Geen nieuw log? Dan meteen

 door naar Dicks Wielerlog

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Pretvaderen is het centrale

thema van mijn column

die elke dinsdag verschijnt in

de dagbladen van HDCmedia

(Noordhollands Dagblad,

Haarlems Dagblad, IJmuider

Courant, Leidsch Dagblad en

Gooi- en Eemlander). Deze

site is mijn openbare kladblok:

onderwerpen of delen van het

weblog kunnen ook in de

krant opduiken. Maak kennis

met een prettige kijk op het vaderschap.

 

Dick van der Plas

 

 
 
 
 

 

    
 

2009

 
     
 

 

Donderdag 31 december

 

Er zijn maar weinig weken dat ik dit weblog gebruik waarvoor het ook bedoeld is: als kladblok voor mijn krantencolumns. Maar gistermiddag kwam het wel bijzonder van pas. Ik reed van de redactie naar de vuurwerkwinkel om het Jongerenpakket van mijn zoon op te halen (zie boven), toen ik in de auto werd gebeld door een bureauredacteur uit Alkmaar. Waar m'n column bleef voor de Gesprek van de Dag-pagina? Ik had juist de dag ervoor een stuk afgescheiden voor de Oud en Nieuw-bijlage die vandaag ook in de kranten ligt, en had me op geen enkel moment gerealiseerd dat ik met twee stukken op de proppen had moeten komen. Het was vier uur in de middag en de pagina moest eigenlijk wel om vijf uur worden afgemeld, voordat de avondploeg begon. Om 16.15 uur was ik thuis, logde in op het krantensysteem (duurt altijd wel zo'n tien minuten om alle beveiligingsprocedures te doorlopen), plakte twee vuurwerkweblogjes (die van gisteren en die van 9 december) creatief aan elkaar, schreef snel even een verbindend middenstuk en voilà, om 16.55 uur was mijn column op lengte. Excuses aan dat handjevol webloglezers van me waarvoor het gedeeltelijk een déjà vu moet zijn geweest, maar het belang van 200.000 krantenabonnees ging even voor.

 

De traditionele oliebollenbakfoto! Vandaag experimenteerde ik met rum. Krenten, stukjes appel en rozijnen een nacht lang in een mengsel van warm water en Bacardi. Verder dicht bij het originele recept gebleven om de oliebollensmaak ook vast te houden. Tevens nog een schaal appelflappen gebakken, altijd lekker om Nieuwjaarsdag mee door te komen.

 

 

 
 
 
 

 

Woensdag 30 december

 

Het zijn moeilijke tijden voor de aspirant-vuurwerkkoper. Elke ochtend als mijn eega de krant openslaat en wordt geconfronteerd met weer een afgerukte hand of een paar ogen waaruit het licht voor eeuwig is geweken, ontsteekt ze in woede over het Jongerenpakket dat mijn zoon en ik bij No Limit Fireworks hebben besteld. De eisen die aan hem - en dus impliciet ook aan mij - bij het afsteken worden gesteld, worden met het uur absurder. Het eindigt er waarschijnlijk mee dat we op oudejaarsavond helemaal niet meer naar buiten mogen en ons jongerenpakket enkele dagen na Nieuwjaar door de Explosieven Opruimingsdienst op een afgelegen weiland gecontroleerd tot ontploffing wordt gebracht. Gelukkig was daar Het Parool, dat gistermiddag wat tegengas gaf door het interviewen van een aantal deskundigen, zoals daar zijn:

Plastisch chirurg Irene Matthijssen: Per jaar komen hier gemiddeld vierhonderd gevallen van spoedeisend handletsel. Als er daarvan tien of twintig door vuurwerk komen, is het veel. Wat dat betreft zouden we veel meer gebaat zijn bij een verbod op klussen met cirkelzagen en dergelijke gevaarlijke apparatuur thuis.

Peter Vogel van B&B Feestartikelen: Als mensen nadenken bij het afsteken van goedgekeurd vuurwerk, is het risico miniem. Handen eraf en zo gebeurt allemaal met het illegale spul. Dát wordt steeds gevaarlijker.

Medisch manager Jos Vloemans van het Brandwondencentrum in Beverwijk: Het aantal opnames door vuurwerk is hier niet zo groot. Rond oud en nieuw zien we veel meer brandwonden ontstaan door frituurvet, bij het gourmetten en bij het vullen van fonduestelletjes.

 

Vanmiddag tussen 15 en 16 uur mag ik het Jongerenpakket ophalen.

 
 
 
 

 

Dinsdag 29 december

 

De laatste week van het jaar leent zich uitstekend voor een balansdag. Na de overvloed van de kerstdagen is het goed om de maag even wat rust te gunnen en wat opslagen vet te verteren. Dacht ik maar zo. Wat dat betreft kwam het weinig gelegen dat gistermorgen het nieuws bekend werd dat een Leidse oliebollenbakker op de allerlaatste plaats was geëindigd in de oliebollentest van het Algemeen Dagblad en hij ons, van zijn eigen Leidsch Dagblad, met een zak ballen van eigen makelij van het tegendeel wilde overtuigen. Mwah, het AD had wel een punt, maar de term 'braakballen' was gechargeerd. Hooguit wat aan de vette kant en smakeloos. Daarna kwam een tevreden relatie - jazeker, ze bestaan - nog eens een paar andere zakken met bollen brengen om ons te bedanken voor de fijne samenwerking in het afgelopen jaar. En nam collega Paul de Vlieger - nu de kantine dicht is in deze overgangsweek was het zijn beurt om broodjes te halen bij het lunchloket van de Digros - ook nog wat appelflappen mee. Fietste ik deze overvloed er dan nog een beetje vanaf, op weg van Katwijk naar Leiden? Nee, omdat het vanmorgen pijpenstelen regende en ik nog wat extra spullen mee naar de redactie moest slepen (onder meer een fles champagne en een glas, ten bate van fotoshoot voor mijn nieuwjaarscolumn) pakte ik luiheidshalve maar de auto. De oliebollen die nog over waren op de redactie, nam ik mee naar huis, voor de kinderen. Drie oliebollen, waren dat. Ik heb twee kinderen. Afijn, tot zover mijn eerste balansdag. Morgen weer moedig op weg naar mijn streefgewicht!

 
 
 
 

Maandag 28 december

 

De keren dat ik met het vliegtuig reis, mag ik graag het verhaal geloven dat stewardessen al bij de ingang passagiers selecteren die in geval van nood daadkrachtig kunnen optreden. Daar zijn ze op getraind. Met één oogopslag zien ze bijvoorbeeld dat ik legerervaring heb. En aangezien ik met mijn 1.95 meter doorgaans bij de nooduitgang zit, krijg ik bovendien speciale instructies om ieders veilige aftocht te garanderen. En onderweg ben ik altijd - en zekere niet alleen vanwege mijn vliegangst - extra alert op calamiteiten, al heb ik tot nog toe nooit in actie hoeven komen. Ik weet zeker dat ik aan boord niet de enige ben. Er zijn er meer zoals ik. In iedere man schuilt een Jasper. We moeten alleen nog de kans krijgen om hem naar buiten te laten.

 

 
 
 
 

 

Zondag 27 december

 

Hoogstens één keer per jaar komt bij ons de steengrill op tafel, bij voorkeur op Tweede Kerstdag. Leuk voor de kinderen. Tien jaar geleden schreef ik er de volgende column over:

 

 

Leuk voor de kinderen

 

Philips zorgt er een week voor de kerstdagen voor dat de luxe steengrill 'Luna' met een aantrekkelijke korting in de schappen ligt. ('Met deze luxe steengrill met gourmet-raclette-set (HD 4421) kunt u op een snelle, gezonde en voedzame manier vlees, vis en groenten grillen. Het Magic Light garandeert een sfeervolle avond!')

 

De procedures die een Russische president moet doorlopen om het complete kernwapenarsenaal te lanceren zijn aanmerkelijk korter dan de lijst met voorschriften die ten grondslag ligt aan een avondje succesvol steengrillen. Maar het zorgvuldig doornemen van gebruiksaanwijzingen is in onze familie geen traditie. Als we, thuisgekomen na een behoorlijk uitgelopen High Tea bij de schoonfamilie, de 'Luna' uit de verpakking halen en constateren dat er een snoer en een enkele aan/uit-schakelaar aan zit, lijkt er geen vuiltje aan de lucht.

 

Van enig onbehagen is pas sprake als na enkele minuten een stevige rookontwikkeling de huiskamer-in-kerstsfeer verandert in een Italiaans voetbalstadion voorafgaande aan een beladen derby. ('Wanneer u het apparaat voor de eerste keer gebruikt, kan er wat geur en rook vrijkomen.')

 

Als na een kwartier de damp alleen maar zwarter wordt, ga ik toch maar even op onderzoek uit. Er zit nog een sticker op het verwarmingselement, laat ik mijn echtgenote weten als ze net de tweede 1 van 1-1-2 heeft ingetoetst. De kinderen die met hun favoriete knuffels buiten in de regen staan, mogen weer binnenkomen.

 

Na een half uur is de steen zodanig opgewarmd dat het deel van de vaderlandse veestapel dat in afgepaste reepjes op bereiding ligt te wachten, op de gloeiende plaat kan worden uitgestald. Maar wat erop ligt, moet er ook weer af. En dan blijkt dat kipfilet de onvermoede eigenschap heeft om zich spontaan vacuüm te trekken op de ondergrond. ('Om vastplakken te voorkomen, laat u het vlees of de vis even goed dichtschroeien voordat u het omkeert.')

 

Restanten van de eerste baksels verkolen het daarop volgende half uur tot de kankerverwekkende koolstof waarmee in het Oostblok de schoorsteenwanden van elektriciteitscentrales zijn bekleed. ('Om de kans op aanbakken te verkleinen kunt u de steen voor het gebruik met een beetje zout bestrooien. Maak tijdens het gebruik de grillsteen van tijd tot tijd schoon met een houten spatel').

 

De fijne vetregen blijft bij het grillen van stukjes kogelbiefstuk en varkenshaas beperkt tot een halve meter rondom het apparaat. Dat kersttafelkleed was toch voor eenmalig gebruik en behangen en witten staan voor over anderhalf jaar op het programma. Pas bij de minihamburgers en de partyworstjes lijkt het alsof er een fakkel in een doos met illegaal Belgisch vuurwerk wordt gegooid. ('Grill geen al te vette vleessoorten. Het vet zou verbranden en over de rand van de steen kunnen lopen. Pas op voor vetspatten bij het grillen van vet vlees en worstjes. Prik vooraf een paar gaatjes in de worstjes.')

 

Dat een lasbril geen overbodige luxe is, blijkt als een vetspetter mijn oogbol raakt, ik in een reflex mijn lichaam naar achteren werp en er pijnlijk aan herinnerd word dat ik met mijn stoel vlak voor de post van de keukendeur zit. Als ik onderuit glijd, probeer ik me vast te pakken aan het eerste het beste voorwerp dat binnen handbereik is ('Laat de steen voldoende afkoelen - tot handwarm - voordat u deze gaat afwassen'.)

 

Met een gezwollen oog, een bult op het achterhoofd en blaren op acht van de tien vingers ben ik de rest van de week een wandelende reclame voor de noodlijdende afdeling consumentenelektronica van Philips.

 

Zo leuk voor de kinderen.

 
 
 
 

 

Zaterdag 26 december

 

Eerst nog maar eens wat geruststellende woorden vooraf: je wordt niet zozeer dik van wat je tussen kerst en oud en nieuw allemaal naar binnen stopt, maar van de periode tussen oud en nieuw en kerst. Indachtig dat motto hebben wij Eerste Kerstdag beleefd, waarbij ik zonder enige schroom durf te zeggen dat ik de hele dag geen hand heb uitgestoken in de keuken - waar door mijn zus, zwager, echtgenote en nicht goed werk werd verricht - maar de hele dag wel exquise Italiaanse wijnen heb opengetrokken. Dat is ook een kwaliteit. Andere wetmatigheden voor Eerste Kerstdag: belegen familiefilmpjes kijken (van toen de kinderen nog klein waren en mijn vader nog leefde), een mannen-tegen-de-vrouwen-kennisquiz (de uitslag laat zich raden) en, na het eten, sjoelen, waarbij ik het met mijn verfijnde techniek moest afleggen tegen het botte geweld van de rammers. Vandaag is voor ons een tussendag: met de schoonfamilie vieren we morgen Derde Kerstdag. Vanavond volgt het onvermijdelijke steengrillen in eigen kring, waaraan eerst een aantal uren van soberheid vooraf dienen te gaan voordat ik er zelfs maar aan durf te denken.

 

Tot die tijd maak ik mijn belofte aan Cokky waar en loop de achterstand met de publicatie van internetcolumns in. Vanaf mijn plek aan de eettafel (waar mijn pc staat) heb ik zicht op mijn echtgenote die met haar laptop op schoot - namens de bieb, uiteraard - zit te twitteren. Over haar het volgende in:

 

Digibeet

 

 
 
 
 

 

Vrijdag 25 december

 

Zijn wij weer de enigen die het weeralarm negeren?, mopperde onze zoon, die eigenlijk niet zo'n zin meer had om er 's avonds om half tien nog uit te gaan voor een kerstnachtdienst in Leiden. Maar opgroeien in gezinsverband brengt ook zo zijn verplichtingen met zich mee. En een jaarlijks bezoek aan de Pieterskerk hoort daarbij. Kerst hoor je te vieren in een monumentale entourage, met een orkest, een sopraan en een predikant (Ad Alblas) die niet elk jaar de geijkte paden bewandelt. Dat ze achterin de kerk wel heel eigentijds glühwein verkopen, neem ik dan maar maar op de koop toe. De ANWB had ons volk gewaarschuwd niet meer de weg op te gaan en het was inderdaad uitgestorven op de route van Katwijk naar Leiden. Maar er was (figuurlijk dan), geen vuiltje aan de lucht, ook niet op de terugweg toen de regen met bakken uit de lucht kwam en van onze White Christmas een plakkerige, bruine pulp maakte. Maar we moeten er weer op uit. Bij mijn zus in Rijnsburg wacht een dag vol familie, spijs en drank. Fijne kerstdagen!

 
 
 
 

 

 

Donderdag 24 december

 

Natuurlijk, de allernieuwste Andrea Bocelli (My Christmas), Bob Dylan (Christmas in the Heart), Sting (If On a Winter's Night) en Neil Diamond (A Cherry, Cherry Christmas) heb ik ook. Maar de afgelopen dagen is het voor mij een sport geworden om echt obscure kerstliedjes bij elkaar te zoeken van artiesten waarmee je ook in het alternatieve circuit kunt aankomen. Ik noem een Sufjan Stevens, Eels, Rufus Wainwright, Bright Eyes, Calexico, Belle & Sebastian of Grandaddy. En zo kan ik nog wel even doorgaan, want met enkele luttele muisklikken heb ik inmiddels meer dan 15 uur verantwoorde kerstmuziek binnengeslurpt, voornamelijk van verzamelcd's waarvan ik hierboven een paar hoesjes heb afgebeeld. Hele series zijn er (Maybe This Christmas 1 t/m 7, bijvoorbeeld), dus ik zoek nog even door, totdat het iedereen hier in huis de neus uit komt. Want ik moet alles ook beluisteren om de gezonde bokken van de drachtige geiten te scheiden. Mijn dochter kon er gisteren niet meer tegen en verdween gillend naar haar kamer.

 

 
 
 
 

Woensdag 23 december

 

De geschiedenis van de gele regenhoes begon anderhalve week geleden toen ik - laat ik het maar toegeven - enigszins beneveld naar huis reed na het afscheid van een collega. Een dag later ontdekte ik het: weg regenhoes! Al was het een beduimeld, smoezelig ding met zwarte smeerstrepen erop, als bescherming voor een rugzak die boven een band zonder spatbord hangt had de hoes voor mij toch grote praktische waarde. Op naar de fietsenmaker, derhalve, voor een nieuwe hoes, alwaar ik te horen kreeg dat mijn model rugzak niet meer wordt gemaakt. Maar, beloofde het meisje, ze wilde wel even naar Agu bellen om te kijken of er niet ergens, achterin het magazijn, nog een bijbehorende regenhoes lag te verstoffen. Ik zou worden gebeld als het zo was. De vrijdag ging voorbij, net als de zaterdag, zonder telefoontje. Dus op maandag nam ik in gedachten afscheid van Agu en worstelde me met gevaar voor eigen leven door een besneeuwde Leidse binnenstad naar Bever Sport, waar de regenhoesjes voor rugzakken niet aan te slepen zijn. Tevreden met mijn nieuwe aanwinst (8,95 euro) reed ik naar Katwijk, om na honderd meter te worden verrast door een telefoontje van mijn fietsenmaakster. 'Je hoesje is er!', sprak zij blij. Afijn, een reservehoesje is nooit weg, dacht ik nog, totdat mijn echtgenote mij bij thuiskomst vroeg wat ik dan met dat vieze, gele regenhoesje dat nu al dagenlang in een hoek in de kast lag, ging doen. 'Is die soms kapot, of zo?' Uh nee, die was kwijt, mompelde ik. Maar dat is een lang verhaal.

 

Waarmee andermaal blijkt: drank maakt meer kapot dan je lief is.

 
 
 
 

Dinsdag 22 december

 

Mijn collega's van de stadsredactie mag ik graag voorhouden dat Leiden een Derde Wereldstad is. Zodra er een sneeuwvlokje in het radarwerk komt, ligt alles stil. Als enige gemeente in de wijde omtrek besloot het stadsbestuur dat er gisteren geen vuilnis kon worden omgehaald omdat al het personeel nodig was bij de gladheidbestrijding. En paradoxaal genoeg was Leiden ook de gemeente waar niemand een poot naar die gladheidbestrijding uitstak. Voor ons fietsers was er in de beste gevallen een strookje van zo'n tien centimeter min of meer sneeuwvrij (foto 1), waar je tussen vastgevroren sneeuwranden balancerend overeind moest zien te blijven. Ook op stukken met tweerichtingsverkeer. 'Eigen schuld', tekende een collega op uit de mond van een woordvoerder van het stadhuis. 'Omdat al die fietsers op de rijbaan gaan rijden, wordt de pekel niet goed over het fietspad uitgesmeerd.' Tevreden met dit antwoord hing de wakkere verslaggever op, zonder de vinger te leggen op dit typische kip en ei-verhaal. Als je alleen een beetje strooit, rijd je dat zout met een bandje van 5 centimeter breed nooit over het hele pad uit. Dus wat doe je dan? Je gaat op straat rijden. Een meter over de gemeentegrens, in Oegstgeest (foto 2), laten ze zien hoe het wel moet. Met een borstel of schuiver is daar ook voor de fietser een brede strook sneeuw- en ijsvrij gemaakt, hetzelfde geldt voor de gemeente Katwijk (foto 3). En het vuilnis? Werd daar ook gewoon opgehaald, geen enkel probleem.

 

Ik zei het al: Leiden is een Derde Wereldstad. En de pers is er een tandeloze tijger.

 

 

Gladheidbestrijding op z'n Leids.

 
 
 
 

 

Maandag 21 december

 

Elk jaar neemt mijn echtgenote zich voor om geen kerstkaarten meer te versturen. 'Er moet een eind komen aan dat zinloze ritueel!', roept ze dan, ergens in november, begeesterd. Om tijdens de vloed aan beste wensen die zich in de weken daarna over onze deurmat uitspreidt, slappe knieën te tonen en zich zuchtend en steunend weer aan het jaarlijkse corvee te zetten. Het mooiste is natuurlijk een zelfgemaakte kerstkaart, maar daar hadden we dit jaar al helemaal geen aandacht aan besteed. Wat dat betreft kwam het originele winterweer van de afgelopen dagen als een godsgeschenk. 'Maak even wat sfeerbeelden!', riep ze me gisterochtend vanuit de echtelijke sponde na, toen ik met vier fietsmaten in een vliegende sneeuwstorm naar de duinen reed. Maar hoezeer ik ook mijn best deed (zie ook het Wielerlog) al mijn smaakvolle, tijdloze ontwerpen zijn naar de prullenmand verwezen.

 
 
 
 

 

Zaterdag 19 december

 

Geen basketbal, niet fietsen en ook de deadline voor mijn column voor The Rebound (het clubblad van Grasshoppers) is opeens met een paar weken uitgesteld. Met mijn zojuist verkregen vrije zaterdag richt ik me op het bijwerken van mijn muziekcollectie. Ik heb weleens heimwee naar de tijd dat ik met twee tientjes naar de platenzaak ging om daar na lang wikken en wegen zo'n grote zwarte schijf in een mooie hoes uit te kiezen die dan urenlang niet van mijn draaitafel week. Het tekstboek hield ik net zo lang op schoot totdat ik alle 'lyrics' van buiten kende. Nu stopte mijn vriend Mart mij deze week een usb-stick toe met 110 (!) recent verschenen albums die ik - na vluchtige beluistering, want ze zijn door hem al op kwaliteit geselecteerd en wij kennen onze pappenheimers - in mijn Itunes importeer. Juiste hoesjes erbij zoeken, administratie bijwerken, bestanden converteren naar AAC-formaat, ja de romantiek is er wel vanaf. De rest van de middag ga ik kranten lezen en (veel) nieuwe muziekjes luisteren, mij onderwijl afvragend of er nu sprake is van een verrijking of een verarming.

 
 
 
 

 

Vrijdag 18 december

 

Dirk Cornelis van der Plas, heet ik voluit. Dus toen een voormalige hoofdredacteur mij in 1998 vroeg een schuilnaam aan te nemen voor een nevenbetrekking als restaurantcriticus, was de keuze gauw gemaakt: Dirk Cornelissen. Met een collega - we schreven om de week onze rubriek voor de Uit-bijlage van het Leidsch Dagblad, later de Vrij - bezocht ik de afgelopen twaalf jaar ruim 300 eetgelegenheden, vooral in de Duin- en Bollenstreek, om er een lovend of vilein stukje over te tikken. Mooi baantje? Jazeker. Maar heel vaak moest ik ook een 'geen vleesch noch visch'-verhaaltje maken omdat de meeste tenten toch behoorlijk gemiddeld zijn. En dan is het gewoon werk. Of zat ik nachtenlang op het toilet omdat ik óf te uitbundig, óf iets verkeerds had genuttigd. En wat te denken van mijn gezin, dat ergens halverwege die periode van twaalf jaar uitriep: 'Nee hè, moeten we nu alweer uit eten?' Waarna mijn goede vriend Mart vaak het offer bracht om mij te vergezellen. Ja, dat zijn de schaduwzijden van de culinaire journalistiek waar je maar zelden over leest. Al die jaren kon ik anoniem mijn werk doen omdat slechts in kleine kring bekend was wie er achter Dirk Cornelissen schuilging. Waarom ik dat nu toch in de openbaarheid gooi? Omdat ik gisteravond mijn laatste restaurant bezocht. Ambtshalve dan, want ik blijf veel en graag uit eten gaan, maar dan alleen nog naar zaken van mijn eigen keuze. Na twaalf jaar heb ik van het beroepsmatig eten mijn buik een beetje vol. De 'merknaam' Dirk Cornelissen blijft overigens voor eetrecensies in het Leidsch Dagblad gehandhaafd. Wie er achter schuilgaat? Ja, dat blijft weer - misschien wel voor twaalf jaar - een goed bewaard geheim.

 
 
 
 

Donderdag 17 december

 

Het is de tijd van de schoolgala's. Het moment waarop adolescenten zich voor het eerst in avondjurk of smoking hullen, om zich - bij voorkeur in gehuurde limousines - naar het feest te laten vervoeren. Dergelijke poespas is aan onze dochter al helemaal niet besteed, terwijl onze zoon - met zijn 13 jaar en pas een half jaar brugger-af - zich nog ergens tussen servet en tafellaken beweegt. Met een pak vreest hij in zijn territorium als een buitenbeentje te worden beschouwd - het meest gruwelijke wat je als tiener kan overkomen - maar heel voorzichtig waagde hij zich wel aan een giletje. Lekker losjes, met het overhemd er ruimhartig onderuit (waarin ik de hand van mijn eega herken). En daar moest - besloot hij ter elfder ure - ook een stropdas bij. Kleine paniek in Huize Van der Plas. Een stropdas? Waar halen we die zo snel vandaan? Afijn, toen er ergens een overjarig begrafenisexemplaar was opgedoken, diende zich een volgend probleem aan: hoe die te strikken? Mijn eerste pogingen leverden een veel te lang exemplaar op (die onder het giletje uit piepte) en een derde variant werd weliswaar kort genoeg, maar ook veel te dik, in mijn ogen. Maar helaas kreeg ik niet de kans om een vierde, volmaakte strop af te leveren. Onze zoon vond het wel mooi, zo. Lekker losjes.

 
 
 
 

Woensdag 16 december

 

Zelf ben ik nogal gelijkmoedig (mijn vrouw meent: onverschillig) onder de voortdurende stroom goederen die onze zoon van, naar en op school kwijt raakt. Zo is de handschoenentijd net twee dagen geleden ingegaan en is hij inmiddels aan zijn eerste incomplete paar toe. Het ene moment zaten ze alle twee nog onder zijn snelbinders (waarom daar?, waarom niet gewoon aan zijn handen?) en bij thuiskomst was er nog maar eentje. Hoe is dat nou toch mogelijk? Met een reservepaar toog hij vervolgens naar de sportdag (op meerdere locaties) van zijn school, waar hij zonder vest weer vandaan kwam. Het zou kunnen liggen in: a. Sporthal Cleijn Duin, b: Sportschool Multisport, c: In de gymzaal van de school, of d: Op een andere, minder voor de hand liggende plek. Mijn eega stuurde hem, voorafgaand aan zijn avondtraining van basketbal, nog op strafexpeditie terug om op de verste locatie te gaan zoeken (Multisport). Zelf ging ze naar Cleijn Duin. Beiden kwamen zonder vest terug. Mijn pleidooi voor 'berusting' werd alleen door mijn zoon goed opgepikt.

 
 
 
 

Dinsdag 15 december

 

Zelf heb ik bezitters van een Apple-computer altijd een sektarisch gezelschap gevonden. Die ongelooflijke toewijding aan het apparaat en dat zich afzetten tegen ons, Windows-gebruikers, dat kwam me altijd hoogst overdreven voor. Alleen de Ipod, dat vond ik wel een handig dingetje, van Apple. Net als Itunes, om mijn muziekcollectie mee te beheren. En weer later de Iphone: de telefoon, of eigenlijk mijn handheldcomputer die geen moment van mijn zijde wijkt. 'Je derde kind', mag mijn zoon deze gadget graag noemen, waarover ik uiteraard geen kwaad woord wil horen. En wat las ik gisteren op de site van De Telegraaf?

 

 

Het is waar. Geen woord van gelogen. Het is een geweldig apparaat. Inmiddels ben ik zover dat mijn eerstvolgende pc ook een Apple wordt: een Imac. Het is bovendien een hele geruststelling dat ik er niks aan kan doen. Ik ben een weerloos slachtoffer.

 
 
 
 

 

Maandag 14 december

 

Voor veel zaken in ons gezin geldt dat ze soepeler verlopen als ik me er niet mee bemoei. Dat geldt bijvoorbeeld voor het optuigen van de kerstboom. De vrede op aard' komt niet in het geding als mijn inbreng beperkt blijft tot de aanschaf en het (op zaterdagavond) in de rieten mand plaatsen van de boom. (Even dreigde het hier nog mis te lopen omdat mijn eega vond dat er 'iets' onder de boom moest, om te voorkomen dat er water op haar vloer lekte, maar dat kon worden bezworen door er een ijzeren dienblad onder te schuiven.) Vervolgens dien ik zondagmorgen het huis rond 9.20 uur te verlaten, om er pas weer in terug te keren als de boom volledig is opgetuigd. Ook voor mijn reactie geldt een strikt protocol: ik moet zeggen dat hij (wederom) prachtig is geworden. Het vergt enige aanpassing, maar je moet er wat voor over hebben. Obama heeft voor minder de Nobelprijs van de Vrede gekregen.

 
 
 
 

 

Zaterdag 12 december

 

Winterkampioen konden we worden, in de thuiswedstrijd tegen DAS, maar dan had er een iets andere stand op het bord moeten staan. De angstgegner waar we eerder al in Delft van hadden verloren, was ook nu in Katwijk net iets te sterk voor Grasshoppers J42 (jongens onder veertien-2). Wat meer lengte in het team, wat trefzekerder onder het bord. Dat waren eigenlijk de minieme verschillen in een wedstrijd die zeker in de vierde periode ook zomaar had kunnen kantelen. Tot op drie punten kwamen onze mannen nog, vooral op strijdlust, maar op cruciale momenten viel het balletje net verkeerd. Niettemin een bevredigende afsluiting van een eerste seizoenshelft, waarbij de grote winst was dat we met een team dat vrijwel geheel vernieuwd aan de competitie begon, toch een heel eind zijn gekomen. Vandaar dat we na afloop recht hadden op een officiële vice-winterkampioensfoto:

 

 
 
 
 

 

Vrijdag 11 december

 

Wijn is cultuur. Zoveel weten ze er bij de Bibliotheek Katwijk - waar mijn eega haar brood verdient - ook nog wel van. Vandaar dat mijn vriend Mart en ik ons woensdagavond tussen de boekenkasten een Italiaanse Proeverij lieten welgevallen, met de nadruk op acht uitgelezen wijnsoorten. Daarbij werden verfijnde en vooral bijpassende kazen, worsten, goede olijfolie en brood geserveerd, want - zoals wij leerden van sommelier Victor Russo - bij een goede maaltijd ga je altijd eerst uit van de wijn en pas daarna kies je wat daar het beste bij past. Wijn is beleving. Daarom weet ik niet of mijn keuze voor de twee beste wijnen van de avond voortkwam uit wat mijn smaakpapillen mij doorgaven. Zowel op de racefiets als met de auto reed ik afgelopen zomer een paar rondjes door de Val di Cembra, een beroemd wijngebied bij Trento. Glooiende hellingen, mooie dorpjes, ik bleef er fotograferen. Vooral veel druiven voor de 'Grappa' werden hier verbouwd, viel me op, maar uitgerekend op deze proeverij maakte ik kennis met een witte Sauvignon Trentino, zo geurig, fris en fruitig als ik maar zelden heb geproefd. En van de rode wijnen vond ik de Ronchedone - van Ca dei Frati rond het Gardameer, ook min of meer op een steenworp van onze camping - met afstand de beste. Wijn is handel. Na afloop van een Proeverij (voor een billijke negen euro) voel ik altijd de morele druk ook een aantal doosjes in te slaan. Vooral bij de Ronchedone (een kleine 17 euro per fles, een koopje voor zo'n topwijn, werd me verzekerd) hakte dat er behoorlijk in. Maar vooruit, beleving mag wat kosten.

 

 
 
 
 

Donderdag 10 december

 

Na de Italiaanse wijnproeverij van gisteravond (waarover later meer) maak ik me er vandaag maar met een Jantje van Leiden af. Deze column tikte ik voor de laatste Rebound, het blad van de basketbalvereniging Grasshoppers. Nou ja, column, het is eigenlijk meer een noodkreet.

 

Selectiecommissie

 

Ik heb ze wel zien zitten, hoor, bij mijn laatste bardienst van het vorige seizoen. Drie mannen met ernstige gezichten, lijsten voor zich op tafel in de kantine. De selectiecommissie. Of hoe dat gezelschap ook mag heten. De types die de teams voor het nieuwe seizoen samenstellen, die bedoel ik. Bekwame mensen, daar niet van. Maar ze zien bij hun keuzes een belangrijke punt over het hoofd: de ouders. Wij moeten maar afwachten, bij wie we straks weer in het team zitten.

 

Nee, ik ben niet zo type dat voor zijn zoon specifieke wensen heeft. Ik vertrouw op de deskundigheid van de selectiecommissie. Als hij bij mij komt klagen dat de helft van zijn vriendjes in ’1’ zit, en hij in ’2’, benadruk ik het hogere doel dat de kenners ongetwijfeld met deze zet hebben gehad. Dat ze hem misschien wel willen prikkelen tot een grotere prestatie. Of dat zijn inbreng van zo ongelooflijk groot belang is voor ’2’, dat hij dit maar een seizoen moet beschouwen als een investering in de club, in zijn team, in zijn medespelers.

 

Ja, ik ben niet in mijn eerste leugentje gestikt.

 

Maar ondertussen hoort God mij brommen. De helft van zijn vriendjes naar ’1’ en hij in ’2’?! Beseft zo’n selectiecommissie wel wat ze mij aandoet? Waarom zit ik niet meer bij de ouders van Roy op de tribune? Of bij die van Pieter?  En Joost? Waarom moet ik weer maanden wennen aan vreemde gezichten? Aan types die ik wekenlang tot het kamp van de tegenstander reken, voordat ze me besmuikt opbiechten dat ook  hun zoon ergens in het team van mijn jongste nazaat rondloopt.

 

Zo’n selectiecommissie is met een simpele pennenstreek in staat om basketbalrelaties van jaren ongedaan te maken. Wie ontvielen mij allemaal al niet, in de afgelopen periode?

      - De moeder van Maurits. (Af en toe zie ik haar nog in de kantine achter de bar staan, maar dat is toch anders dan de band die je als basketbalouders had.)

      - De vader van Maurice. (Dankzij Arie leerde ik – in dode spelmomenten - alles van het schildersvak.)

      - De moeder van Luuk. (Kom ik ’s morgens vaak tegen op de fiets naar de juwelier waar ze werkt, maar ja, ook dat is geen tribunerelatie.)

 

En dan heb ik het alleen nog maar over de vele ouders die ik via het team van mijn zoon uit het oog ben verloren. Daarvoor speelde mijn dochter een jaar of acht bij Grasshoppers. ’s Nachts schiet ik nog wel eens recht overeind in bed als ik wakker word van zoete dromen van moeders met thermoskannen koffie en zelfgebakken cake bij uitwedstrijden, rolletjes pepermunt die de hele tribune over gingen, schalen met kaas en worst tijdens kampioensfinales.

 

Allemaal weg, voorbij, vervlogen , dankzij een selectiecommissie die geen oog heeft voor de belangen van ouders.

 

Intussen is alleen John nog – de vader van Marvin – al jaren bij me.

 

Alstublieft, selectiecommissie, neem hem niet van me af!!!

 
 
 
 

 

Woensdag 9 december

 

Het heeft dertien jaar geduurd maar eindelijk heb ik een zoon die vuurwerk wil kopen. De afgelopen jaren liep hij al wat omzichtig mee met het knalwerk van zijn neven, maar de aandrang om zelf kanonslagen, aftershocks, grondbloemen en flying bees aan te schaffen, was er niet. Tot er gisteren - het leek afgesproken werk - opeens acht folders vol vuurwerk tegelijkertijd op onze deurmat vielen. Het lijkt wel of elk tuincentrum en tankstation zich de komende weken volledig richt op het streven om de lucht op Oudejaarsavond vol met kruitdampen te blazen. Een glorieuze afsluiting van de Klimaattop. Als twee ontbrandende sterretjes, zo glinsterden zijn ogen, en de rest van de avond bestudeerde hij minutieus de pakketaanbiedingen, zich niks aantrekkend van het belerende commentaar en de prijslimieten die zijn moeder vanachter haar laptop naar hem riep. Vuurwerk kopen is een mannending. Daar komen mijn zoon en ik wel uit.  

 
 
 
 

 

Dinsdag 8 december

 

Normaal kan ik geen duif van een koekoek onderscheiden, maar sinds kort ben ik helemaal into vogelgeluiden. Dat komt door het Iphone-programmaatje (een app heet dat) Tjilp. Een complete vogelgids voor 2,39 euro op je telefoon. Via de gps van de Iphone weet Tjilp waar je bent en geeft een overzicht van de vogels (en hun geluiden) die je in de omgeving kunt tegenkomen. Er zit ook een quiz bij waarmee je jezelf of een ander kunt testen op zijn vogelgeluidenkennis. Hoe kom ik hier op? Op de site van Vroege Vogels - er werd gisteravond ook in De Wereld Draait Door aandacht aan besteed - kan momenteel (analoog aan de Top2000) de Vogelgeluiden Top100 worden samengesteld. Op een overzichtelijke site staan alle beestjes netjes op alfabet, zijn hun zangkunsten te beluisteren en kun je stemmen door eenvoudigweg een vinkje te zetten (niet noodzakelijkerwijs bij de vink). De einduitslag is gemakkelijk te voorspellen. Het zal wel weer een zanglijster worden die 'Bohemian Rhapsody' fluit.

 

 
 
 
 

 

Maandag 7 december

 

Nadat ik een paar jaar geleden bijna moest worden opgenomen in het Pieter Baan Centrum met een kerstboomneurose, heb ik erg veel profijt van de volgende methode: schaf de kerstboom aan nog vóór de viering van sinterklaas. Dit keer is me dat op de valreep opnieuw gelukt. Op zaterdagmiddag rond 13 uur scoorde ik bij tuincentrum De Mooij in Rijnsburg - het adres waar ik al drie jaar meteen slaag - de eerste de beste boom in pot die buiten op me stond te wachten. Voorlopig staat hij nog ingepakt in de schuur, maar zelfs dat geeft - in de aanloop naar Kerstmis - al heel veel geestelijke rust.

 

 

P.S. Nog te goed: de uitslag van het basketbalteam van mijn zoon (Grasshoppers) in de uitwedstrijd tegen Dunkinn (Roelofarendsveen). Ik was er (wederom) niet bij, maar mijn jongste nazaat wist te vertellen dat ze met 24-78 (of daaromtrent) hebben gewonnen. Komende zaterdag de kampioenswedstrijd tegen DAS (Delft), de enige tegenstander waarvan ze tot nog toe hebben verloren.

 
 
 
 

Zondag 6 december

 

De dag na sinterklaas is er één van bezinning en overpeinzing. In een moralistisch vers zette de goedheiligman mij neer als iemand die vooral oog heeft voor wielerpakjes:

De ijdelheid speelt hier een rol
en zeker niet een kleine
Wiens setje oogt het allerbest
het is opnieuw de mijne

En dat terwijl ik in het dagelijks leven met geen stok naar een kledingzaak ben te krijgen, aldus een scherp observerende sint:

Dat beeld verandert hopeloos
in zijn normale leven
Wat hij dan aantrekt is hem echt
volledig om het even.

Zijn vrouw, die soms nog moeite doet
iets nieuws voor hem te kopen
Ontvangt een veeg vanuit de pan
en laat het nu ook lopen.

Waarna het hekeldicht wat specifieker wordt als het gaat om mijn schoeisel binnenshuis, twee afgetrapte slippers waar mijn grote tenen vrolijk door naar buiten steken.

Dick loopt op sloffen uit de ark
het kan hem echt niet boeien
Vraagt zich dan vol verbazing af
waarom zijn tenen gloeien.

Een onaantrekkelijk geheel
moet Sint hier concluderen
Geen wonder dat zijn lieve vrouw
zich van hem af gaat keren.

Afijn, zo gaat het nog een tijdje door, waarna de onvermijdelijke moraal komt:

Het roer moet om na dit cadeau
laat dat heel duid’lijk wezen
Verander in een leuke vent
die meer kan dan slechts racen.

De kunst die Dick nog leren moet
is van het beter spreiden.
Want wie zijn kaarten goed verdeelt
weet ieder te verblijden.

Of ik mijn wielerkalender voor 2010 al had doorgenomen met mijn eega, wilde fietsmaat Rob1 tijdens ons tochtje vanmorgen van mij weten. 'Alles op z'n tijd', bromde ik, 'alles op z'n tijd.'

 
 
 
 

 

Vrijdag 4 december

 

Na twee tobberige logjes over mijn moeizame worsteling met Windows 7, nu eindelijk goed nieuws. Dit is het eerste bericht dat volledig met het nieuwste besturingssysteem van Microsoft tot stand is gekomen. Bovenstaand: een screenshot van mijn bureaublad. Er moest een oud-klasgenoot (bedankt Nico!) en zijn whizzkid aan te pas komen, waarna een onverschrokken koerier (eveneens dank daarvoor, Rob1!) de software bij mij afleverde. Verder kan ik er om redenen van staatsveiligheid weinig over kwijt. Maar het voelde als een soort van thuiskomen, zo soepel nestelde de Ultimate (!) versie van Windows 7 zich op mijn pc, voorlopig nog heel voorzichtig naast Vista (bij het opstarten kun je tussen beide besturingssystemen kiezen), want je weet maar nooit wat de mannen in Redmond (Washington) voor ons nog in petto hebben. Maar alle programma's die ik in het dagelijks gebruik nodig heb, draaien inmiddels als een tierelier. Als alles goed blijft gaan, zakt Vista de komende periode in een comateuze toestand weg op mijn computer, om hooguit een enkele keer door mij te worden wakker gekust om te zien of mijn reservesysteem nog doet wat het moet doen.

 

(Ja, ik weet het, iedereen die dit niet interesseert denkt op dit moment: tot zover de mededelingen voor land- en tuinbouw. Maar ik vond dat ik ook dit geluksmoment even met u moest delen.)

 
 
 
 

 

Donderdag 3 december

 

In de bijna 25 jaar dat ik bij het Leidsch Dagblad werk, kwam Sinterklaas alleen voor de kinderen van collega's (en die van mezelf, toen ze de leeftijd nog hadden). Vrolijke momenten waren dat, in de bedrijfskantine, waarbij het vooral genieten geblazen was als de goedheiligman - doorgaans een bekende - de aanwezige volwassenen in de maling nam of vernederde ('Zing jij maar eens een liedje voor de Sint'). Die tijd is geweest. Na de laatste fusie moeten de koters tegenwoordig naar het hoofdkantoor in Alkmaar om hun schoen gevuld te krijgen. Gisteren maakte Sinterklaas wel zijn opwachting bij alle bedrijven in het pand Nieuwe Energie, waar ook wij sinds anderhalf jaar kantoor houden. Om ons niet alleen te voorzien van plakken gevulde speculaas en pepernoten, maar ook van een stichtelijk woord. En dan kan het natuurlijk geen toeval zijn dat de Sint als een magneet werd getrokken naar de man die hem de rest van het jaar graag mag nadoen in de scabreuze Jiskefet-variant van het grote kinderfeest: mijn collega en fietsmaat Rob1. Toen deze een vrouwelijke Zwarte Piet brutaalweg vroeg wat er in de zak zat, beet pietervrouwknecht meteen keihard terug: 'Ik vraag toch ook niet aan jou wat je in je zak hebt?' Ja, daar kon geen Jiskefet tegenop.

 
 
 
 

Woensdag 2 december

 

Ik luister, met een half oor, naar een mevrouw op tv bij Andries Knevel die een boek heeft geschreven over de omstandigheden in de zorg. Het merendeel van het personeel werkt hard, en krijgt daarvoor nauwelijks waardering, hoor ik haar zeggen. Maar er zijn ook types bij die vrij ongevoelig en afstandelijk bezig zijn, zonder zich echt te bekommeren om de mensen die ze verzorgen. Als voorbeeld noemt ze medewerkers die voor hun eigen plezier de hele dag (harde) rockmuziek draaien op een afdeling voor dementerenden. Schandalig, vindt ze. Andries kan me niet horen brommen, maar ik moet meteen denken aan een vriendin die onder soortgelijke omstandigheden werkt. Een avond daarvoor vertelde ze me dat de collega's op haar afdeling de hele dag Jan Smit, Frans Bauer en André Rieu draaien, zogenaamd omdat de bewoners daar zo van opknappen. Ik kon er niks aan doen, maar het lijden van onze vriendin greep me op dat moment meer aan dan dat van de dementerende medemens. Als er om  personeel in de horeca te beschermen een wettelijk rookverbod mogelijk is, waarom hoor je  Ab Klink dan nooit over een verbod op muziek van Bauer c.s. in verpleegtehuizen? Ook personeel in de zorg heeft recht op een Jan Smit-vrije werkplek!

 
 
 
 

Dinsdag 1 december

 

Aangezien ik obscure singer-songwriters verkies boven klassieke muziek, ga ik in mijn familie - en ver daarbuiten - door als een cultuurbarbaar. De keren dat mijn eega het Concertgebouw in Amsterdam bezoekt om daar een monumentaal werk in orenschouw te nemen, weet zij zich in de regel vergezeld van mijn vriend Mart. Deze muzikale transseksueel houdt zowel van losers met een gitaar als van de monumentale componisten. Hij was het dan ook die mijn eega en mij gisteravond alsnog samenbracht voor een avondje Cultuur met een hoofdletter C in de grote zaal van de hoofdstedelijke muziektempel voor een optreden van een obscure singer-songwriter (Teitur, afkomstig van de Faeröer Eilanden) en de Holland Baroque Society, talentvolle jonge musici met een 'open mind'. Sterker nog, ik zat - met alle paar honderd andere bezoekers - gewoon op het enorme podium, net als de achttien muzikanten. De zaal was met een zwaar gordijn afgeschermd. 'Confessions' heet het gezamenlijke project dat uiteraard veel meer om het lijf heeft dan een 'voor elck wat wilsje'. De stukken zijn door Teitur gecomponeerd met de al even jonge Nico Muhly (die  arrangementen schreef voor Björk, Antony & The Johnsons en Grizzly Bear en onlangs de soundtrack voor de film ‘The Reader’ maakte). De recensies waren tot nog toe unaniem lovend, dus daar sluit een leek als ik zich maar bij aan. Waar het op lijkt? Mooie, gedragen muziek bij anonieme, vaak grappige of treurige YouTube-filmpjes op een groot scherm. Een kat in de boom. Een rokende vrouw. Een hond die achter een kikker aan gaat. Of een ritje door Russisch niemandsland. Dat klinkt zo, op Confessions:

 

 

 

 

 
 
 
 

 

Maandag 30 november

 

Zelf ziet ze het als een natuurverschijnsel waar geen kruid tegen gewassen is. Maar ik ben van mening dat het wel degelijk helpt in de strijd tegen alg, als je je aquarium tenminste één keer in de maand een beetje schoonmaakt. Nu was het Gekke Heintje weer, die zaterdag de compleet groen uitgeslagen bak op mijn dochters kamer - geen half jaar iets aan gedaan, schat ik zo - te lijf ging met emmers schoon water en schuursponsjes voor de ramen. Daarbij bleek dat ook haar pomp het (al geruime tijd?) niet deed, waarmee ik mij spoorslags naar de dierenwinkel spoedde teneinde mij een identiek exemplaar (46 euro) aan te schaffen, ware het niet dat de dierenwinkelmeneer mij ook hier de zegeningen van het schoonmaken bijbracht. Even een wc-papiertje door het binnenwerk en het oude pompje draaide weer als een tierelier. Als dank en ter ondersteuning van mijn heilzame werk in het aquarium dus maar een aantal levende bodemstofzuigers en een algeneter aangeschaft, die volgens de wederverkoper ook verzot zijn op komkommer (eerst een lepeltje er doorheen steken om te voorkomen dat het schijfje gaat dobberen). Komkommer? Ik dacht eerst dat hij mij voor de gek hield, totdat ik bovenstaande foto op het internet vond. Als dank voor deze versnapering maakt het vissenspul mijn dochters aquarium geheel zelfreinigend, mag ik hopen.

 
 
 
 

 

Zaterdag 28 november

 

Zelf liet ik verstek gaan, bij de uitwedstrijd van mijn zoon tegen het team van Alphia (Alphen aan den Rijn), maar uit de eerste hand weet ik dat: de scheidsrechter verschrikkelijk partijdig was, de coach van de tegenstander ontstellend kinderachtig deed, er beestachtig gemeen werd gespeeld (tot in detail weet ik wie er allemaal werden geduwd en geslagen, maar dat zal ik u besparen) en ja, ze hadden toch gewonnen. Met hoeveel? Dat wist mijn zoon dan weer niet te vertellen. Hij doet niet aan scorebordjournalistiek. Hij is meer van de rampenverhalen.

 
 
 
 

Vrijdag 27 november

 

Ik heb niet het idee dat het ooit nog goed komt, tussen mij en Windows 7. Sinds ik heb ontdekt dat ik mijn eigen 'business'-versie van Vista alleen kan upgraden met een ultimate pakket van bijna 300 euro, had ik al mijn zinnen gezet op de gratis upgrade van de nieuwe pc's van mijn eega en mijn dochter. Toen ze die enkele maanden geleden aanschaften - nog met Vista - beloofde leverancier Dell dat ze zonder kosten konden overstappen op Windows 7, zodra dat via deze pc-handelaar beschikbaar was. En gisteren was het zover. Na een mailtje waarin het heugelijke nieuws werd aangekondigd ('Het doet Dell veel plezier de recente lancering van Windows 7 op zijn desktops en laptops aan te kondigen. U krijgt deze informatie omdat u zich voor het upgradeprogramma geregistreerd hebt en er actie nodig is voor het ontvangen van het upgradepakket'), regelde ik op een speciale website de formaliteiten, constateerde tevreden dat de rekening op 0,00 euro bleef staan en klikte door naar 'betalen'. Bleek er opeens 40 euro voor 'verwerken en verzenden' bij te zitten. Hoezo verwerken? Had ik niet zelf al actie ondernomen en mijn gegevens ingevuld? En, als je toch wat kosten wilt doorberekenen, vragen ze hier bij Bol.com niet standaard 1,65 euro voor? Kassa, Radar, de Nationale Ombudsman, ze gingen allemaal even door mijn hoofd. Ware het niet dat dat me - omgerekend - vele honderden euro's aan ergernis en gedoe zou gaan kosten. Dus gromde ik 'Laaienlichters' en 'Zakkenvullers'. En maakte vier tientjes over. Dat was nou net hun bedoeling, vermoed ik.

 

 
 
 
 

Donderdag 26 november

 

Voor mijn nazaten ben ik er al op uitgestuurd voor de vreemdste boodschappen, maar die van gisteren mocht er ook zijn: 'Kun je even jongleerballen voor me kopen? Ik heb ze nodig voor gym.' Op 17 december moet onze zoon drie ballen in de lucht kunnen houden. Het gaat om een cijfer, waarvoor door de leraar zelfs een formule is bedacht: het aantal keren dat hij erin slaagt ze vloeiend omhoog te brengen, min 5. Lukt het hem zeven keer, dan heeft hij nog maar een 2. Vanaf vijftien is een 10 gegarandeerd. Daarvoor moet er wel thuis worden geoefend, want hij bakt er nog geen bal van. Maar waar haal ik jongleerballen? Tennisballen zijn te groot en te hard. Een jongleerbal is zacht en soepel. 'Misschien bij de feestartikelenwinkel van Paddenburg, aan de Nieuwe Rijn in Leiden', denkt mijn vrouw. En warempel, op een paar honderd meter van de redactie verblikken of verblozen ze niet als ik om jongleerballen vraag. Net als tennisballen zitten ze met drie in een koker en de prijs is billijk: 4,50 euro. Daarvoor zit er zelfs een gebruiksaanwijzing bij, maar bij de eerste oefensessie van mijn zoon in de woonkamer hol ik van schemerlamp naar bloemenvaas om de boel heel te houden. Met zijn ballen is hij inmiddels verbannen naar zijn eigen kamer, waar een blinde jongleur nog geen schade kan aanrichten.

 

 

 
 
 
 

 

Woensdag 25 november

 

Het is - zoals al eerder op deze plek gememoreerd - de tijd van de Sinterklaaslijstjes. Enige bescheidenheid is mijn zoon en mij daarbij vreemd. Hij komt met droge ogen aan met een nieuw beeldscherm annex tv, ik schroom niet om naast het betere boekenwerk en pantoffels ook een nieuw opzetstuur voor mijn mountainbike aan de goedheiligman te vragen. (Ergens in de woonkamer hoorde ik iemand brommen dat ik dat kan vergeten, maar dit soort recalcitrante geluiden negeer ik voorlopig: het is de sint die beslist.) Maar zo bont als onze dochter maken wij het nog niet. Toen haar moeder gisteravond vroeg wat zij voor Sinterklaas wilde hebben, klikte ze resoluut door naar de Telegraaf-website, waar de nieuwe Aston Martin Rapide wordt besproken. Dat ze daarbij geenszins zelfzuchtig is, mag blijken uit het feit dat ze heel bewust heeft gekozen voor de eerste vierdeursuitvoering van de Aston. Een gezinsversie, dus, waar we allemaal wat aan hebben. Behalve de prijs - iets van 250.000 euro - is er echter nog een beletsel waardoor de Rapide waarschijnlijk niet in haar schoen te vinden zal zijn. Hij wordt pas vanaf maart 2010 afgeleverd.

 
 
 
 

 

Dinsdag 24 november

 

Nog voordat ik maar een meter aan de vloedlijn had getrapt, was ik al op zoek naar een strandfiets. Er zijn winkels - zoals Imming in Egmond, of Beukers in Petten - die ze kant-en-klaar verkopen, maar je kunt ook een 'oude' bike modificeren door er een vaste vork op te zetten en speciale strandbanden te monteren. (Met je 'normale' mountainbike het strand op is ook een optie, maar zout en zand zijn funest voor je dure spullen). Na enkele weken van wikken en wegen, realiseerde ik me dat ik eigenlijk al elke dag op de perfecte strandfiets naar mijn werk rijd. Mijn Trek SU200 heeft een vaste vork, geen overbodige toeters en bellen (zoals spatborden en dergelijke) en is met z'n drie jaar eigenlijk al afgeschreven als 'bedrijfsfiets', waardoor een tweede carrière voor dit oude beestje me hooguit een paar tientjes voor brede, bijna profielloze banden (Big Apples van Schwalbe) ging kosten. Dat er ook nadelen aan dit dubbelleven kleven, bleek gistermorgen op weg naar de redactie toen ik op vrijwel lege banden (handig voor op het strand, niet op de weg) bleek te rijden. En dat m'n toch al half versleten schijfremmen na de Beach Challenge van zaterdag zelfs bij een snelheid van 20 kilometer per uur een remweg van 50 meter nodig hadden. En tot overmaat van ramp moest ik aan het begin van de avond in het pikkedonker naar huis omdat m'n lampjes nog thuis in de schuur op de plank lagen. Waarmee is aangetoond dat strandfietsen niet alleen funest is voor je rijwiel, maar ook je hersens aantast.  

 
 
 
 

 

Maandag 23 november

 

Aangezien de Sint weer in het land is en zijn computermonitor is opgeblazen - nee, niet die van de Sint, van mijn zoon; dit is nu al een verwarrend stukje - oriënteer ik me momenteel op een nieuw pc-scherm voor mijn jongste nazaat. Zijn moeder vindt het eigenlijk wat te groot voor wat zij graag 'het feest van de kleine cadeautjes' mag noemen, maar onder het voorwendsel dat hij er eventueel wat van zijn eigen geld kan bijleggen - nee, niet de Sint, mijn zoon, wiens geloof in de goedheiligman al jarenlang op een laag pitje staat - mag ik mijn zoektocht toch continueren. Van mijn vriend en stekkergoeroe Mart kreeg ik de tip om geen monitor, maar een complete flatscreen-tv aan te schaffen: in prijs niet eens zoveel duurder, je kunt er probleemloos je pc op aansluiten en op momenten dat je niet computert, heb je er een mooie televisie aan. Ik legde het aan mijn zoon voor, die met een voor mij opmerkelijk - maar volgens hem op de praktijk gebaseerd - bezwaar kwam: hoe moet dat nu als je tegelijk wilt computeren en tv kijken?

 
 
 
 

 

Zaterdag 21 november

 

Geen basketbal vandaag, de mannen hebben een vrije zaterdag. Alle gelegenheid om de Rabo Beach Challenge te rijden. Het verslag staat op het Wielerlog.

 
 
 
 

Vrijdag 20 november

 

Ik ben weer volop bezig om mijn lijf 'winterklaar' te maken. Dat houdt, kort en goed, in dat ik er dagelijks veel te veel voedsel in stop, om me voor te bereiden op barre tijden. Die nooit zullen komen. Neem nou gisteren. Na mijn ontbijt (bakje muesli en magere yoghurt, niks mis mee), schoof ik rond 9.00 uur op de redactie mijn eerste kersengebakje (met slagroom) naar binnen (van harte gefeliciteerd, collega Rietveld). Daarna bewaarde ik mijn trek voor de lunch - boerenkool met worst, en lekkere paddestoelenjus in het bedrijfsrestaurant, plus een smoothie - vocht ik met succes tegen de aanvechting om nog een pastasalade te nemen, maar at ik direct daarna - er was op de werkvloer nog gebak over - een ouderwetse moorkop. Om me voor te bereiden op de terugrit op de fiets naar huis - ik heb al een paar keer bijna de hongerklop gehad - nam ik tegen drieën nog een tompouce. Toen was al het gebak op. Thuis at ik rond 18 uur nog een enorm bord spaghetti, alvorens te gaan mountainbiken, waarbij ik feestelijk bedankte voor de restjes die mijn nazaten mij gewoontegetrouw nog wilden toeschuiven. Ik moet tenslotte een beetje op mijn gewicht letten.

 
 
 
 

 

Donderdag 19 november

 

Ja, ik weet het, vorig jaar heb ik er ook wel eens flauwe grappen over gemaakt. Vond ik het voorbarig, overdreven. Hadden ze nou niks anders te doen? Maar gistermiddag, toen ik van de redactie naar huis trapte en net vaststelde dat het wel meeviel, met de wind, kreeg ik bij het tochtgat ter hoogte van het LUMC opeens de volle laag. Het leek of m'n fiets onder me vandaan werd geslagen en spontaan het luchtruim koos, maar zo gemakkelijk gaat dat natuurlijk niet, met 93 kilo tanig vlees op het zadel. Het bleef bij een vervaarlijke zwieper, net voor een auto langs, en voort wilde ik weer, de pedalen ranselen. Maar de mevrouw met het kinderstoeltje voorop haar fiets, die van de andere kant kwam, moest het zonder die lichamelijke ballast stellen, maakte dezelfde zwieper, maar dan naar links, en belandde met rijwiel en al in m'n armen. Dát was toch het moment dat het gemis zich het nadrukkelijkst liet voelen. Waar bleef het weeralarm, bij het eerste herfststormpje van dit jaar? 

 
 
 
 

Woensdag 18 november

 

In het weekeinde was hij al een paar keer van zolder naar de woonkamer gekomen, met een vage mededeling over Xbox Live, de Microsoftgemeenschap op internet waar Xbox-bezitters elkaar ontmoeten en tegen elkaar spelen. Maar daar schonk ik toen, verzonken in mijn krantje en bokbiertje, geen aandacht aan. Sinds een klein jaar hebben onze nazaten een abonnement op deze dienst, waarbij met name onze zoon met het downloaden van updates voor illegaal verkregen games, de grenzen van het toelaatbare opzoekt. De Xbox-console is enkele weken geleden (voor de tweede keer) door een whizzkid aangepast, om ook de kopieën van de nieuwste, meest geavanceerde spellen te kunnen behappen. Maar sinds zondag - hij kon er natuurlijk niks aan doen - was het opeens uit met de pret. Want opeens konden ze - zijn zus en hij - niet meer op Xbox Live. De console was 'banned' van de community. En niet alleen wij, zo bleek bij een korte zoektocht op het world wide web. Dit is typisch een gevalletje: gedeelde smart, is halve smart.

 
 
 
 

Dinsdag 17 november

 

Voor collega's zonder kinderen zijn het verbijsterende telefoontjes: een dochter die haar vader opbelt met de mededeling dat ze over een kwartier een proefwerk wiskunde heeft, maar haar geodriehoek en passer is vergeten. Of - zoals gistermorgen - bij de balie van de DeliFrance staat en haar pinpas niet bij zich heeft. In beide gevallen verlaat de vader spoorslags de werkvloer om de problemen voor zijn nazaat op te lossen. Kweken wij een generatie van machteloze, onzelfstandige burgers? De kinderloze collega's zijn ervan overtuigd en mogen mij daarbij graag herinneren aan mijn eigen, veelvuldige falen op dit terrein. Aan alle keren dat ik uitrukte om verloren fietssleutels te vervangen of lekke banden te repareren. Ze overal maar op de achterbank heen bracht. Goederen en diensten sponsorde. Nee, dat zouden zij heel anders aanpakken. Ze hebben alleen geen kinderen. Nee, niet helaas. Hun door en door verpeste  poezen of andere exotische huisdieren zouden het geen minuut zelfstandig in onze maatschappij uithouden. En dat je je met een gezonde dosis machteloosheid toch aardig door het leven kunt slaan, leg ik af en toe vast in een krantencolumn. Zoals deze, met de niets aan de verbeelding overlatende titel 'Machteloos'.

 

P.S. In de reeks 'verrassende reacties' leverde deze column me een mailtje op van een lezeres die zich had gestoord aan mijn - in alle onschuld genoteerde - passage over de Gereformeerde Bonds-buurman. Oordeel zelf.

 
 
 
 

 

Maandag 16 november

 

Waar is de tijd gebleven dat je op zondagavond rustig de kranten kon doornemen omdat er - na Studio Sport - toch niks op televisie was? Sinds een paar weken moeten we hier alle zeilen bij zetten om een mengeling van leerzame, vermakelijke, informatieve en ontspannende (ja, in die volgorde) programma's aan ons voorbij te zien trekken. Verplichte kost om 20.15 uur is - ook voor onze zoon - 'De Oorlog'. Ik dacht er vrij veel vanaf te weten, maar Rob Trip voert me nu al vier boeiende afleveringen (we hebben er nog vijf tegoed) langs nieuwe inzichten over ons volk gedurende de Duitse bezetting. Ondertussen loopt de recorder voor 'Boer zoekt vrouw' dat we meteen na 'De Oorlog' ondergaan. (De Beagle, op Nederland 2, had me ook mooi geleken om te volgen, maar dat is logistiek onmogelijk). Dan is het 22 uur en begint op de BBC2 de nieuwe reeks van 'Top Gear'. De harddiskrecorder is inmiddels begonnen met het opnemen van 'Bij ons in de pc', vermakelijke tv van Jort Kelder (kijk ik later in de week, als ik ooit tijd heb). De avond sluit ik daarna af met Studio Voetbal, voordat ik rond middernacht met rechthoekige ogen (beeldbuisformaat 16:9) in mijn bed beland. Dan is mijn eega al minimaal anderhalf uur afgehaakt, bij dit megalomane kijkgedrag. Zelf houd ik het erop dat ik het slachtoffer dreig te worden van mijn brede interesse.

 
 
 
 

 

Zaterdag 14 november

 

Een vrije basketbalzaterdag zou ik hebben, maar als gevolg van een logistieke misvatting van de coach - het spelersbusje bleek te klein voor alle manschappen - reed ik vanmiddag ter elfder ure toch nog naar Ter Aar, voor de uitwedstrijd van het team van mijn zoon tegen ABC, de Aardamse Basketbal Club. Een rommelige duel, viel mij daarvoor als dank ten deel, met veel misverstanden, weglopende tegenstanders, zwakke passes, slechte schoten en gemiste rebounds. Maar dat gold voor beide teams, gelukkig, waardoor we de hele wedstrijd toch voor bleven staan en het uiteindelijk - vooral dankzij een redelijke fase in de derde periode - bij ABC toch nog een ABC'tje werd: 36-49. Zelf had ik het idee dat mijn jongste nazaat ook dit keer de topscorer van het veld was, maar sinds er geen premie meer op zijn scores staat vindt hij het niet interessant om ze bij te houden. En ik had er tijdens de wedstrijd de kracht niet voor. Al mijn energie ging op aan ergernis.

 
 
 
 

Vrijdag 13 november

 

Aan georganiseerde sport doet ze niet meer, maar onze dochter speelde gisteren wel een uitwedstrijd. In Amsterdam, nog wel. Samen met een klasgenote deed ze mee aan een vertaalwedstrijd Latijn, in het Vossius Gymnasium. De hoofdprijs is 250 euro, maar het duurt nog enige tijd voordat alle teksten door een eerbiedwaardige jury nagekeken zijn. Bij thuiskomst probeerde ik wel enige interesse in het wedstrijdverloop te tonen, maar viel al onmiddellijk door de mand toen ik de schrijver van de Latijnse tekst die ze onder handen moesten nemen, niet bleek te kennen. Ovidiwie? Ovidius! Een poëet die 43 jaar voor Christus werd geboren en in zijn tijd al een echte beroemdheid was. Hij kon zich een luxueus en losbandig leventje in de mondaine grootstad Rome veroorloven, hij was een echte societyfiguur. Als gevierd dichter hield hij regelmatig voordrachten uit eigen werk, wat zijn roem alleen maar vergrootte. Ja, dit zijn Wikipedia-weetjes, want zowel vrouw als dochter weigerden mijn onwetendheid met feiten in te vullen. Maar het was in elk geval geen prutser, begrijp ik uit de internet-encyclopedie. Of onze dochter de prijs gaat pakken, betwijfelde ze zelf overigens. Ze schijnt ergens een toekomende tijdje over het hoofd te hebben gezien. Kniesoor die daar op let, zou ik zeggen, maar dat schijnt nu juist het probleem te zijn. De jury zit er vol mee.

 
 
 
 

Donderdag 12 november

 

De directe aanleiding is een puur wetenschappelijke: onze dochter schrijft een profielwerkstuk over Oscar Wilde en kreeg van een lerares de dvd-box met de BBC-serie 'Lillie' omdat Wilde hierin voorkomt. Dertien afleveringen telt het kostuumdrama, dat mijn echtgenote in 1978 al eens op tv zag. Maar ze heeft er geen bezwaar tegen om ze allemaal nog eens te bekijken. Integendeel. En aangezien er haast bij is - het werkstuk moet een dezer dagen af - is er op onze tv de laatste dagen vrijwel niks anders dan Lillie Langtry, een succesvolle Britse actrice met prominente minnaars, onder wie de kroonprins, de latere koning Edward VII. Tussendoor is 'Lillie' bij ons thuis onderwerp van gesprek. Als ik 's morgens naar werk ga, na weer zo'n avond 'Lillie', is het moeilijk los te komen van het idee dat niet ook de rest van de wereld op dit moment in de ban is van 'Lillie'. Dat ze geen hit is in de kijkcijfer toptien. Dat de roddelbladen of RTL Boulevard zich nog niet op haar hebben gestort. Dat ik niemand op werk heb, om mee over haar te praten. Kortom, na mijn aanvankelijke schimpscheuten over een televisieserie die ruim dertig jaar oud is - mijn vrouw was destijds van dezelfde leeftijd als onze dochter nu - ben ikzelf ook behoorlijk in de ban van 'Lillie'. Gistermiddag was ik serieus beledigd dat de dames twee afleveringen hebben bekeken - Lillie krijgt een kind, maar niet van haar wettige echtgenoot - terwijl ik mijn bardienst bij de Grasshoppers draaide. Nog maar drie afleveringen te gaan.

 
 
 
 

 

Woensdag 11 november

 

Het is nog maar een paar maanden geleden, dat de dingen bij ons thuis prettig overzichtelijk waren. Ik zat de hele avond achter mijn computer, mijn eega las een belangwekkend boek, onderwijl haar afschuw uitsprekend over de uitwassen van de moderne tijd. En hoe anders is het nu. Niet dat ik inmiddels belangwekkende boeken lees. Nee, ik zit nog steeds achter mijn computer, als ik niet ergens op een fietszadel plaatsneem. Maar aan de andere kant van de kamer slijt mijn echtgenote haar avonden met haar nieuwe laptop op schoot, druk twitterend namens de lokale Openbare Bibliotheek, bezig met Hyves, haar mail of weet ik veel wat. Via twitter komt ze ook in aanraking met de jongste ontwikkelingen op het world wide web. Nog voordat mijn vriend Mart mij er per mail over berichtte, wist zij mij te vertellen dat ook Katwijk sinds gisteren te bekijken is via Google Streetview. Geef toe, dat zijn toch geen dingen die je van je vrouw wilt horen?

 
 
 
 

Dinsdag 10 november

 

Tot de kleine maar onmiskenbare genoegens van het leven behoort het 'geen gaatjes' bij de tandarts. Het is een (tijdelijke) staat van welbevinden die ik in de eerste helft van mijn leven niet vaak heb mogen ervaren. Als gevolg van een niet te beteugelen snoeplust in combinatie met een voorliefde voor zoete dranken en een weinig fanatiek poetsgedrag, werd mijn gebit reeds onder het regime de schoolarts van menige vulling voorzien. Maar ik moet zeggen: de laatste decennia gaat het beter, waarschijnlijk vooral vanwege het feit dat er niks meer te vullen valt. Tijdens ons halfjaarlijkse familiebezoek aan de tandarts kreeg onze dochter gistermiddag te horen dat haar vier verstandskiezen preventief moeten worden geruimd, moest mijn zoon tien minuten met een smerig fluorgoedje op zijn gebit blijven zitten en dient hij binnenkort eens langs te gaan bij de orthodontist en kreeg mijn vrouw - een erkend niet-flosser noch stokergebruiker - net als mijn twee nazaten nog een consult bij de mondhygiëniste in het vooruitzicht gesteld voor het verwijderen van tandsteen. Bij mij kon de beste brave man, zelfs na het maken van foto's, niks vinden. En dat kleine beetje tandsteen dan? Ach, dat haalde hij gelijk maar even weg. In de auto op weg naar huis was er bij mijn jammerende gezinsleden sprake van geknars van tanden (Mattheüs 8:12).

 
 
 
 

 

Maandag 9 november

 

De laatste keer dat de overheid zich nadrukkelijk bezighield met de gang van zaken in ons gezin was, naar mijn weten, in de periode dat we ons om de paar maanden bij het consultatiebureau moesten melden om te checken of we ons kind wel voldoende te eten gaven en het niet mishandelden. Maar de laatste tien, vijftien jaar is het betrekkelijk rustig, uit die hoek. Je krijgt wel eens post - als het kroost spontaan een Burgerservicenummer krijgt toegewezen, bijvoorbeeld - maar verder kun je als ouders toch in alle vrijheid je gang gaan. Elk kwartaal komt de kinderbijslag en verder heb je nergens omkijken naar. Qua overheid dan. Maar nu ligt er al een paar weken een brief annex folder van de Informatie Beheer Groep, die ons erop wijst dat onze dochter binnenkort (volgend jaar maart, om precies te zijn) 18 jaar wordt. Hebben ze haar toch al die tijd in de gaten gehouden, denk je dan. De kinderbijslag houdt op en daarvoor in de plaats 'kun jij (dat is in dit geval: onze oudste nazaat) zelf geld krijgen voor je school of studie'. Als mijn vrouw gisteravond mijn dochter en mij niet had gedwongen één en ander in gang te zetten, had die folder er nog een tijdje kunnen liggen. Wij zijn niet zo van het invullen van formulieren. Maar de Informatie Beheer (IB) Groep die dit voor haar moet regelen, heeft alleen al drie maanden voor haar 18de nodig om alle rompslomp in orde te maken. Er is een pdf-bestand gedownload dat onze dochter de komende dagen invult - mogen wij hopen - en opstuurt. Helemaal naar Groningen. Zodra ze 18 is, krijgt ze - wat voorheen onze kinderbijslag was - rechtstreeks op haar rekening gestort. Ik wacht nu nog op een folder waarin de overheid uitlegt hoe wij - nu onze uitkering stopt maar wij verder ongetwijfeld blijven opdraaien voor alle rekeningen - dat geld weer van háár naar ónze rekening krijgen. Ik heb namelijk niet de illusie dat dit goedschiks gebeurt.

 
 
 
 

 

Zaterdag 7 november

 

Wat zijn overwinningen waard, als je nooit eens verliest? Vanuit die optiek zijn de (monster-)zeges van de afgelopen weken ons nog dierbaarder geworden na het verlies vandaag tegen DAS, in Delft (57-48). Temeer daar we het perspectief koesteren dat we hier helemaal niet hadden hoeven verliezen. De eerste periode waren we weliswaar niet superieur, zoals dit seizoen bijna een gewoonte werd, maar wel beter. Het vertaalde zich ook in een aardige voorsprong, die er in de rust - hoewel al behoorlijk geslonken - nog steeds stond. Maar toen we eenmaal achterkwamen sloop de onrust in het team, werd er te gehaast gespeeld, kwamen passes niet aan en gingen lay ups, schoten en vrije worpen te vaak mis. En bleek de tegenstander toch ook heel wat lengte in de ploeg te hebben. DAS stond tweede op de ranglijst, wij waren eerste. Nu is dat andersom. Tot ze bij ons thuis in Katwijk op bezoek komen, uiteraard. Dan worden de bordjes weer verhangen. Kijk, is dit een hoopvol vooruitzicht, of niet?

 

 
 
 
 

 

Vrijdag 6 november

 

De column was er eerder dan deze foto. Maar het beeld illustreert treffend wat ik heb betoogd. Wij, normale fietsers, moeten de strijd aanbinden met de fiets met trapondersteuning. Of er in elk geval - in Den Haag, Brussel desnoods - voor lobbyen het rijwiel zo zichtbaar maken in het dagelijks verkeer - vlaggetjes, bordjes met duidelijke merktekens - dat iedereen meteen weet dat we hier met bedriegers te maken hebben. Mijn eerste zorg gaat daarbij uiteraard niet uit naar mijn 73-jarige moeder, die op haar Gazelle Easy Glider met een venijnige demarrage de rest van het gezelschap tijdens de herfstvakantie op ruime afstand trapt. Nee, ik heb het over de vijftigers, veertigers en zelfs een enkele dertiger die zich momenteel al meent te moeten voortbewegen met accukracht. En ik sta daarin niet alleen. De vele positieve reacties die ik kreeg op de krantencolumn 'Trapondersteuning' geven aan dat we hier te maken hebben met een splijtzwam in het maatschappelijk (en niet te vergeten het woon/werk-) verkeer. In dat opzicht lijkt me de fiets met trapondersteuning staatsgevaarlijker dan Geert Wilders.

 
 
 
 

Donderdag 5 november

 

Aan vrijwel elke computer in ons huis - en dat zijn er nogal wat - hangt een externe backup-schijf. Want je weet maar nooit. Maar na de laatste blikseminslag waarbij mijn modem werd opgeblazen, voelt dat als beveiliging niet voldoende. Wat als de bliksem een keer goed inslaat en alle computers en toebehoren krijgen 50.000 volt door de kabels? Aan een back up-schijf waar de rook vanaf komt heb je ook niet veel meer. Dus heb ik zondagavond bij Bol nóg een externe schijf besteld die ik - met mijn volledige digitale muziekcollectie en kopieën van alle pc-schijven in ons huis - ergens losgekoppeld van alle snoeren en stekker in huis ga bewaren. Nóg beter zou zijn ergens buiten het huis, maar helemaal zonder risico is het leven toch niet. Op dinsdagmorgen was de postbode al met mijn pakje aan de deur geweest, maar toen was er niemand thuis. En bij de buren kennelijk ook niet. Maar gisteren kon mijn dochter de nieuwe schijf aannemen en begon ik - omdat het buiten toch goot van de regen en ik geen zin had om te fietsen - aan het opslaan van 13.000 liedjes. Na tien minuten begon het te onweren. De bliksemschichten volgden elkaar in steeds hoger tempo op. De tijd tussen de flitsen en de donder werd korter. En terwijl vlak achter ons weer een inslag was te horen, keek ik gebiologeerd naar het voortgangsmenuutje van mijn collectiereddende back up: nog één uur en 15 minuten. Het zal je toch gebeuren, halverwege de back up die aan alle vertwijfeling een eind moet moeten, worden getroffen door de bliksem?

 

P.S. Het simpele feit dat u dit logje kunt lezen, bewijst dat we wederom ongeschonden uit de strijd zijn gekomen.

 
 
 
 

 

Woensdag 4 november

 

Zojuist verschenen bij de Hema, in een oplage van 1 exemplaar: ons vakantieboek Italië 2009. Het is mooi geworden, met 70 pagina's in full color op glanzend papier, inclusief harde kaft met een opname over twee pagina's van Venetië. Een foto van mijn hand, maar dit terzijde, want verder gaan alle credits voor dit boek naar mijn eega, die er - op haar nieuwe laptop - een belangrijk deel van de avonden in onze herfstvakantie aan heeft besteed. Mijn enige bijdrage bestond uit afwezig, goedkeurend gemompel, om er vooral maar niet bij betrokken te raken. Is er van mijn kant dan helemaal geen kritiek op het eindresultaat? Welzeker, op haar keuze om de vele monumentale fietstochten die ik met neef Raymon en campingbuurman Wil heb gemaakt, op één hoop te gooien met campingactiviteiten als barbecueën en shuttelen. Ik vrees dat het nog een bewuste keuze geweest is ook.

 

 
 
 
 

Dinsdag 3 november

 

Er zijn mensen die in het verkeerde lichaam zijn geboren. Zo erg is het bij mij niet. Ik woon alleen in de verkeerde gemeente. Waar had mijn wieg dan moeten staan? In een van de drie dorpen (Sassenheim, Voorhout en Warmond) van Teylingen, bijvoorbeeld. Daar weten ze tenminste hoe ze hun waardering moeten uiten, aan mensen zoals ik. Die zich belangeloos inzetten voor de samenleving, een beter milieu, een schonere woonomgeving. Als wat? Als ZAP'er. Nee, niet zo'n dikke, uitgezakte kerel die de hele avond met de afstandsbediening voor de buis hangt. ZAP staat hier voor 'Zwerfafvalpakker' en elk jaar zet Teylingen er eentje (per dorp) in het zonnetje. Ook in mijn meterkast hangt een - van gemeentewege verstrekte - afvalgrijper die ik op ongeregelde momenten inzet om mijn voortuintje, de stoep en de parkeerplaatsen vrij te maken van alle ongeregeldheden die uit de papierpakken en de Lidl-karretjes aan de overkant van de straat in onze richting waaien. Nee, daar hoef ik niks voor te hebben. Ik doe het graag. Maar een beetje waardering, dat zou mooi zijn. In Teylingen reiken ze daar elk jaar een speldje voor uit. Een ZAP-speldje. Als Katwijk eraan zou doen, had u me ervoor kunnen aanmelden. Want zo werkt het, je mag er zelf niet om vragen. Je moet ervoor worden voorgedragen. Wat dat betreft is dit stukje alweer een beetje gênant. Maar echt, ik zou hem met zoveel trots dragen, dat speldje.

 
 
 
 

 

Maandag 2 november

 

In mijn drift om maar niet achter te raken op de digitale snelweg, had ik Windows 7 al willen aanschaffen op de eerste dag dat het in de schappen lag. Maar in de herfstvakantie wist ik me in het winkelcentrum van Veenendaal nog te bedwingen. In de caravan kon ik er toch niks mee. En in de week daarna liep ik een blauwtje bij twee Dixons-vestigingen (in Leiden en Katwijk), twee andere computerwinkels en een boekhandel in mijn woonplaats die ook software verkoopt. Overal uitverkocht, dat wil zeggen: de upgradeversie die ik wilde hebben. Dus zaterdagmiddag was ik het zat en heb ik het programma aangeschaft via de site van Microsoft. Dat heeft als voordeel dat je het meteen kunt downloaden en later (als backup) ook de dvd nog thuisbezorgd krijgt. Afijn, pas toen alle financiële formaliteiten waren afgewikkeld (119,95 euro afgeschreven via Ideal), de nieuwe 'motor' voor mijn pc was binnengehaald en het grote moment van installeren was aangebroken, bleek dat ik de upgrade helemaal niet op mijn computer kon uitvoeren. Ik heb namelijk niet de 'Home' versie van Windows Vista, maar de 'Business' variant. Daarvan is - lekker ingewikkeld - upgraden alleen mogelijk naar Windows 7 als je de professionele versie aanschaft, wat ongeveer drie keer zo duur is als de 'Home'-editie: een kleine 300 euro. En daarvoor kan ik bijna een nieuwe pc kopen, waarop Windows 7 al is geïnstalleerd. Nadat ik een kwartier had gehuild - niet langer, ik ben een grote vent - drong ook het grote geluk tot mij door. Omdat het in al die winkels die ik had bezocht was uitverkocht en ik was veroordeeld tot internet, mag ik de aankoop binnen zeven dagen zonder opgave van redenen annuleren. Ook als je (te) gretig en dom bent geweest, dus.

 
 
 
 

 

Zaterdag 31 oktober

 

Tsja, met dit beeld vanaf de bank lijkt het nog spannend. Maar niets was minder waar. Toen ik tegen het eind van de tweede periode binnenkwam stond het al 44-6 en uiteindelijk zou het 103-20 worden. De vraag 'Waren wij nu zo goed, of waren zij nu zo slecht?' kan eenvoudig worden beantwoord. Zij - Dunkinn uit Roelofarendsveen, waar ik op deze plek eerder Dunkinn al als tegenstander noemde moest het Alphia uit Alphen aan den Rijn zijn, een mens kan zich weleens vergissen - bakten er helemaal niets van. En als wij echt goed waren geweest, was het wel 150-6 geworden, of zoiets, want er werd nog behoorlijk veel gemist, door de mannen. Een beetje spannend werd het tegen het einde nog, toen de kwestie werd: halen we de 100? Mijn zoon had hem in de vingers, maar miste net, waardoor een teamgenoot hem maakte. De traditie wil dat deze speler - of zijn ouders - de rest van het team trakteren, maar aangezien het feestvarken geen geld bij zich had, kwam mijn jongste nazaat naar mij om deze geste dan maar voor mijn rekening te nemen. Ja, ik ben daar gek. Ben ik net van die bonusregeling per punt af, krijg je dit!

 
 
 
 

Vrijdag 30 oktober

 

Onderzoek alle dingen en behoud het goede. Onder dat motto zit ik elke maand met het muziekblad 'Oor' voor mijn computer om de nieuwste cd's te downloaden. Nee, niet te uploaden, want dat is verboden. Ik laat me daarbij leiden door de mening van mij vertrouwde recensenten, niet in de laatste plaats door mijn naamgenoot, plaatsgenoot en oud-collega Jan van der Plas, de Katwijkse popprofessor. De verse buit zet ik over naar mijn Iphone, om onderweg van huis naar werk kennis te nemen van het aanbod en alvast een schifting te maken van wat er 's avonds onmiddellijk weer vanaf kan. Zo'n beetje de helft van de route naar de krant rijd ik met losse handen om te kunnen bekijken wat voor merkwaardigs er nu weer via de koptelefoontjes tot mij komt (de ene hand heb ik nodig om mijn bril omhoog te doen, de andere om het kleine schermpje van mijn Iphone voor mijn ogen te houden om het hoesje te kunnen lezen). Het meest verbaasd was ik gistermorgen door de nieuwe cd (Between my head and the sky) van Yoko Ono, de weduwe van John Lennon, en de Plastic Ono Band. Allereerst omdat ik me ertoe had laten verleiden dit werk van deze 76-jarige (!) tot mij te nemen (Jan van der Plas spreekt van 'een onderhoudende en bij vlagen zelfs indrukwekkende plaat') maar ook door de muziek zelf, die ik zou willen omschrijven als mengeling van de avant-garde klanken van een Laurie Anderson en het gesteun van Franse zuchtmeisjes als Carla Bruni. Mocht u mij hedenmorgen van Katwijk naar Leiden tegenkomen met de bril op het voorhoofd en de Iphone tegen de neus, dan ben ik er wederom niet in geslaagd mijn opwinding over deze, op verrassend eigentijdse klanken lispelende bejaarde te verbergen.

 
 
 
 

 

Donderdag 29 oktober

 

Wij kennen onze eigen variant van het EO-televisieprogramma 'Familie Diner'. Nee, geen narigheid, integendeel. Elk jaar tegen kerst spreken we met de schoonfamilie af in een goed restaurant, om te eten op de nagedachtenis van mijn schoonouders. Ook ván de nagedachtenis, want de bescheiden erfenis die ze nalieten hebben we op de bank gezet en zolang het nog kan, laten we het ons er goed van smaken. De sfeer is altijd opperbest: we nemen het jaar door, in al zijn hoogte- en dieptepunten, waarbij ik me dit keer in het bijzonder verheugde op de kwinkslagen richting mijn zwager die al zijn spaargeld - als enige van de familie - had geparkeerd bij de DSB Bank, zogenaamd omdat deze instelling zoveel voor de Nederlandse sport heeft betekend. Nee, het had absoluut niks te maken met dat ene schamele procentje rente dat hij daar meer kon krijgen. Afgelopen zaterdag, bij de verjaardag van zijn eega, namen we alvast een voorschotje op het leedvermaak, toen hij, besmuikt kuchend, even onze aandacht vroeg voor het volgende: Uh, tsja, als executeur-testamentair van de nalatenschap van mijn schoonouders had hij, uh, nogmaals tsja, enige tijd geleden besloten om, tsja, het geld dat er nog over was voor het komende familiediner, uh, tsja, weg te zetten bij de, uh, tsja, de DSB Bank. En nu maar hopen dat Wouter Bos zijn belofte nakomt dat het voor de kerst weer beschikbaar komt, anders kunnen we voor het copieuze familiediner naar de plaatselijke Voedselbank. En heeft EO's Bert van Leeuwen er weer een paar kandidaten bij voor zijn wedergoedmaak-programma 'Familie Diner'.

 
 
 
 

Woensdag 28 oktober

 

Met een krantencolumn, twee weblogs en nog wat gelegenheidsartikelen die ik voor allerlei bladen maak, ontkom ik er soms niet aan wat stukjes handig te recyclen. Zo is mijn laatste bijdrage aan het basketbalblad De Rebound van Grasshoppers de vrucht van weblogjes die ik eerder over dit onderwerp schreef. Een andere introotje, een paar alineaatjes erbij, een stukje moraal en het eind - waar ik wel tevreden over was - gewoon schaamteloos nog een keer hergebruikt. Dan krijg je dit:

 

Bonus

In een tijd dat bonussen nog gewoon een prikkel tot betere prestaties waren, stelde ook ik voor mijn zoon een premie in. Geen bedragen waar ze in Wallstreet of de Londense City steil van achterover slaan, maar toch een waardevolle aanvulling op zijn schamele zakgeld: 50 cent per punt.

Opvoedpuristen waren er toen al als de kippen bij om deze daad te veroordelen: het zou egoïsme in zijn spel in de hand werken en ten koste gaan van het teambelang. Zelf was ik daar niet bang voor. We praten over een tijd dat zijn basketbalspel voornamelijk bestond uit het geven van breedteballetjes, zijn layupjes altijd ergens doelloos onder de basket eindigden en zijn schot in bijna honderd procent van de gevallen de benaming 'airbal' verdiende.

Zelfs na het invoeren van de bonusregeling gingen er halve seizoenen voorbij dat ik nooit hoefde uit te keren. Hij bleef onder het bord beleefd de bal aan zijn medespelers of – nog erger – zijn tegenstander afgeven, zag het als onderdeel van zijn dienende rol om bij de rebound aan de grond genageld te blijven staan en hield zich, kortom, bezig met wat ik zou willen omschrijven als ’schijnbasketbal’. Hij was er in het veld vreselijk druk mee, legde heel wat meters af, maar het leidde tot helemaal niets.

Tot het begin van het seizoen 2009/2010.

Traditiegetrouw sjokte ik pas halverwege de tweede periode van het openingsduel tegen ABC uit Ter Aar de sporthal Cleijn Duin in, uit angst om ook dit keer weer de hele gifbeker van een kansloos verloren wedstrijd te moeten leegdrinken. Bij een vluchtige blik op het scorebord waren de verschillen alweer flink duidelijk, maar toen ik achtereenvolgens achter coach ArendJan en mijn zoon (even uitblazend op de bank) naar de tribune liep, riep de laatste: 'We staan voor!'. En warempel, bij nadere beschouwing van de stand was het dit keer de thuisploeg (onze J42) die met twee keer zoveel punten als de tegenstander aan kop ging. Dat bleef zo tot aan het laatste fluitsignaal (69-36), waarbij mijn jongste nazaat triomfantelijk met de gele wedstrijdsheet kwam aanlopen. Of hij even mocht afrekenen: elf keer gescoord à 50 cent, maakt 5,50 euro.

De tweede wedstrijd – tegen Dunkinn uit Roelofarendsveen – loopt helemaal van een leien dakje. Hij eist de bal op, zijn layupjes lopen opeens als een trein en zijn schotpercentage gaat naar de zestig tot zeventig procent. Niet minder dan zeventien keer legt hij de bal in het netje, goed voor – de snelle rekenaars onder u weten het al – 8,50 euro.  Mag ik even vangen?

 Hoogste tijd om de regeling met onmiddellijke ingang te herzien. Bonussen zijn een besmet woord, houd ik mijn protesterende zoon voor. Lees jij geen kranten? Kijk jij geen televisie? Het is helemaal tegen de tijdgeest.

 In navolging van Barack Obama, Wouter Bos en Nout Wellink zou ik willen zeggen:

Weg met de graaicultuur!

 
 
 
 

 

Dinsdag 27 oktober

 

Ik ben geen type dat elke week zijn auto aflikt, maar voor het ondergescheten vehicle waarmee ik me gistermiddag bij de plaatselijke Kwikfit meldde, geneerde zelfs ik me een beetje. 'Voor wassen bent u hier aan het verkeerde adres', meende de snaakse receptionist te moeten opmerken, voordat ik hem had uitgelegd dat mijn rechtervoorband al een paar weken langzaam - maar de laatste dagen steeds sneller - leegliep. Er bleek een indrukwekkend stuk staal in te zitten, dat vakkundig - en voor een billijke 19 euro, inclusief uitlijnen - werd vervangen door een rubberen prop. Na een week in de ondergrondse parkeergarage van de camping te hebben gestaan, werd mijn Sorento in één nacht verder volledig in de stront gezet door honderden spreeuwen die zich in de bomen boven de parkeerplaatsen voor ons huis tegoed doen aan de rode besjes die ook hun ontlasting zo mooi oranje kleuren. De medewerker van Snella Autowas die ik na de Kwikfit opzocht moest ik vijf euro extra fooi geven om mijn auto met zijn hogedrukspuit weer een beetje toonbaar te maken, alvorens ik de wasstraat mocht inrijden. Het wassen werd daarmee net zo duur als het repareren van mijn lekke band. De rekening zou ik naar de afdeling groenvoorziening van de gemeente Katwijk moeten sturen, die in de jaren tachtig en negentig boven elke parkeerplaats in ons mooie dorp een boom heeft geplant die elke maand van het jaar zijn eigen smerigheid afscheidt. Automobilistje pesten, dat is het!

 
 
 
 

 

Maandag 26 oktober

 

Vijf minuten te laat bij de presentatie van het Visserijboek waarvan ik één van de auteurs ben - het is niet gebruikelijk dat dit soort dingen in Katwijk op tijd beginnen, maar uitzonderingen bevestigen de regel - maakte ik zaterdag de plechtigheid ergens achterin het bomvolle zaaltje van het plaatselijke museum mee, staand naast de haspel van het brandblusapparaat. Na de laatste drukproeven was ik onze uitgave 'Katwijk, 60 km van zee' volledig uit het oog verloren, maar het blijkt een kloek en indrukwekkend boekwerk geworden voor iedereen die in Katwijk, de visserij of - beter nog - in allebei is geïnteresseerd (te koop in het Katwijks Museum of bij de plaatselijke boekhandels voor 19,95 euro, leuk voor sinterklaas of anderszins). Het boek wordt ondersteund door een visserijtentoonstelling - of andersom, dat mag van mij ook - die met name is bedoeld om de autochtone Katwijkers - die weinig met kunst, maar veel met vis hebben - weer eens naar hun prachtige museum te lokken. Zelf vond ik, tussen de honderden foto's en scheepsattributen - vooral de doordringende haringlucht goed getroffen, maar die bleek uiteindelijk te walmen van de schalen met (niet meer zo) Hollandse Nieuwe die door dames in klederdracht werd uitgevent. Niettemin, ook zonder haringlucht, van harte aanbevolen!

 

Mijn mede-auteur Jan van Beelen (midden, met witte kuif) en vormgever Bob van der Plas (rechts, met indrukwekkende zwarte kuif).

 
 
 
 

 

Vrijdag 23 oktober, Leersum

 

Na booming Veenendaal, ook op de laatste dag van onze vakantie een herfstklassieker: het Veerhuis in Opheusden. Het ritje erheen is wel nieuw, met knooppunten die eerst door het bos en daarna over het platteland leiden. Voor de niet-klimmers in ons gezelschap - dat zijn er vijf van de zes - moet ik met een ruime bocht om de Grebbeberg bij Rhenen heen. Het Veerhuis ligt - de naam zegt het al een beetje - direct aan de overkant van de Nederrijn, voor ons alleen bereikbaar met de pont. Voor het vierde achtereenvolgende jaar komen we hier al en we hebben het wel en wee gevolgd van het echtpaar dat dit sfeervolle pand al die tijd aan het opknappen was. Maar het laatste 'wee' hadden we toch gemist: ze zijn gescheiden en de nieuwe eigenaren maken er - met behoud van identiteit, zoals dat heet - een lifestylepaleisje van, dat helemaal in de smaak viel van drie van de zes leden in ons gezelschap (twee zussen en een eega). Ze zaten net lang genoeg aan tafel om hun apfelstrudel en cappuccino naar binnen te schrokken, maar de rest van de tijd renden ze van voor naar achter door het verbouwde pand, op de voet gevolgd door de eigenares die aanwees in welke designwinkeltjes in de regio ze de spullen allemaal had ingeslagen. Morgen, zaterdag, gaan we weer naar huis, maar de dames hebben zich voorgenomen om - met het lifestyle-lijstje met adressen - binnen enkele weken terug te keren. En niet voor de mooie natuur, kan ik u melden.

 

 

 
 
 
 

 

 

Donderdag 22 oktober, Leersum

 

Ja, deze beelden vertekenen natuurlijk. Want nee, ze hebben helemaal niks voor zichzelf gekocht. Alleen voor de kinderen gingen ze van Jack & Jones naar Esprit en vice versa in het mondaine Veenendaal, dat net zo hoort bij onze herfstvakantie in Leersum als de vallende bladeren en de paaltjesroutes. De hele nacht en een deel van de ochtend had het zachtjes geregend, maar tegen de middag werd het droog, zodat de tien kilometer naar het winkelhart van de Heuvelrug toch nog op de fiets kon worden afgelegd. Voor een middagje Veenendaal maak ik mijn eigen agenda, die voert van de Dixons (de vandaag uitgekomen Windows 7 bekijken) naar de Halfords (een standaard voor de fiets van mijn dochter kopen), naar Rein Veenendaal (oud-renner en nu eigenaar van een enorme fietsenzaak waar ik me heb verlekkerd aan de nieuwste collecties racefietsen en mountainbikes), om te eindigen bij de ANWB voor een handig hebbedingetje voor het noteren en aflezen van de fietsknooppuntenroutes: de bikepointer. Aan het eind ontmoeten we elkaar dan weer bij de gebakafdeling van La Place in V&D. Ja, laat dat maar aan mij over om een verloren dag zinvol te besteden.

 

 
 
 
 

 

Woensdag 21 oktober, Leersum

 

De herfstvakantie markeert doorgaans het moment dat ik mijn goddelijke, gespierde zomerlijf inruil voor een torso die - laat ik het voorzichtig zeggen - mij door de barre wintermaanden vol ontberingen moet helpen. Ik kom een kilo of tien aan, bedoel ik daarmee te zeggen, en dat onomkeerbare proces stelt mij elk jaar weer voor een raadsel. Want zeg nou zelf: ik zit hier al sinds zaterdag vijf dagen lang op de fiets, in de regel van de vroege ochtend tot het eind van de middag. En het tempo mag dan niet altijd even hoog liggen, in combinatie met trainingstritjes op de mountainbike leg ik toch elke dag wel tussen de 70 en 90 kilometer af. Hoe - vraag ik mij in gemoede af - slaag ik er elke herfstvakantie toch maar niet in om op gewicht te blijven?

 

 
 
 
 

 

Dinsdag 20 oktober, Leersum

 

Alleen met satellietnavigatie wagen we ons over de rivier, waar we van de Utrechtse Heuvelrug opeens in de ons onbekende Betuwe belanden. Het oranjestadje Buren is ons doel, maar als blijkt dat mijn Garmin GPSmap60Cx ons op de fiets hardnekkig blijft sturen naar wegen die vooral geschikt zijn voor trucks met oplegger, val ik toch weer terug op die andere nieuwe vinding die het fietsen zoveel plezieriger heeft gemaakt: de knooppuntenroutes. Mijn in Scherpenzeel aangeschafte handschoenen blijken zich bovendien uitstekend te lenen om een stukje placemat met nummertjes overzichtelijk op het stuur weer te geven. Alle jonge en dynamische eetgelegenheden in Buren - waar de accu van mijn moeders Gazelle Easy Glider hoognodig moet worden opgeladen en de inwendige mens dient te worden versterkt - blijken 'wegens familieomstandigheden gesloten' of pas vanaf 17 uur open te zijn, waardoor we uiteindelijk in de wat belegen uitspanning De Swaen terechtkomen. Mijn buitenissige uitsmijter De Betuwe (drie hele dooiers, ham, kaas, worst, tomaat en huzarensalade) zal mij later een groot deel van de avond aan het campingtoilet kluisteren.

 

Buren.

 

Dijken, boerderijen, een uitsmijter De Betuwe en pontjes, veel pontjes.

 

Op de terugweg, de skyline van Wijk bij Duurstede.

 
 
 
 

 

Maandag 19 oktober, Leersum

 

Wat hebben we hier de afgelopen vier jaar in hemelsnaam uitgespookt? Dat mag je je in gemoede afvragen, want ook nog nooit gedaan in onze Leersum-herfsten: de Grebbelinieroute. Een tocht langs de verdedigingswerken die ons in mei 1940 weliswaar niet meer dan symbolische bescherming boden tegen het oprukkende Duitse leger, maar 70 jaar na dato toch maar mooi 45 prettige fietskilometers opleveren. Gewoon, net als de bezetter destijds, de bordjes volgen. Het was bewolkt maar droog en met een graad of negen toch zo schraal dat ik bij een lokaal modehuis - veel degelijke plooirokken - in het pittoreske Scherpenzeel een paar handschoenen moest aanschaffen. Weinig vertier, onderweg, want op maandag bleken zo'n beetje alle betere koffiehuizen hun deuren gesloten te houden. En Dicky's Theeschenkerij - ik kan er ook niks aan doen - gaat zelfs in maart pas weer open.

 

 
 
 
 

 

Zondag 18 oktober, Leersum

 

Fietsen of wandelen? Meer dilemma's hebben we niet, deze week. En waarom niet allebei? Al vier jaar rijden we langs Landgoed Broekhuizen aan de rand van Leersum, maar zaterdag zagen we voor het eerst pas dat er ook wandelroutes over het terrein lopen. Met beschilderde paaltjes, nota bene. En een natuurpad voor mindervaliden. Zo hoort dat in Nederland. Dus liepen we anderhalf uur door een Engels landschapspark dat wordt beheerd door Staatsbosbeheer met een gigantisch landhuis in particulier bezit. (Er stond nog veel meer op het bordje bij de entree, maar dat heb ik niet meer paraat.) In elk geval was dit de tweede dag van onze vierde herfst in Leersum waarop we iets deden wat we nog nóóóóóóóóóóóit eerder hebben gedaan. Het was ook de laatste keer, heb ik maar meteen aangekondigd, want wandelen is dodelijk voor het spierstelsel van een fietser.

 

 
 
 
 

 

Zaterdag 17 oktober, Leersum

 

Een tante zaliger van mijn vrouw ging haar hele leven op vakantie naar Nijverdal en wist ons elke verjaardag op de mouw te spelden dat ze daar - op haar 73ste - nog elk jaar nieuwe weggetjes ontdekte. En  zo is het bij ons ook, in het vierde jaar Leersum, al vallen we de eerste dag graag terug op oude routines: een stukje door het bos naar Amerongen, daarna over de dijk richting Wijk bij Duurstede en halverwege weer rechtsaf - anders wordt het te ver - door het bos terug naar de camping. Na de uitputtende reis van vijf kwartier van Katwijk naar de Utrechtse Heuvelrug bleven twee zwagers en mijn moeder in de caravan achter voor een middagdutje, waardoor ik als routeplanner optrad voor mijn vrouw en twee zussen. Voor het eerst gebruikte ik daarbij het knooppuntenroutekaartje dat ik vorig jaar op de laatste dag van onze herfstvakantie kocht. Voor ons vertrouwde rondje Amerongen - dat ik inmiddels kan dromen - moesten we daarvoor opeens de nummers 17, 16, 18, 19, 11 en 12 volgen. En het is gek, maar het was alsof we er voor het eerst reden. Het zal, net als bij die tante zaliger, de leeftijd wel zijn.

 
 
 
 

 

Vrijdag 16 oktober

 

Daar gaan we weer. Want als we niet elk jaar zouden gaan, was het geen traditie. De herfstvakantie brengen we door op camping Ginkelduin in Leersum, middelpunt van mountainbikeroutes, fietsknooppunten over de Utrechtse Heuvelrug en routes langs de Hollandse IJssel. Wie gaan er mee? M'n moeder, twee zussen, een zwager, mijn vrouw, zoon Steven en neef Ben. Want nieuw dit jaar: allerlei postpubers grijpen dit weekje aan om thuis te blijven. Zo zet onze dochter de eerste schreden naar de zelfstandigheid, waarschijnlijk op een dieet van frituur, pizza en kant-en-klaarmaaltijden. Wat gaat er mee? Vier caravans en acht fietsen. Van de drie rijwielen die ik vorig jaar alleen al voor mezelf meenam (zie foto), heb ik er toen twee niet gebruikt. Tijd om het dit jaar helemaal anders aan te pakken. Door maar twee fietsen voor mezelf mee te nemen, bijvoorbeeld. Met het heilige voornemen om niet alleen met de familie van appelgebakterras naar lunchroom te rijden, maar ook zeker elke dag te mountainbiken door bos en veld. Nou ja, in elk geval een keer of vijf. Of vier. Maar zeker drie!

 
 
 
 

Donderdag 15 oktober

 

Het zijn kleine momenten in een mensenleven, maar je moet er wel even bij stilstaan, vind ik.

Tot de artiesten waar ik 'alles' van heb behoort John Gorka. Alle cd's, bedoel ik daarmee, van zijn eerste 'I Know' uit 1987 tot 'Writing in the margins' uit 2006 en alle acht albums die daar nog tussen zitten. Allemaal origineel, niks gestolen van internet, wat alleen voorbehouden is aan mijn selecte gezelschap van absolute topfavorieten. Maar gisteravond heb ik gebroken met die traditie met zijn nieuwste cd 'So dark you see'. Dat wil zeggen: met het aanschaffen van het schijfje. Ik draai namelijk sinds 2006 geen cd's meer. Al mijn muziek staat op de harde schijf - twee harde schijven, voor de zekerheid - en ik speel ze via mijn muziekinstallatie af met het programma Itunes. Daar is ook een winkel aan verbonden - de Itunes Store - waar ik overigens weer alleen van mijn rijtje topfavorieten de muziek legaal aanschaf. Enerzijds omdat ze vaak te obscuur zijn om via de geëigende illegale kanalen te downloaden, anderzijds omdat ik deze kleine krabbelaars graag financieel ondersteun. En, het moet gezegd, Itunes rekent billijke prijzen: voor de 16 nieuwe nummers van deze verstilde Amerikaanse sombermans betaalde ik 8,99 euro, en dan heb je ze ook nog eens binnen een paar minuten op je harde schijf staan. Bij bol.com kost het plaatje 17,99 euro (plus 1,65 euro verzendkosten) en moet je er nog op wachten ook.

 

 
 
 
 

 

Woensdag 14 oktober

 

Als bijna 150 jaar oude krant zitten we tegenwoordig met allemaal jonge, snelle communicatie- en internetboys in een eigentijds verbouwd monumentaal fabriekspand in de Leidse binnenstad, Nieuwe Energie genaamd. Prettig voor de kruisbestuiving, zo was de gedachte, niet alleen met de stad, maar ook met elkaar. Om dat laatste te bewerkstelligen was er gistermiddag een EnergieBoost (spreek uit: boest): alle bedrijven en bedrijfjes konden na vieren bij elkaar binnenkomen om eens rond te snuffelen, een workshop te volgen of anderszins te netwerken. En uiteraard een borrel toe. Om de toeloop naar mijn 'kijk en luistershop' op de zolderverdieping van onze redactie enigszins te temperen, had ik mijn voorstelling zo saai mogelijk aangekondigd: Heden en verleden van het Leidsch Dagblad (de toekomst liet ik wijselijk voor wat die was). Met behulp van een pc, een beamer en mijn geïmproviseerde, van kwinkslagen doorspekte betoog, zou ik die vluchtige communicatie en internetboys wel eens laten zien hoe je een degelijk product als een krant in elkaar sleutelt. Twee sessies van 20 minuten waren er voor me ingepland, eentje van 17.10 uur tot 17.30 en eentje van 17.40 tot 18.00 uur. Maar in het geweld van de nieuwste computerspellen, demonstraties Oosterse zelfmassage en workshops sushi maken op de begane grond, kwam er - en dan ook nog helemaal tegen het eind van sessie twee - welgeteld één oude man omhoog om een praatje met me te maken. Hij zal van mijn leeftijd zijn geweest. Heel nadrukkelijk bekroop me het gevoel dat we voor die communicatie- en internetboys niet meer van deze tijd zijn. 

 
 
 
 

Dinsdag 13 oktober

 

Toen ik enkele maanden geleden begon als passieve twitteraar - ik volg het illustere drietal Nico Dijkshoorn, Barack Obama en Lance Armstrong, meer niet - was ik een meeloper. Iemand die - niet voor het eerst - zijn oren laat hangen naar rages en de ruggengraat mist om de verleidingen van nieuwe gadgets te weerstaan. Over mijn weblog en andere moderne manieren van communiceren had ze zich al eerder laatdunkend uitgelaten. Maar goed, dat was een paar maanden geleden. Een reeks moderne marketing- en andere snelle  cursussen voor haar werkgever verder, is ze ineens actief op Hyves en werd ik zondagmiddag - bijna letterlijk met het mes op de keel - door mijn vrouw en echtgenote gedwongen om aan mijn twitterrijtje Nico Dijkshoorn, Barack Obama en Lance Armstrong ook de Katwijkse Openbare Bibliotheek toe te voegen.

 

 
 
 
 

Maandag 12 oktober

 

Volkskrant-recensent en vogelaar Jean Pierre Geelen schreef laatst enthousiast over een nieuwe verrekijker die hij had aangeschaft. Ontzettend duur, was het ding, maar hij had voor zijn vrouw desondanks maar tweehonderd euro van de prijs af gelogen. Dat vond ik een herkenbaar zinnetje. Alle mannen met een kostbare hobby stellen voor hun echtgenotes de prijs van nieuwe hebbedingetjes naar beneden bij. Waarom? Het scheelt een hoop gezeur en je doet er verder niemand kwaad mee. Zelf ben ik ook een erkend afprijzer omdat ik uit ervaring weet dat vrouwen niet goed de waarde inzien van aankopen die ik bijvoorbeeld voor mijn fiets(en) doe. Zelfs de keren dat ik denk écht voor een koopje uit te zijn, moet ik toch nog in discussie. Zoals dit weekeinde, waarop mijn mountainbike terugkwam van een winterbeurtje. Hoe duur? 138,75 euro, sprak ik geheel naar waarheid. Als het 300 was geweest, had ik het ook billijk gevonden. Moet je kijken wat ze daar allemaal voor doen, ging ik meteen in de verdediging: een servicebeurt voor de derailleur en het controleren en eventueel stellen van, hou je vast: trapas, balhoofd, wielen, naven, remmen, remblokken, versnellingskabels, ketting en banden. Bovendien had ik een nieuwe ketting nodig, nieuwe remblokken achter en een binnenband. 'Nou, toch vind ik het best duur', zei mijn vrouw onredelijk. Dus: volgende keer beweer ik dat het vijf tientjes was. Dat willen ze gewoon horen, die vrouwen.

 
 
 
 

 

Zaterdag 10 oktober

 

De bonusregeling van 50 cent per punt heb ik in het leven geroepen in een tijd dat zijn basketbalspel voornamelijk bestond uit het geven van breedteballetjes, zijn layupjes nergens op leken en zijn schot in bijna honderd procent van de gevallen de benaming 'airbal' (een bal die basket noch bord raakt) verdiende. Er gingen halve seizoenen voorbij dat ik nooit hoefde uit te keren. Maar de competitie 2009/2010 dreigt in de papieren te gaan lopen. Hij eist de bal op, zijn layupjes (de lange dribbels naar de basket, twee stappen maken, omhoog komen en scoren) lopen opeens als een trein en zijn schotpercentage gaat naar de zestig tot zeventig procent. In de eerste wedstrijd tegen ABC uit Ter Aar scoorde hij elf keer (5,50 euro) en dit keer, tegen Dunkinn uit Roelofarendsveen, legde hij de bal zeventien keer (8,50 euro) in het netje (volgens het scorebord gewonnen met 83-39, maar daarmee deden ze ons nog een paar puntjes te kort). Hoogste tijd om de bonusregeling te herzien. Wat dat betreft heb ik de tijdgeest helemaal mee. Weg met de graaicultuur!

 
 
 
 

Vrijdag 9 oktober

 

Lange tijd hebben we gedacht dat de internationale kredietcrisis aan ons gezin voorbij zou gaan. We hebben allebei onze baan nog, de aandelen zijn reeds jaren geleden de deur uitgedaan, we bankieren niet bij de DSB en de prijs van ons huis mag 400 procent kelderen en dan nóg is er sprake van overwaarde. Maar juist op dat moment klopt de recessie nadrukkelijk bij ons aan de poort. Eerst gaat de dealer van de Chevrolet Matiz van mijn eega failliet (inmiddels is er sprake van een bibberige doorstart), en donderdag laat mijn Kia-dealer uit Leiderdorp in bloemrijke taal weten dat 'de ondergang van onze vorige importeur Kroymans' hem (en vele andere dealers in Nederland) fataal (= noodlottig) is geworden. Fataal, inderdaad. 'God hebbe zijn ziel', ging het even door mij heen, totdat mij gewaar werd dat er 'slechts' sprake van was dat hem 'geen plek meer is gegund in de nieuwe strategie van Kia Motors'. In de rechtszaal wordt nog gestreden om het voorrecht van Kia het 'Erkend Reparateurschap' (noodzakelijk voor klanten met garantie, zoals ik) te krijgen. Maar: 'Ondanks dit oneerlijke besluit van Kia Motors kunnen wij melden dat wij als gezond en sterk bedrijf actief zullen blijven in Leiden en omstreken. Zo kunnen wij u uiteraard blijven voorzien van alle service/onderhoud aan uw Kia, en zullen wij met onze ziel en zaligheid doorgaan, zoals wij dat al 73 jaar doen.' Kijk, zo mag ik het horen. Een bejaarde die een fatale tegenslag te verwerken krijgt, niet bij de pakken wenst neer te zitten en zichzelf met ferme peptalk reanimeert. Maar zonder dat 'Erkend Reparateurschap' trek ik toch de stekker uit mijn klandizie.

 
 
 
 

 

Donderdag 8 oktober

 

Vliegen doen ze niet. Veel te gevaarlijk. Maar met de bus komen ze ook overal. De grafmeisjes - pardon, de (kerk)hofdames moet ik zeggen - zijn net terug uit Kroatië waar mijn moeder (derde van links) met de weduwen met wie ze op de Katwijkse begraafplaats bevriend is geraakt, de boel weer op stelten hebben gezet. Mijn werk is het dan om van de beelden die met mijn moeders digitale camera zijn gemaakt - jazeker, de dames gaan wel met hun tijd mee - een fotoalbum samen te stellen. Als ik alle opnamen die per ongeluk zijn afgedrukt, zwaar zijn bewogen (mijn moeder beeft nogal), compositorisch beroerd zijn, niet te corrigeren zo scheef zijn of alleen maar zwarte vlekken vertonen (druipsteengrotfotografie is altijd erg lastig), houd ik er nog een Hema-album van zestig pagina's aan over. Nu Kroatië af is en naar de drukker verstuurd, heb ik Spanje nog liggen. Daar zijn ze twee maanden geleden geweest. En binnenkort komen de kerstreisjes er alweer aan. En hebben ze tussendoor Oostenrijk niet gedaan, of zoiets? Kortom, ik ben nog een paar avonden onder de pannen.

 

 
 
 
 

 

Woensdag 7 oktober

 

Het kan toch geen toeval zijn: sinds ik vorige week op deze plek reclame maakte voor de site www.hetregentbijnanooit.nl is er nog geen dag voorbij gegaan zonder dat ik op de fiets zeiknat regende.

 
 
 
 

Dinsdag 6 oktober

 

Natuurlijk wist hij het zeker: zijn Franse woordjes hoefde hij alleen van het Frans in het Nederlands te leren. Niet andersom. Dat deed niemand, uit zijn klas. Hij had het duidelijk van zijn leerkracht gehoord. Alleen Frans-Nederlands. Het stond ook in zijn agenda. Of in zijn werkplanner, daar wilde hij vanaf zijn. Nee, dan kon zijn moeder wel tienduizend keer zeggen dat je een taal altijd naar twee kanten toe leert, als het niet hoefde van zijn leraar en het stond ook niet in de werkplanner dan zou je wel heel stom zijn als je ook van het Nederlands in het Frans ging leren. Hij kon zijn kostbare tijd wel beter gebruiken. En ja, als dat mens tijdens die schriftelijke overhoring toch opeens allerlei dingen van het Nederlands in het Frans gaat vragen, is dat natuurlijk belachelijk. Slaat helemaal nergens op. Helemaal tegen de afspraak. Net als de puntentelling, die ze hanteert. Hij had 3,5 fout gemaakt: goed voor een 4,6! Terwijl klasgenoten die havo doen - en niet vwo, zoals hij - met 7 fouten nog een 6,5 kregen. Heel onrechtvaardig. Als het zo moest, kon hij er net zo goed mee kappen. Nee, het had natuurlijk geen enkele zin om met zijn leerkracht over dat leren of die puntentelling in gesprek te gaan. Dat mens is echt niet voor rede vatbaar. Verschrikkelijk eigenwijs. Heel anders dan hij.

 
 
 
 

 

Maandag 5 oktober

 

Nee, zelf hoefde hij niet te spelen. Maar toch bracht onze zoon de hele zaterdagmiddag in de sporthal van  Grasshoppers door. Hij moest 'tafelen'. Voor wie niet vertrouwd is met de edele basketbalsport: naast twee scheidsrechters is er ook een administratieve twee-eenheid die de wedstrijd in goede banen leidt. Achter de tafel (vandaar het werkwoord 'tafelen') houdt dit duo bij wie er gescoord heeft, wie er persoonlijke fouten achter hun naam krijgen, wanneer de klok moet worden stilgezet en wat de stand is. Na zijn tafelcursus was onze jongste nazaat (hier op archiefbeeld, naast zijn vriend Dennis) welgeteld één keer eerder ingezet om een wedstrijdje (van een jongemeidenteam) te administreren (in februari van dit jaar, was dat), waardoor de aanloop naar zijn tweede tafelduel (jongens onder 16) niet geheel stressvrij verliep. Het 'afkopen' van de tafelbeurt - ja, dat kan ook, er zijn invallers die er een leuke zakcent aan verdienen - werd hem door het ouderlijk gezag verboden - tafelen is ook een lesje in verantwoordelijkheid nemen en concentratie - waardoor de nacht van vrijdag op zaterdag voor hem een vrij korte werd omdat hij reeds bij het ochtendgloren in bed het tafelcursusboek nog eens lag door te nemen. Ik ben bewust niet gaan kijken, dus uit de tweede hand weet ik dat zijn voornemen om de klok te hanteren (het makkelijkste klusje bij het tafelen) in de grond werd geboord door een zo mogelijk nog onervarener tafelmaat, die bovendien net een inspannende wedstrijd had gespeeld. Maar - alweer uit overlevering - begreep ik dat hij het voorbeeldig deed, al maakte hij na het invullen van het formulier wel dat hij snel uit de sporthal weg kwam voordat eventuele onregelmatigheden zouden worden ontdekt. Van de kant van de tegenpartij verwacht ik geen protesten: die heeft hij met 40 punten verschil laten winnen.

 
 
 
 

 

Vrijdag 2 oktober

 

De term is van haarzelf, want ik zou mijn vrouw natuurlijk geen loser durven noemen. Ze heeft mij gevonden, tenslotte. Maar een feit is dat ze op zekere momenten in het leven voor het ongeluk lijkt geboren. Als wij met 55.000 andere mensen in een bomvolle Kuip zitten en er wordt van de tweede ring een bierblikje gegooid, dan krijgt zij het op haar hoofd. Idem dito als er een eenzame meeuw met constipatie boven de Katwijkse Boulevard cirkelt. Gisteravond gooide ze na het eten - met natte, gladde handen - met een krachtig armgebaar een op de keukenvloer gevallen doperwt door de openstaande deur de tuin in, waarbij ze opeens haar kostbare ring door de lucht voelde vliegen en in het dikke struikgewas van onze tuin hoorde landen. Geen idee wáár precies, in het oerwoud van bodembedekkers en grassen. Het kon overal zijn. Toen ik haar achterliet om een rondje te gaan biken ploegde zij samen met onze zoon - die het na een minuut al zat was - radeloos door het lover, onder het mompelen van het mantra 'Die vind ik nooit meer'. En toen ik, ver na het invallen van het duister, weer thuiskwam, verwachtte ik haar daar nog steeds te zien zitten, bloemen en planten met woeste halen in de lucht gooiend. Maar ze hing voor de tv, met een voldaan gezicht, de ring trots om haar vinger. 'Ik mag dan een loser zijn, ik geef niet gauw op', merkte ze voldaan op. Bij daglicht ga ik de ravage in onze tuin maar eens in ogenschouw nemen.

 
 
 
 

 

Donderdag 1 oktober

 

Omdat Gerard Poels op een website bijhoudt wat bijna iedereen al weet, haalde hij enkele weken geleden alle kranten van Nederland. Zijn boodschap: ga lekker op de fiets naar het werk, want het regent bijna nooit. Over een jaar gemeten kwam hij tot 11 procent regenritjes (met een piek in februari, waar in december, april en augustus 100 procent droog werd gereden). Mijn eigen ervaringen na anderhalf jaar fietsen van Katwijk naar de redactie aan de 3e Binnenvestgracht in Leiden zijn nog gunstiger, al houd ik niet zulke mooie grafiekjes bij als Poels. Als je namelijk de buienradar in de gaten houdt en je kunt een beetje flexibel beginnen - kwartiertje eerder, kwartiertje later - dan rijd je bijna altijd droog naar je werk. Alleen de afgelopen drie dagen heb ik elke dag, thuis of onderweg, mijn regenpak moeten aantrekken. Het wachten is op een buienradar die goed aangeeft dat het zo geniepig miezert dat je er binnen een half uur toch zeiknat van wordt.

 
 
 
 

 

Woensdag 30 september

 

De dagen en de fietstochten worden korter, de maaltijden langer. Alle reden om weer op het gewicht te letten. Het programmaatje van Lance Armstrongs Livestrong - bij Apple noemen ze dat een app - zit al een paar maanden op mijn Iphone. Deze calorietracker moet mij stimuleren om af te vallen, door steeds nauwkeurig de calorieën bij te houden die ik op een dag tot mij neem. Toch heb ik het nog nooit gebruikt. Te ingewikkeld. Ik weet namelijk nooit hoeveel calorieën er in mijn eten zitten. Bij voorverpakt voedsel kun je het nog wel eens op de verpakking lezen, maar wat moet ik met mijn broodje bal in de kantine, de verse salades die daar elke dag voor me klaarstaan, de Van Dobbe kroketten of de smoothy's? Als ik een paar uur op de racefiets heb gezeten, weet mijn computer me direct te vertellen hoeveel calorieën ik heb verbruikt. Maar wie weet er überhaupt wat er op een dag naar binnen gaat? Het antwoord op die laatste vraag heb ik inmiddels, dankzij mijn collega Paul de Vlieger. Tijdens de Hillegomse najaarsfeesten moest hij vragen bedenken voor een kroegquiz. Tegenover een aantal mannenkwesties - sport, politiek, techniek - had hij ook typische vrouwenvragen. Zoals: hoeveel calorieën zitten er in een glas melk? Een kleine rondvraag op de redactie leerde inderdaad dat alleen vrouwen dit soort dingen weten. Aan ons mannen is een calorietracker niet besteed. Een rustgevende gedachte.

 
 
 
 

 

Dinsdag 29 september

 

Natuurlijk kijk ik op zondagavond ook naar 'Boer zoekt vrouw', maar mijn onbetwiste kandidaat voor de Televizier Ring 2009 voor het beste Nederlandse tv-programma is 'Man bijt hond'. Laat ik eerlijk bekennen dat ik er de eerste tien jaar van het bestaan geen weet van had - die hoogtepunten zijn inmiddels verkrijgbaar op dvd - maar sinds ik het in de vooravond heb ontdekt sla ik geen aflevering meer over. De redactie van 'Man bijt hond' maakt televisie zoals ik minimaal de helft van mijn krant zou willen maken: met een vette knipoog naar het nieuws, belangstelling voor de gewone man en een bijzonder oog voor markante figuren. Knap en liefdevol gemaakt. Dat ik de eerste tien jaar 'Man bij hond' aan mij voorbij heb laten gaan, ligt waarschijnlijk aan het tijdstip van uitzenden: rond 19 uur, spitsuur in een gezin met jonge kinderen. Maar nu past het naadloos in mijn schema tussen het Sportjournaal van 18.45 en 'De Wereld Draait Door' om 19.30 uur. Geschild appeltje onder handbereik, trosje druiven uit eigen tuin en daarna wat dropjes. Mijn held is momenteel Frans Zwaagstra, de geitenboer uit Zwaagwesteinde. Frans is niet van deze tijd. Frans is anders. Nou ja, ik kan er nog wel een regel of tien aan toevoegen, maar kijk ter introductie even naar Frans visie op de vrouw. Vooropgesteld: het is niet mijn mening, maar Frans heeft natuurlijk wel een punt.

 

 
 
 
 

 

Maandag 28 september

 

De metershoge, opblaasbare pop die mijn zwager M. daags ervoor in de tuin wilde zetten, werd door mijn schoonzus schielijk afgebeld, onder verwijzing naar een dreigende familiecrisis. Het bord dat vrienden op de heugelijke dag zelf bij zijn voordeur hadden gezet, werd door hem slechts tandenknarsend gedoogd. En verder weigerde hij grimmig en resoluut T-shirts met ludieke teksten aan te trekken of buttons met verwijzingen naar het bereiken van deze mijlpaal op te spelden, hoezeer de gulle gevers daar in hun smeekbedes op aandrongen. Ook de taart met opdruk vond hij helemaal niks, al had zijn vrouw zich daar ten lange leste niks van aangetrokken. Alleen de ceremonie met de 50 kaarsjes, daar durfde ze toch niet aan te beginnen. Maar nee hoor, verder zat mijn zwager P. er helemaal niet mee, dat hij sinds gisteren Abraham onder ogen moet zien.

 
 
 
 

 

Zaterdag 26 september (middag)

 

Vooraf was het mijn zoon die openlijk mijn zo zorgvuldig verborgen gehouden gevoelens verwoordde: 'Ik heb er geen goed gevoel over.' De seizoensopening van Grasshoppers J14-2 was dit jaar opnieuw tegen ABC, de Aardamse Basketbal Club die ons vorig jaar tot twee keer toe met grote cijfers vernederde. Mijn komst naar de sporthal Cleijn Duin - we speelden thuis - vertraagde ik al zoveel mogelijk door eerst in het dorp wat noodzakelijke aanschaffingen te doen, waardoor ik ergens halverwege de tweede periode binnenkwam. Ik bedoel: mee lijden is mooi, maar het moet niet te gek worden. Bij een vluchtige blik op het scorebord waren de verschillen alweer flink duidelijk, maar toen ik achtereenvolgens achter de coach en mijn zoon (even uitblazend op de bank) naar de tribune liep, zei de laatste: 'We staan voor!'. En warempel, bij nadere beschouwing van de stand waren het de gasten die met twee keer zoveel punten als de tegenstander - het tweede team van Jongens onder 14, net als dat van mijn zoon; vorig jaar waren we nog ingedeeld bij hun eerste - aan kop gingen. Dat bleef in feite zo tot aan het laatste fluitsignaal (69-36), waarbij mijn jongste nazaat met onder meer een aantal mooie lay ups in totaal elf keer scoorde. Of hij even mocht afrekenen, vroeg hij na afloop: elf keer 50 cent, maakt 5,50 euro. Als dat zo doorgaat moet ik de winstpremie binnen de kortst mogelijke keren naar beneden bijstellen. Maar zo lang ik nog geen vergelijkingsmateriaal heb, staat de vraag centraal: zijn wij nu goed, of waren zij zo slecht?

 

 
 
 
 

 

Zaterdag 26 september (ochtend)

 

De twee collega's die de 'persalarmtelefoon' onder hun beheer hebben, zijn allebei met vakantie. En ik ben voor beiden eerste reserve. Daar hoef je weken niks van te merken, maar dan opeens is het raak. De meest ongelukkige tijd voor een ochtendblad is een persalarm rond middernacht: de voorpagina staat op het punt om naar de drukkerij te gaan en je kunt vanuit huis niks meer doen dan een berichtje van een paar regels aanleveren, na wat moeizame belletjes met de meldkamer en een brandweercommandant. Daarna toch nog maar even mijn wijntje laten staan, afscheid genomen van moeder de vrouw, camera gepakt, in de auto gestapt en met mijn politieperskaart drie afzettingen gepasseerd om een fotootje te maken en die heerlijke brandlucht op te snuiven. Daar ben je toch ooit verslaggever voor geworden. En de internetredactie was er blij mee. Net als met het videootje dat een van de loslopende nieuwscowboys had aangeleverd.

 
 

 

Vrijdag 25 september

 

Vier maanden geleden kondigde ik op deze site 'the war on papierbakkie' aan. De strijd tegen een lakse wijkregisseur, slordige vuilophalers en gewetenloze burgers. Alle middelen wierp ik daarvoor in de strijd: snijdende logs op dit web, smerige satire in mijn dagblad, alles met het doel de openbare ruimte in ons mooie dorp weer wat leefbaarder te maken. En zie: op donderdag 24 september, gisteren dus, was het zover. David kreeg Goliath (lees: de gemeente Katwijk) op de knieën. Een heel leger aan ambtenaren en ambachtslieden - die maakten dat ze wegkwamen toen ik ze op de foto wilde zetten - trokken hun consequenties uit de door mij al op woensdag 27 mei gesuggereerde optie a: ons papierbakkie is gewoon te klein voor het aanbod. In een poep en een zucht werd een bak geplaatst met een twee keer zo grote capaciteit. 'Als je de directie maar onder druk zet!', mag mijn collega Rob1 in dit soort gevallen altijd graag de kantoorgenoten van Jiskefet citeren.

 

 
 
 
 

Donderdag 24 september

 

Tot de hoogtepunten in een mensenleven hoort de komst van een nieuwe computer. Dat moet iedereen toch met me eens zijn. Het hoeft niet eens de computer van jezelf te zijn. Ik kan me net zo veel verheugen op de nieuwe laptop van mijn vrouw of de desktop van mijn dochter. Die laatste - een nieuwe Dell Dimension - heeft verzender UPS afgelopen dinsdag tevergeefs bij ons proberen te bezorgen. Kan gebeuren, want UPS noch Dell had vooraf iets laten weten. Zelfs mijn eega - die dinsdagmorgen niet werkt - valt in dit uitzonderlijke geval niet te verwijten dat zij niet in de buurt was toen het UPS-mannetje met de dozen voor onze deur stond. Dat hij geweest was, werden we gewaar middels een gele UPS InfoNotice, waarop de tijd (11.30 uur) en de dag (dinsdag) stonden genoteerd. Hij zou het een etmaal later wederom proberen, want bij de buren geven de UPS-mannetjes zonder schriftelijke verklaring helemaal niets af. Een gewaarschuwd mens telt voor twee. En wat treft het dan bijzonder dat mijn echtgenote ook de hele woensdag geen werkverplichtingen heeft. Met het oog op een avondje computer installeren en inrichten had ik gisteravond zelfs mijn trainingsritje met fietsmaat Rob1 laten lopen. Mij wachtte belangrijker verplichtingen. Thuisgekomen liep ik meteen door naar de gang, in blijde verwachting van een stapeltje imposante Dell-dozen. Maar niets van dat al. Mijn vrouw zou ze toch niet al naar boven hebben gedragen? Nee, meldde ze achteloos, er lag alleen dit briefje. Ze toonde me opnieuw een gele UPS InfoNotice, afgetekend om 12.30 uur, toen ze 'even naar de bakker aan de overkant' was. 'Die bakker met die enorme glazen pui?', vroeg ik nog, 'waardoor je zo gemakkelijk die karakteristieke bruine UPS-auto voor onze deur kunt zien stoppen?' Ja, die bakker was het. Vandaag komt UPS weer bij ons langs. Misschien om 9.30, of 00.30 uur, kan ook 14.30 uur zijn. Er is niemand thuis. Dat weet ik nu al. Iedereen is aan het werk of naar school. Vrijdag idem dito. En nu wil mijn eega maar niet begrijpen waarom mijn dochter en ik gisteravond zo chagrijnig waren.

 
 
 
 

Woensdag 23 september

 

De kenners weten het: vandaag op de kop af 26 jaar geleden traden mijn eega en ik in de echt. Ja, daar zijn foto's van, maar daar worden we allebei liever niet meer mee geconfronteerd zonder een goede slok op. Of het moeten de sfeerbeelden op het strand zijn, die door mijn in Spanje rentenierende vriend werden geschoten. Van het officieel herdenken van mijlpalen zijn wij niet, maar tot de tradities hoort dat ik mijn wederhelft op de ochtend van elke trouwdag verras met een romantisch geschenk, gewoonlijk in de vorm van sieraden of parfum. Ik krijg niks, ook dat is traditie, ondanks mijn jaarlijkse tegenwerpingen dat ik er net zoveel voor gedaan - als gelaten - heb als zij. Tot dit jaar. Ik heb mijn toevlucht gezocht tot een cadeau waar we - na onze laatste Italiëreis waarop mijn outdoor-Garmin GPS ons op de snelweg zo hopeloos in de steek liet - allebei heel dringend behoefte aan hadden. Al was het alleen maar om een einde te maken aan de al even traditionele onenigheid over de te volgen route. Liefde is... probleemloos navigeren. Alleen mijn vrouw kon er de romantiek niet van inzien.

 

 
 
 
 

Dinsdag 22 september

 

De derde week gaan we in, dit schoolseizoen, en de lijst met 'vergeten/verloren/kwijt' van onze zoon is nog redelijk overzichtelijk:

Week 1: etui met inhoud (inclusief pennen, passer, geodriehoek, et cetera)

Week 2: schoolsportshirt met logo

Week 3: jas

 

Het goede nieuws is dus dat de brooddoos, zijn mobieltje en het regenpak nog in ons bezit zijn. Het slechte nieuws is dat hij maandagmorgen (12 graden) alweer vroeg om zijn handschoenen aan te mogen, de voorwerpen die afgelopen seizoen met stip op de eerste plaats van de 'vergeten/verloren/kwijt'-lijst stonden. Daar wachten we dus nog even mee tot het echt onder 0 is. Het moet gezegd, de eerste twee verliezen van de lijst droeg mijn eega met waardigheid, maar toen gisteren bleek dat haar jongste nazaat  noodgedwongen zonder (zomer)jas naar school moest, was er toch sprake van een ontplofmoment. Geen idee waar het ding was gebleven. Hij meende in elk geval zeker te weten dat hij hem afgelopen vrijdag nog mee naar huis had genomen, een lezing die door mijn wederhelft met stemverheffing werd betwist. Niettemin bleek hij gelijk te hebben, want na een uitgebreide zoektocht door de school, bleek de jas thuis onderin zijn zak met gymspullen te zijn gepropt. Nog een geluk bij een ongeluk: bij het ondersteboven keren van alles waar zijn jas zich maar zou kunnen bevinden, kwam ook het etui weer boven water. Het schoolsportshirt blijft voorlopig nog zoek en komt dus als eerste in aanmerking voor de 'vergeten/verloren/kwijt'-regel die mijn echtgenote voor dit seizoen heeft ingesteld: vervanging dient hij van zijn eigen spaargeld te vergoeden.

 
 
 
 

 

Maandag 21 september

 

Het ei is gelegd. 'Wij' van het Katwijks Museum zijn bevallen van het boek 'Katwijk, 60 km van zee', een tijdbeeld uit de hoogtijdagen van onze plaatselijke vissersvloot in de periode van 1945 tot 1960. Vandaag gaat het naar de drukker, op 24 oktober wordt het gepresenteerd, bij de opening van een gelijknamige tentoonstelling, ook in het museum. Ruim een jaar is eraan gewerkt, wat met vrijwilligers die er maar een paar uur per week in kunnen steken nog een behoorlijk krappe termijn is. En dan mag je hopen dat het uiteindelijk alleen de makers zijn die eraan afzien dat het haastwerk is geweest. Aan de vormgeving zal het in elk geval niet liggen, want Bob van der Plas (geen familie, maar wel een Katukker, uiteraard) heeft schitterend werk afgeleverd. Goeie, prikkelende titel ook, die slaat op de grote frustratie van de Katwijkse gemeenschap die in de jaren vijftig weliswaar de grootste vissersvloot van Nederland had, maar van de regering geen eigen zeehaven mocht aanleggen. De loggers die in de wintermaanden in het Prins Hendrikkanaal lagen, moesten bij het begin van het nieuwe haringseizoen - hoewel de zee hemelsbreed maar een paar honderd meter verderop lag - een lange tocht door de binnenwateren maken om in IJmuiden het zeegat uit te gaan. Zestig kilometer verderop, inderdaad.

 

 
 
 
 

 

Vrijdag 18 september

 

Met stip stijgend op mijn persoonlijke lijst met supermarktergernissen: de producten die ze jarenlang in het assortiment hadden en nu opeens niet meer te vinden zijn. Bij mijn eigen favoriete grootgrutter in Katwijk - Digros, een onderdeel van de Dirk van den Broek-keten - sta ik steeds vaker vertwijfeld te zoeken voor schappen waarin ik tot voor kort blindelings mijn favoriete eerste levensbehoeften vond. Het begon een tijdje geleden met de DropFruit-duo's waaraan, ik geef het toe, ik was verslaafd, en waarvan ik vanwege het wankelmoedige inkoopbeleid cold turkey moest afkicken. Daarna stapte ik over op de Venco Dropmix Zout, vooral lekker direct na de warme maaltijd. Maar na het maanden wegmalen van tientallen kilo's van dit zwarte goud, bestaat het Venco Dropmixen-assortiment van Digros alleen nog maar uit gemengd Zoet. Eerst denk je nog aan een bijvul- of bestelfout, maar na een paar weken dringt de harde realiteit tot je door. De Dropmix Zout komt nooit meer terug! (De DropFruit-duo's schijnen inmiddels wel weer een comeback te hebben gemaakt, maar die zitten nu niet meer in mijn systeem.) Bijna nog erger: de enige Pringles-buizen die ik voor mezelf aanschafte - de paarse, de Pringles Light, vooral lekker tijdens Pauw en Witteman - wordt ook niet meer gevoerd. Ervoor in de plaats zijn de meest exotische Pringles-varianten teruggekomen, die ik allemaal even smerig vind. Ik wil geen citroenbarbecue-haringsmaak op mijn chips. Ik wil mijn Pringles Light terug! Net als mijn Adidas Sportdeodorant, in van die grijze bussen, die bij de ingang altijd rechts stonden. Waar, mijnheer Van den Broek, zijn ze gebleven! Nou, nou??!!

 
 
 
 

Een voor mijn bardienst verre van representatieve foto van onze basketbalkantine: The Bucket.

 

Donderdag 17 september

 

Het basketbalseizoen is ook voor mij begonnen. Licht gespannen reed ik gistermiddag van mijn werk naar de eerste bardienst op mijn vaste woensdagmiddag bij de Grasshoppers, van 17 tot 19.30 uur. Zouden er één of twee betalende klanten komen? Als de maanden voorbij glijden zonder noemenswaardige klandizie, mag ik in de aanvangstijd van mijn maandelijkse corvee graag een uurtje smokkelen. Maar zo'n eerste keer is toch apart. Je weet niet wie er trainen, of er ouders meekomen die anderhalf uur in de kantine blijven koffieleuten, alles is ongewis. Maar toch ook weer vertrouwd, merkte ik meteen, toen ik tot half zeven welgeteld één klant had: de verenigingsmalloot (elke club heeft er één) die achtereenvolgens een Ice Tea, (een half uur later) een zakje chips en (weer een half uur later) een zakje snoep bij mij aanschafte, terwijl hij door de zaalramen hologig naar de trainingen van een meisjesteam staarde. Daarna kwamen er drie trainers een (voor hun gratis) kopje koffie scoren en verkocht ik nog een zakje Dorito's aan een welp. Of een mini, daar wil ik vanaf zijn. Op het eind kwam de verenigingsmalloot - hij was thuis wezen eten - nog terug voor een kop koffie. Werd het toch nog een gekkenhuis, tijdens mijn eerste bardienst.

 
 
 
 

Woensdag 16 september

 

Pas toen ze de derde groep aanwezigen de aula had uitgestuurd met de woorden 'De kinderen van groep 2c kunnen de mentor volgen naar het lokaal', realiseerde de onderbouwcoördinator zich dat ze een uur lang een zaal met ouders had toegesproken. Het zal geen boos opzet, maar beroepsdeformatie zijn geweest. Dan ga je net zo praten als je je hele leven lang al voor een klas met pubers doet. Het is herfst, de ouderavonden zijn weer begonnen. Maandagavond mocht ik opdraven op de school van onze zoon, om lijfelijk aan te horen wat ik een paar dagen later op zo'n handzaam geel stenciltje - een door mijn zoon meegebrachte nieuwsbrief - ook thuis had kunnen lezen. En om een mentor die het ook allemaal niets wist, braaf onze vragen te zien noteren, met de belofte 'Daar kom ik op terug'. Over een week is het bij onze dochter, waar de zinloosheid van de bijeenkomst al in de uitnodiging zat ingebakken: De informatie die u op deze avond krijgt, horen onze leerlingen in de loop van de maanden september en oktober ook zelf op school. Dan moet je bij die gelegenheid maar extra goed opletten, zou ik tegen onze dochter kunnen zeggen. Maar ik vrees dat ik het mezelf - wederom in Jip en Janneke-taal - ook allemaal klassikaal ga laten uitleggen.

 
 
 
 

 

Dinsdag 15 september

 

Het lange, 29ste HTWV-weekend zit er weer op. Aan de worsteling met de vraag of er op maandag nog een (bescheiden) fietstocht moest worden gemaakt, werd door Pluvius persoonlijk een eind gemaakt. Slechts drie dapperen namen het onverstandige besluit om alsnog een paar uur te trappen, in het enige stukje van de Benelux waarboven de regenwolken zich samenpakten. Wij braken het kamp op, met bijzondere aandacht voor de afvalscheiding waar onze gastvrouw vier dagen lang zo tevergeefs op had aangedrongen. Maar nu lieten we haar glasbak op een indrukwekkende manier uitpuilen. En als dank voor het aangenaam verpozen mocht ze de resterende wijnvoorraad van chefkok Leo tegen een vriendenprijsje opkopen. Goodwill kweken, noemen ze dat bij HTWV. Weer een adresje waar we in de volgende dertig jaar met een gerust hart kunnen terugkeren. 

 

 

 

Kijk voor de verslagen van de Eifel- en Ardennenritten op het Wielerlog.

 

Bekijk alle foto's van het HTWV-weekend hier.

 
 
 
 

 

Maandag 14 september

 

De eerste keer dat ik dit HTWV-weekeinde een foto maakte van de witte brigade, barstte chefkok Leo - Kees, voor intimi - bijna in snikken uit. 'Het is voor de eerste keer in negentwintig jaar dat een van die hufters een foto van ons maakt. Honderden beelden zijn er van zwetende kerels die een berg oprijden, maar niemand bekommert zich om ons, de mannen achter de schermen.' Ach ja, zorg voor de minderbedeelden, dat is mij wel toevertrouwd. Zeker als het via de maag gaat. Leo put zich, al dagen voor het fietsweekeinde, uit in het selecteren van exquise ingrediënten en de betere wijnen om ons na gedane arbeid - bijgestaan door Johan - culinair te verwennen. Voor een deel is het paarlen voor de zwijnen werpen, uiteraard, vandaar dat dit eerbetoon meer dan op zijn plaats is. Hedenavond was de barbecue - met de kalfsworstjes met drie soorten kaas als absoluut hoogtepunt - gekoppeld aan een wijnproeverij, waar Leo door de HTWV'ers werd onderworpen aan een blindproeverij met de grootst mogelijke geïmporteerde smerigheid, met het witte wijntje onder de noemer 'Gooise Vrouwen' als absoluut dieptepunt. Zelf kwam hij met pareltjes uit met name Italië, waarbij de Barbera d'Alba, van het huis Sandrone uit Barolo, een bijzondere vermelding verdient. Maar in de loop van de avond werd alles weer lekker, zelfs de soorten die eerder als prestigieuze paardenzeik waren afgeserveerd. Want ja, zoals een bekend spreekwoord luidt: als de wijn is in de man, is het onderscheidend vermogen in de fles. Of zoiets. Na vijftien verschillende flessen ben ik ook het spoor een beetje bijster.

 

 

 
 
 
 

 

Zondag 13 september

 

Net als de koninklijke familie kiest ook 'Hijgend Trekken Wij Voort' zorgvuldig de momenten voor het staatsieportret. Met op de achtergrond het klooster van Stavelot poseren de 24 mannen die dit weekeinde vrijwillig hebben gekozen om te leven als een monnik ('de fiets, de fiets, en anders niets') voor de willekeurige passant die de rol van fotograaf op zich wil nemen. Keurig ingelijst hangen we straks bij de Oegstgeester Keurslager die de lamsbouten voor de barbecue voor morgenavond heeft gesponsord of de wijnboer die zich beroofd zag van een paar doosjes Chileense Cardonnay, want net als het vorstenhuis heeft ook HTWV er geen problemen mee om af en toe een donatie uit het bedrijfsleven te ontvangen. Naar verluidt heeft de complete middenstand uit de Leidse regio diep in de buidel moeten tasten om ons natje en droogje van een zekere opsmuk te voorzien, want voor de all-in prijs van 160 euro (inclusief onderdak en vervoer) is het onmogelijk dat chefkok Leo en soigneur en koksmaat Johan ons hun driesterrenmaaltijden kunnen voorzetten. Ja, zelfs de gulle gever die ons opzadelde met drie dozen Twixx die vijf maanden over de datum waren, zijn we intens dankbaar. Onze foto is onderweg.

 

 
 
 
 

 

Zaterdag 12 september

 

Laat ik maar beginnen met een tip voor al die andere mensen die met 25 luidruchtige en winderige kerels op stap gaan en toch nog een zekere waarde hechten aan hun privacy: neem onmiddellijk bezit van de torenkamer en markeer het onderste van het stapelbed met je sporttas en wielerspullen. Geheid dat er helemaal niemand meer bij je op de kamer wil. Rust, reinheid en een mooi uitzicht, wat wil een mens nog meer? Verder niets dan goeds over de mannen van de HTWV (Hijgend Trekken Wij Voort) die in hun 29ste editie van dit lange fietsweekend in de Duitse Eifel een routine en professionaliteit aan de dag leggen waaraan menige ProTourploeg een puntje kan zuigen. Transport, logistiek, voedsel, wijnen (60 flessen van bovengemiddelde kwaliteit!) het is allemaal tot in de puntjes geregeld. De mannen organiseren, sjouwen, koken en schenken naar hartelust, allemaal uiteraard met de herrie die gepaard gaat met kerels die een paar dagen van hun vrouw weg zijn. Toch mag ik er graag naar kijken, vanuit de rust van mijn torenkamer. Zodra er iets van een werkje of corvee mijn kant op dreigt te komen, wapper ik met een denkbeeldige brief met indrukwekkende stempels waaruit blijkt dat mij dit weekeinde slechts één uitputtende taak is toebedeeld: ik tik het weblog.

 

 

 
 
 
 

 

Vrijdag 11 september

 

Nee, echt. Dit is mijn laatste fietsreisje van dit jaar. Met de mannen van de HTWV (Hijgend Trekken Wij Voort), dit keer. In bovenstaand comfortabel complex, met gemeenschappelijke ruimte en appartementjes om ons na alle vermoeienissen in terug te trekken. Want ja, er gaat ook een kok annex sommelier mee en dat gaat natuurlijk niet in de koude kleren zitten. Bovendien wordt er ook nog gefietst: vandaag na aankomst meteen al 70 kilometer, morgen 135 en de dag erop nog zoiets. Een deel van het gezelschap wil dan ook nog maandag op het zadel klimmen. Als ik 's avonds maar terug ben voor de ouderavond van mijn zoon, dan vindt mijn vrouw verder alles best. Ik hoop u via deze site op de hoogte te houden van de belevenissen, maar helemaal zeker is dat niet. Omdat ik voor de eerste keer mee ga met dit gezelschap - dat volgend jaar al 30 jaar gezamenlijk op stap gaat - schijn ik het hele weekeinde corvee te hebben.

 
 
 
 

 

Donderdag 10 september

 

In de geëngageerde vorige eeuw was het not done, maar nu de kranten het moeilijker hebben zie je het steeds vaker: opzetjes tussen journalistiek, commercie en promotie. Laten we daarvoor de Najaarsfeesten aangrijpen, kreeg ik als chef Duin- en Bollenstreek van de afdeling oplage/promotie te horen. De redactie maakt elke week een pagina over een specifiek dorp, de advertentieafdeling loopt de plaatselijke winkeliers ervoor af en de promotieafdeling is er met onze LD-Smart om de oplage verder omhoog te stuwen. Drie weken verder, zijn we nu, en elke zaterdag brengen wij braaf kleurrijke reportages uit een Bollenstreek in jubelstemming. Leuke pagina's, daar is iedereen het over eens. Daartoe reis ik - mijn rol als begeleider uiterst serieus nemend - wekelijks met de stagiaire de streek in: zij schrijft, ik stuur en fotografeer. En commercie en promotie? In al die weken is er geen advertentie verkocht (de accountmanagers hebben andere prioriteiten) en van de promotie (geen tijd, onderbezet) krijgen wij de Smart mee om ons in te vervoeren, plus een tas met sleutelhangers (annex flessenopener en lampje, dat dan weer wel) waarop Leidsch Dagblad staat gedrukt. Op de plaats van bestemming geven wij die aan de eerste de beste achtjarige die zich zichtbaar loopt te vervelen: 'Hier, ga die maar uitdelen aan je vriendjes' en gaan over tot de journalistieke orde van de dag. Qua oplagestijging en winstmarges acht ik de directe uitkomsten minimaal, maar de stagiaire en ik hebben elke week een leuke middag. En je komt nog eens op de kermis.

 
 
 
 

Woensdag 9 september

 

Van alle angsten waarmee ik in het leven sta, is hoogtevrees de meest tastbare. Het maakt mij op de racefiets tot een povere daler, bij elke vliegreis loopt - zoals mijn collega R. het zo mooi kan zeggen - de reuzel langs mijn bilnaad - en bij wandelingen langs de White Cliffs of Dover en andere steile afgronden word ik al hysterisch als mijn nazaten het randje van de afgrond tot op een meter of tien naderen. Maar zoals bij alle angsten, voel ik me er ook toe aangetrokken. Eén van mijn favoriete speelfilms is Cliffhanger met Sylvester Stallone en ik kan urenlang gefascineerd luisteren naar mensen die houden van parapenten, bungee jumpen of parasailen. Zo'n type is mijn collega Silvan Schoonhoven, die bij mooi weer (gisteren en eergisteren, bijvoorbeeld) boven de Leidse regio kan worden gezien met zijn (in zijn?) paramoteur. Hij hangt daarbij in een tuigje onder een scherm met een propellormotor op zijn rug. Om op te stijgen dient hij op een door de Rijksluchtvaardienst goedgekeurd grasveldje (in Rijnsburg, achter camping De Koningshof) een paar meter te hollen, waarna het motortje hem met scherm en al de lucht in stuurt. De snelheid ligt rond de veertig kilometer per uur en met acht liter benzine in een tankje kan hij nog een behoorlijk eindje weg komen. Even naar Hoek van Holland en terug. Rondje Zandvoort. Met een webcammetje maakt hij opnamen van zijn vluchten, waarnaar ik graag mag kijken. Maar voor nog geen miljoen ga ik mee de lucht in. Nou ja, laat ik er honderdduizend euro van maken.

 

 

 
 
 
 

 

Dinsdag 8 september

 

Met geld kon hij me niet paaien. En op m'n gevoel spelen ging ook niet, want ik heb helemaal niks met het onderwerp: de vierde voetbalvereniging van Katwijk, FC Rijnvogels. Maar mijn collega Rob haalde me uiteindelijk toch over om een stukje te schrijven voor de presentatiegids voor het nieuwe seizoen van zijn clubje, met het argument: Je kunt dat meteen gebruiken voor je log, dus twee vliegen in een klap.

 

Mislukking

 

Misschien kun je het stukje opbouwen rond een mislukking, kreeg ik als vingerwijzing van de samensteller van deze presentatiegids mee. Dan kon ik mijn mislukte poging om ’goud’ te halen bij La Marmotte – volgens velen de zwaarste toertocht voor racefietsers ter wereld – mooi koppelen aan het mislopen van de promotie door FC Rijnvogels.  Allebei in de laatste minuten de mist in. Dramatiek in de sport. Schitterende symboliek.

 

Wat is dat toch, dat ons Nederlanders vooral laat zwelgen in het falen? Waarom overschaduwt de verloren WK-finale van 1974 nog altijd de gewonnen EK van 1988? Waarom is mijn zilver in La Marmotte – waar 1700 van de 7000 deelnemers helemaal niet aan de finish kwamen – onbeduidender dan een, in een overmoedige bui door mij zelf opgelegd, nóg hoger doel? Waarom is een ternauwernood gemiste promotie niet louter een bewijs dat je toe bent aan het hoogste amateurniveau, maar dat er in het leven en in de sport nu eenmaal zaken in de weg kunnen staan die niemand kan verklaren?

 

Liever zou ik mijn eigen glorieuze momenten op sportpark De Kooltuin in herinnering willen roepen. Voor een naar ’Katwijk Binnen’ geëmigreerde ’Zeeër’ als ik was er maar één moment in het jaar dat ik legitiem de velden van de katholieke Katwijk Rijn Vogels – waar men, jazeker, zelfs op de Dag des Heere de voetbalsport bedreef – mocht betreden: tijdens het voetbaltoernooi voor basisscholen, ergens rond of op Koninginnedag. Als keeper van het elftal van de Otto Baron van Wassenaer van Catwijck School – op het wedstrijdformulier begrijpelijkerwijs afgekort tot ’Otto Baron’ – speelde ik de wedstrijd van mijn leven tegen angstgegner – want al vele malen kampioen – de Beatrixschool. Meteen in het eerste duel van de toernooi-editie 1972 stonden we tegenover deze knoestige Koestalbewoners, die ons het ingecalculeerde pak op de broek gingen geven.

 

Maar het bleek zo’n dag dat er springveren zaten in mijn Quick-schoenen en magneten in mijn veel te grote handschoenen. Als in de beste jongensboeken plukte ik – niet in het minst tot mijn eigen verbazing -  het leder uit alle hoeken van het doel waardoor we de gedoodverfde kampioen op een glorieuze 0-0 hielden.

 

Meer zat er overigens niet in, die dag, want de rest van de wedstrijden ging roemloos verloren, niet in de laatste plaats door een paar schuivers die ik onder mijn onhandige, veel te lange lijf naar het net zag gaan.

 

Maar het is natuurlijk weer typisch Nederlands om zo’n positief getoonzet stukje op deze manier te eindigen. Mislukking moet leiden tot de geboorte van nieuwe hoop. Het voorliggende seizoen 2009-2010 zal in ons collectieve Katwijkse sportgeheugen blijven hangen door de promotie van FC Rijnvogels en mijn goud in La Marmotte.

 
 
 
 

 

Maandag 7 september

 

Wat was het leven toch rustig en overzichtelijk zonder internet. Je leest nog eens een boek. Hebt tijd voor een goed gesprek. Je blik op de boze buitenwereld vernauwt zich tot het Acht Uur Journaal. Tsja, was het maar waar. Drie dagen lang heb ik van de vroege ochtend tot de late avond gestresst op en neer gelopen van de woonkamer naar de zolder, waar zich mijn internetverbindingscentrum bevindt. Na de blikseminslag van afgelopen donderdag - waar de halve wijk zo'n beetje last van heeft gehad, in gradaties variërend van brand, kapotte elektronische apparatuur of, zoals in ons geval, een weggevallen internetverbinding - wilde ons gezin maar niet meer op het World Wide Web komen, investeringen in een nieuw modem en een splitter, plus talloze zweetdruppels mijnerzijds ten spijt. Maar goed, in de loop van zondagmiddag kwamen we weer geleidelijk in de lucht, eerst met de nieuwe laptop van mijn eega, toen met mijn woonkamerpc, dan die van onze zoon en uiteindelijk ook de minilaptop van onze dochter. Van haar gewone pc moet eerst nog een doorgebrande netwerkkaart worden vervangen. Hoe het uiteindelijk is gelukt? Ik denk dat ik daar maar een columnpje over schrijf voor komende donderdag. Het moet allemaal eerst even bezinken.

 

 
 
 
 

 

Vrijdag 4 september

 

Een donderslag bij heldere hemel was het niet, daarvoor regende en stormde het te veel. Maar de enorme klap die ons huis gisteravond deed sidderen op zijn grondvesten kwam wel letterlijk en figuurlijk uit de lucht vallen. Kennelijk sloeg de bliksem een paar honderd meter achter ons in, want alle elektrische apparatuur bleef werken. Daarmee komen we goed weg, dacht ik nog, totdat mijn dochter naar beneden kwam met de mededeling dat het internet eruit lag. En er ook niet meer in wilde. Eerste dacht ik nog aan een storing bij de provider, maar na een reeks controles bleek dat het waarschijnlijk ergens in het modem zat. En zit. In elk geval zijn we nog steeds internetloos, dus tik ik deze 'noodeditie' van het log maar op de krant. Straks even de binnenstad in om een nieuw modem te scoren. En dan maar hopen dat het daaraan lag/ligt, want anders moet ik het hele weekend verder zoeken. En ik heb wel wat beters te doen. Bovendien wordt iedereen bij ons thuis nogal chagrijnig, als het internet het niet doet.

 
 
 
 

 

Donderdag 3 september

 

De momenten dat ik mijn zoon als kleuter meenam naar de redactie van het Leidsch Dagblad, kon hij oprecht jaloers zijn op mijn werkplek. Ik zat de hele dag voor de computer, onder de televisie en op een steenworp afstand van een automaat met al het lekkers dat de wereld te bieden had. Je hoefde er alleen maar een paar muntjes in te gooien en dit luilekkerland opende zich voor je, met Bounty's, gevulde koeken en Cola Light. Ons nieuwe onderkomen aan de 3e Binnenvestgracht moet hem nog beter bevallen. Aan de rand van ons 'bureaurondje' staan, op een antiek groen letterkastje, drie glazen potten, gevuld met gewone (zachte) drop, gesuikerde kaakjes en Engelse drop. Bij elke gang naar de printer, het toilet of een vergaderruimte maak je een gedachteloze stop om even je hand achter het rode deksel te steken. De potten worden (vrijwel) dagelijks bijgevuld, met het beste (en goedkoopste, dat dan weer wel) dat de Digros of de Lidl op hun zoetwarenafdelingen te bieden hebben. Het pakket aanvullende ziektekostenverzekeringen van ons krantenconcern wordt volgend jaar uitgebreid met extra specialistische tandheelkundige hulp en therapie tegen obesitas.

 
 
 
 

 

Woensdag 2 september

 

De deadline voor het boek dat ik met mannen van het Katwijks Museum maak over de plaatselijke visserij in de periode 1945-1960, nadert met rasse schreden. Donderdag, morgen dus, moeten alle hoofdstukken bij de vormgever zijn ingeleverd. De stress neemt dusdanig toe dat ik zelfs de dinsdagavondtraining van de Wielervereniging Katwijk ('Nou nou', mompelt mijn vrouw) moet laten schieten. Ik kan niet worden gestoord, moet tot donderdag elke avond nog anderhalf tot twee hoofdstukken afleveren. Maar daar heeft mijn zoon maling aan. 'Het slot van mijn fiets hangt er naast', meldt hij na de maaltijd. 'Er zit een schroef los.' Geen schroef, zie ik al snel, maar de complete bevestiging is aan één kant afgebroken. Daar is, behalve met drie trekbandjes, even niks meer aan te doen. Of ik daarna even naar de computer van mijn dochter wil kijken. Die geeft steeds aan dat het virtuele geheugen onvoldoende is. Drie dagen geleden kon ze zelfs geen mail meer openen. En ja, dit leek haar wel het uitgelezen moment om mij daar deelgenoot van te maken. Een half uur later - ik zit nog voor de pc van zijn zus - komt mijn zoon juichend omhoog gehold: 'M'n Nintendo DS is gebracht door de post! Met m'n nieuwe geheugenkaart.' De illusie dat alles dan meteen werkt zonder dat er software van internet moet worden gedownload en geïnstalleerd, wordt hem ontnomen bij de eerste poging om de boel aan de praat te krijgen. Of ik even snel..,

 

Ik geloof dat ik toch beter had kunnen gaan racefietsen.

 
 
 
 

 

Dinsdag 1 september

 

De vorige keer dat zijn Nintendo DS in reparatie was - bij een andere leverancier - duurde het zeker twee maanden voor hij terug was. Twee weken, corrigeer ik mijn zoon, maar daarvan wil hij niet weten. Twee maanden was het, geen dag minder. En zo moet het ook hebben gevoeld, als je dierbaarste bezit uit het huis verdwenen is. Dus dit keer was hij uiterst argwanend toen ik zijn rammelende en niet meer op te starten spelcomputertje op vrijdagmiddag opstuurde naar RobinP, helemaal in Wierden (ergens bij Almelo, ja, ik moest het ook opzoeken). Reken maar op twee jaar, zei ik. Het laatste stuk moet helemaal met de trekschuit. Maar al op zaterdagmiddag ging de telefoon. Robin zelf aan de lijn. Hij had de Nintendo ontvangen, opengeschroefd en geconstateerd dat er wat onderdelen los van het moederbord lagen. Ja, dat krijg je ervan als je het ding vanaf je hoogslaper naar beneden laat kletteren. Voor een billijke 40 euro kon het apparaat weer worden gemaakt en - met de geheugenkaart voor zijn nieuwe DSi - meteen al maandag per TNT-post naar ons worden verzonden. Het beste nieuws uit Almelo en omstreken sinds de lancering van Ilse de Lange werd door mijn jongste nazaat vrij onderkoeld opgenomen. Zie je nou wel dat dit soort dingen in twee dagen heel goed te regelen is? Twee maanden, dat was echt belachelijk.

 
 
 
 

 

Maandag 31 augustus

 

Vandaag maar eens flink uitgepakt voor het ontbijt. Na acht weken van heerlijke rust, zo 's morgens tussen zeven en acht, zitten mijn eega en ik vanaf morgen rond dit tijdstip weer met een huis vol herrie, huiswerkstress en wachttijden voor de badkamer. Vandaag moeten de nazaten rond twaalf uur hun nieuwe lesroosters ophalen, de jongste voor de tweede van het vwo, de oudste voor haar examenklas van het gymnasium. Morgen weer volop aan de bak, vrees ik. Of zijn ons - om de overgang wat geleidelijk te laten verlopen - nog een paar vage introductiedagen gegund die pas tegen de middag beginnen? Dit is, kortom, een dag van hoop, verwarring en blijde verwachting.

 

P.S. Elke relatie tussen de foto boven dit log en de werkelijkheid is ver te zoeken, maar het gaat erom dat ik het gevoel op u overbreng. Dat kan niet met een bakje muesli, een beker thee en twee echtelieden die in een zalig stilzwijgen boven de krant en voor de computer aan de eettafel zitten.

 
 
 
 

 

Zaterdag 29 augustus

 

Deze dag van contrasten begon voor mij met de uitvaart van Renske Geertsma, de vrouw van mijn Leidsch Dagblad-collega Aad Rietveld. In de eeuwenoude Leidse Pieterskerk wilde Aad een monument van woorden voor haar oprichten, waar hij - met zijn kinderen, pleegkinderen, familieleden en vrienden - op een ontroerende manier in slaagde, niet in de laatste plaats door de schitterende muziek die er tussen de vele herinneringen aan de vrouw, moeder, vriendin, zus en wat Renske bij leven al niet was, werd gespeeld. Wie haar niet echt had gekend - zoals ik - had na afloop het gevoel dat hij iets had gemist. Precies zoals Aads bedoeling was. Het was geen lastige keuze om voor de plechtigheid de wereldrecordpoging 'Koekhappen' in Katwijk aan den Rijn te laten schieten, maar daarna ontkwam ik er niet aan - ik heb weekenddienst - om me in het feestgedruis te storten in een Duin- en Bollenstreek waar vrijwel elk dorp vandaag op zijn kop staat met najaarsfestiviteiten, zomerfairs, rockfestivals, zeilwedstrijden en ander jolijt dat bij het einde van de zomer schijnt te horen. Deze vreemde mengelmoes van activiteiten die we 'leven' zouden kunnen noemen, sluit ik straks af met een barbecue in familiekring. Ook wij hebben wat te vieren, tenslotte: maandag gaan de nazaten weer naar school.

 
 
 
 

 

Vrijdag 28 augustus

 

Niet alleen grote downloadsites als Pirate Bay en Mininova zuchten deze weken onder de anti-piraterijmaatregelen. Ook onze zoon is gisteravond ernstig getroffen door een firmware-update van zijn onafscheidelijke Nintendo DSi, die hij - even gedachteloos als altijd - via het internet naar binnenslurpte en installeerde. De nieuwe software maakt het onmogelijk om via zijn vertrouwde R4-kaartje zogenaamde, laat ik het voorzichtig formuleren, creatief binnengehaalde spellen op zijn apparaat af te spelen. Na zeven weken zorgeloos vakantievieren maakte hij voor het eerst weer een door zorgen gekwelde nacht mee en stond hij al om zeven uur naast ons bed met een uitgedokterd pakket noodmaatregelen dat vandaag moet worden getroffen. Dat behelst onder meer het repareren van zijn 'oude' DS - waarop het kaartje het nog wel doet - tot het aanschaffen van een nieuw kaartje dat met de nieuwste firmware overweg schijnt te kunnen. Want ja, de piraten zijn de industrie altijd een slag voor. Voor zijn en onze nachtrust lijkt het raadzaam om vandaag creatief met hem mee te denken.

 
 
 
 

 

Donderdag 27 augustus

 

Bij mannen met een eigen werkschuurtje zie je er wel eens eentje staan: een compressor. Geen idee wat ze ermee moeten, behalve de banden van hun racefiets oppompen. Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik het nooit heb gevraagd. Mijn vriend Mart deed het wel, toen hij laatst zo'n apparaat bij een huismeester op zijn werk ontwaarde. 'Wat doe je daar nou mee?' Het antwoord maakte hem meteen alert: af en toe een computer schoonblazen. Mart nam de compressor een dagje mee naar huis voor zijn eigen pc-park en was daarna zo goed - onder de belofte van een etentje, maar ook zonder was hij wel gekomen, want zo is Mart - om ook onze vier computerkasten onder handen te nemen. 'Moet die van mij ook?', vroeg onze dochter angstig, want in de zes jaar dat zij het ding heeft is hij naar mijn weten alleen uitgezet als er zich weer eens een virus in had genesteld. En daar helpt een compressor niet tegen. Maar verder was het spectaculair, wat zo'n ding aanricht in een behuizing waar zich - vooral bij onze dochter - een deken van stof had verzameld op plekken waar zuiger en doek nooit bijkomen. Na een behandeling met 8 bar hingen de grijze wolken nog urenlang boven de wijk. Een toevallig passerende milieuambtenaar riep omwonenden met een geluidswagen op ramen en deuren te sluiten en af te stemmen op de lokale rampenzender. Zet hem maar uit, mensen, u weet nu wat er is gebeurd. Al onze pc's draaien, met schone processoren, ventilatoren, bedrading en insteekkaarten, weer als een zonnetje!

 
 
 
 

 

Woensdag 26 augustus

 

Niet dat de smeekbedes mijn mailbak al vervuilen, maar af en toe vraagt iemand zich toch af of het klopt dat mijn column niet meer in de krant staat. Welnu, dat klopt. Ik heb een aantal weken welverdiende vakantie genoten, maar ben er nu wel weer aan toe om te beginnen. Niet meer op de dinsdag, zoals de afgelopen jaren het geval was, maar op de donderdag. Morgen, dus. Waarom? Dat heeft alles te maken met mijn ingesleten gewoonte om alles op het laatste moment te doen. Mijn column voor de dinsdagkrant moest ik altijd op maandag om 12.00 uur inleveren. Dus wanneer tikte ik hem dan? Op zondag. En op zaterdag dacht ik erover na. Kortom, mijn hele weekeinde stond tien jaar lang in het teken van mijn column. Ik heb zelfs overwogen om er - vooral om die reden - mee te stoppen, maar de oplossing bleek even simpel als doeltreffend. Kan ik ook verhuizen naar de donderdag? Dan heb ik tweeënhalve werkdag om mijn stukje te maken. Nou, dat was geen probleem. Voortaan tik ik op maandag of dinsdag, kijk hem woensdag voor 12 uur nog even na, collega Anton checkt de spelfouten en ik heb voortaan een 'vrij' weekeinde. Tot morgen dus maar, met de eerste van een nieuw seizoen Pretvaderen in de HDC-dagbladen.

 
 
 
 

 

Dinsdag 25 augustus

 

Om voortdurend een artistieke, ongeschoren indruk te maken, scheer ik me één keer per week: op zondagmorgen. Niet met een mesje of elektrisch apparaat met roterende koppen, maar uitsluitend met een tondeuse of baardtrimmer die op de lichtste stand staat. Behalve afgelopen zondag dan, toen mijn Philishave na jaren van trouwe dienst de geest gaf. Na een dag of acht begin ik nu een verlopen indruk te maken, waarbij de woestwoekerende grijze kinbeharing ook nog eens de aandacht afleidt van mijn prachtige kop met haar waarop nog geen teken van verval is te bekennen. Maatregelen zijn dus geboden, waarbij het moederconcern van de internetfirma (de Memoryshop) die afgelopen vrijdag nog de Woxter bij mij afleverde (zie het log van maandag) andermaal goede diensten bewees. Dit bedrijf - Coolblue - heeft namelijk een hele reeks van internetshops, waaronder de PDAshop, de laptopshop, de smartphoneshop, de MP3shop, de powertoolshop, de bodycareshop en - hou je vast - de shavershop. Daar moest ik zijn voor de aanschaf van de Braun BodyCruzer B55 die - mits gisteravond besteld voor 22 uur en dat is me gelukt - vandaag nog bij me wordt afgeleverd. Coolblue is een fijn bedrijf, dat emails en smsjes verstuurt op elk moment dat er iets met de order gebeurt (piep-piep, het ding is nu ingepakt; piep-piep, het pakje gaat nu naar TNT-post). Mijn vrouw wordt er gek van, maar ik vind het een geruststellend idee dat er zo voortvarend met mijn bestelling wordt omgesprongen. De BodyCruzer B55 lijkt misschien een beetje overdreven voor iemand die zich maar één keer in de week scheert, maar voor een wielrenner biedt het apparaat ongekende extra mogelijkheden. Zeker nu mijn eega mijn Gillette Fusion heeft ingepikt om haar eigen benen te ontharen, gaat de BodyCruzer B55 mij voortaan ook soigneren voor de koers. Op de achterkant van het trimgedeelte zit namelijk een ingebouwde Fusion, voor het gladste resultaat. Wat zegt u? Jazeker, het ding is ook onder de douche te gebruiken.

 

P.S. Dit is onbetwist het laatste hebbedingetje waarmee ik u deze week lastigval. Ik mag van mijn vrouw voorlopig niks meer op internet bestellen.

 
 
 
 

 

Maandag 24 augustus

 

Een zoveelste gadget voor een stekkermannetje. Zo omschreef mijn eega aanvankelijk de aanschaf van de Woxter i-cube 750. Maar al na een korte demonstratie van dit wonderlijke hebbedingetje moest zij - nog niet ruiterlijk, dat vinden vrouwen lastig, maar dat komt nog wel - toegeven dat de Woxter ons leven verder gaat verrijken. Wat kan deze HD-mediaspeler, die in de laatste Computer!Totaal als beste in zijn soort werd getest? Het dingetje (want echt groot is ie niet), toont gedownloade films maar ook je vakantiefoto's in High Definition-kwaliteit (dus retescherp) op je breedbeeldtelevisie (mits deze natuurlijk ook in staat is tot het afspelen van HD-materiaal). Dat kan rechtstreeks vanaf een usb-stick, een geheugenschijfje van je camera, zijn eigen interne harde schijf of via het computernetwerk, want de Woxter barst van de aansluitingen, ook voor audio en internetradio. Het apparaat is zelfs in staat eigenhandig films of de favoriete obscure detectives van vrouw en dochter (Tony Hill!) van het world wide web te halen (dankzij een ingebouwde bittorrent-client, maar dit terzijde) en ze vervolgens ook nog eens af te spelen. Niet armoedig op het laptopje in de bank, maar gewoon in breedbeeld op het scherm aan de muur. Het formaat of bestandstype van de films maakt eigenlijk niet zoveel uit, want het ding vreet alles. En dat alles voor een luttele 149 euro! Nee, de Woxter is geen gadget. Het is een onmisbaar accessoire om met beide benen stevig verankerd te zijn in de 21ste eeuw.

 

(Ik heb 'm al betaald, dus ik word hier verder niet wijzer van. Dit pleidooi mag vrijelijk worden gebruikt door alle mannen die zich - nee, ik zeg niet door wie - beknot voelen in hun ontplooiingsmogelijkheden.)

 
 
 
 

 

Zaterdag 22 augustus

 

Eerdere buurtbarbecues - nou ja, buurt: ons rijtje van zes huizen - dateren voor ons al van meer dan tien jaar geleden (vorig jaar waren we bij de revival van dit fenomeen nog op vakantie), maar van die historische afleveringen kan ik me herinneren dat er altijd een speciaal gespreksthema ontstond. Dat ging - met het klimmen der jaren - van geboortes tot sterilisaties, maar nu bleken we allemaal een gemeenschappelijke vijand te hebben: de wijkregisseur! Deze gemeentelijke functionaris is - afgaande op zijn fotootje in de gemeentegids - iemand die vroeger op school door iedereen werd gepest (wist buurman Bas te melden), en nu zijn nieuw verworven macht gebruikt om wraak te nemen op de samenleving. Verzoeken vanuit ons rijtje tot snoeien, kappen, herinrichten of schadevergoeding (na een kapotte gevel, als gevolg van woest woekerende boomtakken) worden door hem stelselmatig genegeerd of zelfs (in ambtelijke schrijvens) geschoffeerd. Onder het genot van de door dezelfde Bas uitmuntend gegrilde biefstukken, varkenshazen en braadworsten en na het achterover slaan van heel wat glazen wijn, werd spontaan besloten tot de oprichting van het actiecomité 'Weg met de wijkregisseur!' dat dit najaar voor het eerst bijeen komt. Het wordt een hete herfst, voor deze functionaris.

 
 
 
 

Vrijdag 21 augustus

 

Op ontroerende wijze namen we gistermiddag op de redactie afscheid van collega De Vlieger, die zijn leven ging wagen bij de kortebaandraverijen op de Noordwijkse Boulevard. Weeralarm of geen weeralarm, gewerkt moet er worden. Al vliegen de sulky's en de paarden om je oren, bij windsnelheden van 110 kilometer en meer per uur, het Leidsch Dagblad is erbij. Spectaculair fotowerk, dat was wel het minste waar we voor onze voorpagina op rekenden, en voortdurend bleef ik daarover in contact met mijn verslaggever te velde. 'Komt er al wat?', klonk het, vanaf de Noordwijkse Boulevard verwachtingsvol in mijn oor. Pas tegen vijven kon ik, na een zoveelste blik op buienradar, een hoopvol geluid afgeven. 'Tussen zes en half zeven brandt het los. Hou je vast.' Het was even stil aan de andere kant van de lijn. 'Nou, dan blijf ik nog wel even, maar het is hier bijna afgelopen.' Het heilig vuur leek bij De Vlieger inmiddels een beetje gedoofd. Zelf was ik inmiddels al van Leiden naar Katwijk gefietst, want ofschoon ik over legerervaring beschik, hoef je het noodlot nog niet te tarten. Op advies van mijn eega sloot ik thuis alle ramen en deuren en gingen we wachten op de dingen die komen gingen. Onze laatste voorbereiding bestond uit het nuttigen van een bord voedzame spaghetti, want je weet immers maar nooit wanneer er weer een maaltijd komt. Ik kreeg zin om stukken hardboard tegen de kozijnen te spijkeren, zoals je bij orkanen in Florida wel ziet. Maar dat vond mijn vrouw overdreven. Om 18.15 uur werd de lucht donker en begon het, de hemel zij dank, te regenen. Een bui, nog niks spectaculairs, maar wat niet is, kan nog komen. In de verte klonk zelfs een heuse donderslag. Daarna werd het stil. En droog. Na vijf minuten al. Ongelovig keken we elkaar aan. Waar blijft de rest? Het was ons beloofd! Als een verwend kind stampte ik zelfs even op de vloer. Maar nee, dit was niet de stilte voor de storm. Het was een storm in glas water. Een zoveelste fopsignaal van een bang instituut - o wee als er wat gebeurt en we hebben niet gewaarschuwd - aan een land in verwarring.

 

 
 
 
 

 

Donderdag 20 augustus

 

Is er nog wat gebeurd op de krant?, wil mijn eega na een periode van vakantie altijd van me weten. Even nadenken. Nee, volgens mij niet. Alles rustig in ons prachtige, monumentale pand aan de Leidse 3e Binnenvestgracht, waarin tot 1978 de spinnerij van de voormalige textielfabriek Clos & Leembruggen was gevestigd. Dat was één van de belangrijkste bedrijven in de tijd dat Leiden als textielstad floreerde. Het familiebedrijf begon in 1766 en beleefde zijn glorietijd rond 1918. Meerdere grote fabriekshallen domineerden de Maresingel en de Langegracht. Er werkten honderden Leidenaren. In de jaren zestig kreeg het bedrijf steeds meer last van internationale concurrentie, tot de fabriek in de jaren zeventig de poorten moest sluiten. De laatste jaren was het pand in gebruik bij energiebedrijf Nuon, totdat het ingrijpend werd gerestaureerd en onder de naam 'Nieuwe Energie' werd geopend als hippe cocon voor allerlei snelle internetjongens en communicatiegoeroes. En wij van het Leidsch Dagblad, natuurlijk. O ja, nu je het zegt, er is toch wat gebeurd op de krant. Aan de muur van de kantine hebben ze een kiekje opgehangen van hoe het er vroeger in ons gebouw heeft uitgezien. En in de gang hangt nog zo'n fotootje. Ja, klopt. In eerste instantie kijk je er gewoon overheen.

 
 
 
 

Woensdag 19 augustus

 

Mijn eerste werkdag na onze Italië-reis was nog geen twee uur oud, toen mijn vriend Mart mij per mail meende te moeten confronteren met een onderzoek waaruit blijkt dat het effect van een vakantie na 3 á 5 dagen achter het bureau volledig is weggeëbd. Ongeacht de lengte van de vakantie. 'Hou vol!', schreef hij er bemoedigend achter aan. Maar helaas, hij was al zo'n één uur en drie kwartier te laat. Na het begroeten van mijn collega's, het uitwisselen van de laatste nieuwtjes - het grote voordeel van een weblog: over je vakantie zelf hoef je niks meer te vertellen - en het opstarten van mijn computer, voelde het al na een kwartier alsof ik nooit was weggeweest.

 

 
 
 
 

Dinsdag 18 augustus

 

Spartaans. Zo zou ik het dagritme van de Zomerschool Klassieke Talen van onze dochter willen noemen. Van zeven tot zeven is ze deze week - inclusief reistijd naar en van de Universiteit van Amsterdam - met een vriendin annex klasgenote onder de pannen, met overdag alleen even rust tijdens de drie kwartier van de lunch. Verder is het - met zo'n negentig andere scholieren, aankomende studenten en docenten - hoorcolleges bijwonen, grammatica bestuderen en het lezen en vertalen van werken van de grote Griekse en Romeinse geesten. En dat ook nog in een week die zes dagen telt, want pas zaterdagmiddag wordt de Zomerschool afgesloten. Zo ging dat tenslotte tot het begin van de vorige eeuw ook nog. Heerlijk, vindt onze dochter het. Wat haar tijdens de (uitgestelde) avondmaaltijd wederom op verbijsterde blikken van haar broertje kwam te staan. Hij zou hooguit tot een Zomerschool te bewegen zijn als daar dieper werd ingegaan op de klassieke spelen voor de Xbox360 en de Nintendo DS.

 
 
 
 

 

Maandag 17 augustus

 

Mijn laatste vakantiedag begon vanmorgen om zes uur, toen onze dochter de trap af bonkte om zich gereed te maken voor haar eerste dag op de 'Zomerschool klassieke talen' (door onze zoon pesterig 'Grieks Kamp' genoemd) in Amsterdam. Een kwartier later verliet mijn eega met het bijbehorende misbaar de echtelijke sponde, om haar oudste nazaat bij te staan met de mondvoorraad en het uit de schuur halen van haar fiets (de eerste spinnen hebben zich weer in de tuin gewebseld). Toen ik net na zevenen mijn oogluiken weer had gesloten, keerde mijn wederhelft terug in de slaapkamer om daar de verduisteringsgordijnen open te trekken en - in het ochtendzonnetje - demonstratief haar strijkplank open te klappen en commentaar te leveren op de geluiden die ik produceerde als ik - onder mijn dekbedje -  onverhoopt weer even weg dreigde te zakken in de vergetelheid. Om acht uur dus maar naar beneden gegaan om dit logje te tikken. Straks de caravan wassen, mijn auto (waarin vooral onze kinderen 4000 kilometer lang als beesten hebben geleefd) uitmesten, mijn zwaar vervuilde racefiets weer toonbaar maken voor de edele wielersport, de caravan weer terugbrengen naar de stalling in Weteringbrug en nog zo wat van die 'laatste vakantiedag-klusjes'. Morgen mag ik gelukkig weer naar m'n werk

 
 
 
 

 

Zaterdag 15 augustus

 

In Trento, Bolzano en zelfs middenin Venetië heb je een McDonald's. Maar voor ons is deze typisch Hollandse eetgelegenheid toch vooral een mooie afsluiting van een vakantie in den vreemde. De rest van het reisgezelschap zijn we ergens tussen Utrecht en Katwijk kwijtgeraakt, nadat we via een lepe manoeuvre ter hoogte van de afslag Utrecht-Centrum (keren op een viaduct en terug naar de afslag richting A12, Den Haag) een file van 12 kilometer op de A2 richting Amsterdam wisten te ontlopen. De jongste zus ging daarna met haar gezin via Amsterdam (A4) door naar IJmuiden (waar hun caravan moet worden gestald in de garage van de zaak) en mijn andere zus naar Rijnsburg, waar de hevig verliefde zoon niet langer kon wachten om zijn geliefde Sascha in de armen te sluiten en mijn zwager waarschijnlijk op zijn advies het gaspedaal steeds dieper intrapte. Ruim anderhalve dag deden we er weer over, om vanuit Levico Terme in Katwijk te komen, inclusief files bij Ulm (wegwerkzaamheden) en na Stuttgart (kettingbotsing) en een overnachting op een oer-Duitse camping middenin het Riesling-wijngebied in een dorpje waarvan mij de naam nooit geworden is. Dat krijg je ervan, als je alleen maar de twee caravans voor je hoeft te volgen. Exact om zeven uur vanmorgen reden we dit terrein (150 kilometer onder Koblenz, dat weet ik dan nog wel) weer af, om rond twee uur bij de McDonald's van het Leidse Transferium aan te komen. Eenmaal thuis functioneerde ons lopende band-uitpaksysteem weer prima: vrouw in de caravan, twee nazaten die met de spullen op en neer hollen naar de slaapkamers en de zolder, en ik voor alles wat nog in de auto, aan de caravan - fietsen! - en achter de caravanluiken - gasflessen! - zit. Daarna had ik zelfs nog alle tijd om bij de lokale Digros de weekendboodschappen te doen, terwijl mijn eega zuchtend vertrok naar de wasmachine op zolder. Over drie dagen haal ik haar daar weer vandaan, heb ik beloofd.

 
 
 
 

 

Donderdag 13 augustus, Levico Terme

 

Een dag van luifels en slaaptentjes afbreken sluiten we af met een copieus maal op een van de mooiste terrassen van Levico Terme, waar mijn ogen andermaal groter blijken dan mijn toch behoorlijk veeleisende maag. De combinatie van spaghetti met zeevruchten vooraf en het streekgerecht konijn uit het (steel-)pannetje (met veel gebakken aardappelen, courgette en aubergine) blijkt in elk geval voldoende om mij de lust tot een dessert volledig te ontnemen. Terwijl we toch voldoende tijd hebben om uit te buiken, want in de loop van de avond breekt de moeder aller onweders boven onze hoofden los, met de daarbij behorende slagregens. Onder de imposante parasols is het nog een tijdje uit te houden, maar ook dat doek raakt op een gegeven moment verzadigd en dan is het een behoorlijk eind hollen (zonder paraplu of jack) om toch nog doorweekt de auto te bereiken. Geen betere manier om konijn uit het pannetje te verteren, overigens. Vrijdag via Oostenrijk en Duitsland weer op huis aan! 

 
 
 
 

 

Woensdag 12 augustus, Levico Terme

 

Na een dag van betrekkelijke ledigheid voor het gros van het gezelschap - dat bijkwam van de vermoeienissen van Venetië - ontstond er - na een tip uit het verre Nederland - spontaan toch nog een avondactiviteit: vallende sterren kijken. Met uiteraard de bijbehorende wensen zodra er één was gespot. En er kwamen er nogal wat naar beneden. Dat leverde dieptepunten op als een neef die plotseling opstond om in zijn broek te kijken 'of ie al vijf centimeter was gegroeid' (van 20 naar 25 centimeter, verduidelijkte hij ook nog). Maar ook hoogtepunten toen een zwager diezelfde neef na een volgende vallende ster de raad gaf om te kijken of ie inmiddels al was geslónken tot vijf centimeter. De neef: 'Maar dát heb ik niet gewenst.' De zwager: 'Ja, maar ik wel.' Afijn, zo'n avond werd het dus. Het bleef - wederom - nog lang onrustig op camping Due Laghi. 

 
 
 
 

 

Dinsdag 11 augustus, Levico Terme

 

De beste manier om vanuit Levico Terme in Venetië te komen, is met de trein. Was ons verzekerd. De trein van 7.55 uur. Een afgeladen dieselboemeltje dat ons via 67 tussenstations met steeds meer instappers om 10.15 uur afzette op station Santa Lucia, direct aan het Canal Grande. Dat dan weer wel. Tot een uurtje of zeven in de avond sjouwden we onafgebroken door de stad der steden, in een decor dat ons enerzijds volkomen vertrouwd voorkwam - met wereldbefaamde monumenten als de Rialtobrug, het San Marcoplein en het Dogenpaleis, plus alle kanalen waar James Bond met een speedboot doorheen scheurde of gebouwen compleet in het water liet verdwijnen - maar anderszijds ook verraste. Het Venetië van de stille achterafstraatjes en de sfeervolle pleintjes, maar ook van de aftakeling (door gebrekkig onderhoud en de invloed van de elementen) en het probleem van een  vergrijzende bevolking met haar rollators die al decennialang jongere generaties ziet vertrekken naar het vaste land, waar ze een auto, werk en een leven zonder toeristen hebben. Om half acht vertrok ons boemeltje weer naar Levico, waar het ons om 22.15 uur - geradbraakt en wel - afzette. Onder de luifel van de caravan van mijn zus namen we tot diep in de nacht de dag door, zoals ze zelf - al eerder afgehaakt - vanmorgen kon vaststellen aan de lege wijnflessen en bierblikken die ze voor haar deur vond. Jazeker, één van de grootste toeristenfuiken van de wereld heeft ons toch maar behoorlijk te pakken genomen.

 

 

 
 
 
 

 

Maandag 10 augustus, Levico Terme

 

Er zijn allerlei redenen om niet naar Bolzano te gaan. Zodra je de snelweg verlaat (afslag Bolzano-Süd) en richting het centrum rijdt, beland je in een kilometerslange verkeerschaos die zijn weerga niet kent. Als je uiteindelijk in een parkeergarage geraakt is die zo vol en groot, dat er vier telefoontjes voor nodig zijn voordat ons gezelschap weer bij de uitgang is herenigd. Als ik u verder nog vertel dat Bolzano ook wel Bozen wordt genoemd en van oudsher beurtelings Oostenrijks en Italiaans bezit was - en de hele stad nog steeds tweetalig is waarbij in mijn gevoel het Duits overheerst - mag dat ook al geen aanbeveling heten. Bovendien staan tal van monumenten die in onze reisgids als bezienswaardig worden omschreven, in de steigers of zijn ingepakt in blauwe netten. En de 'altstadt' is weliswaar mooi, maar ook compact en overvol: wat er aan loopruimte resteert in de smalle straatjes is in gebruik genomen door terrassen en (markt)kramen. Maar wat Bolzano - of Bozen, zo u wilt - toch voor mij in nam, was de ontdekking dat op elke straathoek - en vaak ook nog halverwege de straat - een Würstel Boutique of een Würstelstand te vinden is. Na een paar weken pizza en pasta was ik ontzettend toe aan een flinke dosis Brat- en Curryworsten. Mit Brötchen und Senf, jawohl! 

 

 
 
 
 

 

Zaterdag 8 augustus, Levico Terme

 

Regen in Levico Terme, waardoor automatisch regel 1 bij slecht weer in berggebieden van kracht wordt: nooit op je plek blijven zitten. Vooraf bestond er nog enige scepsis over mijn vastberaden 'In de auto!' ('Kun je niet even op internet kijken of het aan het Gardameer wel mooi is?'), maar zodra we Riva waren gepasseerd richting Limones was de buitentemperatuur al opgelopen tot 26 graden en brak de zon uitbundig door het grijze wolkendek. We scheurden door de bergwandtunnels die zijn gebruikt bij de openingsscene van de laatste James Bond-film (de brokkenrace tussen een Aston Martin en een Alfa Romeo, bekijk het filmpje maar), om onze eigen wagen ongeschonden achter te laten in het citroenenstadje en - na een uitgebreide sightseeing - verder de boot te pakken naar Malcesine, waar het inmiddels zo warm was dat een deel van het gezelschap verkoeling moest zoeken in het meer. Zelf verkoos ik een inspannende wandeling naar de heuvels boven het stadje, om u - trouwe webloglezer - een blik te gunnen op het kasteel dat boven Malcesine uittorent. Maar de meeste voldoening haalde ik toch wel uit dat moment op de terugweg toen het bij het naderen van ons eigen dal weer met bakken uit de hemel kwam. Ja, niks mis met mijn regel 1 bij slecht weer in berggebieden!

 

 
 
 
 

 

Vrijdag 7 augustus, Levico Terme

 

Om de broeierige warmte op de camping te ontvluchten, hoefden we vandaag maar een klein uur te rijden en we stonden in de eeuwige sneeuw. Met de auto legden we exact dezelfde route af als campingbuurman Wil, Raymon en ik afgelopen zondag op de racefiets, inclusief afdaling en omweg via Baselga di Pine met de lange 16-procentshelling naar de hoogvlakte. Behalve het ontlopen van de hitte, had dit ritje voor mij derhalve nog een ander doel: het oogsten van Respect!

 

 
 
 
 

 

Donderdag 6 augustus, Levico Terme

 

Eén met de Italianen willen we worden, en waar kan dat beter gebeuren dan in de Arena van Verona waar momenteel het 87ste operafestival wordt afgewerkt. Hier gedijt de volkscultuur op z'n best: niet op duurste plaatsen van 187 euro op de begane grond, maar hoog op de trappen van dit twintig eeuwen oude amfitheater waar de man in de straat - op een zelf meegebracht kussentje - voor 25 euro terecht kan. Eerst om te picknicken en een fles wijn open te trekken en daarna om zich te laven aan - zoals op deze warme donderdagavond - een uitvoering van Il Barbiere di Siviglia, van Gioachino Rossini. Normaal is opera voor mij een wegzapmoment, maar in deze ambiance had ik er graag een houten kont voor over. Want zelfs op een kussentje is drie uur op een uitgesleten steen nog een hele zit. Nadat rond middernacht de graaf onder knallend vuurwerk trouwde met zijn geliefde Rosina, duurde het nog tot half drie in de ochtend voordat we weer op de camping in Levico Terme waren en mijn zwager met zijn 'Figaro, Figaro, Figarooooo!!!!!!' de kampeerders uit hun eerste slaap haalde.

 

 

 
 
 
 

 

Woensdag 5 augustus, Levico Terme

 

Ja, onze nazaten zijn veel te oud voor de kinderdisco die elke avond rond acht uur tot in de verste uithoeken over de camping schalt. Maar omdat de kracht in de herhaling zit, worden we er bij de barbecue toch nadrukkelijk mee geconfronteerd. De zomerhitjes worden er letterlijk ingeramd. Ook bij ons. Zodra de klanken van de 'Tsjoe Tsjoe Wa' worden gespeeld, springen neef Raymon - onderwijzer in spe - en zoon Steef op om het bijbehorende infantiele dansje te doen. Voorlopig nog voor een klein publiek. Maar ik sluit niet uit dat ze voor het einde van de vakantie op het centrale campingplein staan. De blits maken, tussen alle andere kleuters.

 

P.s: Onder mijn zussen circuleert een filmpje waarop ook ik de 'Tsjoe Tsjoe Wa' doe. Ik benadruk dat het hier om een eenmalig optreden gaat.

 
 
 
 

 

Dinsdag 4 augustus, Levico Terme

 

Achteraf hadden we gisteren gewoon naar het Gardameer moeten rijden, want daar was het - aldus bronnen op de camping - gewoon 24 graden en scheen de zon. Dat krijg je als je zondigt tegen regel 1 bij slecht weer in een bergachtig gebied: nooit op je plek blijven zitten, want tien kilometer verderop kunnen de omstandigheden heel anders zijn. Vandaag scheen ook bij ons in Levico de zon, maar was het in Torbole en Riva in het uiterste noorden van Italië's grootste meer nog weer mooier. Na ruim een week vakantie eindelijk (vissers)bootjes kunnen fotograferen, daar kan een mens toch niet van buiten. Torbole (de twee bovenste foto's) vonden we ingetogen charmant, Riva Italiaans mondain, al kreeg het door de komst van mijn neven bij tijd en wijle ook wat ordinairs. Het smaakte in elk geval naar meer. Naar meer Gardameer, de komende week.

 

 

 
 
 
 

 

Maandag 3 augustus, Levico Terme

 

Een buurman die met zijn harde stem elke ochtend mijn dochter wakker maakt in haar gehorige tentje, had het al voorspeld: het ging regenen. Een wijsneus, noemde ik hem aanvankelijk, want het was lekker weer en we zouden een dagje Gardameer doen. Zelfs alle nazaten gingen - tegen mijn uitdrukkelijke advies in, want zonder kroost is wel zo rustig - mee, gelokt met het vooruitzicht van pizza en ijs. Maar al bij de koffie begon het te knetteren, daarna te spetteren en halverwege de middag kwam het zelfs met bakken uit de hemel, begeleid door het gedonder en bliksem dat alleen in de bergen zo spectaculair klinkt en oogt. Ik mag er graag naar kijken en luisteren, vanonder mijn luifel, met Martin Brils 'Mijn leven als hond', mijn laptop en camera binnen handbereik, geitenwollen sokken en Hollandse klompen aan mijn voeten, een trui over het hempje boven mijn driekwart broek. Lekker vroeg aan de rode wijn, we hoeven er toch niet meer uit. Onze caravan staat op een schuin aflopend stukje, had ik al gemerkt bij het waterpas zetten. Dus al het hemelwater loopt naar de overkant, naar mijn zwager Wim. Ja, ook dat is leuk om te zien, vanonder mijn luifel.

 
 
 
 

 

Zondag 2 augustus, Levico Terme

 

Elk jaar word ik door mijn familieleden weggehoond omdat ik de satellietschotel meesleep naar alle uithoeken van Europa. Maar als op zondagavond het competitievoetbal in Studio Sport wordt uitgezonden (in de herhaling om 21 uur, op het Beste Van Nederland, een tijdstip wat ons beter uitkomt), zitten ze allemaal wel eerste rang in mijn provisorische openlucht campingbioscoop.

 
 
 
 

 

Zaterdag 1 augustus, Levico Terme

 

Ons recept voor een geslaagde dagtocht is vrij eenvoudig: we vouwen een gedetailleerde Michelin-kaart open, verbinden wat 'groene' (staat voor schilderachtige) weggetjes met elkaar op de satellietnavigatie en rijden een rondje. De kofferbak gaat vol met koude pasta, stokbroden, wraps en flessen gekoelde rosé. En verder stoppen we onderweg voor bezienswaardigheden en fotoshoots. Nog een voorwaarde: de koters blijven op de camping achter. Vandaag voerde dit recept ons door de Val de Cembra, het domein van de druif waarvan - blijkens de bordjes aan de kant - de Grappa wordt gemaakt. Tientallen ansichtkaartdorpjes kwamen op de hellingen tussen de druivenranken omhoog, de Italianen - die hier nog een Oostenrijkse inslag hebben - hadden hun best gedaan met goed geoutilleerde picknickplaatsen en aan het eind konden we ons nog anderhalf uur in het zweet lopen tegen een berg waarachter zich de door de natuur gevormde piramiden van Sevignano bevonden. Traditiegetrouw raakte de ene helft van het gezelschap de andere kwijt - ja, dat kan, op een berghelling met maar één paadje omhoog en één naar beneden - zoals ik ook op een eenvoudig rondje altijd wel verkeerd rijd omdat ik het beter meen te weten dan Michelin en de satellietnavigatie. Maar ook dat hoort allemaal bij ons recept voor een geslaagde dagtocht.

 

 
 
 
 

 

Vrijdag 31 juli, Levico Terme

 

Via mijn politiek-incorrecte neef heb ook ik mij het levensmotto van Olympisch kampioen Maarten van der Weijden eigen gemaakt: ik probeer 'rust te vinden in het ergste scenario'. Dat werkt zo: stel je het vreselijkste voor dat je kan gebeuren, en probeer je daarmee te verzoenen. Op Due Laghi heb ik daar erg veel profijt van. Van tevoren heb ik mij ingesteld op een Italiaanse pretcamping, met veel te kleine plekjes en constant een hoop herrie aan mijn hoofd: is het niet van het animatieteam dan wel van mijn rumoerige familieleden. In dat scenario heb ik rust gevonden. Overdag valt het hier nog alleszins mee met het kabaal: pas vanaf acht uur in de avond dreunt de kinderdisco over het terrein, met elke avond dezelfde rampetamp liedjes. Ik heb er vrede mee. Daarna begint in de regel een B-artiest met zijn optreden, vaak nog een graadje luider dan de kinderdisco. Geen enkel probleem. Op avonden dat er bij ons even niks te beleven valt, kunnen we meegenieten van het avondvermaak van de twee campings aan de overkant van de weg. Het deert me niks. Op hoogtijdagen zingt onze eigen B-artiest tegen de B-artiest van de concurrentie in, of is het tot middernacht disco tegen disco. Ik laat het, onder mijn luifel met een wijntje, allemaal met een glimlach over me heen komen. Ik heb rust gevonden in het ergste scenario.

 
 
 
 

 

Donderdag 30 juli, Levico Terme

 

Het jonge volk is in de regel de camping niet af te krijgen, maar op marktdagen maken ze graag een uitzondering. Op de markt heeft iedereen zijn eigen belangen. De één wil een bijzonder T-shirt scoren, de ander een goedkoop horloge, een belachelijke pet, een armband of een lekker stuk harde worst. Zelf was ik met name geïnteresseerd in de kramen met wielerkleding, die mijn fietsmaat Rob 1 (Italiëkenner) mij in het vooruitzicht had gesteld. Op naar Trento, derhalve, waar de markt zich door het centrum van het mooie stadje slingert: over pleinen, door steegjes en voorname straatjes met monumentale panden. Het jonge volk is in de regel snel uitgekeken op deze overdaad en blijft - na zich gelaafd te hebben aan pizza en cola - achter op de toeristische hangplekken: op de trappen van fonteinen en megalomane standbeelden (Dante!). Voor mij was dat niet weggelegd. Ik moest tot het laatste moment alert blijven, om uiteindelijk te constateren dat er in geen één van die vast wel duizend kramen ook maar een wielershirt te krijgen was.

 

 
 
 
 

 

Woensdag 29 juli, Levico Terme

 

De (race)fiets is het beste vervoermiddel om de omgeving te verkennen. Nee, dat is geen goedkoop excuus wat ik gebruik om er zo vaak mogelijk met mijn Madone op uit te trekken. Het is proefondervindelijk bewezen. Te voet is je actieradius beperkt en met de auto gaat het vaak te snel. Waar mijn fietsmaten alleen aandacht hebben voor de weg, ben ik onderweg altijd alert op paaltjes voor rondwandelingen, pittoreske dorpjes en overweldigend natuurschoon. Een combinatie van deze drie is helemaal mooi. Wanneer ik dan 's middags ben opgedroogd van de rit en de rest van het gezelschap na koffie c.q. lunch toe is aan wat actie, heb ik altijd wel een excursie in de achterzak. Zoals vandaag: tijdens de rit richting Panarotta had ik, net na het dorpje Tenna, wandelbordjes gespot in de richting van het Lago di Caldonazzo. Meestal pakt het goed uit, al gaan mijn reisgenoten er meteen vanuit dat ik alle finesses van zo'n route in me heb opgenomen. Hoe ver is het? Blijven we zo in die brandende zon lopen of komt er nog schaduw? Moeten we nog veel klimmen? Ik heb werkelijk geen idee, ik ben alleen maar in een afdaling met zestig kilometer per uur langs een wandelbordje gereden. 'Dit is geen geheel verzorgde reis!', roep ik dan ook voortdurend, maar dat mag niet baten. De rest van de familie blijft zich gedragen alsof ze met De Zonnebloem op stap is.  

 
 
 
 

 

Dinsdag 28 juli, Levico Terme

 

In de voorbereiding op deze vakantie zijn enkele honderden uren besteed aan het vinden van een Italiaanse camping waar de badmuts niet verplicht is. En nu we er eentje hebben - Due Laghi in Levico Terme - taant het jeugdige gezelschap niet naar het zwembad. Nou ja, voor een beetje verplicht afkoelen lopen ze er nog wel heen: zwembroek tot op de knieën, haren tot op de schouders, allemaal geen probleem hier. Maar het liefst lopen ze de paar honderd meter naar het Levico meer, waar ze met boten, luchtbanden en -bedden kilometers ver kunnen drijven in een decor van hoog oprijzende uitlopers van de Dolomieten. Nee, daar zijn geen foto's van. Op het moment dat ik het hele gezelschap met graagte zie vertrekken, zak ik achterover in mijn ligstoel. Helemaal kapot, van het elke keer weer opblazen van die poreuze handel.

 
 
 
 

 

Maandag 27 juli

 

Een paar weken geleden toonde onze zoon zich diep geschokt vanwege het feit dat neef Raoul - sinds een paar maanden smoorverliefd op ene Sascha - nog steeds een blote actrice (tot mijn leedwezen ken ik haar niet, maar ze heet Jessica Alba) op het opstartscherm van zijn Playstation had staan. Dat waren de neven niet vergeten en als hoogtepunt van de viering van zijn dertiende verjaardag ontving Steef vandaag een uitvergroting van de dame in kwestie die hem bij het uitpakken net zo rood deed kleuren als zijn T-shirt. Verder moest hij plechtig beloven dat de afbeelding - ingelijst en wel - een ereplekje op zijn knapenkamer krijgt. Na de uitbundige ceremonie onder de luifel hadden we vooral een dag om bij te komen van de reis. Beetje lezen, beetje slapen in de stoel na een paar wijntjes en aan het eind van de middag nog een wandeling naar het stadje Levico Terme voor een eerste kennismaking met het Italiaanse ijs. Na het zoveelste flesje rosé maakte ook onze Brabantse buurman Wil - nu al een plaag - nogmaals zijn opwachting om ons aan de fietsafspraak voor half acht morgenochtend te herinneren. Elders op de camping had hij nog een andere, afgetrainde fietsmaat opgescharreld, ene Ben. Die gaat ook mee. Ik wist dat dit een hele zware vakantie ging worden.

 

 
 
 
 

 

Zondag 26 juli

 

Na bijna 1350 kilometer in ruim anderhalve dag rijden - met op zondag geen fileproblemen - strijken we rond een uur of half drie neer op camping Due Laghi in Levico Terme. Twee plekken naast elkaar en eentje aan de overkant van het pad, krijgen we toegewezen, maar net als de oude kolonisten lijkt het ons beter om de drie caravans in slagorde rond een schaduwgevende boom te zetten en de overgebleven standplaats te gebruiken voor de auto's en de twee tentjes van de neven: klein Chersonissos is hier gecreëerd, waar ze 's avonds na het bieren op hun slaapzak kunnen rollen zonder dat wij er last van hebben. Onze dochter verkiest haar tentje in de luwte van onze caravan te zetten. Ook zij is op haar nachtrust gesteld. Vanonder m'n luifel heb ik zicht op de berg die we deze week als eerste op de fiets gaan beklimmen, de naam ben ik even kwijt. Onze nieuwe buurman - een Brabander met een mooie Orbea Orca, dus hij heeft er verstand van - weet hier alle weggetjes en heeft zich al als gids opgeworpen. Het enige nadeel: hij heeft een voorkeur voor half acht 's morgens, als vertrektijd.

 

 
 
 
 

 

Zaterdag 25 juli

 

Noem me een romanticus, maar voor mij heeft het altijd wel wat, in een rijtje van drie auto's met caravan door Europa trekken. Onderweg geven we elkaar meestal wel een paar honderd meter de ruimte, maar op picknickplekken is het meteen de Familie Petalo die rond de tafel schuift. Rond half vijf vertrokken we vanmorgen uit Katwijk, voor een reis naar het noorden van Italië die tot ongeveer half vier in de middag voorspoedig verliep. Maar na de laatste tankstop schoven we meteen aan in een file van een kilometer of acht (bergop, dus ook nog een hoop ellende met heet wordende motoren - niet van ons, gelukkig - erbij) omdat een luie wegwerker gistermiddag ergens in een tunnel acht pilonen vergat weg te halen waardoor al het verkeer naar één baan moest. Toen ons dat een kilometer of tien verderop weer overkwam, zijn we de snelweg maar afgegaan om rond vijf uur neer te strijken op doorgangscamping Heidehof, in de buurt van Ulm. Intens geluk was hier: mijn satellietschotel neerzetten en meteen beeld hebben! Binnen een seconde. Genoten van de overwinning van Garate op de Mont Ventoux, derhalve. Nog een geluksmoment: mijn Vodafone-kaartje bezorgt me overal internet in de caravan. Morgenochtend rond half zeven trekt de familie Petalo verder, via München en de Brennerpas naar Levico Terme.

 
 
 
 

 

Vrijdag 24 juli

 

Dat mijn verjaardag niet tot de hoogtijdagen in het gezin wordt gerekend, ben ik al een tijdje gewend. Meestal staan we in een ver oord, waar met wat vlaggetjes aan de luifel van onze caravan een eenvoudige ceremonie (taart, cadeautjes) wordt afgewerkt. Geen familieleden (of we moeten er toevallig een paar bij ons hebben), geen vrienden. Klinkt als: geen bezoek, geen bloemen. De enkele keer dat we op mijn geboortedag wel thuis zijn, blijkt ons complete sociale netwerk in den vreemde te zitten. Mijn 49ste verjaardag vier ik vandaag met een ingepakte auto en een volgeladen caravan voor de deur. Morgenochtend om een uurtje of vier reizen we af naar Italië, dus een uitbundig feestje zit er vanavond niet in. De halve familie zit al over de grens, of bijna buiten de territoriale wateren (Texel, Ameland). Mijn twee nazaten hebben er gisteravond op aangedrongen alle officiële plichtplegingen in de middaguren af te werken, zodat ze er 's morgens niet hun bed voor hoeven uit te komen. Dus ik ga zo nog maar een paar uur naar mijn werk. In ruil voor taart zijn ze daar altijd wel bereid tot geveinsde hartelijkheid en beste wensen.

 
 
 
 

 

Donderdag 23 juli

 

Wielrenners moeten eigenlijk niet te veel lopen. Van Michael Boogerd weet ik dat hij niet eens ging winkelen met z'n vrouw om de tere beentjes te sparen. Maar aangezien het al maanden op de rol stond, kon ik er niet onderuit: een dagje Amsterdam met mijn eega en onze vrienden Mart en Carla. Auto in Velzen neergezet, met de Fast Flying Ferry met 65 kilometer per uur over het Noordzeekanaal naar het Centraal Station, koffie met taart op het Rokin, slenteren over de Dam, door de negen straatjes, de Jordaan, de Kalverstraat, uitgebreid lunchen bij Dantzig - onze klaverjaspot moest tenslotte leeg - het onvermijdelijke Waterloopplein, nog een keer opsteken op het terras van de Sluiswachter en via Nemo en 't IJ weer terug gesukkeld naar de ferry. Er zijn beroerdere manieren om een zomerdag door te brengen. Maar ergens halverwege - ik geloof bij de Sluiswachter, net nadat ik de kramp in mijn rennerskuiten had weggemasseerd - viel ik spontaan in het zonnetje in slaap en was ik ook de rest van de middag niet meer uit mijn ouwe-mannen-halfsluimer te halen. Twee dagen voor mijn negenveertigste verjaardag moet eigenlijk de conclusie luiden: ik trek het niet meer, zulke vermoeiende dagen. Of ik moet voortaan bij de lunch van de Affligem Blond en de witte wijn afblijven.

 

 
 
 
 

 

Woensdag 22 juli

 

Oude rituelen verdwijnen, nieuwe komen ervoor in de plaats. Zo gaat dat in het leven. De eerste vijf Harry Potter-films keek ik in de bioscoop met mijn dochter, aanvankelijk ook in aanwezigheid van de bevriende Potter-scepticus Martin die ergens tussen het derde en vierde deel definitief afhaakte. Mijn dochter heeft deel zes, Harry Potter and the Half-Blood Prince, deze vakantie inmiddels met een klasgenote gezien en gaat vanmiddag voor de tweede keer met een klasgenóót. Voor mij aanleiding om de magische fakkel over te dragen aan haar broer, met wie ik gisteren een mannenavond beleefde in Noordwijk. Eerst eten op het strand, waar we op het terras van paviljoen Witsandt werden getrakteerd op spectaculair onweer boven zee en - toen dat tegen de wind in aan land kwam - als toetje op windstoten en slagregens die tot ver onder de overkapping reikte waar ons tafeltje stond. Toen een paar meter verderop, schuin achter de vuurtoren, om ons in het theater De Muze - in juli en augustus in gebruik als zomerbioscoop - te laten imponeren door bliksemschichten uit toverstokken en de rollende donder van de Dooddoeners. Pas na twaalven waren we thuis en toen had ook de verwerking nog wat voeten in de aarde. De hele nacht zag mijn vrouw het licht in de slaapkamer van onze zoon aan- en uitgaan omdat hij ook in zijn slaap nog door demonen werd bezocht. Nieuwe rituelen grijpen je altijd even aan.

 
 
 
 

Dinsdag 21 juli

 

Hij had er natuurlijk nog gewoon een week op moeten wachten, tot zijn dertiende verjaardag op de 27ste van deze maand. Maar toen ik het ding afgelopen zaterdag eenmaal aan de praat had met de nieuwe software, waren er ook genoeg redenen om onze zoon de Nintendo Dsi ook maar meteen te geven:

 

1. Als ervaringsdeskundige kan hij hem dan een week testen en eventuele kinderziektes opsporen: als we straks in Italië zitten, is daar weinig meer aan te doen;

2. In elk geval een deel van de dag hoeft hij zich niet meer stierlijk te vervelen, voordat we zelf op vakantie gaan. Alleen al het doornemen van de handleiding kost je een week;

3. Het ding is weliswaar voor zijn verjaardag gekocht, maar zou net zo goed een blijk van waardering kunnen zijn voor zijn meer dan uitstekende rapport (louter zevens en achten).

 

En zo kan ik nog wel een paar argumenten bedenken die volgens onze educatiekritische dochter maar onder één noemer te rangschikken zijn: slappe hap!

 
 
 
 

Maandag 20 juli

 

Weggevaagd, zou ik worden, met mijn sprintersploegje, zodra de eerste bergen zich zouden aandienen. Een vrije val, zou ik maken, in het fameuze Leidsch Dagblad-tourspel, omdat ik gekozen had voor renners die geen meter omhoog konden trappen. Vernedering, zou mijn deel zijn, aangezien ik louter ging voor winst op korte termijn. Afijn, allemaal zaken die mijn eega mij inmiddels twee weken voorhoudt en voilá, hierbij de stand tot aan deze tweede rustdag in deze Tour. Om de positie van mijn echtgenote te kunnen waarnemen, dient u even op de afbeelding te klikken. Want zij staat, zoals dat in wielertermen heet, niet eens op de foto.

 

 
 
 
 

Zaterdag 18 juli

 

Eindelijk een zaterdag die uitnodigt om allerlei binnenklusjes te doen, die er met mooi weer bij inschieten. Het filter van het aquarium van mijn dochter schoonmaken, bijvoorbeeld, waar meer bagger uitkomt dan uit een Italiaans bergdorpje na een aardverschuiving. Gedownloade cd's in mijn Itunes importeren. Uitgebreid de Tour kijken. Luisterboeken voor de vakantie naar Sd-kaartjes voor telefoons en MP3-spelers slepen. En, niet te vergeten, werken aan het boek over de Katwijkse visserij in de periode tussen 1945-1960. Vooral een fotoboek van en voor het Katwijks Museum, maar er moet ook wat te lezen zijn, uiteraard. Ik struin daarvoor al weken in digitale krantenarchieven, vooral om sfeertekeningen uit die periode te verzamelen. Inmiddels ben ik een fan van een anonieme verslaggever van de ter ziele gegane Nieuwe Leidsche Courant, waar mijn schoonvader zaliger ooit zijn gedegen opleiding tot journalist genoot. Misschien was hij het wel, die - zeker voor een krant in de jaren vijftig - juweeltjes van zinnen optekende als:

Op de nettenzolders in Katwijk ruist het bruingetaande want over de rollen in de wachtende wagens op straat. Het stof van vele maanden rust in de donkere voorraadkamers van de rederijen, poeiert als stuifmeel in de zon, die schuin op de zoldervloer schijnt. Achter de deur van de boetzolder klinkt zacht zingen. Daar zit de ’hoofdvrouw’ met haar twintig meisjes – Cornelia Kuyt van rederij Meerburg die bijna 48 jaar lang onder de hoge kap van deze zolder het netwerk tussen haar handen door heeft laten glijden, speurend naar gaten en sleetjes. Eerst als twaalfjarig meidje, fris van de schoolbanken, tegen een hongerloontje, nu als hoofdvrouw over twintig meisjes.

Binnenkort in een boek, dus, dat waarschijnlijk de titel 'Katwijk... 60 kilometer van zee' krijgt. Nee, dat leg ik nu nog niet uit. Koop het maar, ergens in november. En wees gerust: ik krijg er geen cent van. Of voor.

 
 
 
 

Vrijdag 17 juli

 

Kritisch volk, journalisten. Dus als je bij ons op de krant een goed verhaal wilt vertellen, moet je goed beslagen ten ijs komen. Maar dat kwam ik. Mijn vrouw had het op zondagmorgen bij mijn moeder gehoord van een nicht, die het weer wist van een vriendin. Zij werkt in Rijnsburg in een fasehuis voor verstandelijk gehandicapten en was met alle bewoners een dagje naar dierentuin Blijdorp geweest. Eén van de reisgenoten met een beperking legde op de heenweg al een ziekelijke fascinatie voor zijn rugzak aan de dag, werkte zo snel mogelijk de inhoud (broodjes, drinken, snoepwaren) naar binnen, maar bleef die rugzak de rest van de dag koesteren alsof er een kostbaar kleinood in zat. Bij thuiskomst verdween hij meteen naar de badkamer, sloot zich op en pas na een paar uur kwam er iemand van de leiding op de gedachte om de deur met een loper open te draaien. De jongen zat in bad in een dikke laag schuim, waaruit nog net de kop van een zieltogende pinguïn stak. Goed verhaal, toch? Maar ik was nog niet bij mijn tweede zin over de gehandicapte en de rugzak of collega's De Vlieger en Diedrich barstte in hoongelach uit. 'Zeker dat verhaal over die pinguïn? Dat circuleert al jaren op internet als een broodje aap.' Het is er in varianten met zo'n beetje alle Nederlandse zoo's  en alle mogelijke gehandicapten (waarbij hoofdrolspelers met het Syndroom van Down het populairst zijn). Woordvoerders van dierentuinen reageren inmiddels uitermate geprikkeld als weer zo'n goedgelovige nieuwsjager informeert naar het welzijn van de betreffende pinguïn en kritische vragen wil stellen over het veiligheidsbeleid rond de verblijven van kwetsbare pooldieren. 'Als je nog eens wat weet', mopperde ik op de avond van de dag van het hoongelach tegen mijn vrouw. Ja, ook de nicht - gisteren 22 geworden - is op haar verjaardag van mijn misnoegen op de hoogte gesteld.

 
 
 
 

Donderdag 16 juli

 

Wat het opvoedkundig gezag bij de nazaten niet voor elkaar krijgt, gebeurt in de regel sluipenderwijs door de omgeving. Mede onder invloed van klasgenoten en familieleden - met name de neven - zien wij onze zoon plotseling een modebewustzijn aan de dag leggen die in ons gezin nog niet eerder is waargenomen (de interesses van zijn zus liggen, zoals bekend, bij de oude Grieken en Romeinen). Zijn onderbroeken betrekt hij uitsluitend van Björn Borg, hij staat 's morgens langer voor de kledingkast dan zijn moeder en wil zijn bril de komende maanden ruilen voor contactlenzen. Gistermiddag stond het project 'Kapper' op de rol. Normaal gaat hij bij ons aan de overkant, waar de meiden hem al sinds zijn tweede levensjaar liefdevol onder handen nemen. Maar dat kan nu echt niet meer, lieten de neven hem zondag weten. Eén van hen - op zijn beurt weer vergezeld van zijn vriendin - begeleidde hem gistermiddag persoonlijk naar een modieuze haarsnijder in het Rijnsburgse. Mijn eega - met pinpas - completeerde het make-over team, dat hem een eigentijdse - ik heb er geen verstand van, maar ik neem aan dat het dat is - coiffure liet aanmeten die uitsluitend met veel gel in model kan worden gehouden. Het is een definitieve breuk met wat ik - op de dagen dat hij er helemaal niks aan deed - zijn Balkenende-coupe placht te noemen. Nee, foto's zijn er (nog) niet van. Ook dat hoort bij zijn nieuwe kijk op het leven. Hij gaat er niet mee op dat stomme weblog van zijn vader.

 
 
 
 

Woensdag 15 juli

 

Ernstige crises met de prothese voor de handen van onze zoon - op de markt gebracht als Nintendo DS, een compacte spelcomputer die bij alles wat je doet (toiletgebruik, slapen, aankleden) geen seconde van je zijde wijkt - doen zich bij ons exclusief in de zomervakantie voor. Of de software crasht in een gebied waar we van internet en middenstand verlaten zijn, óf hij valt van de hoogslaper (allebei de schermen op zwart), óf - zoals in de kwestie die we nu aan de hand hebben - hij 'legt hem alleen maar even op het aanrecht en hij doet het niet meer'. Bij een tweedegraads verhoor bekent hij wel dat in de achterliggende dagen 'sprake geweest kan zijn' van een val, wat nog wordt onderstreept door een opvallende rammel in de elektronische ingewanden van het apparaat, als je het zachtjes heen en weer schudt. Repareren gaat (weer) minimaal 70 euro kosten maar - wat veel erger is, meent onze zoon - hij is hem ook weer een paar weken kwijt. En over anderhalve week gaan we naar Italië! Twintig uur in de auto en vervolgens nog eens drie weken zonder Nintendo: een hel voor ouders en kind, voorspelt onze jongste nazaat. Een alternatieve oplossing van deze crisis dient zich aan met het naderen van zijn verjaardag - 27 juli - en de wetenschap dat er inmiddels een nieuwere, nog geavanceerdere Nintendo, de DSi, op de markt is. Nee, ik verklap hier geen verrassing. Op dagen dat mijn eega en ik aan het werk zijn, wacht hij achter het raam in de woonkamer elke postbode op die zich met een pakje bij ons aan de deur meldt. Zijn 'vangst' bestaat inmiddels uit twee Griekse en Latijnse boeken voor onze dochter, een zichtzending van de Wehkamp voor onze buren (die niet thuis waren) en twee nieuwe buitenbanden (van Schwalbe, voor mijn racefiets). Het uitdrukkelijke verbod om nog langer pakjes - welk pakje dan ook! - te openen, resulteerde gisteravond voor ons bij thuiskomst in een nog verzegelde zending van Bol.com, waar hij met gloeiende wangen naar zat te staren. Hij heeft nog anderhalve week om te raden wat er in zit.

 
 
 
 

 

Dinsdag 14 juli

 

Al een week rijd ik langs de restanten van wat eens mijn ouderlijk huis was, maar het lijkt wel of de slopers uit respect een tijdje adempauze houden. Eerst dacht ik dat ze vanwege de harde wind hun stofopwekkende arbeid hadden stilgelegd, maar gisteren was het toch prima weer voor een potje hakken en breken. Of zou de rijksmonumentendienst alsnog besloten hebben om mijn voormalige kamer in het souterrain (zie pijl) tot nationaal erfgoed te verklaren? Hoe dan ook, het geeft mij nog even de gelegenheid voor een anekdote die vandaag m'n krantencolumn niet haalde. Bij ons thuis waren ze niet van de huisdieren, dus was het pas na lang zeuren dat m'n zussen en ik hamsters mochten aanschaffen. Twee vrouwtjes, had de winkelier ons verzekerd, maar door een wonderlijke speling van de natuur zaten er opeens 15 wriemelende roze wurmpjes in een nest, wat bij vader hamster - beducht als hij was voor ruimtenood - tot een smerig staaltje kannibalisme leidde. De oerhamster, was hij. Het beest overleefde al zijn soortgenoten en verhuisde op een kwade dag zelfs met mij mee naar het, 's winters slecht te verwarmen, souterrain, waar ik hem op een koude ochtend levenloos in zijn hok aantrof. Na enkele schuchtere pogingen tot reanimatie stelde ik de dood vast, waarna een sobere teraardebestelling volgde in een vuilniszak, wat verderop in de schuur. Toen ik de volgende morgen mijn kamer verliet en door het schuurgedeelte naar de buitendeur scharrelde, werd ik opgeschrikt door vreemde geluiden. De vuilniszak bewoog, het plastic werd losgescheurd door twee scherpe tandjes en daar verscheen de oerhamster, als een feniks uit de as, met zijn vertrouwde chagrijnige kop. Welke eikel had hem gestoord in zijn winterslaap?

 
 
 
 

 

Maandag 13 juli

 

Nog een kleine twee weken, dan reizen we af naar Italië voor de zomervakantie. De voorbereidingen zijn reeds begonnen. De in onbruik geraakte servieskast in onze slaapkamer vult zich met mondvoorraad. Veel pasta, zie ik tot mijn verbazing. Dat hebben ze in Italië zeker niet. Mijn eigen voorbereidingen zijn van heel andere aard. Om achter het stuur niet in slaap te vallen ben ik - wederom - afleveringen van 'Spijkers met Koppen' aan het downloaden. 'Spijkers met Koppen' is verreweg het beste - en in elk geval het meest afwisselende - programma van de Nederlandse radio dat op een zodanig ongelukkig tijdstip wordt uitgezonden - zaterdagmiddag tussen 12 en 2 - dat ik er slechts bij hoge uitzondering flarden van meekrijg. Maar in het uitzendingenarchief is alles terug te luisteren. En dankzij het programma WM-recorder zijn de afleveringen vervolgens in hoog tempo binnen te slurpen, op de harde schijf op te slaan en vervolgens op een cd'tje te branden. Vorig jaar ben ik op dertig uur 'Spijkers met Koppen' zonder ook maar één keer met m'n ogen te knipperen naar de Tarn in Frankrijk gereden. Zo moet ik ook dit keer die caravan vol pasta veilig in Italië kunnen afleveren.

 
 
 
 

 

Zaterdag 11 juli

 

Als je mensen een toptien van saaie beroepen laat opnoemen, komt bibliothecaris er ongetwijfeld in voor. Maar de laatste jaren zie ik het vak van mijn eega veranderen. Ze volgt als hoofd frontoffice van de Katwijkse bieb meer marketingcursussen dan de snelle boys van reclamebureau Multi-lul. Lezen is in, lezen is hip, lezen maakt je leven rijker. Het is maar dat u het weet. En dat zult u weten ook. Vandaag kwam ze terug van een middagje strandbibliotheek - jazeker, ook zo'n vernieuwing om de zonaanbidders aan het boek te krijgen - met deze fotoserie van Max. Nee, niet iemand die promotie maakt voor een nieuwe Star Wars-film. Hij brengt ons het plezier van lezen bij. In en soms ook vanuit zijn verhalenmantel - want het ding is op te zetten als een tentje - declameert hij gedichten, leest poëzie of bespringt argeloze strandbezoekers met beroemde citaten. Niks saai, of stoffig. De bibliotheek komt naar u toe deze zomer! Als totaaltheater.

 

 
 
 
 

 

Vrijdag 10 juli

 

Op de redactie van het Leidsch Dagblad worden traditiegetrouw twee Tour de France-poules georganiseerd. De ene draait om het formeren van de slechtste ploeg (selecteer renners die nooit in welk klassement dan ook voorkomen), de ander gaat uit van de beste ploeg. De looserspool wordt al jaren georganiseerd door collega Robbert Minkhorst, die - al even traditiegetrouw - zo'n beetje altijd het klassement aanvoert. Aangezien hij ook handmatig de stand bijhoudt, leidt dat vrijwel elke dag tot vuige aantijgingen, ordinaire scheldpartijen en onverbloemde doodsbedreigingen aan zijn adres. Maar hij zweert de onschuld zelve te zijn. De andere poule mag ik organiseren en het moet gezegd, op vrijwel alle dagen dat de renners van start gaan in de ronde, sta ik bovenaan. Vorig jaar tot de voorlaatste dag, helaas, toen ik werd gepasseerd door mijn eega die - met het geluk van de onnozele - de outsider Carlos Sastre in haar ploeg had. En laat die nou de Tour winnen. Dit jaar ben ik opnieuw voortvarend uit de startblokken geschoten. Na zes etappes sta ik wederom bovenaan, op de voet gevolgd door collega Minkhorst. Doodsbedreigingen hebben mij nog niet bereikt. De stand van deze internetpoule wordt volautomatisch berekend. Daar komt geen malafide handwerk aan te pas. Waar mijn vrouw staat? Oneervol elfde, momenteel. Maar haar tijd komt nog, beweert ze. Vandaag gaat het peloton de bergen in. Ze mikt op Sastre.

 
 
 
 

 

Donderdag 9 juli

 

Geboren ben ik er niet, maar toch beschouw ik het als mijn ouderlijk huis. Ik was een jaar of drie, toen mijn ouders in de Katwijkse Zeewoldtstraat kwamen wonen, na een benauwd verblijf met (toen nog) drie kinderen in het bovenhuis van mijn opa en oma aan de Randweg. Wij kleintjes waren, wil het verhaal dat altijd op verjaardagen werd verteld, zo door het dolle van de ruimte die ons opeens ten deel viel, dat we dagenlang de kamers gillend in- en uitrenden. Op de eerste verdieping woonden we, het tweede huis van rechts: Zeewoldtstraat 2. Het grote geheim van de vierkamerflat zat in het souterrain, dat over de hele breedte van de woning liep. Eerst woonde daar mijn oom Dick, als inwonend student, later mijn oudste zus en daarna ik, vanaf mijn vijftiende of zestiende. Het souterrain had een eigen ingang, waardoor ik vrijwel op mezelf was. Alleen om te eten, te douchen en voor het gebruik van het toilet kwam ik naar boven. En zelfs dat niet altijd, want als mijn vriend Mart langskwam om te bieren, vonden we ook dat teveel moeite en plasten we - in de schuur die aan mijn kamer grensde - in een zinken emmer die ik - over het muurtje - in de tuin leegde. Soms vergat ik dat en kwam mijn vader 's morgens zijn fiets pakken in een allesdoordringende urinelucht van een overlopende pisemmer. Afijn, nu mijn ouderlijk huis tegen de vlakte gaat - deze foto's zijn van gisteren - bewaar ik deze en andere anekdotes voor een sentimentele column in de krant van komende dinsdag.

 
 
 
 

 

Woensdag 8 juli

 

Omdat een man moet doen, wat een man moet doen, ben ik weleens een weekje weg om ergens in Europa de nobele wielersport te beoefenen. Word ik dan thuis gemist? Welzeker. Als kiespijn, vanwege mijn gesnurk in de echtelijke sponde. Maar ook wanneer zich problemen van technische aard voordoen. Er is altijd wel een computer die in mijn afwezigheid een naar virus oploopt. Of een magnetron waarvan het klokje na een korte stroomstoring op 0 blijft staan. Dit keer - na mijn Marmotte-tripje - werd ik thuis weer met open armen begroet omdat 'Nederland 1, 2 en 3 raar deden'. Sinds zaterdag, 4 juli, toen ik ergens halverwege de Galibier reed. Slechts met de grootst mogelijke moeite en na veel gedoe met de afstandsbediening was er ergens in het zenderwoud beeld te krijgen, maar in veel gevallen bleef het ook zwart. In het programmamenu stond bij de kanalen 1, 2 en 3 het duistere begrip 'Onbekend'. Toen ik zelf de tv aandeed, liet de Humax IRHD-decoder weten dat hij toe was aan een update. Vijfentwintig minuten later - want zo lang duurde het downloaden - bleken Nederland 1, 2 en 3 zich ineens aan mijn verrukte huisgenoten in HD-kwaliteit te voltrekken. Inderdaad, sinds 4 juli, staat ergens diep in de krochten van de Ziggo-site te lezen. 'Dit heugelijke feit valt samen met de start van de Tour de France'. De start van La Marmotte, bedoelen ze natuurlijk. Niettemin, het voelt heerlijk, om zo node gemist te worden.

 
 
 
 

Ontbijt in Le Hors Piste.

 

Dinsdag 7 juli

 

Hoeveel calorieën verbruikt een wielrenner tijdens La Marmotte? Ongeveer 8000, gaf de fietscomputer van wegkapitein Ton aan. En warempel, ook mijn eigen Polar berekende dat ik er zoveel had verbrand tijdens de rit van 174 kilometer en bijna 5000 hoogtemeters. Dat eet je er natuurlijk nooit bij, op zo'n dag, met een paar reepjes, veel water en pakjes met energiegel. Ook in de rest van de trainingsweek hebben we behoorlijk gefietst. Dus moet je goed voor jezelf zorgen: uitgebreid ontbijt, pastabuffet halverwege de middag en 's avonds een voedzame driegangenmaaltijd, alles bedoeld om de geslonken voorraden van het lichaam weer aan te vullen. Tussendoor ook nog een klein biertje (bij voorkeur een Leffe Blond van de tap) en af en toe een wijntje, want ook dat hoort bij het motto van organisator Klimexperience: Fietsen met plezier. Van eerdere trainingskampen in Spanje weet ik dat je niet de illusie moet hebben dat je van zo'n ifietsweek veel afvalt. Maar kan iemand mij vertellen waarom ik na vijf dagen van intensieve voorbereidingen en het afleggen van het slopende Marmotte-parcours meer dan twee kilo ben aangekomen?

 
 
 
 

 

Maandag 6 juli

 

Met twaalf man in een touringcar - karretje met kekke racefietsen erachter - door half Europa trekken, dat is natuurlijk gewoon rock-'n-roll. Vijftien uur van slap ouwehoeren, schieten-tieten-en-bandietenfilms kijken, slapen, lezen, bier drinken en de grote tankstations afschuimen op snelle snacks en kleffe, voorbelegde stokbroden. Na het rijden van La Marmotte op zaterdag was er weinig tijd voor reflectie. Pas om een uur of negen waren we als groep weer compleet bij het hotel, waar meteen de fietsen in de kar gingen en de koffers moesten worden gepakt. Daarna was de afscheidsbarbecue in Le Hors Piste - waar ze de hele week heel goed wisten wat renners nodig hebben - nog een laatste biertje in de bar en weer een korte nacht, want om kwart over vijf ging de wekker. Circus Marmotte breekt de tenten op. Bij een laatste inspectie van het chalet - niks vergeten? - ontdekte wegkapitein Ton op het laatste moment  Pieter-Jan, die nog lag te pitten. Ontbijtpakketjes in de bus, de fenomenale Gé - een sieraad voor de beroepsgroep - achter het stuur en voor de laatste keer de berg af, die we uiteindelijk maar één keer beklommen hebben. Dat was genoeg. Rond acht uur in Eindhoven om de eerste helft af te zetten ('Bedankt mannen, we hebben van jullie genoten'), rond negen uur in Breda voor de rest en rond elf uur - na een laatste stop bij McDonald's in Delft - weer thuis. Net op tijd voor het Avondetappe. Zojuist - ik mag nog een dagje uitblazen van m'n baas - de koffer opengeklapt en me door mijn eega - voor het eerst in 25 jaar huwelijk - laten instrueren hoe de wasmachine werkt. Als zij naar haar werk is, mag ik de gemeen stinkende wielerspullen wegwerken. Een mens moet wel eens concessies doen, in zijn leven.

 

 
 
 
 

 

Zaterdag 4 juli, Oz en Oisans

 

Wat doen renners op de rustdag voor La Marmotte? Beetje uitslapen, lekker lang ontbijten, sleutelen aan de fiets, nummerplaatje monteren, discussiëren over de beste plek voor de chip (de schoen, vindt een meerderheid), nog gauw een Schwalbebandje vervangen, tussen de middag uitgebreid pasta eten, lekker lang worden gemasseerd door Frans, beetje lezen, nog wat slapen, maar vooral: veel ouwehoeren over vandaag, de tocht der tochten. Om half vijf gaat de wekker, om vijf uur is het ontbijt, om zes uur rijden we de twintig kilometer naar de start (waarvan de helft afdalen, dus dat valt mee) en rond zeven uur moeten de posities zijn ingenomen. Nummer 3401 staat in het startvak van 2000-4000, dat als derde weggaat, vermoedelijk rond half acht. In het onwaarschijnlijke geval dat ik 'goud' haal, moet ik 9.15 uur later weer bovenop de Alpe d'Huez zijn. Maar daarover somber ik al op het Wielerlog. Dan is het feest in het rennerskwartier, met drank en pasta van de Marmotte-organisatie. Zodra de laatste van onze groep binnen is, dalen we de Alpe af naar de bus. Ik geloof niet dat er dan nog liefhebbers zijn die de klim naar het hotel met de bus willen doen.

 
 
 
 

Onze kamer: speciaal voor de foto heeft neef Raymon net 'opgeruimd'.

 

Vrijdag 3 juli, Oz en Oisans

 

Ons chalet ontbeert een vrouwenhand. Dat is niet alleen zichtbaar in onze kamer - waar we uit de koffer leven en het met name op en rond het bed van neef Raymon een zwijnenstal is - maar ook in de rest van het huis. De ijskast is leeg, de vaatwasser blijft ongebruikt, er staat geen bloemetje op tafel en het aanrecht bevat alleen bidons en blikken Isostar. Zelfs de waslijnen aan ons balkon blijven onbenut. Bij gebrek aan knijpers knopen we de natte wielerkleding en hempjes maar om de balustrade heen. Werkt ook prima. Voor ons natje en droogje lopen we drie keer per dag naar het restaurant, het terras of Ozzie's bar, waar heel best voor ons wordt gezorgd. Er is Leffe Blond uit de tap, het ontbijtbuffet is riant, het pastabuffet in de middag - meestal om een uurtje of vier - smakelijk en voedzaam en over de driegangenmaaltijd (meestal rond een uur of negen) ook geen wanklank. Alleen als tegenwicht voor alle scheten, boeren en foute grappen die de hele dag door de wanden van ons chalet doen vibreren, zou de aanwezigheid van een paar dames heilzaam kunnen uitpakken.

 

Niks dan lof voor de keuken van Le Hors Piste. Rechts: de waslijn blijft ongebruikt.

 
 
 
 

Twee trappen achter de rug, nu nog twee steile paadjes omhoog.

 

Donderdag 2 juli, Oz en Oisans

 

Het beste van het hotel en dat van een huisje. Zo zou je onze verblijfplek in Oz en Oisans kunnen omschrijven. Het ruime chalet ligt hemelsbreed nog geen honderd meter van het hotel Le Hors Piste - waar we ontbijten, lunchen, bieren en dineren - maar heeft verder alle gemakken van een vrijstaande woning. Het is ruim, comfortabel en we zijn er - met ons dertienen - volledig op onszelf. Het enige nadeel is dat we twee steile weggetjes en evenzoveel trappen moeten nemen om er te komen. 's Avonds - na een paar biertjes in Ozzies Bar - is dat al een hinderpaal, maar 's morgens met de racefietsen is het helemaal een beproeving. We dragen