| |
 |
|
|
 |
|
|
 |
|
|
 |
|
|
 |
| |
|
Programma 2009
Maart:
Joop
Zoetemelk Classic vanuit Leiden
April:
Veenendaal-Veenendaal
Amstel Gold Race
Mei:
Hart van de Bollenstreek
Juni:
Trainingskamp in Spanje
Limburgs
Mooiste
Juli:
Fietsweek in
de Alpen, inclusief La Marmotte
Augustus:
Zomervakantie, waarschijnlijk in de Dolomieten, Italië
September:
Fietsweekend
Ardennen
|
| |
| |
| |
| |
 |
| |
 |
| |
|
 |
|
  |
| |
| |
|
|
|
| |
|
| |
Trainingskamp Spanje
2009 |
|
| |
|
|
| |
|
|
| |

Woensdag 3 juni
Een week lang
fietsen we - mijn zwager Rinus, zijn collega Frank en ik
- bij mijn rentenierende vriend in Jalón aan de Costa
Blanca in Spanje. Het is het dorpje rechts op dit Google
Earth-plaatje (Xaló is Valenciaans voor Jalón), net onder Lliber. Zodra je de
vallei met wijnvelden en sinaasappelboomgaarden uit
rijdt, zit je meteen in de bergen. Hier zijn de meeste
van onze trainingsritten uitgestippeld. Voor de
liefhebber met een Bosatlas hier het schema dat wij voor
de komende dagen kregen toegemaild:
Woensdag(avond):
aankomst in Valencia.
Donderdag: nadat we de fietsen hebben afgesteld
gaan we naar Vall de Ebo, via Murla, Orba, Val de Ebo,
Tollos, Castell de Castells, daar gaan we omhoog naar
Tarbena en over Coll de Rates weer terug.
Vrijdag: Onder leiding van Gareth wordt een
prachtige (verrassings)tocht gemaakt. Om 9 uur op de
kruising van Alcalali ontmoeten jullie hem.
Zaterdag: Wij gaan via Parcent naar Pego,
Benissiva, Alt de Margarida, stuwmeer naar Lorxa en dan
gaan we via de nieuwe weg naar Villalonga, Oliva,
Pedreguer, La Llosa.
Zondag, beetje rustig aan route: Misschien met de
fietsclub van Xaló mee, maar dat is wel erg rustig aan.
Ook leuk is om met de auto naar het binnenland te gaan
en om de Xoret de Cati te beklimmen (ter voorbereiding
op de Marmotte). Ergens wat eten en niet zoveel
kilometers maken maar wel klimmen oefenen.
Maandag, route langs de kust: Bernia omhoog, dan
naar Calpe, Moraira, Montgo, Denia dus niet al te
inspannend. Niet te veel klimwerk.
Dinsdag: Tudons, maar dan over Col de Rates,
Callosa, La Nucia, Finestrat, Sella, Tudons, Benassau,
Confrides, Guadalest, Callosa, Col de Rates. Dat is dan
dus de zwaarste rit van die week.
Woensdag(middag): terug naar Nederland. |
|
| |
|
|
| |

Donderdag 4 juni
(ochtend)
We zijn er: Jalón, Costa
Blanca, Spanje. Vriijwel het complete huis van de buren
- het onderkomen van mijn rentenierende vriend is in
vergaande staat van verbouwing - staat tot onzer
beschikking, inclusief zwembad op de patio, maar later
daarover meer. De eerste rosado is reeds genuttigd in
onze eetkamer, er zijn cadeaus uitgewisseld voor onze
gastheer en -vrouw, er is goed geslapen en de fietsen
zijn zojuist rijklaar gemaakt. De eerste rit gaan we
meteen al zonder Edwin maken omdat hij te druk is met
wondverzorging (zijn vriendin Cokky heeft een nare
bacterie opgelopen) en het aansturen van bouwvakkers.
Maar het gaat goed komen: ik weet de weg. Zware tocht in
het vooruitzicht onder tropische omstandigheden. Het
wordt hoe dan ook zweten.
O, laatste nieuws: Edwin
fietst toch mee, de dokter is tevreden over Cok. Geen
koorts meer. Nu op weg. |
|
| |
|
|
| |

Donderdag 4 juni
(avond)
Na een jaartje of tien
fietsen in deze contreien, kan ik aan het lijstje met
plaatsnamen dat mijn rentenierende vriend op het
rittenschema heeft ingevuld afleiden dat de eerste tocht
meteen een hele gemene is. Hij heeft dan ook een
verborgen agenda: kijken hoe het met onze conditie is
gesteld en meteen checken hoe Frank - onze mystery
guest die voor het eerst mee is - moet worden
ingeschat. Deze wijkagent uit Haarlem-Noord heeft dit
jaar al 8000 kilometer op de (dienst)mountainbike en op
de racefiets in de benen, maar moet meteen al op de
eerste zware klim (Vall d'Ebo) erkennen dat dit toch
heel wat anders is dan het in de baas z'n tijd van kopje
koffie naar kopje koffie (22 op een dag, gaf hij toe)
trappen om, zoals wijkagenten tegenwoordig doen, de boel
een beetje bij elkaar te houden. Ook de rest van de dag
toonde hij zich nederig en niet alleen vol bewondering
voor onze klimcapaciteiten en de manier waarop we de
temperatuur van een graadje of 35 verteerden, maar ook
voor de enorme hoeveelheden voedsel en drank (oké, ik
geef toe: qua drank voornamelijk Edwin en ik) we tijdens
de driegangenlunch kunnen wegwerken. Zijn eigen optreden
analyseerde hij als 'dramatisch', wat door de rest van
het gezelschap niet werd weersproken. Want zo zijn we
dan ook weer. Zelf mocht ik niet mopperen: of mijn
Marmotte-vorm zit eraan te komen, óf mijn nieuwe Trek
Madone klimt uit zichzelf veel beter dan ik ooit heb
gedaan. Morgen blijft Edwin een dagje thuis (pijn in z'n
rug, conditiegebrek, vriendin Cok inmiddels toch
opgenomen in het ziekenhuis), maar heeft fietsclubgenoot
Gareth uitgenodigd om ons in de vernieling te rijden. De
wijkagent uit Haarlem-Noord heeft een optie genomen op
de eerste afslag richting zwembad, mocht hij na de
eerste anderhalf uur constateren dat meetrappen met de
echte renners nog een beetje te hoog gegrepen is.
  |
|
| |
|
|
| |

Als je Frank zoekt, altijd
twee bochten naar beneden kijken.
Vrijdag 5 juni
De Welshman Gareth
van de fietsclub van Pedreguer heeft tal van anekdotes
over politieagenten (of pigs zoals hij ze noemt).
Zeker nu hij een dag eerder zijn verkeerd geparkeerde
auto weggesleept zag door de dienders in Valencia (boete
van 150 euro), heeft hij weinig goeds voor de
beroepsgroep over. En na vandaag - waarop hij door Edwin
voor ons als fietsgids was ingeschakeld - heeft hij er
weer een mooi verhaal bij. De twee pigs die
achter ons aanreden naar het restaurant in Finistrat,
slaagden erin op een enkele rechte weg naar boven ons
kwijt te raken. En dat alleen maar omdat ze zich niet
aan regel 1 van het Spaanse wielrennen hielden: als
iemand zegt dat het nog vijf kilometer omhoog is, ga dan
uit van tien. Dan kan het alleen maar meevallen als het
achteraf acht blijkt te zijn. Gareth en ik zaten - tot
verbijstering van een groepje Hollandse fietsers dat
naast ons op het terras zat - al aan een liter bier en
voor de pigs hadden we twee blikjes cola laten
klaarzetten. Maar al wie er kwamen, geen Rinus en Frank.
Toen ik na een half uur weer naar beneden reed om ze te
zoeken, bleken ze na exact vijf kilometer al in de war
te zijn geraakt toen ze ons niet zagen en werd de
situatie na zes en zeven kilometer voor hen mentaal
helemaal onhoudbaar. Een reconstructie zou later
uitwijzen dat ze een paar honderd meter voor de bocht
waarachter we hadden afgesproken ('restaurant rechts
van de weg, wij houden jullie in de gaten vanachter ons
tafeltje, kan niet missen') te zijn omgekeerd om een
paar kilometer lager in een restaurant links van
de weg koppig op ons te gaan zitten wachten ('Vijf
kilometer is vijf kilometer'). Communiceren met de
kopgroep - zij hadden ons 06-nummer, wij niet die van
hen - leek ze niet nodig. Zo wordt nooit wat, met het
omlaag brengen van de criminaliteitcijfers, als de
Nederlandse politie aan dit soort personeel vastzit. Nu
was dit toch het punt waarop Frank had besloten om terug
te gaan en Rinus hem vergezelde, waardoor ik terugreed
naar Gareth om onze geplande tocht van 140 kilometer
over de Tudons (van zeeniveau naar 1020 meter hoogte)
vol te maken. Nog een kilometer of negentig moest ik dus
luisteren naar zijn in vaak onbegrijpelijk Welsh
vertelde anekdotes, raadsels en moppen over de door hem
zo gehate pigs.

 |
|
| |
|
|
| |

Zo wordt het wachten tijdens
de traditionele lekke band van Rinus toch nog de moeite
waard.
Zaterdag 6 juni
De Alt de Margarida is, op
de derde dag van ons trainingskamp, een mooie
scherprechter. Even kijken hoe de mannen er inmiddels
voor staan. De klim is niet steil, maar wel lekker lang
en bovenal mooi: hij slingert door typische Spaanse
dorpjes waarvan de namen allemaal met 'Beni' beginnen,
in de rivierbedding bloeit oleander en de bergtoppen van
Vall de Gallinera rijzen aan weerskanten hoog op. In het
verleden, toen de fietsclub van Jalón nog sterk was,
voerden we gedurende de klim steeds de snelheid op om
het peloton aan gort te rijden. Dat werkt ook met Rinus
en Frank. Bij mijn eigen Noordbikers moet m'n hartslag
tot een eindje in de 170 oplopen, voordat de eersten
gaan piepen. Maar de agenten gaan er al bij 154 af. Ach
ja, de Nederlandse politie. En dan schijnen dit nog de
best getrainden van heel Kennemerland te zijn (beweren
ze zelf). Rinus is deze week geen ochtendmens en Frank -
die dacht dat Spanje, op de Pyreneën na, helemaal vlak
was - blijkt lichamelijk en dus ook geestelijk slecht
voorbereid. Edwin volgt goed op karakter en - dankzij
dit trainingskamp - met een stijgende conditie. Van
zwager Rinus weet ik uit voorgaande jaren dat hij altijd
nog een tweede, derde en een vierde leven heeft en dat
blijkt ook gedurende deze rit van 144 kilometer die nog
een aantal venijnige verrassingen voor ons in petto
heeft. Vooral de klim na Lorxa is dodelijk: slecht
wegdek, gruwelijk steil en met de wind in de rug stijgt
de temperatuur tot 37 graden. Maar Rinus blijft bij, al
is het grote lijden op zijn gezicht af te tekenen (af te
fotograferen, beter gezegd. De afdaling is, met
snelheden van tegen de tachtig kilometer per uur op een
weggedeelte dat door de EU speciaal voor ons alleen is
aangelegd, de ultieme beloning. We rijden vlak terug
langs de N-weg, waar om de honderd meter schaars geklede
prostituees op klandizie wachten. Maar die beloning
laten we, na zeven uur op een hard fietszadel, aan ons
voorbijgaan.

Het grote lijden op de
helling na Lorxa. Alleen de fotograaf dartelt vrolijk om
de mannen heen.

Deze afdaling bij de stuwdam
van Beniarres is alleen om naar te kijken.

Zelf mag ik ook eens op de
foto.
|
|
| |
|
|
| |

Zondag 7 juni
Rust
is ook training, luidt een bekend adagium in de sport.
Dus deden we vandaag een beetje mak-an rond het zwembad,
met een enkel wandeluitstapje naar Lliber met Poppy
(Edwin en Frank) en een restaurant in Parcent voor een
paellamaaltijd. Verder niets, behoudens wat
fietsonderhoud (zwager Rinus - erkend lekrijder, zo u
weet - heeft altijd wel een band te plakken). In de zon
liggen voelt bovendien nog lekkerder aan als er vanuit
Nederland sms'jes binnenkomen dat de regen er met bakken
uit de lucht valt en mijn eega zelfs even overwogen
heeft om de kachel aan te steken. Hier was het alleen in
de schaduw van de palmbomen of in het water een beetje
draaglijk. Morgen gelukkig weer een stukje fietsen. Dat
is beter uit te houden. |
|
| |
|
|
| |

De Bernia. Links op de
voorgrond ligt de 'rots van Calpe'.
Maandag 8 juni
Het
is nog steeds zo dat we hem op elke verkeersdrempel op
achterstand rijden, maar we zouden onze fietsmaat Frank
tekort doen wanneer we op deze plek niet onze respect
uitspraken voor de manier waarop hij vanmorgen de Bernia
opreed. Op het vlakke gedeelte van de prachtige klim
naar deze bergrug - die midden in het dorp Jalón begint
- reden zwager Rinus en ik (Edwin was Cokky uit het
ziekenhuis ophalen) zelfs een tijdje achter Frank aan.
We werden er verdorie een beetje verlegen mee. Na de
almuerzo in bar Juan's - waar ik de agenten nog steeds
niet kan verleiden tot wijn of bier bij hun bocadillo
lomo, queso y tomates (stokbrood met varkensvlees, kaas
en tomaten) - deden we de min of meer vlakke route langs
de kust, via Calpe, Moiraira naar Javea, waar je in
februari altijd wel trainende profploegen tegenkomt. Ook
hier - zeewindje, met een graadje of 26 nog niet te warm
- kan de bikeragent goed uit de voeten. Morgen, op onze
laatste koninginnerit door het hooggebergte, wordt het
tijd om zijn groeiend zelfvertrouwen weer de kop in te
drukken. Het vuur van de wraak moet de hele winter bij
hem blijven branden. Daar wordt hij alleen maar
beter van.

De kustweg van Calpe naar
Moiraira (rechts). |
|
| |
|
|
| |

De klim naar het bergdorpje
Guadalest (boven in beeld).
Dinsdag 9 juni
Op
papier heette het de koninginnenrit te zijn, maar
eigenlijk vond ik de tocht van afgelopen vrijdag met
Gareth (over de Tudons) veel zwaarder. Maar toen waren
Rinus en Frank halverwege omgekeerd. Nu reden ze wel mee
naar het bergdorpje Guadalest, de nummer 1 attractie van
toeristisch Spanje. Voordat we aan de serieuze klim
begonnen hadden we al de Col de Rates en het
hoogteverschil op de weg naar Tarbena bedwongen, maar
wat na Guadalest nog kwam was ook niet misselijk. De weg
golfde voortdurend omhoog richting Confrides en ook op
de route van Gorga naar Castell de Castells kregen we
voortdurend steile klimmetjes voor de kiezen. Frank had
het er maar zwaar mee, zeker toen hij - die hier ook
vooral was gekomen om mijn zwager Rinus eens een
fietslesje te leren - in de afdalingen vanaf Guadalest
ook voortdurende reglementair uit het wiel werd gereden
zonder zich te kunnen verschuilen achter zijn vaste
excuses te steil en/of te warm (want er stond een
lekker windje). Nee, hij was zelf zo sportief om een
passende benaming te bedenken voor dit rondje Guadalest:
een kwade les. Zijn lijf schreeuwt om revanche,
maar de evaluatiecommissie zal zich de komende maanden
moeten beraden over de vraag of hij er volgend jaar al
aan toe is om wederom met de grote mannen mee te trappen.

De 'hoofdweg' naar
Guadelest. |
|
| |
|
|
| |

Woensdag 10 juni
Vaste volgers van dit
wielerlog kennen ze wel: de hoogteprofielen die de
Hac4-fietscomputer van mijn rentenierende vriend
uitspuugt. Op dagen dat hij met ons meefietst, voorzien
ze ons na afloop van - voor statistici onmisbare -
informatie over hartslag, snelheid, hoogtemeters en
alles wat je verder nog over de rit wilt weten (en ook
wat je niet wilt weten). Maar nu hij afgelopen week een
aantal keren verstek moest laten gaan om bouwvakkers aan
te sporen, vanwege rugklachten en het bezoeken van zijn
vriendin in het ziekenhuis van Benidorm, zitten er ook
lacunes in de informatievoorziening. Daarom kan ik hier
alleen bij benadering zeggen hoeveel we hebben getrapt,
de afgelopen week. Een kilometer of 650, schatten we in.
Het aantal hoogtemeters? Geen idee. Maar het moeten er
duizenden zijn geweest. Tientallen bidons zijn er
geleegd en evenzoveel bocadillos weggewerkt. Liters
bier, rode wijn en carajillos, met - voor los
maricones - blikjes coca cola en kopjes Americanos.
Was het genoeg voor La Marmotte, waarvoor dit voor mij
een voorbereidingsweek was? Die vraag kan ik pas
beantwoorden op zaterdag 4 juli, als ik ergens
halverwege de Galibier omhoog kruip. Hoewel, dat kan ik
eigenlijk ook nu al: op dat soort momenten is het altijd te
weinig. |
|
| |
|
|
| |
|
|
| |
Terug naar
het Wielerlog |
|
| |
|
|
| |
|
|
|