,
tussen de middag uitgebreid pasta eten, lekker lang
worden gemasseerd door Frans, beetje lezen, nog wat
slapen, maar vooral: veel ouwehoeren over vandaag, de
tocht der tochten. Om half vijf gaat de wekker, om vijf
uur is het ontbijt, om zes uur rijden we de twintig
kilometer naar de start (waarvan de helft afdalen, dus
dat valt mee) en rond zeven uur moeten de posities zijn
ingenomen. Nummer 3401 staat in het startvak van
2000-4000, dat als derde weggaat, vermoedelijk rond half
acht. In het onwaarschijnlijke geval dat ik 'goud' haal,
moet ik 9.15 uur later weer bovenop de Alpe d'Huez zijn.
Maar daarover somber ik al op het Wielerlog. Dan is het
feest in het rennerskwartier, met drank en pasta van de
Marmotte-organisatie. Zodra de laatste van onze groep
binnen is, dalen we de Alpe af naar de bus. Ik geloof
niet dat er dan nog liefhebbers zijn die de klim naar
het hotel met de bus willen doen.
Onze kamer: speciaal voor de
foto heeft neef Raymon net 'opgeruimd'.
Vrijdag 3 juli, Oz en Oisans
Ons chalet ontbeert een
vrouwenhand. Dat is niet alleen zichtbaar in onze kamer
- waar we uit de koffer leven en het met name op en rond
het bed van neef Raymon een zwijnenstal is - maar ook in
de rest van het huis. De ijskast is leeg, de vaatwasser
blijft ongebruikt, er staat geen bloemetje op tafel en
het aanrecht bevat alleen bidons en blikken Isostar.
Zelfs de waslijnen aan ons balkon blijven onbenut. Bij
gebrek aan knijpers knopen we de natte wielerkleding en
hempjes maar om de balustrade heen. Werkt ook prima.
Voor ons natje en droogje lopen we drie keer per dag
naar het restaurant, het terras of Ozzie's bar, waar
heel best voor ons wordt gezorgd. Er is Leffe Blond uit
de tap, het ontbijtbuffet is riant, het pastabuffet in
de middag - meestal om een uurtje of vier - smakelijk en
voedzaam en over de driegangenmaaltijd (meestal rond een
uur of negen) ook geen wanklank. Alleen als tegenwicht
voor alle scheten, boeren en foute grappen die de hele
dag door de wanden van ons chalet doen vibreren, zou de
aanwezigheid van een paar dames heilzaam kunnen
uitpakken.
Niks dan lof voor de keuken
van Le Hors Piste. Rechts: de waslijn blijft ongebruikt.
Twee trappen achter de rug,
nu nog twee steile paadjes omhoog.
Donderdag 2 juli, Oz en Oisans
Het
beste van het hotel en dat van een huisje. Zo zou je
onze verblijfplek in Oz en Oisans kunnen omschrijven.
Het ruime chalet ligt hemelsbreed nog geen honderd meter
van het hotel Le Hors Piste - waar we ontbijten,
lunchen, bieren en dineren - maar heeft verder alle
gemakken van een vrijstaande woning. Het is ruim,
comfortabel en we zijn er - met ons dertienen - volledig
op onszelf. Het enige nadeel is dat we twee steile
weggetjes en evenzoveel trappen moeten nemen om er te
komen. 's Avonds - na een paar biertjes in Ozzies Bar -
is dat al een hinderpaal, maar 's morgens met de
racefietsen is het helemaal een beproeving. We dragen